noordpolderzijl

noordpolderzijl

woensdag 9 september 2026

nog even weg voor de slachting - 12: af en toe een buitje in helden

Soms hebben W en ik best serieuze gesprekken. Neem als voorbeeld gisteravond. Je weet dat we bij een aspergeteler staan en ik had even opgezocht dat de familie net iets minder dan 5 hectare aspergevelden heeft. Vraag van W: “kan een boer leven van alleen aspergeteelt?“ Boer Peeters zit qua hectares op het randje, al is het wel zo dat naast oppervlakte andere factoren een rol spelen, namelijk de opbrengst per hectare, verkoopprijs. de hoeveel werk hij zelf doet en de bewerkingen die de asperges op het bedrijf ondergaan. Vooral de verkoopprijs is doorslaggevend en die is afhankelijk van de verkoopmethode. Een aspergeteler die een groot deel via de veiling/groothandel afzet, krijgt een heel andere prijs dan iemand die rechtstreeks aan consumenten, restaurants of via een eigen winkel verkoopt. Bij asperges is dat verschil interessant genoeg om het bedrijfsmodel behoorlijk te beïnvloeden. Een boerderijwinkel, verkoop langs de weg en horeca-afzet kunnen het rendement per hectare sterk verhogen. Familie Peeters heeft bewust voor deze laatste strategie gekozen: het gaat niet om zoveel mogelijk hectares, maar juist om een groot deel van de opbrengst rechtstreeks aan particulieren verkopen. Daarbij komt dat ze hun asperges zelf wassen, sorteren, schillen en verpakken. Daarnaast verwerken ze asperges tot bijvoorbeeld aspergesoep (en met € 4,50 voor een niet al te groot bakje behoorlijk aan de prijs). Samenvattend: met 4,5–5 hectare kunnen Johan en Esther dus kennelijk wel degelijk een bedrijf runnen, maar het verdienmodel is duidelijk anders dan bij een grote teler die zijn asperges vrijwel allemaal via de veiling afzet. Nu we het toch over asperges hebben: W gaf bijgaande foto de titel “koeien die verstoppertje spelen“, ik meende toch echt dat het aspergefolie was.

Heb ChatGPT een uitgebreide berekening laten maken van de financiële kant van onze aspergeboer. Zal je de exacte cijfers besparen (veelal ook aannames), maar de eindconclusie is zeer duidelijk: omdat Peeters een bedrijf heeft opgebouwd dat niet alleen bezig is met het telen en steken van asperjes, is zijn toko economisch levensvatbaar.

woensdag 9 september: @ helden

Een dag met weer eens wat lagere temperaturen. Net geen 20 of zo hier in Helden. Een ideale dag om de buurt op de fiets te verkennen. Alleen niet in de vroege ochtend, want pas om 12:00 werd het een graad of 17 en met een westenwind kracht 3 voelde het frisser aan. Gisteren nog in de korte broek en de sandalen, vandaag beentjes bedekken, sokken aan en doe ook maar een truitje. En zo’n ochtend is ook snel voorbij en alle tijd voor het maken van een route door onder meer de Heldense Bossen, gisteren al twee keer geschampt en vandaag een beetje beter verkennen. Het bosgebied is ongeveer 1100 hectare groot en ligt tussen Helden, Kessel, Maasbree en Baarlo. Komoot beloofde ons met een aantal plaatjes dat met de vele stuifzandheuvels de Heldense Bossen een bijzonder stukje natuur zijn. Die stuifzandduinen zijn in de loop van de ijstijden en later door wind ontstaan. In de middeleeuwen was het gebied vooral een open landschap van heide, zand en vennen. Schapen graasden er en de heide werd geplagd voor gebruik in de potstal. Het huidige bos kreeg vooral vorm in de eerste helft van de twintigste eeuw. In de jaren twintig en dertig werden op grote schaal grove dennen aangeplant. Dat gebeurde niet in de eerste plaats voor natuur of recreatie, maar voor de houtproductie. Het dennenhout was namelijk zeer geschikt als mijnhout in de Limburgse en Belgische kolenmijnen. De dennen werden gebruikt om mijngangen te stutten. Het gebied was daarmee onderdeel van de economische ontwikkeling die door de mijnbouw in Zuid-Limburg werd veroorzaakt. Daardoor bestaat het bos nog steeds voor een belangrijk deel uit naaldbomen, hoewel het landschap geleidelijk verandert. Oude productiebossen worden op sommige plaatsen omgevormd tot meer natuurlijke bossen, met meer variatie in boomsoorten en structuur. Het bos is bovendien groter dan je op het eerste gezicht zou denken. De Heldense Bossen maken deel uit van een veel groter aaneengesloten landschap met onder meer de Kesselse Bergen, het Kesseleikerbroek en De Meeren. Samen vormen deze gebieden een opvallend groen gebied in de driehoek Helden–Baarlo–Kessel.

