noordpolderzijl

noordpolderzijl

zaterdag 9 mei 2026

camperfietsen naar het zuiden - 7: etappe maastricht - aken

Kreeg deze week een paar keer een “vreemd“ weerbericht wanneer ik “Aken“ bij Buienradar intikte. Vreemd in die zin dat het een totaal ander weerbeeld liet zien dan bijvoorbeeld Maastricht en Sint Odiliënberg. Blijkt dat er nog een Aken in Duitsland te vinden is, namelijk Aken aan de Elbe, een stad in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt. Over dat Aken gaan we het vandaag niet hebben. Op de fiets een afstand van 586 kilometer en dat trap je niet in één dag weg. We gaan het gewoon over Aachen hebben, kan er ook geen misverstand ontstaan.

Wat de vespers zijn, vroeg T te L naar aanleiding van mijn vorige blog. Tja T te L, het heeft met de rooms-katholieke kerk te maken en nu moet ik even heel diep graven in mijn geheugen, ruim 60 jaar diep. Het is het avondgebed en ik ken het alleen nog van de zondag (zo’n 60 jaar geleden toen ik wat ruzie kreeg met het aardse personeel van God), de verspers (meervoud) hadden te maken met “rust en inkeer“. En nu ik er even dieper over nadenk komen woorden als metten, lauden en completen bij mij boven drijven. Net als de vespers zijn dat getijdegebeden, dat wil zeggen gebeden die in de loop van de dag (op een bepaalde tijd) opgezegd moeten worden. Volgens mij komen ze alle dagelijks alleen nog in kloosters voor. Nog één woord komt in dit verband bij me op: het magnificat, als je dat hoorde wist je dat de ellende niet lang meer duurde; om compleet te zijn: het was een lofzang aan Maria. Het moet er toentertijd wel “ingeramd“ zijn als het nu nog min op meer spontaan naar boven komt pruttelen.

zaterdag 9 mei: @ aachen

Vandaag naar Aken, voorlopig eindpunt van onze fietstocht naar het zuiden, maar daarover later meer. Aachen (ik prefereer die naam om misverstanden met Aken aan de Elbe te voorkomen - zie het verhaal over Buienradar hierboven) is een van de oudste en historisch rijkste steden van Duitsland. De stad ligt helemaal in het westen van het land, vlak bij zowel Nederland als België. Daardoor heeft Aken altijd een bijzondere grenspositie gehad: cultureel Duits, maar sterk beïnvloed door de Lage Landen en het Franstalige gebied. Tegenwoordig wonen er ongeveer 250.000 mensen en staat de stad bekend om haar geschiedenis, universiteit, technologie en thermale baden. Zullen we bij de geschiedenis beginnen? Die gaat terug tot de Romeinse tijd. De Romeinen ontdekten hier warme zwavelbronnen die uit de grond kwamen. Zij bouwden er badhuizen en noemden de plek naar een Keltische watergod. Het water was ongewoon warm en werd gezien als geneeskrachtig. De bronnen zijn nog steeds belangrijk voor de stad. Aachen werd echt beroemd in de vroege middeleeuwen door Karel de Grote. Rond het einde van de achtste eeuw koos hij Aken als zijn belangrijkste residentie. Dat was geen toeval. De ligging was strategisch: centraal binnen zijn rijk en dicht bij belangrijke handelsroutes. Bovendien kon hij gebruikmaken van de warme baden, die waarschijnlijk hielpen tegen lichamelijke klachten. Onder Karel groeide Aachen uit tot het politieke centrum van het Frankische Rijk, dat zich uitstrekte over grote delen van West-Europa. Kon nog zo'n mooie schoolplaat uit mijn jeugd vinden, deze is van Johan Herman Isings.  

Voor ik verder ga met een historische bespreking van de stad moet ik eerst even onze activiteiten noemen. De dag begon met het inmiddels traditionele opdraaien van de Truma voor een beetje meer warmte, maar vooral om warm water te genereren voor de afwas. Voor je het weet is het dan zo’n aangename 20 graden in het busje en kan de zon het overnemen. Om 09:00 uur al 97% zon en dat zou pas aan het eind van de middag minder worden. Terwijl wij met het ontbijt bezig waren begon op de camperplaats de grote uittocht. W was wat aan de late kant deze ochtend. Pas tegen tienen beklom ze haar stalen ros om een kort parcours af te leggen. De uitgestippelde route (“ik hoef geen Amstel Goldrace te rijden, dus maak er zoveel mogelijk een vlakke etappe van en vermijd de Limburgse heuvels“) was nog geen 40 kilometer, maar of het er meer of juist minder worden weet je bij W nooit van tevoren. De hoogtemeters vielen redelijk mee, kijk maar naar bijgevoegd hoogteprofiel van de tocht. Heb de Gulpenerberg voor haar kunnen vermijden. Fietsen via een bultenvermijdende route betekent veel doorlopende wegen, maar gelukkig wel met fietspad. 

