noordpolderzijl

noordpolderzijl

vrijdag 12 augustus 2022

een tussendoortje – 8: langs de ruiten aa

Soms duurt het even, maar dan weet je het! We zijn er uit: de Ruiten Aa is zowel een beek als een kanaal. Eerst was er de beek (voor het eerst in 1327 vermeld als Ruetna). Het beekje is vrij klein, het dal daarentegen behoorlijk breed. Dat heeft te maken met de Eems die in de laatste ijstijd door Westerwolde stroomde. Later heeft die rivier haar loop verlegd en bleef de Ruiten Aa over als “overblijfsel”, een mooi overblijfsel. In het begin van de vorige eeuw werd het Ruiten-Aa-kanaal gegraven. Tijdens ruilverkavelingen na de Tweede Wereldoorlog werd het beekje gekanaliseerd, maar net als op veel plekken in Nederland heeft de Ruiten Aa zijn meanderende loop teruggekregen.

vrijdag 12 augustus: @ valthermond

Onze laatste “volle” dag in Valthermond en natuurlijk moet er gefietst worden. W had gisteren een bordje “Ruiten Aa-fietsroute” ontwaard en we hebben geprobeerd deze zoveel mogelijk na te fietsen. Beetje moeilijk, want volgens ons wordt de route door de ANWB niet meer ondersteund en worden ontbrekende routebordjes niet meer vervangen. Eén van de weinige nadelen van het ontwikkelen van de fietsknooppuntenroutes. W en ik zijn niet voor één gat gevangen: een combinatie van knooppunten, Ruiten-Aa-fietsroute, Google Maps, Komoot, leuke paadjes “onderweg” en ons gezonde verstand leverde één van de mooiste routes op van deze week. En ja: sommige stukken hebben we al eerder gefietst, maar mooi genoeg om het nog een keertje te doen. Uiteindelijk stond er 63,6 kilometer op de fietsteller.



Kwamen we nog wat bijzonders tegen, iets wat je volgens mij alleen in deze omgeving ziet: een bouwland vol met vezelhennep, familie van die andere Cannabis en wordt geteeld voor de vezels. Deze vezels worden verwerkt tot grondstof voor de papier- en textielindustrie. De harde houten kern van de plant wordt gebruikt als strooisel voor onder andere paardenstallen. Vezelhennep zorgt voor een goede grondverbetering, dus een volgend jaar kunnen op hetzelfde stuk land hee goed suikerbieten verbouwd worden. Augustus is de oogstmaand, dus geen wonder dat we al kale
randen zagen. En het "meurde" of geurde.

W wilde nog even “het plassende mannetje” aan het Stadskanaal fotograferen. Bleek het mannetje niet te piesen maar te spuwen. Het blijkt het beeld “de Krinkiespijer” te zijn, het stelt een man voor die kringen in het water spuugt. Hij spuugt omdat hij pruimtabak kauwt. Het moet één van de mannen zijn die vroeger de boten over het Stadskanaal sleepten. Hoe kom ik aan deze wijsheid? Gelezen op de geocachewebsite (overigens veel te druk om de cache te zoeken). De pagina van deze cache sluit af met: Mit dit beeld van krinkiesspijende kerels veur ogen het de kunstenoares vörm geven aan dit haildaal uut 't stroatbeeld verdwenen gebruuk. As je 't beeld op woare grootte willen zain, den binnen je van haarten nuigd om s noar t Knoal te kommen om te kieken.” Alle bruggen en sluizen lieten inmiddels "dubbel rood" zien, ze worden dus inderdaad niet meer bediend.