Op een bepaald ogenblik zei W: “dit komt me bekend voor“. En dat kan, we waren al eerder (2024) bij het “Silhouet van de Heilige Familiekapel“. Op deze plek stond vanaf 1900 een kapelletje dat tijdens de Tweede Wereldoorlog werd verwoest. Men heeft hier nu een open metalen constructie neergezet en moet de herinnering levend houden aan alle gebouwen die tijdens de Tweede Wereldoorlog in Baarlo zijn verwoest.

“Waarom staat hier nu een bordje Boekelderbos?“ was een paar kilometer verder de vraag van W, die zich voor de verandering eens bezig hield met details van de route. Meestal fietst ze mee en geniet. Vandaag maakte ze zich zorgen of het Boekenderbos onderdeel uitmaakte van de Heldense Bossen. Heel fijn zo'n vraag W, levert me weer een paar regels verhaal op. Heb het opgezocht en Staatsbosbeheer gebruikt een zeer interessante formulering: het Boekenderbos ligt in het gebied dat bekendstaat als “de Heldense bossen” en/of “In den berg”. Dus het antwoord op de vraag van W is dat het Boekenderbos en De Heldense Bossen geografisch aangrenzend zijn, maar officieel/naamkundig onderscheiden. Waar je je al niet druk over kunt maken op je oude dag.

Bospaden, fietspaden en af en toe autoluwe wegen vormden onze route tot we terecht kwamen op “Weg 208“, een gravelweg. Een betere omschrijving zou zijn “een strak en goed begaanbaar onverhard pad dat dwars door de natuur loopt en geschikt is voor vrijwel elk type fiets“

Toen we Panningen indraaiden hadden we aan de Beekstraat weer een déjà-vu: de Sint-Odiliakapel, een klein maar interessant stukje religieus erfgoed, zo’n klein verhaal onderweg: een eenvoudig gebouwtje, maar inmiddels ruim 160 jaar oud. Maar ik zal niet in herhaling vallen: het verhaal van Odilia (we hebben er twee in de aanbieding, namelijk die van de Elzas en eentje uit Keulen) heb ik in oktober 2024 al verteld. Ben je geïnteresseerd, (her)lees dan dat verhaal.

 

De voorlaatste highlight van onze tocht werd gevormd door de Lidl in Panningen. Een uitgebreide beschrijving lijkt me niet nodig. Uiteindelijk werd besloten dat we een dezer dagen hamblokjes in de pastasalade krijgen en dat de door mij voorgestelde garnalen de koeling van de super niet mochten verlaten. Na een late lunch op een bankje aan de voet van de Onze-Lieve-Vrouw-van-Zeven-Smartenkerk in Panningen vertrokken naar een kerk die we gisteren alleen vanuit de ooghoeken hadden gezien. En inderdaad vandaag met andere ogen (en een fototoestel) gekeken naar de Sint-Lambertuskerk aan het Mariaplein in Helden. W maakte een foto waarop de kerk stond te schitteren in de zon. Zeer afwisselend weer vandaag zullen we maar zeggen. Een rijksmonument, al is de kerk die we vandaag mochten bewonderen niet helemaal de kerk die hier oorspronkelijk stond. Het gebouw heeft in de loop der eeuwen nogal wat meegemaakt. Helden had al in 1288 een eigen parochie. De huidige kerk kwam volgens de gemeentelijke dorpsgeschiedenis in 1455 tot stand in opdracht van de kartuizers uit Roermond. De kerk kreeg in 1572 te maken met de Tachtigjarige Oorlog. Staatse troepen van Willem van Oranje trokken door de streek en staken de Lambertuskerk in brand. Toen de rust in volgden herstelwerkzaamheden. Ook in de negentiende eeuw werd de kerk verschillende keren aangepast en gerestaureerd. Het meest dramatische hoofdstuk kwam echter in november 1944. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de kerktoren door de Duitsers met springstof opgeblazen. Daarbij werden ook de gewelven van het schip zwaar beschadigd. Na de oorlog werd de kerk in 1952-1953 herbouwd. Het enige wat echt oud is een klok die in de toren hang, deze werd in 1574 gegoten.