Toen ik zelf (met het busje) over de N278 reed - je weet wel de weg van Maastricht via Cadier en keer, Margraten, Gulpen, Vaals naar Aachen - zag ik fietsers behoorlijk stoempen. Maar W had veel vonkjes bij zich dus die pruttelde ongetwijfeld met twee vingers in de neus naar boven. “Leuk plaatje“, sprak W, “ik had alleen een ander bloesje aan vandaag“. Tja, AI kan niet alles weten en waarschuwt tegenwoordig ook dat het fouten kan bevatten. Overigens was haar route inderdaad bultjesvermijdend, dus de echte bergtoppen die ik gehad heb zag zij in de verte liggen.

 

Ik mocht zo’n beetje de hele N278 afrijden: van Maastricht tot aan de grensovergang met Duitsland. De N278 wordt ook wel de “ruggengraat” van het Heuvelland genoemd. Aan de Duitse zijde gaat de route verder als de B1 richting Aachen. Historisch gezien volgt de N278 grotendeels een zeer oude oost-westverbinding. Volgens historische beschrijvingen ligt de weg deels op of nabij een oude Romeinse route tussen Maastricht en Aken. In de negentiende eeuw werd de verbinding uitgebouwd tot een verharde steenweg. W kon het niet nalaten het kombord van Partij te fotograferen. In een ver grijs verleden woonde mijn broertje (met zijn tweede ik) hier. Als trammetjesliefhebber ben ik een kleine 100 jaar te laat: van 1922 tot 1938 liep er een stoomtramlijn van Maastricht naar Vaals (via Gulpen en Wijlre). Hoogtepunt van de lijn was het Gulpdalviaduct van zeventien meter hoog. In Vaals kon je overstappen op het Duitse lijntje naar Aachen. Wel druk overal, een toeristisch gebied. Was met mijn camper zelfs niet welkom bij de Lidl in Vaals.

W draaide goed twaalf uur de Wohnmobilstellplatz Bad Aachen op. Prima camperplaats, maar net als in Maastricht wat aan de dure kant. Volgens W is alles betrekkelijk en wees naar de prijs die je op een stadcamping in Amsterdam betaalt. Als je dat in je achterhoofd houdt valt € 28 nog wel mee omdat het een all-in prijs is (inclusief stroom, douches en toeristenbelasting). Bijzonder: ook caravans zijn er welkom zijn en er is tevens een tentenveldje. Nieuw en schoon sanitair, aan alles is gedacht. Reserveren is niet mogelijk: vol is vol. Koffie en een beetje rusten en toen wat boodschappen bij de plaatselijk Lidl. Vervolgens ging W op de fiets naar het centrum en kwam met onderstaande foto’s terug.








Terug naar de geschiedenis van Aachen. Karel had niet het eeuwige leven en zijn bezit daarmee ook niet. Na zijn dood bleef zijn enorme rijk eerst nog bijeen onder zijn zoon Lodewijk de Vrome. Maar toen die ook ging hemelen ontstonden er conflicten over de macht. Uiteindelijk sloten de drie zoons van Lodewijk in 843 het Verdrag van Verdun waarbij het rijk in drieën werd verdeeld: West-Francië, Oost-Francië en Midden-Francië. Gemakshalve: Frankrijk, Duitsland en een steeds versnipperende zône waaruit (later) Lotharingen, delen van Nederland, België, Luxemburg, Zwitserland, Noord-Italië en natuurlijk de grensgebieden tussen Frankrijk en Duitsland ontstonden. Historici zien het Verdrag van Verdun vaak als een van de belangrijkste momenten in het ontstaan van het moderne Europa. De latere staten Frankrijk en Duitsland hebben daar namelijk hun wortels.

Het bekendste monument van de stad en blikvanger is de Dom van Aachen. Zet W er wel weer even voor, hebben we twee blikvangers (foto overigens gisteren al gemaakt en toen waren we nog in Maastricht, dus goed fake). Karel de Grote is ooit op deze plek met een kapel begonnen (rond 800) en is er later begraven, waardoor de kerk een van de belangrijkste bedevaartsoorden van Europa werd. De Dom van Aachen was ook eeuwenlang politiek belangrijk. Van 936 tot 1531 werden hier tientallen Duitse koningen gekroond als koning van het Heilige Roomse Rijk. Daardoor kreeg Aachen een enorme symbolische status. Pelgrims, edelen, handelaars en geestelijken kwamen uit heel Europa naar de stad.

