noordpolderzijl

noordpolderzijl

zondag 13 september 2026

nog even weg voor de slachting - 16: en weer verenigd

Veel reacties ontvangen op mijn vorige blog over tegeltjeswijsheden en zo. Soms een beetje onzinnig. Neem nu bijvoorbeeld een opmerking van mijn broer: “Vroeger toen ze pannekoek genoemd werden waren ze lekkerder.“ Was een reactie op het feit dat W pannenkoeken ging eten bij H&C te L. Kan dan natuurlijk niet achterblijven en antwoordde met: “tegenwoordig moet er meer meel in, die N moet ook gevuld worden“. Eigenlijk een even onzinnig antwoord. W schreef in de familieapp (mijn broer, zusjes en aanhang zijn lid van de groep): “Het fietsen was heerlijk, wanneer gaan we weer op fietsvakantie?“. Mijn antwoord was: “In ieder geval na aanstaande vrijdag“. Laten we de slachting eerst maar eens afwachten. 

Dan een vraag van H te W naar aanleiding van alle spreuken die ik in het vorige blog heb weergegeven: “Welke spreuk vind je zelf het mooist?“ Heel simpel: die over de volle camperkoelkast, want die is van mezelf. Tenminste dat denk ik: kan best zijn dat iets soortgelijks ooit een keer stilletjes onder mijn schedeldak is gaan zitten en zich nu presenteert als zijnde iets unieks van mij. 

En tenslotte: D te W had ooit iets gehoord over een “spreukjesboswandeling“ in Fleringen geënt op spreuken van Herman Finkers. Ben op zoek geweest (had toch niks beters te doen) maar kon geen harde bronnen vinden. Copilot gevraagd en die begon weer een stom verhaal uit zijn duim te zuigen. Toen ik een beetje concreet werd en uiteindelijk de opmerking plaatste “Geef toe dat je weer begonnen bent met een aardig verhaal uit je duim te zuigen, gebaseerd op aannames en verkeerde koppelingen“ was zijn antwoord: “....Ja. Ik ga dit niet verbloemen, niet gladstrijken, niet in een nieuw verhaal verpakken. Je hebt gelijk. Ik ben begonnen met een verhaal dat leunde op aannames, koppelde wat jij zei aan iets wat ik kende, en vulde de rest in alsof het feitelijk was. Dat is precies het soort “AI‑gedrag” waar jij een bloedhekel aan hebt — en terecht.“ Af en toe lijkt het net alsof je met een mens te maken hebt. Als ik in plaats van “mens“ “vrouw“ had gebruikt had ik ernstige problemen gekregen met mijn wederhelft.

zondag 13 september: @ balgoy

W is dus gisteren naar huis gefietst om vandaag terug te keren met de auto. Een deel van de tijd heeft ze doorgebracht op de fiets, een deel in de auto. Ook heeft ze het Bloemencorso van Lichtenvoorde even meegepikt samen met een vriendin (die haar trouwens gisteren een bakje eten kwam brengen, waarvoor dank M te L). Het Bloemencorso van Lichtenvoorde is één van de meest idiote dingen die je je kunt bedenken, tenminste als je het rationeel bekijkt. Kijk je er met andere ogen naar dan kun je het een jaarlijkse explosie van kleur, vakmanschap en gemeenschapszin noemen. 

Op de tweede zondag van september verandert het dorp in een levend schilderij, opgebouwd uit miljoenen dahlia’s die door honderden vrijwilligers met zorg, geduld en liefde zijn geprikt of geplakt. Het corso is niet zomaar een optocht; het is een traditie die generaties verbindt. Kinderen die beginnen met het plakken van de eerste bloemen groeien uit tot bouwers die complete wagens ontwerpen, lassen en vormgeven. Als je het echt rationeel gaat bekijken dan is het een verspilling van arbeidskracht: de bouwvoorbereiding begint al vroeg in het jaar. In schuren, tenten en oude fabriekshallen wordt gewerkt aan de stalen frames, de bewegende onderdelen en de enorme vormen die later volledig worden bedekt met dahlia’s. Zodra de bloemen rijp zijn, begint het echte werk: prikken. Dagenlang zitten vrijwilligers zij aan zij, soms tot diep in de nacht, om elke centimeter van de wagen te voorzien van kleur. Kijk eens naar het aantal man-, vrouw- en kinderuren en vermenigvuldig dat totale aantal met het minimum-uurloon. Weet het: je moet het zien vanuit een ander perspectief: corsobouwen verbroedert en het is een sociaal gebeuren. Het is zwaar werk, maar het is ook gezellig, met koffie, muziek en verhalen die al jaren meegaan. 