Net zoals de afgelopen dagen weer “thuis” voordat de ergste hitte begint: dus tegen tweeën. Nat worden/opdrogen en dat proces regelmatig herhalen, dan is het goed vol te houden hier op het Verlaat bij 33 graden (om vijf uur ’s middags). Een mooie dag. En morgen? Morgen is er weer een dag, dan gaan we oppassen. Deze keer niet op kleinkinderen, maar op kippen: de kleinkippen volgens W. We zullen maar niet te laat wegrijden, belooft weer een warme dag te worden.

donderdag 11 augustus 2022

een tussendoortje – 7: bourtange en stadskanaal

Een belangrijke term in het gebied op de grens van Drenthe met Groningen is de “Semslinie”. In 1615 werd de grens tussen deze twee provincies uitgezet door Johan de la Haye (namens Drenthe) en Johan Sems (namens Groningen). Het bepalen van de grens was nodig omdat men in die jaren het veen begon af te graven. De heren waren het over veel dingen eens, alleen Ter Apel vormde een probleem: Drents of Gronings? De oplossing was simpel: maak er niemandsland van (of in officiële termen: “een gemeenschappelijke weide”). Uiteindelijk was het Koning Willem I die in 1817 de knoop doorhakte. Blijft nog de vraag waarom de grens naar Sems is genoemd en niet naar die andere Johan.




donderdag 11 augustus: @ valthermond

Weer mooi wakker worden met uitzicht over het ven (foto’s van rond acht uur vanmorgen). Vroeg op de fiets, want het kwik gaat de 32 graden raken vandaag en de mooiste fietsuren vallen in de ochtend. Hoefden zelfs niet eens met een trui aan te beginnen.


Westerwolde was vandaag aan de beurt. Je hebt de gemeente met die naam, maar ook een gebied. De streek vind je in Zuid-Oost-Groningen rond de beken Ruiten-Aa, Mussel-Aa en de Westerwolde Aa. Een eeuw geleden was Westerwolde nog allemaal heide en veen, maar daar is nu eigenlijk weinig van over. Hier en daar een “plukje” bos of heide, maar over het algemeen afgegraven veen met veel fabrieksaardappelen (en uien volgens W) en grote percelen: mede met dank aan de ruilverkaveling. Een uitzondering hierop vormt een natuurgebied dat Ter Borg genoemd wordt, het ligt in de buurt van het dorp Sellingen. Ter Borg is een oud landschap met een heideveld dat door de eigenaar (Staatsbosbeheer) behoorlijk werd (en wordt) vergroot. Behalve uit de heide bestaat Ter Borg uit twee grote (gegraven) vennen, oude loofbossen en wat naaldhout. De Ruiten Aa kwamen we ook weer tegen, zowel in kanaal- als in beekvorm. W zag een bordje “fietsroute Ruiten Aa”, dus ik denk dat ik al weet wat ik vanavond moet voorbereiden.

De tweede highlight was volgens Komoot het vestingplaatsje Bourtange. W en ik vonden het beiden maar een klein gat, maar we kwamen tot de conclusie dat we Orvelte in Drenthe in ons achterhoofd hadden. In Bourtange zijn we nog nooit eerder geweest. Het is een oud vestingstadje, of – als je het liever zo wilt noemen – een historisch verdedigingswerk. Vesting Bourtange werd eind zestiende eeuw gebouwd als verdedigingswerk in de Tachtigjarige Oorlog. Willem van Oranje gaf in 1580 de opdracht een fort aan te leggen en Willem Lodewijk van Nassau maakte in 1593 het werk af. Waarom Bourtange? Heel eenvoudig: hier lag een zandrug te midden van de moerassen en over deze zandrug liep de weg die Groningen verbond met Duitsland (Westfalen). De Spanjaarden gebruikten deze route onder meer om de stad Groningen die ze in handen hadden te bevoorraden. Tussen 1593 en 1851 was Bourtange een belangrijke vesting. Speelde het eerst een belangrijke rol in de Tachtigjarige Oorlog, een eeuw later moest bisschop Bernhard van Galen (Bommen Berend) met hangende pootjes afdruipen. Toen de vesting in 1851 werd opgeheven ontstond een agrarisch dorp en gebouwen raakten in verval. In de jaren zestig van de vorige eeuw nam de toenmalige gemeente Vlagtwedde het initiatief om de vesting te reconstrueren. Dit nam geruime tijd in beslag: tussen 1967 en 1992 werden wallen opgeworpen, grachten gegraven en huizen opnieuw opgetrokken. Dit alles in de stijl van vroeger, grotendeels op basis van oude kaarten en tekeningen. In 2001 kwamen er nog een soldatenbarak en een koetshuis bij. Helemaal authentiek is het niet: kan me niet voorstellen dat er vroeger in de wallen garageboxen voor de bewoners van de vesting waren. Peanuts!