 

In de middeleeuwen ontwikkelde Aachen zich verder als vrije rijksstad binnen het Heilige Roomse Rijk. De stad profiteerde van handel en ambachten. Vooral textielproductie speelde een belangrijke rol. Door de ligging nabij de Nederlanden stond Aachen sterk in contact met steden als Maastricht, Luik en Keulen. Je merkt dat vandaag nog steeds aan het dialect en de cultuur. Tijdens de industriële revolutie veranderde Aken opnieuw. Door de aanwezigheid van steenkool in de regio en de verbindingen met België en Nederland groeide de industrie snel. Er kwamen textielfabrieken, machinebouw en chemische bedrijven. De stad werd bovendien een belangrijk spoorwegknooppunt. In de negentiende eeuw verschenen brede boulevards en nieuwe woonwijken buiten de oude stadsmuren. De twintigste eeuw bracht zware tijden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Aken zwaar beschadigd door bombardementen. Omdat de stad dicht bij de grens lag, werd zij in 1944 de eerste grote Duitse stad die door de geallieerden werd ingenomen. De Slag om Aken was hevig en liet grote delen van de stad in puin achter. Na de oorlog werd veel herbouwd. Daarbij probeerde men historische gebouwen te restaureren, al kreeg de stad ook moderne architectuur.

V: 223.711; A: 223.750. Rijtemperatuur oplopend van 16 naar 18 graden. Later op de camperplaats zagen we het 19 graden worden. Wind noordoost 2 en volop zon. De afstand van W was 38,8 kilometer met 340 meter klimmen en 210 meter dalen. Ze heeft er ruim twee uur over gedaan. Zon op/onder: 05:56/21:08 (gegevens Aachen). Een mooie dag! En morgen? Morgen is er weer een dag. Waarschijnlijk fietst W terug naar Sint Odiliënberg (binnendoor), het blijft nog een dag mooi in deze regio. Daarna zien we wel verder: het schijnt dat de wereld maandag weertechnisch instort. Het schijnt dat het op de oorspronkelijk beoogde fietsroute (de Vennbahn) komende week zelfs gaat sneeuwen.

vrijdag 8 mei 2026

camperfietsen naar het zuiden - 6: etappe sint odiliënberg - maastricht

“Wat zoekt een mens in Sint Odiliënberg?“ vroeg R te K zich af. Tja, R te K: we zochten een etappeplaats en zo halverwege Straelen - Maastricht kom je dan in de buurt van het dorp met de Basiliek van de H.H. Wiro, Plechelmus en Otgerus, die hoog boven de omgeving uitsteekt. Deze kerk vormt al eeuwenlang het hart van het dorp en trekt bezoekers uit heel Nederland en daarbuiten. Nee: W en ik hebben nog nooit een kijkje binnen genomen. Geloof dat we de vorige keer wel een poging hebben ondernomen maar toen stuitten op beperkte openingstijden. Even nagezocht en inderdaad: volgens “het boekje“ is de basiliek gedurende de maanden mei tot en met september geopend op zondagmiddag van 13.30 tot 17.00 uur, tevens op woensdag- en zaterdagmiddag van 13.30 tot 15.00 uur. Op zondag bestaat om 17.00 uur de mogelijkheid om de gezongen (Latijnse) Vespers bij te wonen. Wil je op andere tijden de kerk bezichtingen of een rondleiding, dan moet je naar de kosteres bellen. Verkeerde tijden en/of teveel moeite, dat was het geloof ik de vorige keer. Daarbij komt dat de basiliek St. Odiliënberg niet zo oud is als ze lijkt. De oorsprong gaat dan wel terug tot de 11e eeuw (vandaar de Romaanse stijl), maar hoewel de basis oud is, is de kerk ingrijpend herbouwd tussen 1880-1883 (Pierre Cuypers) en na oorlogsschade in 1945-1951. De officiële status van basiliek werd pas in 1957 toegekend. En rondom de kerk is Sint Odiliënberg gebouwd, een klein maar bijzonder dorp in Midden-Limburg, gelegen aan de rivier de Roer.

vrijdag 8 mei: @ maastricht

De vraag is of onze route naar het zuiden in Aachen voorlopig stopt: de verschillende weersites storten zeer onprettige (lees: natte en koude) informatie over ons heen. De komende twee etappes lijkt er nog niet veel aan de hand en mocht het weer inderdaad veranderen in geen-fietsweer dan heeft ons busje “vier wielen, een motor en een stuur“. De minimumeis van W is: 15 graden of hoger en droog, anders stapt ze niet op de fiets en geef haar eens ongelijk. En als het weer in de omgeving nergens aan die voorwaarden kan voldoen hebben we altijd de Kötteldiek nog. Maar zover zijn we nog niet: vandaag een Maasetappe. Na een rustige nacht op camperplaats Roerdalen gingen vier oogjes open rond een uur of acht. Kachel aan (want 12 graden binnen en er moet ook nog afwaswater komen) en koffiewater op het gasfornuis. Gisteren vers brood gekocht, dus de ergste “versigheid“ was er vanmorgen wel van af. Zeiden we vroeger bij de scouting al: brood van een dag vult beter (oftewel: daar aten de jongens minder van). De hopman van dienst kwam in die tijd graag met de term “retrogradatie“ op de proppen. Wanneer brood ouder wordt verandert een deel van het zetmeel in resistent zetmeel (het vormt kristallen die moeilijker verteerbaar zijn). Doordat ons lichaam moeilte heeft met het verteren wordt de energie langzamer opgenomen en blijft de bloedsuikerspiegel stabieler. Dit kan zorgen voor een langer verzadigd gevoel. Bijkomend verschijnsel: oud brood is vaak taaier en droger doordat er vocht uit is verdampt. Je moet hierdoor meer kauwen wat je hersenen meer tijd geeft om het verzadigingssignaal te registreren. Tenslotte is vers brood zachter en luchtiger, waardoor je er ongemerkt makkelijker meer van eet voordat je vol zit. Doe je nog steeds mee?