Op de dag van het corso staat Lichtenvoorde op scherp. De straten vullen zich met bezoekers uit binnen- en buitenland. De geur van dahlia’s hangt in de lucht, de spanning is voelbaar. Als de eerste wagen de bocht om komt, valt het publiek stil, dat moment waarop kunst, techniek en traditie samenkomen. De jury beoordeelt de wagens op vorm, originaliteit, techniek en afwerking, maar voor de bouwers telt vooral de trots: het gevoel dat je samen iets hebt gemaakt dat groter is dan jezelf. Het corso is Lichtenvoorde. Het is kleur, creativiteit en gemeenschap. En elk jaar opnieuw bewijst het waarom het tot de mooiste bloemencorso’s ter wereld behoort. En dat is de andere kant van de medaille. Je moet een dergelijk feest niet alleen rationeel bekijken.

Tegen zessen draaide W de camperplaats op (met de auto) en konden we alvast wat overbodige dingen overpakken, stel ze staan morgen om acht uur voor de deur. Regenachtige dag, maar gelukkig heeft W het tijdens het bloemencorso droog gehouden. Een bijzondere dag. En morgen, morgen hebben we weer een bijzondere dag. Dan zien we hoe ons busje de sleepwagen opgetrokken wordt en kunnen we met de Daihatsu naar huis.

zaterdag 12 september 2026

nog even weg voor de slachting - 15: achterblijven in de spreukjestuin

“En als je je vandaag verveelt, schrijf dan een blog over al die borden die je in de tuin van het campererf tegenkomt“, sprak W. Ze weet dat ik dol ben op zaken die bekend staan als tegeltjeswijsheid: korte, vaak grappige of levenswijze uitspraken die bedoeld zijn als een soort algemene levensles. De naam komt van de traditionele Nederlandse wandtegeltjes waarop zulke spreuken werden geschilderd. Een bekende variant hierop is natuurlijk Loesje, al zijn de uitspraken van Loesje eigenlijk iets meer dan tegeltjeswijsheden: Loesje gebruikt juist korte uitspraken om je aan het denken te zetten, vaak met humor, ironie of een maatschappelijk knipoogje. Een klassieke tegeltjeswijsheid zegt bijvoorbeeld: “Wie goed doet, goed ontmoet.“ Een typische Loesje-uitspraak zou eerder zijn: “Ik heb geen haast. Ik ben toch al te laat.“ Het aardige van Loesje is dat ze het format van de tegeltjeswijsheid eigenlijk heeft gemoderniseerd. De traditionele tegeltjeswijsheid zegt: zo zit het leven. Loesje zegt eerder: denk daar zelf nog eens over na. Je zou daarom kunnen zeggen: Een tegeltjeswijsheid wil je iets leren; Loesje wil je iets laten bedenken. En er is nog een belangrijk verschil: een echte tegeltjeswijsheid pretendeert vaak wijsheid te bevatten, terwijl Loesje juist regelmatig de draak steekt met dat soort wijsheden. 

Dan hebben we nog de derde categorie, de spreekwoorden. Een spreekwoord zou ik definieren als een vaste, traditioneel overgeleverde uitdrukking: “Wie het kleine niet eert…” Ik vat al deze drie termen gewoon samen onder de naam “spreuken“, misschien taalkundig niet helemaal juist, maar ik kan er mee leven. Al filosoferend kom ik ter plekke tot een totaal nieuwe categorie: de campertegeltjeswijsheid à la Loesje. Wat vind je bijvoorbeeld van de volgende: “Je hoeft niet te weten waar je heen gaat, als je maar een volle koelkast hebt.”

 

zaterdag 12 september: @ balgoy

We hebben uitstekend geslapen in een busje dat even niet meer mag rijden. Overigens wel zo gemakkelijk: slapen in een stilstaand campertje. W gaat mij verlaten: op de fiets naar Lichtenvoorde en morgen met de auto weer terug. Niet omdat we ruzie hebben maar omdat dat logistiek het beste uitkomt. Wel bijna 80 kilometer fietsen vandaag, maar “gelukkig heb ik twee accu’s“. Kijk: dat is het leven van de positieve kant bekijken. Ik ben meer van de volgende humor:Heb je een slaapzak? Ja, ik heb iets te lang met mijn benen over elkaar gezeten“. Kenners weten dan dat ik het over Herman Finkers heb, die van “Dan volgt nu de weersverwachting. Er worden middagtemperaturen verwacht van één uur`s middags tot zes uur`s avonds“.