Tijd voor het kanalengebied: Stadskanaal, Musselkanaal, Ter Apelkanaal. Mocht vroeger op de kweekschool een gedicht van Christaan Terpstra uit het hoofd leren, weet er alleen nog een klein gedeelte van:

Zoals de Styx door Hades stroomt
ligt hier provinciaal,
in afval en in alg verdroomd
de vaart van Stadskanaal.


(Foto van de Bruinesluis - het derde verlaat is van internet, wij hadden strakblauwe luchten). Het “kanaal van de Stad” (Stad = Groningen) werd in 1856 voltooid, een kanaal met een uiteindelijke lengte van 36 kilometer van Groningen naar Ter Apel. Voornaamste reden voor de aanleg: het bevorderen van de ontginning van het hoogveen van het Bourtangermoeras. Bij de sluizen was het in de negentiende eeuw een drukte van jewelste. Wachttijden van enkele uren waren vrij normaal. Cafés en winkels verschenen als paddenstoelen uit de grond. Toen uiteindelijk het veen was afgegraven en er geen turf meer vervoerd hoefde te worden namen de schippers aardappelen en stro als lading mee. In de jaren dertig van de vorige eeuw was het gebeurd met de scheepvaart op het Stadskanaal: de binnenschippers konden de concurrentie met de vrachtwagens niet aan. Tegenwoordig is er alleen nog recreatievaart op het Stadskanaal en uiteraard: langs het kanaal fietsen de bejaarden met water aan de ene kant en lintbebouwing aan de andere en dat kilometerslang.

En weer bijna 70 kilometer op de teller. Een mooie dag. En morgen? Morgen is er weer een dag. We blijven hier tot zaterdag en als je goed hebt opgelet heb je tussen de regels door kunnen lezen wat we morgen gaan doen. En ja: het kaartje verklapt dat we vandaag onze lunch bij de Aldi in Vlagtwedde gescoord hebben.



woensdag 10 augustus 2022

een tussendoortje – 6: fietsen naar emmen

Er huppelden al mensachtingen in Drenthe rond zo’n 60.000 jaar voor het begin van onze jaartelling, het moeten Neanderthalers geweest zijn: vuistbijlen die in de buurt van Drouwen gevonden zijn bewijzen dat.

 



woensdag 10 augustus: @ valthermond

Om kwart over acht piept de zon over de bomenrij en begint aan haar verwarmingswerk op ons terras voor de bus. Gras kletsnat, luifel druipt; nee: geen regen, gewoon een luchtvochtigheid van 95 % (vertelt Buienradar). Cijfers waar je wat aan hebt! Ben er al een tijdje uit, het andere varkentje blijft nog even knorren, krijgt dan een kopje koffie en haar telefoon en kan contact leggen met de hele wereld. De hele week al buiten ontbijten, heeft wel wat. Niet te laat op pad, de eerste uurtjes op de fiets zijn het lekkerst, mag de trui nog aan. Tegen elven is het lekker, trui uit en na twaalf uur is het te doen als de wind een beetje waait. Tocht naar het zuiden vandaag, naar Emmen, maar via een omtrekkende beweging.

Eerste highlight: het klooster van Ter Apel, daterend uit de vijftiende eeuw. Nou ja: het is geen klooster meer. Het doet tegenwoordig (voor een deel) dienst als museum van klooster- en kerkgeschiedenis en religieuze kunst onder de naam “Museum Klooster Ter Apel”. Museumkaart geldig maar 1) veel te mooi weer, 2) NOSM (niet ons soort museum) en 3) nog niet open. Een deel van het klooster doet onder de naam Boschkerk dienst als hervormde kerk. Inderdaad tijdens de Reformatie werd hier het katholieke geloof afgezworen. In het oude brouw- en bakhuis tegenover het klooster kun je nu lekker pitten en smikkelen in Hotel Boschhuis.