Met deze kennis gewapend en gevuld met twee sneetjes Waldkorn donker volkoren van de Plus (met Nutriscore A, maar dat is weer een heel ander verhaal) kon W de Maasetappe aan (flesje water, wat mueslirepen en een paar bananen in de fietstas). Ik had een principeroute voor haar gemaakt, maar we hadden afgesproken dat ze eventueel de bordjes van de LF-route zou kunnen volgen, waarbij LF staat voor “lange afstand fiets“. Vanwege de misschien onbekende route was het moeilijk om een gezamenlijk lunchplekje te vinden, dus dat hebben we maar geskipt. Later op de dag, toen W al hoog en breed op camperplaats Papillon (vlak bij Smeermaas; aan de overkant van de Maas ligt Borgharen) gearriveerd was, vertelde ze over het feit dat er veel gewerkt werd aan de Maas. Ze baggeren nog steeds naar grind. Volgens een routebeschrijving op internet: Op dit stuk van de route werken mens en rivier innig samen aan een nieuw rivierlandschap. In dit Limburgse landschap is de Maas al eeuwenlang de architect. Het is de Maasvallei, waar stroomgeulen ontstaan doordat de rivier grind afzet en weer meeneemt. Je fietst in een gebied in ontwikkeling. Van oudsher probeerde de mens de rivier te temmen met dijken en stuwen, maar uiteindelijk bleek dat averechts te werken. Bij extreem hoogwater kan het water alleen nog maar het land in stromen. Dat gebeurde voor het laatst in 1993, met overstromingen op grote schaal. Met het project Grensmaas geeft men de rivier weer de ruimte.“




Kreeg van W een paar leuke foto’s (zie hierboven). Toen ik naar de achtergrond van één van die foto’s (die met de tank erop - zie hiernaast) vroeg, kreeg ik als antwoord
“Ik heb jou toch voor het achterliggende verhaal?“. Waarvan akte. W heeft het Tankmonument in Kotem op de gevoelige plaat gezet. Kotem is een gehucht dat hoort bij de Belgische gemeente Maasmechelen. Hier komen de gevraagde details W: “Het monument is een Amerikaans amfibievoertuig van het type LVT-4 Buffalo Mark IV (ook wel "Water Buffalo" of "Alligator" genoemd) uit de Tweede Wereldoorlog. Het voertuig was bedoeld voor landingen en rivieroversteken. Het monument herinnert aan een tragisch ongeval tijdens de oorlog. Op 5 maart 1945 zonk dit voertuig in de Maas tijdens een Britse legeroefening ter voorbereiding op de oversteek van de Rijn. Bij dit incident kwamen minstens twee Britse soldaten om het leven. De tank bleef decennia op de bodem van de rivier liggen, totdat hij in 1977 werd geborgen door een Belgisch duikteam.“

Terwijl W zich door het Maasdal ploeterde had ik een inspannende tochtje. Had namelijk gekozen voor “snelwegen vermijden“. De route ging voor een deel door het Belgische land, namelijk van Maaseik tot aan Smeermaas. Kon nog geen brugbouwactiviteiten vinden in de buurt van Maaseik, schreef in een blog van een jaar geleden dat er een nieuwe brug naast de oude zou worden geplaatst. Beetje saai ritje door het Belgische land met één uitzondering. Kwam een bord tegen met de tekst "uit de hand te koop". Dacht eerst dat het ging om een stalletje waar ze asperges, aardbeien en dat soort spul verkochten, maar het gaat om een soort onderhandse verkoop van een woning of ander vastgoed. Heb het natuurlijk opgezocht en kwam tot de ontdekking dat het gaat om een rechtstreekse onderhandeling: de koper en verkoper (al dan niet met hulp van een makelaar of notaris) bereiken onderling een akkoord over de prijs en voorwaarden. De eigenaar stelt vooraf een vraagprijs vast en zoekt een koper via advertenties of persoonlijke contacten. Je moet dit zien als alternatief (en het tegenovergestelde) van een openbare verkoop zoals via een veiling waarbij de hoogste bieder het pand krijgt.

Net voor twaalf uur draaide ik de camperplaats Papillon op. Toegang met AanUitnet: aanmelden en je krijgt een slagboomcode. Ook de stroom gaat via dezelfde app. Afrekenen gebeurt aan het einde van de maand: bedrag wordt automatisch van je rekening afgeschreven. Best wel een gemakkelijk systeem. Kon zien dat W tegen half één op Belgisch grondgebied op het jaagpad van de Zuid-Willemsvaart aan het fietsen was. Een kwartiertje later was zij ook gearriveerd: 53,2 kilometer in net geen drie uur; 160 meter klimmen en 130 meter dalen. Koffie en even bijkomen.