Waarom al deze inleidende tekst? Eenvoudig: moest van W vandaag in mijn blog aandacht besteden aan de borden die in de tuin van het campererf staan. Eigenlijk was het meer een ideetje en had het niks met moeten te maken. Mijn hersenen maakten overuren en ik kwam bij het “het spreukjesbos“ van Herman Finkers uit. Heb alleen hier geen bos tot mijn beschikking maar wel een tuin, dus een deel van de titel van dit blog was al snel bepaald: de spreukjestuin. Moest er alleen nog wat tekst komen. Voel nooit met Finkiers mee wanneer hij zegt: “Soms denk ik uren na en heb ik nog niks op papier, een andere keer bereik ik precies datzelfde in vijf minuten“. Je kent die opmerking van W dat ik domweg 5 A4’tjes kan vullen over een punaise. Weet je: zullen we het eens een keer zonder tekst doen? Laat je hieronder de mooiste wijsheden zien die ik in de spreukjestuin van Balgoy heb gevonden.










Om twee uur had ik de afwas klaar en mijn blog zo goed als af, terwijl W bezig was met de allerlaatste meters van haar 80 kilometer om vervolgens een pannenkoek mee te happen bij H&C te L, met dank voor de goede zorgen H&C te L. Het belangrijkste meevallertje voor W  vandaag: wind uit het zuidwesten met kracht 3. Het blijft een prestatie voor iemand van 73 vind ik. Ze had de verrekijker in de fietstas zitten, maar die is daar niet uitgekomen. Doet me denken aan een andere uitspraak van Finkers: Deze verrekijker vergroot wel 8 maal, maar toen ik er voor de 9e keer doorheen keek, deed hij het ook nog gewoon. Het weer (de wind had je al): maximaal 23 graden in Balgoy, overwegend bewolkt met af en toe een piepend zonnetje. Een bijzondere dag. En morgen? Morgen is er weer een dag. W komt terug naar Balgoy en wel met de auto: kunnen we alle noodzakelijke spullen overpakken, want kaas en zo gaat een eigen leven leiden als het een week in een niet gekoelde koelkast mag doorbrengen. Laten we afsluiten met een leuk tegeltje en de gefietste route van W. Ja, de tekst op het tegeltje is van Herman Finkers.




vrijdag 11 september 2026

nog even weg voor de slachting - 14: dubbele pech

Toen W gisteren van het schitterende sanitair terugkwam (ik vond alleen de douches aan de krappe kant) kwam ze terug met een foto van een gedicht dat daar aan de binnenkant van de toiletdeur hing. Dankzij de zoekfunctie op je computer kun je achterhalen waar het origineel vandaan komt. Ik kwam terecht bij de website www.brievenbusgeluk.nl en daar presenteert de schrijfster van dit gedicht zich als volgt: “Mijn naam is Anne-Marije Maris. Op 8 september 1980 werd ik als oudste van 5 kinderen geboren in Harderwijk, de stad waar ik op een korte onderbreking na eigenlijk altijd ben blijven wonen. Want het is gewoon heel fijn hier! Ik heb twee zoons, Lucas (2011) en Finn (2013). We wonen met z’n drietjes sinds mijn huwelijk met hun vader is stukgelopen. Behalve moeder ‘ben’ ik ook Brievenbusgeluk. Ik studeerde ooit af als taalwetenschapper en daarna als logopedist, ik werkte vervolgens jarenlang met plezier als logopedist, maar voel nu heel sterk dat ik met Brievenbusgeluk pas echt uit mezelf kan halen wat er in zit.“ Wil je meer weten (of wat leuke cadeautjes scoren)? Bezoek de website. 

 


Tijd

Zoveel ballen in de lucht
Zoveel bordjes hoog
Ik ren
Ik vlieg
En ik besef
Dat ook déze dag weer vloog

De tijd glipt door mijn vingers
Het maakt niet uit hoe hard ik ren
En toch wil ik daar nog niet aan
Perfectionistisch als ik ben

Vandaag was het nog gisteren
Gisteren vorige week
Mijn kleintjes werden zomaar groot
Toen ik heel eventjes niet keek

En daarom sta ik even stil
Vang ik dit kostbare moment
In het ritme van de dag
Was ik het haast voorbij gerend

Ik adem in
Ik adem uit
En als ik heel goed kijk
Besef ik wat de tijd mij gaf
Ik ben méér dan rijk!