Komen we weer langs de brug en de sluis over de Ruiten Aa. Noemde het een paar dagen geleden een beek. Ook Wikipedia gebruikt het woord “beek” terwijl de weg naast de beek “Ruiten Aa kanaal heet”. Belangrijk? Niet echt. Iets verder kwamen we de eerste hand-aangedreven kabelbaan van Nederland tegen. Het ding is 22,4 meter lang en vormt een schakel in diverse langeafstand wandelpaden. Gewoon een hebbedingetje van de gemeente: wandelaars kunnen in de gondel gaan zitten en die met behulp van een draaiwiel naar de overkant sturen en dat terwijl een brug niet echt ver weg is. De (ruim) twee ton die de kabelbaan kostte werd opgehoest door de gemeente en de provincie; daarnaast was ook nog een Europees subsidiepotje. Jammer: niet geschikt voor fietsen.

Een afwisselende route: soms een kanaal (of beek) aan de linkerkant, dan weer aan de rechterkant. En als er even geen water is heet de weg gewoon “Weg naar het Kanaal”. Het stuk van Ter Apel naar Emmer Compascuum ging langs het Hoofdkanaal, kilometer na kilometer. Even gestopt bij het Achtste Verlaat (zeg maar sluis nummer 8) net buiten Ter Apel. De zon stond verkeerd, dus je zult het met een foto  van internet moeten doen. Trieste foto, de werkelijkheid was veel zonniger. De sluis-en-brugpieper was wel in voor een praatje en wist te vertellen dat vrijdag om 13:00 uur het tropenrooster zou ingaan: worden er 's middags geen boten meer geschut. Heeft alles te maken met de waterstand. Brugpieper vertelde dat er op dit ogenblik veel water vanuit het IJsselmeer “ingelaten” wordt in Drenthe. Hij had nog een heel verhaal over hoe je aan het water kon zien dat het IJsselmeerwater is, maar dat is me even ontgaan. En toen kwam Emmer Compascuum. We hebben er een kleine drie kwartier over gedaan om er doorheen te komen. Nee: geen file, geen pauze, gewoon uitgestrekt. Het is een typische veenkolonie en dat betekent dat het dorp gebouwd is langs de diverse kanalen die gebruikt werden om het moeras te ontwateren en de turf te vervoeren.

En ja hoor: opnieuw een hunebed, deze keer nummer D45, vlak bij Emmen. Was te verwachten want daar “kropen” we de Hondsrug weer op. Een grote deze keer: 18 meter lang en volgens het verklarende bordje bezit dit hunebed nog kransstenen, hetgeen bijzonder moet zijn. Kransstenen werden geplaatst aan de voet van de aarden dekheuvel. Nu het zand weg is zie je die kransstenen in een kring rond het hunebed liggen. We worden nog hunebedspecialist zo. Zag trouwens ook dat ik eerder deze week in overtreding ben geweest: je mag niet op een hunebed klimmen in verband met mogelijke beschadigingen. Emmen zelf ligt “hoog” en is dus een esdorp, maar is groot geworden door de ontginning van de omringende veengebieden (de Emmer Venen). Best wel een mooi dorp, maar warm en druk. De plaatselijke Hema verzorgde onze lunch (in een zakje meegenomen en later op een bankje genuttigd, de inhoud van het zakje dus – niet het zakje zelf). Via Musselkanaal terug, er moesten nog wat boodschappen gedaan worden, vandaar die rare "uitsteker" op de kaart aan het begin van dit blog.

Om half drie konden we na 67 kilometer onze lijven onderdompelen in het ven (ja ik ook, ben van mijn geloof afgevallen). Een mooie dag, strakblauw en tegen de 30 graden. En morgen? Morgen is er weer een dag. We blijven nog even in Valthermond en ik denk dat het morgen Stadskanaal wordt (op de fiets dan).

dinsdag 9 augustus 2022

een tussendoortje – 5: de hondsrug

 

Tussen al die ondoordringbare moerassen was de hoger gelegen Hondsrug in de Steentijd de plek waar mensen woonden: hielden ze tenminste hun voeten droog. De moerassen zijn inmiddels landbouwgronden geworden, de Hondsrug is nog steeds de Hondsrug: naald- en loofbossen, meren, weides, dorpen, beken, stuifzanden, heidevelden en akkers. De Hondsrug heeft een lengte van 70 kilometer en een gemiddelde hoogte van 20 meter boven NAP. Op bijgaand kaartje zie je hoe we vandaag van Valthermond via Tweede Exloërmond de bult zijn beklommen. De verhoging loopt van Emmen naar Groningen. Aanvankelijk dacht men dat er weer sprake was van bulldozerwerk tijdens de ijstijden. De geleerden zijn nog aan het robbedoezen: tektonische activiteit (aardverschuivingen) of water dat onder het gletsjerijs stroomde) ?