Daarna met z’n tweetjes op de fiets naar Maastricht. Iets meer dan drie kilometer (enkel) van de camperplaats naar de Vrijthof, waar kermis gehouden werd. W wilde zich graag vereeuwigd hebben voor de Sint Servaas, maar dat was van de Vrijhofkant niet mogelijk, immers: je wilt geen botsauto’s of suikerspinkramen op de foto hebben. Oplossing is heel simpel: maak een foto van W op de camperplaats en geef ChatGPT de prompt kun je deze dame voor de Sint Servaaskerk in Maastricht plaatsen?“. Een biertje op een terrasje zat er vandaag niet in: nadat we vijftien minuten dorstig op een stoeltje gezeten hadden en tien keer hadden gehoord “ik kom zo bij u“ hebben we maar afgezien van een La Trappe Blonde en een “huisbiertje“ op ons eigen terras genuttigd. Jammer, maar we hebben deze week al genoeg gewacht en er zijn grenzen.

V: 223.661; A: 223.711. Rijtemperatuur ongeveer 15 graden. Wind oost 2. Later op de camperplaats werd het nog 17 graden. De zon liet zich af en toe zien. Zon op/onder: 05:59/21:08. Een mooie dag. En morgen? Morgen is er weer een dag: de etappe Maastricht - Aachen staat al klaar in de routeapp. En om even te bewijzen dat het bij die foto van W inderdaad om AI-werk gaat hiernaast even het plaatje dat ik gebruikt heb. 

donderdag 7 mei 2026

camperfietsen naar het zuiden - 5: etappe straelen - sint odiliënberg

Of we inderdaad hebben moeten wachten van kwart voor negen tot kwart voor drie? Vraag werd door een aantal gesteld in min of meer soortgelijke bewoordingen. Antwoord: volmondig “ja“. We hadden ons er bij voorbaat bij neergelegd. En hadden we niet bij de camperdokter moeten wachten, dan had onze dag er niet gek veel anders uitgezien, immers regen in de fietsregio. Deel van de tijd doorgebracht in onze bus en een groot deel in de wachtruimte van de garage. Had ik al verteld dat de koffie lekker was? Heb drie relevante tegeltjes gevonden, eentje (door W uitgekozen) heb ik in het vorige blog al gebruikt. De andere twee volgen hier: tegeltjes weggooien is toch ook zonde? En natuurlijk “het plaatje van de dag“.



donderdag 7 mei: @ sint odiliënberg

Bij het wakker worden (08:15 uur) zag de wereld er weer vriendelijk uit. Heel ander weer dan de afgelopen twee dagen: een voorzichtig zonnetje deed zijn best om de bus een tikkeltje op te warmen, maar werd daarbij geholpen door de Truma die het digitale kwik binnen in no time opkrikte van 12 naar zo’n 20 graden. Zelfs mijn humeur werd er beter van. Volgens W was ik een stuk minder pruttelig dan op de camperreparatiedag. Noem dat altijd “een kwestie van perceptie“.

Al weer een paar dagen niet op Fijnedagvan.nl gekeken, je weet wel die site die vertelt wat er voor speciaals aan de hand is. We boffen: vandaag maar liefst vier bijzondere “dagen“ in de aanbieding. Allereerst de Dag van de Projectontwikkeling. Bestuurders en vastgoedprofessionals “[...die project- en gebiedsontwikkeling tot een duurzaam succes willen maken..]“ komen voor de zevende keer bij elkaar, deze keer in Den Bosch op een “[...congres met workshops, lezingen, en borrels..]“ De tweede dag die we “vieren“ is minder vrolijk van aard: de Dag van de Aidsweeskinderen. Ieder jaar worden tienduizenden kinderen wees door aids. Ze verliezen hun ouders aan de vreselijke ziekte en staan er dan alleen voor. Op 7 mei is het hun "dag“ (foto afkomstig van goedemorgencafe.nl). De Wereldatletiekdag laat vandaag weten dat er bij mij de nodige kilootjes af mogen en tenslotte hebben we nog de Dag van de Bedrijventerreinen. Wist niet wat ik me daarbij moest voorstellen, dus maar even opgezocht. In feite is ook deze dag "een congresdag voor iedereen die bezig is met dit onderwerp. Die draait vooral om geld verdienen zoals het de oerhollandse handelsgeest betaamt. Onderwerpen zijn onder andere: 'Stakeholders meekrijgen bij het creëren van waarde op een bedrijventerrein' en 'Kwaliteit werklocaties verbeteren door het aanjagen van private investeringen'. Vooral voor de professional dus.“

We pakken de draad van maandag weer op: verder met de camperfietstocht. Vandaag de etappe van Straelen naar Sint-Odiliënberg. W vertrok om goed half tien, ik wat later. De Truma had niet alleen de binnenkant van de camper verwarmd, maar ook het nodige water in boiler meer dan handwarm gemaakt. Kon dus niets anders doen dan van de gelegenheid gebruik maken en af te wassen. Halverwege de klus een museumtelefoontje. Water was na een half uur nog maar pislauw, maar ik kon de klus afmaken.