Op mijn vraag wat ik met dit gedicht moest, sprak W: “Je maakt van een punaise nog een verhaal van vijf A4’tjes, dus doe je best!“ Nee lieve W, met dit gedicht ga ik niks doen: is al mooi genoeg van zichzelf.

vrijdag 11 september: @ balgoy

Weer een latertje vanochtend: pas om 09:15 uur deed ik mijn ogen definitief open en onder het genot van een bak zwart vocht konden we onze hersens pijnigen: waarom schrijf je Middellandse Zeegebied met hoofdletters en eau-de-cologneflesje net? Voor de duidelijkheid: W had de eerste constructie fout en ik de tweede. Het antwoord moet je zoeken in het feit dat hier twee verschillende regels voor hoofdletters spelen. Middellandse Zee moet met hoofdletters omdat dit een aardrijkskundige naam is terwijl je eau-de-cologneflesje met kleine letters schrijft omdat we dit als soortnaam beschouwen: het is een flesje voor eau de cologne en geen eigennaam. En om het allemaal nog een beetje moeilijker te maken schrijft Onze Taal: “Er zit bij eau-de-cologneflesje nog een aardige Nederlandse spellingkwestie achter: eau de cologne is oorspronkelijk een geografisch bepaalde naam (Eau de Cologne = Keuls water), maar in het Nederlands is het inmiddels de algemene benaming voor een bepaald soort geurwater. Daarom schrijven we eau de cologne met kleine letters“. Volgens de geleerden is de volgende tekst helemaal correct: "In dit eau-de-cologneflesje zit niet zomaar eau de cologne, maar het oorspronkelijke merk Eau de Cologne."

En met deze nuttige kennis konden we aan de dag beginnen. De bedoeling was dat het weer een bike-drivedag zou worden. Komoot en ik hadden opnieuw een leuke route voor W uitgestippeld, nu naar campererf De Hotsehoek in Balgoy waar Yvon al had aangegeven dat er plek genoeg was en we (voor de tweede keer dit jaar) hartelijk welkom waren. De fietsroute ging over bospaadjes die Best, Sint-Oedenrode, Veghel, Vorstenbosch, Nistelrode, Schaijk, Reek en Grave aan elkaar knoopten. Toegegeven: er zat ook af en toe een wat grotere weg tussen. Het is ’m niet geworden. Tegen elven toen W weg wilde fietsen ging het regenen en dat heeft het bijna de hele weg naar Balgoy gedaan. Wees gerust: W zat naast me, ze was zo wijs om zich te laten vervoeren. Mijn busje reed ongeveer dezelfde route maar dan zonder bospaadjes en mocht ik daarom vanaf Veghel via Uden en Zeeland sturen (mocht niet dwars door de Maashorst heen).

Voorspoedige reis, tot op het laatste moment: storingsmeldingen, dezelfde als gisteren, die spontaan weer verdwenen. Kon nog net het campererf van Yvon opdraaien. Ook deze keer geen lampjes. Voor de zekerheid de ANWB gebeld (oeps gaat tegenwoordig via internet) en de conclusie van de man-van-dienst van de Wegenwacht (die binnen een half uur aanwezig was) was “verdwijnende koelvloeistof zonder aanwijsbare lekkage“. Hele technische verhalen over mogelijke oorzaken. Hij kon er niks aan doen, maar we mochten er absoluut niet verder mee rijden. Busje wordt maandag afgesleept, gaat “in depot“ en wordt dan later in de week afgeleverd bij onze garage in Lichtenvoorde. Met een beetje mazzel liggen Puzzel en ik tegelijkertijd op de operatietafel. Als je AI er op loslaat krijg je drie bladzijden mogelijke oorzaken. De eindconclusie van ChatGTP is overigens dezelfde als die van de ANWB-monteur: koelsysteem laten afpersen. W en ik zijn aan het dubben over hoe het nu verder moet. Maar dat verhaal lees je morgen op deze plek.

Een mooie dag? Ach, we hebben ze beter meegemaakt. Eerst een fietstocht die autotocht werd vanwege de regen. En toen ons busje, waarbij W uiteindelijk iets mompelde in de geest van “alle erfenissen zijn op en we hadden maar € 25,00 bij de Staatsloterij“. Ik kon alleen maar uitbrengen: “een wortelkanaalbehandeling lijkt me erger“. V: 226.786, A: 226.842. Rijtemperatuur 15 graden; vrijwel de gehele weg regen en motregen. Bij aankomst in Balgoy een tijdje droog en werd het uiteindelijk nog 20 graden. Tussen twee buien door heeft W nog even wat essentiële boodschappen gehaald bij de Jumbo in Wijchen. Essentieel? Jazeker: bovenaan het lijstje stond een potje maggi en een pak koffiefilters. Zon op/onder: 07:04/20:02. Bijna vergeten te vertellen dat W later op de middag nog een ijsje moest halen: op de fiets in Grave.