IJstijden, we hebben er in ieder geval 23 gekend. De eerste begon ongeveer 2,5 miljoen jaar geleden, de Hondrug is ongeveer 150.000 jaar oud en in de voorlaatste ijstijd (zo’n 5.000 jaar geleden) knutselden de bewoners van de Hondsrug (het Trechterbekervolk) de hunebedden in elkaar. Konden ze gezellig alle doden bij elkaar begraven. Het ijs van de gletsjers had in de loop der tijden de keien vanuit Scandinavië naar Drenthe getransporteerd. De hunebedden hebben geen naam maar een nummer. Op de foto aan het eind van dit blog zit ik op hunebed D30 bij Exloo, waarbij de D voor Drenthe staat. Het was nog vroeg, dus trui nog aan. Het is een klein hunebed dat niet meer compleet is (er ontbreekt één deksteen). Overigens: hunebedden bestonden niet uit “kale keien”. Nevenstaande foto laat zien hoe zo’n ding er vroeger uitzag en onderstaand plaatje laat zien hoe een hunebed gebouwd werd. 

dinsdag 9 augustus: @ valthermond

Van het voormalige moeras naar “hoge” Hondsrug dus vandaag. Een fietstocht van net geen 60 kilometer. Eerst een paar kilometers door Valthermond. Gisteren nog gelezen dat er in 1888 een aantal stakingen zijn geweest: de werkomstandigheden van de arbeiders in het veen waren miserabel. De arbeiders wilden meer loon en de vrijheid om zaken te kopen waar ze dat zelf wilden. Ze waren namelijk verplicht om boodschappen te doen bij hun veenbaas. De marechaussee knuppelde de boel uit elkaar. Nog geen 150 jaar geleden! Einddoel van vandaag vormde het Boomkroonpad in Drouwen. Nee, niet tussen de boomtoppen gewandeld, want 1) te druk en 2) het is meer iets om samen met de kleinkinderen te doen: beetje klauterwerk over touwbruggen naar uiteindelijk 22,5 meter hoog. Het pad is 125 meter lang.

En toen naar het Drouwenerzand, nee: niet dat attractiepark (hebben we letterlijk links laten liggen). De bedoeling was dat we het natuurgebied zouden bekijken. Inderdaad: het was de bedoeling, want wat we ook deden, we konden geen ingang vinden. Ons Drouwenerzand bestond vandaag uit het mulle zand van de weg dat naast het natuurgebied liep. Echt mul en echt droog, noem het maar stuifzand: we moesten regelmatig afstappen en “per pedes apostolorum” verder. Voor degenen die geen Latijn hebben gehad: “met de voeten der apostelen”. De foto die bij deze alinea staat laat dus zien wat wij niet gezien hebben. Och, zo kan het ook.

En weer afdalend terug naar Valthermond. Moet nog even vertellen dat na het afgraven van het veen de overblijvende grond geschikt gemaakt werd voor de landbouw. Voornaamste product: de fabrieksaardappel. W vond de hoeveelheid kerken en kerkjes in Valthermond opvallend. Heb ze niet geteld, maar kwam behoorlijk wat “kerkelijke stromingen” tegen, alleen een katholieke kerk ontbrak (of ik heb het over het hoofd gezien). Mooi op tijd terug op de camping, inmiddels 26 graden geworden. Tijd om niet alleen de accu’s, maar ook onze lijven, op te laden. Regelmatig een plons in het vennetje (W), het lijf onder de koude douche doorhalen (ik) en de oogleden laten zakken. Een mooie dag. En morgen? Morgen is er weer een dag. We laten de bus staan, maar moeten boodschappen doen. Fietsen dus.