W had een heel mooi tochtje. Al na een paar kilometer kwam ze langs de Krickenbecker Seen al waren die alleen in de verte te zien. Open landschap met veel vogels en mooie rechte fietspaden. Al snel veranderde het landschap: het werd een stuk “bossiger“, vooral in het Kaldenkirchener Grenzwald: schaduwrijke lanen en stille bossen, afgewisseld met open stukken heide en zandgronden. Beetje een “alleen op de wereld“-gevoel af en toe. Nog iets meer naar het zuiden kwam ze in het gebied van rivier de Schwalm, die het natuurpark Schwalm-Nette zijn naam geeft: natte graslanden, kleine beekjes en moeras, maar vooral veel smalle fietspaden met modder. Brüggen is dan weer een stuk toerischer met veel terrasjes. W en ik hadden afgesproken om bij het Hallenbad in die plaats elkaar even diep in de ogen te kijken maar ik zag op de kaart enkel een blauwe W die met een bloedgang aan het Hallenbad voorbij ging. Jammer, maar er zijn ergere dingen. Bekend terrein, we hebben hier vorig jaar een fietsvierdaagse gehad die voor een deel door het natuurpark Schwalm-Nette ging. Dit park, opgericht in 1965, ligt in het uiterste westen van Noordrijn-Westfalen, aan de Nederlandse grens en beslaat 435 vierkante kilometer. Sinds 1976 maakt het deel uit van het Duits-Nederlandse natuurpark Maas-Schwalm-Nette. Één brok natuurgeweld, ik volsta met wat foto’s die W tijdens het fietsen gemaakt heeft. En ja: er zit ook wat cultuur tussen.







Had me inmiddels geïnstalleerd en aangemeld bij camperplaats Roerdalen in Sint Odiliënberg. Inderdaad vorig jaar ook gestaan (begin te lezen vanaf https://berrynales.blogspot.com/2025/08/bestemming-onbekend-4-is-er-nog-plaats.html). Misschien val ik wel in herhaling, maar dat moet dan maar. Het is een mooie rustige ruime camperplaats. Eenvoudig aanmelden en uitschrijven via een computersysteem dat steeds meer camperplaatsen in gebruik nemen. Geloof 15 Euro, exclusief douche en stroom, definitieve prijs zien we wel bij vertrek. Denk niet dat het de laatste keer is dat we hier komen, de rust bevalt ons wel. Schijnt anders te kunnen gezien de recensie van iemand die dit jaar met Pasen op een afgeladen terrein stond (ook de “overloopweide“ wordt dan volgepropt). Schrijfster vondt het onrustig met best veel rumoerige Duitsers die in een partytent bier zaten te drinken. Tja, Duitsers drinken nu eenmaal (veel) bier op feestdagen.

W was er ook snel, slechts een paar keer “van het padje geweest“ en ze begint Komoot steeds beter te leren kennen (en te waarderen). Zij had 57,8 kilometer op haar teller staan, ik twee meer (vertrekstand bus 223.601; aankomst; 223.661). Rijtemperatuur oplopend van 12 naar 15 graden. Later op de middag in de kiepstoel 16 graden. Toen W voorzien was van een soepje mocht in bij de Plus boodschappen doen. Moet ik niet weer doen: erger me verschrikkelijk aan de prijzen die ze vragen. Neem nu twee keukenrollen voor € 3,29. Volgende keer toch maar weer naar onze huissuper. Een rustige middag: W had de ogen ook nog een tijdje dicht. Wortelstamp op het menu (de aardappelen en de uien moeten op) en daarna in de avondstand. De laatste cijfers betreffen de zon: op/onder om 05:58/21:07 (gegevens Sint Odiliënberg).

woensdag 6 mei 2026

camperfietsen naar het zuiden - 4: bij de camperdokter in de wachtkamer

Had weer zo’n taalpurist aan de lijn die zich afvroeg: verheug je je op iets of over iets? Dit naar aanleiding van een zinnetje in mijn vorige blog. Antwoord: zowel "verheugen op" als "verheugen over" is correct, maar ze hebben een verschillende betekenis. Je verheugt je bijvoorbeeld OVER de cartoon van gisteren, maar je verheugt je OP het plaatje dat je zo te zien krijgt. Iets met kwestie van tijd. En over die cartoon gesproken, dat is weer een hele leuke geworden. Noteerde gisteren de opmerking van W over de camperplaats: “ik voel me net een koe in de wei“. Koppel je dat aan een foto van W en het weer van gisteren (en vandaag) dan krijg je bijgaand plaatje.