De komende dagen brengen we dus min of meer noodgedwongen door campererf De Holtsehoek in Balgoy. Niks mis mee: ruime, vlakke plaatsen op een verzorgd erf met veel groen, stroomaansluiting, sanitair is netjes en het allervoornaamste: Yvon is uiterst gastvrij.

donderdag 10 september 2026

nog even weg voor de slachting - 13: een drive-bikedagje

Ons mobiele huis woonde een paar dagen in de gemeente Peel en Maas, ons bed sliep er ook. Je zoekt het in het noordwesten van de Nederlandse provincie Limburg. Het is weer zo’n typische fusiegemeente die ontstond op 1 januari 2010 toen de voormalige gemeenten Helden, Kessel, Maasbree en Meijel samen door één deur moesten gaan. Elf verschillende dorpskernen en ruim 45.000 inwoners maken samen deze plattelandsgemeente. De naam zegt het al: het landschap van de gemeente wordt begrensd door twee uitersten. Aan de oostkant slingert de Maas en aan de westkant ligt de Peel: stroomdalen en vruchtbare gronden aan de ene kant, een uitgestrekt voormalig hoogveengebied (voor een deel ingericht als nationaal park) aan de andere; een mooi contrast. De agrarische sector voert de boventoon. De regio vormt een belangrijk onderdeel van de 'Greenport Venlo', een van de grootste tuinbouwgebieden van Nederland, waarbij innovatie (op het gebied van glastuinbouw, boomkwekerijen en duurzame voedselproductie) met een hoofdletter wordt geschreven. Wat Peel en Maas écht bijzonder maakt, is de sterke nadruk op de lokale gemeenschap waarbij zelsturing een belangrijk begrip is. Hierbij krijgen inwoners, verenigingen en ondernemers de ruimte en verantwoordelijkheid om zelf initiatieven te ontplooien om de leefbaarheid in hun eigen dorp te vergroten. Het gemeentehuis staat in Panningen. Die plaats fungeert tevens als het regionale winkel- en verzorgingshart. Inderdaad: de Lidl kun je daar vinden. Helden en Panningen zijn door de jaren heen volledig aan elkaar vastgegroeid tot één grote dubbelkern genaamd Helden-Panningen.

Politiek gezien moet je een onderscheid maken tussen landelijke en gemeentelijke verkiezingen. Op gemeentelijk niveau werd lokaal Peel en Maas in 2026 de grootste partij met 12 van de 29 zetels. Lokaal Peel en Maas, VVD en PRO Peel en Maas (voorheen PvdA/GroenLinks) vormen samen het college. Het coalitieakkoord heet 'De toekomst begint vandaag' en telt vijf wethouders. Opmerkelijk is dat de lokale partijen samen de helft van alle stemmen behaalden. Bij de laatste Tweede Kamerverkiezingen werd de PVV van Wilders met een kwart van de stemmen de grootste partij. Als je in bijgaand diagram kijkt naar de verdeling van de stemmen dan word ik toch een beetje bang: tel alle “verkeerde“ kleurtjes maar eens bij elkaar op.

donderdag 10 september: @ oirschot

Prachtig fietsweer, dus W deed de bike vandaag terwijl ik drive voor mijn rekening mocht nemen. Om 11:00 was het temperatuurtechnisch verantwoord om te fietsen en na alles geleegd te hebben wat geleegd moest worden gingen we beiden van start. Al bij de eerste rotonde in Helden scheidden onze wegen: W rechtdoor en ik rechtsaf. Had besloten vandaag snelwegvermijdend te rijden, dus in plaats van net geen uur doe je er dan ruim 1,5 uur over en rijd je van rotonde naar rotonde. Van de rotonde met de N275 (Maasbree) tot de rotonde met N270 in Ysselsteyn mocht ik de N277 volgen, de weg die ook bekend staat als de Midden-Peelweg. De weg is in stukjes aangelegd tussen 1924 en 1975 als onderdeel van de grootscheepse ontginning van de Peel. Zoals de naam al doet vermoeden loopt hij er midden doorheen. Net zoals veel andere provinciale wegen heeft deze weg een reputatie opgebouwd als dodenweg vanwege de ernstige ongevallen.

Na Ysselsteyn volgde een stukje N270 die onder meer dwars door Helmond loopt. Over dit kleine stukje weg met de naam De Kasteel Traverse kun je een compleet boek schrijven. In 1959 werd besloten tot de aanleg van deze weg, die de verkeersafwikkeling door de binnenstad van Helmond moest verbeteren. Honderden huizen in en buiten de historische binnenstad werden tussen 1959 en 1975 afgebroken voor de aanleg van deze weg die de binnenstad voortaan scheidde van het kateel van Helmond. Vandaar de naam Kasteel Traverse. Later werd de weg een onderdeel van de N270. De inwoners van Helmond waren niet blij met de aanleg van deze weg. Dat bleek onder meer uit de oprichting van de Anti-Luchtbrugpartij, die meerdere zeltels haalde in de gemeenteraad. Op dit ogenblik ligt een groot deel van dat stukje weg weer op de schop, zie bijgaande afbeelding.