maandag 8 augustus 2022

een tussendoortje – 4: op de grens van drenthe en groningen

Opvallend is dat er in de buurt rond Balgoy weinig vlaggen upside-down hangen. Wel af en toe een paar en een verdwaalde boerenzakdoek, maar het massale zoals in de Achterhoek, of nog meer: in Drenthe, hebben we niet gezien. Moeilijk onderwerp, dat stikstofgebeuren. Het is natuurlijk idioot dat de boer zijn veestapel moet inkrimpen terwijl andere stikstofbronnen (luchtvaart, autogebruik) ongemoeid gelaten worden of erger: zelfs mogen doorgroeien. En ja: waarom moet Jan-met-de-pet van het gas af, terwijl er in het westen van het land paprika’s, komkommers en gerbera’s gekweekt worden met datzelfde gas dat plotseling nog maar een derde van de prijs kost die ik er voor betalen moet? Iets met energiebelasting geloof ik. Ja, de stikstofuitstoot moet minder en ja, ook de boeren moeten eraan geloven. Bij die boeren is het al decennialang uit de hand gelopen: ze moesten en zouden groter groeien van de overheid en de Rabobank. Eigenlijk konden ze niet anders. Produceren voor het buitenland, dat leverde geld op. Heb ergens gelezen dat we 80 procent van ons vlees exporteren, terwijl we 100 procent stront in eigen land mogen houden. En om al dat vee te voeren moeten we maïs verbouwen, de grootste kunstmestvreter onder de landbouwgewassen. En de volgende natuurklap: een veld met Engels raaigras is efficiënter dan weiland met hooigras. Heb laatst verteld dat het landbouwlandschap er in Zweden heel anders uitziet dan in Nederland. Werd ik me de afgelopen dagen weer van bewust: verschrikkelijk die eindeloze maispercelen. Waarom verbouwt een boer eigenlijk mais? Volgens F uit Z, een oud boerin (een eind in de tachtig) die ik regelmatig in de elektrocar vervoer, zijn daar een paar redenen voor. Allereerst heeft de boer weinig omkijken naar een perceel mais: vaak wordt de bemesting, zaai en oogst van mais uitbesteed aan de loonwerker. Hierdoor hoeft er door de boer niet geïnvesteerd te worden in de benodigde machines en kan hij de tijd die overblijft besteden aan andere dingen, knuffelen van zijn koeien of zo. Ten tweede heeft mais een betere waterbenutting dan bijvoorbeeld granen. Ook is het zo dat door een diepere beworteling de plant in staat is een droogteperiode goed kan doorstaan. Ten derde: de opbrengst per hectare is groter dan bij andere gewassen. Fien kan het weten. Blijft staan dat er wat moet gebeuren, ook op landbouwgebied.

maandag 8 augustus: @ valthermond

Valthermond, ik schreef het gisteren al: nooit van gehoord. Hoort tot de gemeente Borger-Odoorn en het voornaamste kenmerk: er komt nooit een eind aan! Het is een lintdorp en onder het dorp valt ook de buurtschap Kavelingen. Als men die meerekent kun je zeggen dat het dorp 10,7 kilometer lang is. Reken je dat niet mee en beperk je je tot de dorpsstraat (Zuiderdiep), dan blijft er nog 8,3 kilometer over. Een lintdorp, dus heeft het onherroepelijk met turf te maken. De geschiedenis van het dorp gaat terug tot halverwege de negentiende eeuw toen de Valthervenen werden ontgonnen. Voor die tijd had het gebied de aanblik van een woestenij: een groot moerasgebied met heide en hier en daar wat bosjes. De eerste woningen kwamen er rond 1870.

Aan het eind van die lange weg door Valthermond (als je vanuit het zuiden komt) ligt Natupark Het Verlaat. W was de mening toegedaan dat we daar een paar zeer warme dagen zouden kunnen doorbrengen. Kijkdicht hek om de camping, dan weet je het wel. Belangrijk argument om hier een paar dagen te boeken: een zwemvijver. En: we staan pal aan de plas. Bekijk onderstaande plattegrond maar eens en zoek plek S4.