woensdag 6 mei: @ straelen

De reden dat we “even“ van onze route zijn afgeweken zal inmiddels wel duidelijk zijn: twee dagen met baggerweer op de fietsroute en een defect 12-voltsysteem in het woongedeelte van de camper. Met het laatste hadden we eventueel kunnen leven (we hebben een 220 volt-lamp bij ons en die spanning werkt nog 100 procent), maar in combinatie met de overvloedige regen was een uitstapje volkomen gerechtvaardigd. Vandaag staat de “camperdokter“ op het programma, de camperpitstopservice van Liba Campers in Liempde. Motto: Zonder afspraak, snel geholpen en klaar voor vertrek!“ In een grijs verleden hebben we er al eens gebruik van gemaakt. We hadden een NKC-weekend waarbij we geheel zelfvoorzienend moesten zijn en onze koelkast niet op gas werkte. De jongens van Liba Campers hebben toen een onderdeel uit een andere bus gehaald om bij ons de koelkast werkend te krijgen. Grote voordeel: geen bedorven speklappen en wel koud bier bij de scheepslift in Thieu (België) tijdens Hemelvaart 2016 (verslag van de reparatie https://berrynales.blogspot.com/2016/05/problemen-met-de-koelkast.html). 

We gaan het vandaag weer proberen. Niet omdat het moet, maar gewoon omdat het kan. En om eerlijk te zijn: het oplossen van dit probleem maakt het camperleven wel een stuk draaglijker. Nog even werden onze plannen op losse schroeven gezet: midden in de nacht sprak W de gedenkwaardige woorden “Weet je dat de stroom het weer doet?“ en wat wat bleek? Ik had voldoende lumen om de inhoud van de koelkast te kunnen inspecteren. Zelfs ’s morgens na het wakker worden krikte de gaskachel de temperatuur binnen no time op van 11 naar 18 graden: de ventilator die de warme lucht door de camper moet jagen deed het weer. Toch maar naar Liempde: kan een tijdelijke opleving van alle systemen zijn (wijze technische woorden van W). W vond ook dat ik behoorlijk aan het pruttelen was. Kon ook niet anders: had de halve nacht wakker gelegen, nadenkend over weigerachtige 12-voltsystemen en dan laat je je ’s ochtends niet van je allerbeste kant zien. 

Niet ver naar Liempde (of Liemt zoals de inboorlingen hier het gat noemen). Het was vroeger zelfstandig maar werd in 1996 opgeslokt door de gemeente Boxtel. Pikant detail: de inwoners wilden zich graag aansluiten bij Sint-Oedenrode, maar dat feest ging niet door. Kleine 5.000 inwoners die wonen in een schilderachtige omgeving: het dal van de Dommel. Liba Campers ligt net buiten het dorp. Met een klein kwartier waren we er: parkeren en aanmelden. Dat is in het zomerseizoen mogelijk op bijna elke woensdag van 09.00 tot 12.00 uur. Direct geholpen staat er op de website, over wachten wordt niet echt gesproken, alleen “reparaties op volgorde van binnenkomst – geen afspraken mogelijk“ en “kleine reparaties en spoedgevallen worden dezelfde dag verholpen of krijgen een tijdelijke noodoplossing (indien mogelijk)“ en wat betekende dat voor ons? Aanmelden om 08:45 en daarna kon het grote wachten beginnen: “u hebt vier wachtenden vóór u“, waren de bemoedigende woorden van de receptioniste, maar haar tongval deed me bijna smelten. Maar ja: ben nu eenmaal geen zekering. Alleen het verhaal van dat “direct verholpen“ klopte niet helemaal.

Tja, tijd genoeg om op digitaal onderzoek uit te gaan, een beetje internetten verzacht de pijn van het wachten. En als je dan in Liempde (foto: Brabants Centrum) bent, zoek je natuurlijk naar Liempde, dat overigens niet altijd zo heeft geheten: het werd in de oudste documenten geschreven als Lijmt, Lijmde of Limde. Volgens sommige geleerden is het waarschijnlijk ontstaan uit het Germaanse lim, wat leem of kalk betekent. Weer anderen menen dat het van het eveneens Germaanse lima komt dat tegenwoordig vertaald wordt met boomtak. Ze vechten het maar uit die twee groepen. Toen Liempde in 1648 onderdeel werd van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden hoorde het tot Staats-Brabant, eigenlijk niks meer dan een militaire buffer voor het gewest Holland en eigenlijk bekommerde zich niemand om de Meierij van 's-Hertogenbosch en al haar toebehoren. Kwam nog bij dat Brabant rooms-katholiek was met een protestantse Staatse overheid: godsdienstvrijheid was er niet. Pas in 1795, toen de Fransen binnenvielen, kreeg Liempde zijn vrijheden terug en werd het een volwaardig onderdeel van het koninkrijk der Nederlanden. En tegenwoordig? Nu is het gewoon onderdeel van de gemeente Boxtel en kun je er camperbusjes laten repareren.