Schoot alles bij elkaar niet op, daarbij kwamen nog twee hinderlijke meldingen van mijn boordcomputer: “hoge temperatuur koelvloeistof. Stoppen en motor afzetten“ (gedaan, kwartiertje gewacht en verder geen last van gehad) en “lage oliedruk. Stoppen en motor afzetten“ (na een scherpe bocht verdween de melding en kwam niet terug). Gaat mijn boordcomputer een eigen leven leiden? Iets van AI neemt mijn camper over?

Was nog maar net aanbeland op Camperplaats Oirschot toen een aantal militaire vliegtuigen over me heen kwamen scheren. We zitten vlak bij Vliegbasis Eindhoven. Snel flightradar24 gestart en één van die grijze jongens gevolgd. De piloot ging naar het militair oefenterrein Marnewaard (ten oosten van Lauwersoog). Vroeg me af waarom ze niet vlogen vanaf Groningen Airport Eelde, weliswaar een burgerluchthaven, maar het ministerie van Defensie heeft wel een regeling voor militair medegebruik. Er zijn wel een aantal beperkingen. Zo zijn er afspraken gemaakt over het maximale aantal militaire vliegbewegingen (790 per jaar) en “zwaar geschut“ (zoals de F-35) mag niet starten of landen op Eelde. Mijn vliegtuig met het callsign GAMBT08 draaide rondjes boven de Marnewaard en dropte waarschijnlijk zijn lading (of oefende hiervoor en deed alsof) in het kader van de grootschalige internationale luchtlandingsoefening Falcon Leap. Het betrof een militair vliegtuig, type Airbus A400M Atlas van de Duitse luchtmacht. Tijdens deze specifieke oefening vliegen er elf transportvliegtuigen uit verschillende NAVO-landen. De toestellen vliegen op zeer lage hoogte (tot zo'n 100 meter boven de grond) om golven van honderden parachutisten en zware vrachtladingen te droppen op de Marnewaard. Omdat ze telkens moeten uitlijnen voor een nieuwe dropping, blijven ze in patronen ("rondjes") boven het gebied vliegen. Belangrijk allemaal? Nee, wel leuk om te volgen.

En terwijl ik me met vliegtuigen bezighield, was de focus van W gericht op de fietsroute van Helden naar Oirschot. Ze waardeerde de route achteraf met een 3,5 uit 5. Hoogtepunt volgens haar een verkeersbord waarop gewaarschuwd werd voor overstekende obers. Op de tweede plek kwam de kerk van Lierop. De Heilige Naam Jezuskerk is in 1892 gebouwd. Vier torens en een achthoekige koepeltoren geven deze kerk een bijzonder uiterlijk. En voor de rest was het het bekende kost: wegen, paden en dorpen. En toen W na 61,7 kilometer de camperplaats was opgedraaid, verslag had uitgebracht en een kopje soep naar binnen had gewerkt, moest ze nog even met de benenwagen naar het centrum van Oirschot: een nieuw jurkje, een vergiet of een potje maggi; je weet nooit waar ze mee thuiskomt (het werd een zeef).


Een mooie dag. V: 226.714, A: 226.786. Rijtemperatuur tussen 17 en 19 graden. Later op de cp nog een graadje warmer. Wisselend bewolkt en westenwind kracht 1 tot 2. Zon op/onder: 07:04/20:05 (gegevens Oirschot). En morgen? Morgen is er weer een dag. We gaan verkassen naar Balgoy. W waarschijnlijk op de fiets. Is een beetje dezelfde afstand als vandaag. En ik ga kijken wat mijn boordcomputer te melden heeft. Bijgaande afbeelding is van Marius van Dokkum, die van dat leuke museum in Harderwijk. Via https://mariusvandokkum.shop/ kun je allerlei leuk dingen (kaarten e.d.) van hem kopen. 