Voor we in Valthermond konden ankeren moesten we nog ruim 200 kilometer afleggen. Even afrekenen in Balgoy: 14€50 per nacht. De komende nachten zullen we bijna het dubbele kwijt zijn. Extra hindernis: de A50 tussen Arnhem en Apeldoorn afgesloten, dus een leuke detour over de Veluwe met mooie uitzichten over heide die begint te bloeien. Even inslaan in Hoogeveen bij onze vakantie-huissuper (zie het winkelwagentje op nevenstaande kaart) en we kunnen er weer een paar dagen tegen.

En nee, geen onthaasten in het Drentse land: doe maar een fietsroute van rond de 30 kilometer. Het werden er uiteindelijk ruim 35, waarvan een deel door het Duitse land. Uitgebreid gekeken naar sluis- en brugwerk bij de Ter Apelsluis, die ligt in de Ruiten A (ook Ruiten AA of Ol Daip genoemd). Dacht dat het een kanaaltje was, maar schijnt een beek te zijn. Bij de sluis was een sluis-/brugwachter twee plezierjachten aan het schutten. Behalve dat hij meedeelde dat hij anderhalf jaar getrouwd was geweest en nu (met een ander) twaalf jaar samenwoonde en nooit en te nimmer meer in het huwelijksbootje zou stappen, vertelde hij dat hij deze twee boten mocht (of moest) begeleiden op hun tocht van Ter Apel naar Wessinghuizen. Met de auto, dat wel, fietsen zag hij niet meer zitten. Af en toe een brug of een sluis bedienen en dan door naar het volgende object. Wessinghuizen zou hij vandaag niet meer meemaken, zijn dienst zat er om vijf uur op. “Ze hebben een zelfbedieningssleutel hoor, dus als ze willen kunnen ze verder. Anders moeten ze na vijf uur wachten tot morgenvroeg”. Zag er allemaal wat ouderwets, achterhaald en vooral achterstallig-onderhoudachtig uit. Nee, niet de brugwachter, maar de brug en de sluis zelf.



Een mooie dag. V: 183.408; A:183.417; rijtemperatuur 17-23 graden; temperatuur op de camping: max 25 graden. Zon op/onder: 06:01/21:13 (gegevens Valthermond). Een mooie dag. En morgen? Morgen is er weer een dag. We gaan geen kilometers afleggen met ons busje, dus dan weet je het wel.




zondag 7 augustus 2022

een tussendoortje – 3: marmerkreeften en zo

Wel eens van de marmerkreeft gehoord? Wij tot vandaag niet. Eerder deze week zagen we al rare kunststof schermen in de Hatertse Vennen, maar we konden het niet plaatsen. Vandaag zag W plotseling een verklarend bord. Blijkt dat het gaat om een project om de verdere verspreiding van de marmerkreeft (W noemt het de monsterkreeft, maar dat geheel terzijde) te voorkomen. De marmerkreeft heeft zich al in een aantal vennen weten te vestigen en als “een invasieve exoot” is het een ettertje. Kenmerk van de marmerkreeft is dat het dier zich ongeslachtelijk voortplant: er zijn alleen maar vrouwtjes en uit de eitjes komen alleen maar vrouwelijke kreeften. En heb je geen mannetje nodig om je eieren te bevruchten dan gaat het voortplanten razendsnel, zeg maar explosief. Het bestaan van de marmerkreeft in de Overasseltse en Hatertse Vennen is slecht nieuws voor een aantal zeldzame amfibieën, waaronder het knoflookpad. Staatsbosbeheer heeft nu (als tijdelijke maatregel) schermen geplaatst om verdere verspreiding te voorkomen, daar waar wandel-, fiets- en ruiterpaden het onmogelijk maakt om schermen te plaatsen is gekozen voor veeroosters. Ook zijn er om de twintig meter of zo emmers geplaatst om de monsterkreeften op te vangen.