Terwijl ik het internet onveilig aan het maken was moest W even haar benen strekken. Laat nu Liempde nog steeds voorzien zijn van een supermarkt. Op 1,3 kilometer loopafstand van Liba Campers zit Boon’s Markt. Het is een voormalige Coop-winkel. Toen Plus/Coop in 2024 deze vestiging wilde afstoten is Boon Food Group in het gat gesprongen. Fijn voor alle inwoners van Liempde dat er in hun dorp een supermarkt bleef bestaan. Volgens W klopt het helemaal wat eigenaar Ron Tholen in het Brabants Dagblad zegt: “We hebben in Liempde een eigentijdse supermarkt neergezet waarin we ons echt willen onderscheiden met onze versafdelingen, een groot assortiment kruidenierswaren en een aantrekkelijk prijspeil en bovendien wekelijkse aanbiedingen. Wij willen niet alleen een supermarkt zijn maar ook een plek waar mensen elkaar ontmoeten en een praatje maken”. Dankzij Boon’s Markt (en een wandelende W) hebben we vanavond weer wat te eten op ons bordje en het biertje dat ze voor me meebracht is van het merk "Schutters".

En terwijl W aan het wandelen en winkelen was, ik de geschiedenis van Liempde drie keer had gelezen en uit pure verveling eens ging kijken of er nog meer belangrijk nieuws in de wereld was, kwam ik tot de ontdekking dat regelmatig een ei eten geen aanslag op je gezondheid is: “Een groot ei bevat ongeveer 185 milligram cholesterol. Dit heeft lange tijd voor de vraag gezorgd of eieren wel goed zijn voor je hart. Het antwoord is genuanceerder dan je misschien denkt. Voor de meeste mensen geldt dat het eten van eieren met mate, als onderdeel van een hart-gezond dieet, het bloedcholesterol niet merkbaar verhoogt. Je lever compenseert namelijk de inname van cholesterol uit voeding door er zelf minder van aan te maken. Sterker nog, het is vooral de hoeveelheid verzadigd vet in je dieet die je 'slechte' LDL-cholesterol beïnvloedt, en eieren bevatten relatief weinig verzadigd vet. Sommige studies tonen zelfs aan dat eieren het 'goede' HDL-cholesterol kunnen verhogen, wat juist gunstig is voor je hart en vaten“ (bron: msn.com). Jammer dat W al weg was, anders had ze mooi een extra doosje eieren mee kunnen nemen. Vervelen? Hoe kom je erbij?

Tegen kwart voor twaalf mocht Puzzel eindelijk op de operatietafel en natuurlijk had de monteur vervolgens een lunchpauze. Wel een deskundig menneke, tenminste zo kwam hij over, al zei W op een bepaald moment “volgens mij kan hij het ook niet vinden“. Het zag er in ieder geval wel professioneel uit, zo’n “blote“ camper. En ja: dat wat er gebeurde met onze Puzzeltje kon theoretisch en technisch niet gebeuren. Een tijdje een blote camper met nog blotere accu’s, veel uitleg, de nodige zaken preventief vervangen, nog wat meer uitleg over EBL, noodstroomvoorzieningen (geloof ik - had mijn gehoorapparaten niet in), waterpompen en moeten beloven voortaan water niet alleen af te tappen via de boiler voor de stalling maar via een zwart kraantje dat linksom gedraaid moest worden (had niks met de storing te maken). Dan nog iets met vervanging van een gecorrodeerde zekering. Ons uitstapje naar de camperdokter werd afgesloten met een leuke rekening en uiteindelijk konden we om 14:45 uur weer vertrekken. Alle problemen de wereld uit? We weten het niet. De koffie was in ieder geval lekker. De vraag is alleen of we dit uitstapje ooit hadden moeten maken. Maar ja: we hebben vanmorgen gezamenlijk daartoe besloten. En het positieve van dit avontuur: je leert wachten. En we hebben weer stromend water in de bus, straks zelfs warm water voor de afwas.



Toeristisch terug naar ons vertrekpunt van dinsdagmorgen en wel via Sint Oedenrode, Lieshout, Beek en Donk (allemaal A67-vermijdend gedrag) en via Venray en Arcen terug naar Auwel bij Straelen (aankomst 16:15 uur) om morgen de tocht naar het zuiden weer op te pakken. CP is niet zo mooi als de camperplaats in Boxtel maar bijna de helft goedkoper. Alleen W stond weer als een koe in de wei, maar nu niet in de regen maar in een voorzichtig avondzonnetje. Het plaatje wordt er meteen een stuk vriendelijker op. Best wel een koude dag, temperaturen stuiterend tussen de 9 en de 12 graden. Opvallend: in Liempde is het drooggebleven vandaag, in Venray begon de regen. En eenmaal aangekomen in Auwel moest W nog even naar het dorp om "een beetje aan de kilometers te komen". Ze kwam terug met een foto van de kerk en van de heilige ben-even-zijn-naam-kwijt.