woensdag 9 september 2026

nog even weg voor de slachting - 12: af en toe een buitje in helden

Soms hebben W en ik best serieuze gesprekken. Neem als voorbeeld gisteravond. Je weet dat we bij een aspergeteler staan en ik had even opgezocht dat de familie net iets minder dan 5 hectare aspergevelden heeft. Vraag van W: “kan een boer leven van alleen aspergeteelt?“ Boer Peeters zit qua hectares op het randje, al is het wel zo dat naast oppervlakte andere factoren een rol spelen, namelijk de opbrengst per hectare, verkoopprijs. de hoeveel werk hij zelf doet en de bewerkingen die de asperges op het bedrijf ondergaan. Vooral de verkoopprijs is doorslaggevend en die is afhankelijk van de verkoopmethode. Een aspergeteler die een groot deel via de veiling/groothandel afzet, krijgt een heel andere prijs dan iemand die rechtstreeks aan consumenten, restaurants of via een eigen winkel verkoopt. Bij asperges is dat verschil interessant genoeg om het bedrijfsmodel behoorlijk te beïnvloeden. Een boerderijwinkel, verkoop langs de weg en horeca-afzet kunnen het rendement per hectare sterk verhogen. Familie Peeters heeft bewust voor deze laatste strategie gekozen: het gaat niet om zoveel mogelijk hectares, maar juist om een groot deel van de opbrengst rechtstreeks aan particulieren verkopen. Daarbij komt dat ze hun asperges zelf wassen, sorteren, schillen en verpakken. Daarnaast verwerken ze asperges tot bijvoorbeeld aspergesoep (en met € 4,50 voor een niet al te groot bakje behoorlijk aan de prijs). Samenvattend: met 4,5–5 hectare kunnen Johan en Esther dus kennelijk wel degelijk een bedrijf runnen, maar het verdienmodel is duidelijk anders dan bij een grote teler die zijn asperges vrijwel allemaal via de veiling afzet. Nu we het toch over asperges hebben: W gaf bijgaande foto de titel “koeien die verstoppertje spelen“, ik meende toch echt dat het aspergefolie was.

Heb ChatGPT een uitgebreide berekening laten maken van de financiële kant van onze aspergeboer. Zal je de exacte cijfers besparen (veelal ook aannames), maar de eindconclusie is zeer duidelijk: omdat Peeters een bedrijf heeft opgebouwd dat niet alleen bezig is met het telen en steken van asperjes, is zijn toko economisch levensvatbaar.

woensdag 9 september: @ helden

Een dag met weer eens wat lagere temperaturen. Net geen 20 of zo hier in Helden. Een ideale dag om de buurt op de fiets te verkennen. Alleen niet in de vroege ochtend, want pas om 12:00 werd het een graad of 17 en met een westenwind kracht 3 voelde het frisser aan. Gisteren nog in de korte broek en de sandalen, vandaag beentjes bedekken, sokken aan en doe ook maar een truitje. En zo’n ochtend is ook snel voorbij en alle tijd voor het maken van een route door onder meer de Heldense Bossen, gisteren al twee keer geschampt en vandaag een beetje beter verkennen. Het bosgebied is ongeveer 1100 hectare groot en ligt tussen Helden, Kessel, Maasbree en Baarlo. Komoot beloofde ons met een aantal plaatjes dat met de vele stuifzandheuvels de Heldense Bossen een bijzonder stukje natuur zijn. Die stuifzandduinen zijn in de loop van de ijstijden en later door wind ontstaan. In de middeleeuwen was het gebied vooral een open landschap van heide, zand en vennen. Schapen graasden er en de heide werd geplagd voor gebruik in de potstal. Het huidige bos kreeg vooral vorm in de eerste helft van de twintigste eeuw. In de jaren twintig en dertig werden op grote schaal grove dennen aangeplant. Dat gebeurde niet in de eerste plaats voor natuur of recreatie, maar voor de houtproductie. Het dennenhout was namelijk zeer geschikt als mijnhout in de Limburgse en Belgische kolenmijnen. De dennen werden gebruikt om mijngangen te stutten. Het gebied was daarmee onderdeel van de economische ontwikkeling die door de mijnbouw in Zuid-Limburg werd veroorzaakt. Daardoor bestaat het bos nog steeds voor een belangrijk deel uit naaldbomen, hoewel het landschap geleidelijk verandert. Oude productiebossen worden op sommige plaatsen omgevormd tot meer natuurlijke bossen, met meer variatie in boomsoorten en structuur. Het bos is bovendien groter dan je op het eerste gezicht zou denken. De Heldense Bossen maken deel uit van een veel groter aaneengesloten landschap met onder meer de Kesselse Bergen, het Kesseleikerbroek en De Meeren. Samen vormen deze gebieden een opvallend groen gebied in de driehoek Helden–Baarlo–Kessel.

Op een bepaald ogenblik zei W: “dit komt me bekend voor“. En dat kan, we waren al eerder (2024) bij het “Silhouet van de Heilige Familiekapel“. Op deze plek stond vanaf 1900 een kapelletje dat tijdens de Tweede Wereldoorlog werd verwoest. Men heeft hier nu een open metalen constructie neergezet en moet de herinnering levend houden aan alle gebouwen die tijdens de Tweede Wereldoorlog in Baarlo zijn verwoest.