zondag 7 augustus: @ balgoy

Als je naar ons fietskaartje van vandaag kijkt dan zie je één grote kluwen en inderdaad: dat was onze route vandaag. En ja: volkomen bewust zo gereden, al was het niet helemaal zo gepland. De laatste dag in Balgoy wilden we zoveel mogelijk bekijken en ook aan de kilometers komen. Als je de dag dan begint met boodschappen doen bij de Jumbo in Wijchen en afsluit met een bezoek aan de Action en de Hema (beide ook in Wijchen), tot de ontdekking komt dat een veerpont naar knooppunt 66 aan de andere kant van de Maas al een tijd niet meer vaart en je daardoor volkomen ongepland in het gebied van de Kraaijenbergse Plassen terecht komt, kun je misschien de spaghetti verklaren. Maar je kent onze uitspraak: je rijdt nooit om, hooguit een paar kilometers extra.

We zaten nog maar net op de fiets of we botsten bijna tegen “twee monumentale hoofden” aan, twee beelden van de Nederlandse kunstenares Elisabeth Stienstra. De beelden zijn gemaakt van baksteenkleurig beton. Beetje moeilijk om een foto te maken, want veel verkeer. Is uiteindelijk toch redelijk gelukt. Oké: één koppie dan. De beelden stonden bij de toegang tot recreatiegebied Berendonck, ik kende het van het gelijknamige onbenullig grote saunacomplex.

Och ja, dan krijg je de Overasseltse en Hatertse Vennen weer, een gebied waar we gisteren ook geweest zijn, maar dat nooit verveelt. Vandaag wat extra lusjes gedaan en ook nog even een kijkje genomen in de Heumense bossen.




Lunch bij het oude NH-kerkje in Overasselt. Zoek je later op internet op wat je nu eigenlijk gezien hebt, kom je de volgende tekst tegen: De kerk te Over-Asselt - dus begon ik, rustig gezeten, te verhalen - is kennelijk van zeer oude dagteekening. Van het bestaan van een vrouwenklooster ter plaatse zijn (tot op heden) geen gegevens bekend. Wanneer zij gesticht, en wie de heilige geweest zij, waar aan zij was toegewijd, is onzeker. Misschien wel aan Onze Lieve Vrouwe. Dit althans schijnt ten opzigte van het klooster het geval geweest te zijn, want er is hier nog eene vicarij tot de Lieve Vrouwe altaar. Hetgeen gij er al nog van ziet overgebleven, is alleen het koor zoo als ge juist heb opgemerkt. In hetzelve komen de weinige hervormden van Over- en NederAsselt godsdienstig te zamen. De toren heeft meer dan 25 ellen vooruit gestaan. Er hingen twee zware klokken in, die er ten jare 1672 door de Franschen zijn uitgenomen, en door de boeren, naar den willekeur van deze toen reeds zoo lastige vreemdelingen, naar elders vervoerd. Sommigen van hen, die bereids zijn ontslapen, hebben aan thans nog levende menschen, verhaald, dat zij, als kinderen, omstreeks het jaar 1710, binnen de bouwvallige muren van den toren gespeeld hadden. Denkelijk is hij na den vermelden klokkenroof in 1672, in toenemend verval geraakt, en zoo, na 1710, met het muurwerk tot aan het koor geheel gesloopt en vernietigd. Laat u dit over de kerk genoeg zijn [….].” Bron: ‘Geschiedkundige plaatsbeschrijving van het Rijk van Nijmegen’ door J. van Schevichaven (1846, uitgeverij Thieme).

Kraaijenbergse Plassen, Grave, we waren er al eens eerder. Zelfs de John S. Thompsonbrug lag er nog hetzelfde bij als vrijdag. Oeps: niet helemaal: vrijdag was een werkdag, vandaag hadden de arbeiders een rustdag. Een mooie dag. Op een paar meter na 70 kilometer op de fietsteller staan. Droog, zonnig en niet te warm. Wind uit het noordoosten, kracht 1 à 2. Beter fietsweer kun je niet hebben. En morgen? Morgen is er weer een dag. We gaan verkassen, naar het noorden: W heeft voor een paar dagen Camping Het Verlaat in Valthermond geboekt. Valthermond? Je zoekt het in de buurt van Musselkanaal (Groningen), maar dan nog net in Drenthe. Volg je het nog?