Op dat Mariaplein staat ook een koepeltje, eigenlijk moet je “kiosk“ zeggen. Dit gebouwtje werd in de loop der jaren een ontmoetings- en muziekplek voor het dorp. De gemeente beschrijft het Mariaplein met kiosk als een aantrekkelijke plaats voor het ‘Dörper’ verenigingsleven, onder meer voor schuttersgilde, fanfare en andere verenigingen. Heb ik niet van mezelf maar van Omroep Peel en Maas. De foto in deze alinea is ook van W en laat de onderkant van het dak van het koepeltje zien.

En toen, na 26 kilometer afwisselend fietswerk (bossen, akkers, dorpjes en zelfs nog een toefje heide), konden we de boodschappen uit de fietstassen halen en op de juiste plek opbergen. Op een klein buitje na drooggehouden (en tijdens die bui konden we schuilen onder een carport waar geen auto’s stonden). Eenmaal terug op het nest een flinke regenbui en dat terwijl W net onder de douche stond: ze had 50 cent uit kunnen sparen. Een mooie dag, maar ik heb het wel gehad met dat fietswerk: het gaat elke dag moeizamer. En morgen? Morgen is er weer een dag en bij de afbakbroodjes gaan we dan bekijken hoe onze reis verder gaat.

dinsdag 8 september 2026

nog even weg voor de slachting - 11: voorzichtig naar het zuiden

Of het ons ook was opgevallen dat er zo weinig ganzen in de omgeving van Zoetermeer zijn, was een vraag van K te L die daar vorige week op familiebezoek was geweest. Nu je het zegt K te L: we hebben afgelopen week weinig ganzen in het Westerpark en de Nieuwe Driemanspolder gezien. W sprak toen de gedenkwaardige woorden "ze hebben waarschijnlijk een all‑inclusive arrangement geboekt ergens buiten Zoetermeer". Zou zo maar kunnen, want daar is het gras op dit moment nét iets malser en de akkers liggen vol gratis graanbuffet. Het kan dus zijn dat de fladderaars tijdelijk zijn weggetrokken naar andere voedselrijke gebieden, vooral landbouwgrond buiten Zoetermeer. Dit is een seizoensgebonden verschuiving die elk jaar optreedt. Daarnaast kan het zijn dat het waterpeil een belangrijke rol speelt: in een vorig blog heb ik verteld dat het waterpeil in de Nieuwe Driemanspolder (en een andere polders in de omgeving) met een meter is verhoogd. Ganzen houden niet zo van diep water, ze zijn meer geïnteresseerd in lage, natte graslanden met veel jonge scheuten. Als het waterpeil tijdelijk hoger of lager staat, verschuiven ze naar andere plekken En dan hebben we nog te maken met het feit dat een aantal ganzensoorten tot de groep trekvogels hoort. Voor een deel zou dat echter betekenen dat er meer ganzen komen, immers: kol- en brandganzen komen in het najaar terug naar Nederland, Duitsland, België en Denemarken om te overwinteren en vliegen in het voorjaar naar hun Arctische broedgebieden zoals Spitsbergen, Nova Zembla, de Russische toendra en de Baltische regio. (Bron foto: Landleven.nl).

dinsdag 8 september: @ helden

De nacht die warm en klef begon eindigde tegen de morgen in een acceptabel gebeuren. Doordat er een windje stond en we vrijwel alle ramen van de bus open hadden staan was er sprake van een redelijke binnentemperatuur.

Gisteren hadden we al zo’n beetje besloten om naar het zuiden te gaan. De afstand zouden we laten afhangen van de weersverwachting en die bleek weer volkomen onvoorspelbaar te zijn, iets in de geest van “daar waar we aanvankelijk sprake van zware regenbuien en een koudeput moet je nu lezen: droog en prettige temperaturen“. Met temperaturen rond de 20 graden overdag kunnen we goed leven. Er kwam wel regen maar pas tegen de avond zoals je op bijgaand screenshot kunt zien.