“Waarom staat hier nu een bordje Boekelderbos?“ was een paar kilometer verder de vraag van W, die zich voor de verandering eens bezig hield met details van de route. Meestal fietst ze mee en geniet. Vandaag maakte ze zich zorgen of het Boekenderbos onderdeel uitmaakte van de Heldense Bossen. Heel fijn zo'n vraag W, levert me weer een paar regels verhaal op. Heb het opgezocht en Staatsbosbeheer gebruikt een zeer interessante formulering: het Boekenderbos ligt in het gebied dat bekendstaat als “de Heldense bossen” en/of “In den berg”. Dus het antwoord op de vraag van W is dat het Boekenderbos en De Heldense Bossen geografisch aangrenzend zijn, maar officieel/naamkundig onderscheiden. Waar je je al niet druk over kunt maken op je oude dag.

Bospaden, fietspaden en af en toe autoluwe wegen vormden onze route tot we terecht kwamen op “Weg 208“, een gravelweg. Een betere omschrijving zou zijn “een strak en goed begaanbaar onverhard pad dat dwars door de natuur loopt en geschikt is voor vrijwel elk type fiets“

Toen we Panningen indraaiden hadden we aan de Beekstraat weer een déjà-vu: de Sint-Odiliakapel, een klein maar interessant stukje religieus erfgoed, zo’n klein verhaal onderweg: een eenvoudig gebouwtje, maar inmiddels ruim 160 jaar oud. Maar ik zal niet in herhaling vallen: het verhaal van Odilia (we hebben er twee in de aanbieding, namelijk die van de Elzas en eentje uit Keulen) heb ik in oktober 2024 al verteld. Ben je geïnteresseerd, (her)lees dan dat verhaal.

 

De voorlaatste highlight van onze tocht werd gevormd door de Lidl in Panningen. Een uitgebreide beschrijving lijkt me niet nodig. Uiteindelijk werd besloten dat we een dezer dagen hamblokjes in de pastasalade krijgen en dat de door mij voorgestelde garnalen de koeling van de super niet mochten verlaten. Na een late lunch op een bankje aan de voet van de Onze-Lieve-Vrouw-van-Zeven-Smartenkerk in Panningen vertrokken naar een kerk die we gisteren alleen vanuit de ooghoeken hadden gezien. En inderdaad vandaag met andere ogen (en een fototoestel) gekeken naar de Sint-Lambertuskerk aan het Mariaplein in Helden. W maakte een foto waarop de kerk stond te schitteren in de zon. Zeer afwisselend weer vandaag zullen we maar zeggen. Een rijksmonument, al is de kerk die we vandaag mochten bewonderen niet helemaal de kerk die hier oorspronkelijk stond. Het gebouw heeft in de loop der eeuwen nogal wat meegemaakt. Helden had al in 1288 een eigen parochie. De huidige kerk kwam volgens de gemeentelijke dorpsgeschiedenis in 1455 tot stand in opdracht van de kartuizers uit Roermond. De kerk kreeg in 1572 te maken met de Tachtigjarige Oorlog. Staatse troepen van Willem van Oranje trokken door de streek en staken de Lambertuskerk in brand. Toen de rust in volgden herstelwerkzaamheden. Ook in de negentiende eeuw werd de kerk verschillende keren aangepast en gerestaureerd. Het meest dramatische hoofdstuk kwam echter in november 1944. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de kerktoren door de Duitsers met springstof opgeblazen. Daarbij werden ook de gewelven van het schip zwaar beschadigd. Na de oorlog werd de kerk in 1952-1953 herbouwd. Het enige wat echt oud is een klok die in de toren hang, deze werd in 1574 gegoten.

Op dat Mariaplein staat ook een koepeltje, eigenlijk moet je “kiosk“ zeggen. Dit gebouwtje werd in de loop der jaren een ontmoetings- en muziekplek voor het dorp. De gemeente beschrijft het Mariaplein met kiosk als een aantrekkelijke plaats voor het ‘Dörper’ verenigingsleven, onder meer voor schuttersgilde, fanfare en andere verenigingen. Heb ik niet van mezelf maar van Omroep Peel en Maas. De foto in deze alinea is ook van W en laat de onderkant van het dak van het koepeltje zien.

En toen, na 26 kilometer afwisselend fietswerk (bossen, akkers, dorpjes en zelfs nog een toefje heide), konden we de boodschappen uit de fietstassen halen en op de juiste plek opbergen. Op een klein buitje na drooggehouden (en tijdens die bui konden we schuilen onder een carport waar geen auto’s stonden). Eenmaal terug op het nest een flinke regenbui en dat terwijl W net onder de douche stond: ze had 50 cent uit kunnen sparen. Een mooie dag, maar ik heb het wel gehad met dat fietswerk: het gaat elke dag moeizamer. En morgen? Morgen is er weer een dag en bij de afbakbroodjes gaan we dan bekijken hoe onze reis verder gaat.