Helden zelf hebben we nog nooit aan een nadere inspectie onderworpen, de omgeving wel. We kennen inmiddels een groot aantal camperplaatsen in deze regio. W heeft een paar maand geleden nog door deze buurt gefietst op haar tocht van Sint-Odiliënburg naar Lotttum. Ze kwam toen wel in Kessel maar niet in Helden. Helden hoort tot de gemeene Peel en Maas. De naam Helden wordt voor het eerst genoemd in een oorkonde uit 1230. Het dorp was waarschijnlijk het oudste van de zes kernen die samen het historische ‘groot-Helden’ vormden. Mensen was er al veel eerder: in de omgeving zijn sporen gevonden van prehistorische bewoning en vondsten gedaan uit de Laat-Romeinse tijd. Een bijzonder object is een klein bronzen Marsbeeldje.

Het was al half elf geweest toen we Erve Holthoes in Kotten verlieten. Eerst even de tank bijvullen. Uit onderzoek bleek dat we bij de pomp van Hoitink in Kotten (op Nederlandse bodem) goedkoper uit waren dan bij een pomp aan de andere kant van de grens. En wanneer er dan witte nummerborden naast je diesel staan te tanken dan weet je dat je goed zit. We betaalden € 2,239 voor een litertje (neem van mij aan dat er meer in kon). Later (langs de Nederlandse autosnelweg A67) kwamen we € 2,70 p/l tegen. Tel uit je winst. Heerlijk toeristisch naar Noord Limburg via het Duitse Rees en Kevelaer. Tegen enen draaiden we camperplaats Onder en Eindt op. Beetje rare naam voor een buitenstaander, maar hier weet iedereen dat de camperplaats vernoemd is naar een oud buurtgehucht. Als je op Google Maps kijkt zie je nog steeds de twee buurtschappen Onder en Eindt liggen. Johan en Esther Peeters hebben een aspergeboerderij en om een beetje bij te verdienen runnen ze sins 2020 een kleinschalige camperplaats, mooi en rustig gelegen een de rand van de Heldense bossen. Prima voor elkaar: all-in voor € 18,50 per nacht (exclusief douchen). Met ons digitale SVR-kaartje kregen we nog 5 % korting ook.

Mooi weer, dus in korte broek, T-shirt en met blote voeten in de sandalen een verkennend rondje. De knooppuntenroute die W gescoord had hebben we al heel snel in de fietstas laten verdwijnen want lag niet echt in de buurt. Wel voor het grootste gedeelte gefietst op knooppunten, maar meer onderweg bepaald wat de route zou worden. Begonnen in het historische hart van Helden (kleine kilometer afstand). Dat hart wordt gevormd door het Mariaplein, dat in de volksmond nog altijd de Pool wordt genoemd. Het plein ontstond op een kruising van wegen en kreeg zijn naam van de waterpoel die hier vroeger lag. Die poel werd gebruikt om vee te drenken en vormde bovendien een belangrijke ontmoetingsplek. Rondom de Pool ontstond een klein dorpscentrum met onder meer een bakker, smid, slager, cafés en andere ambachtslieden. De huidige kiosk herinnert nog aan die functie als dorpshart. De Sint-Lambertuskerk hebben we vanuit de ooghoeken gezien, misschien kijken we er morgen met dezelfde ogen naar, maar dan beter. We schampten nog even de Heldense Bossen aan en gingen toen richting Kessel.

Even op de rem omdat ik een monument ontwaarde: gedenkmonument Bovensbos (vlak bij de camping met dezelfde naam). Dit monument werd opgericht ter nagedachtenis aan de omgekomen bewoners van de boerderij, het ondergedoken joodse gezin en de boerenknecht, tijdens de Tweede Wereldoorlog. Aan de oprijlaan staat een bord met het verhaal van onderduikerskamp Bovensbos (ook Vrij Nederland kom je als naam tegen). De QR-code zou naar een website leiden, maar helaas: foutmelding 404. Ook de op het bord genoemde website leidde tot niks.


Bij Kessel kwamen we de Maas tegen en natuurlijk
kasteel de Keverberg. Onze aandacht ging vandaag uit naar de Maasboulevard en dan vooral naar een kunstwerk. Het schijnt dat we dol zijn op oud en roest. Weer iets gemaakt van cortenstaal. Nu een verzameling bogen met plaatsnamen. Het werk is geplaatst als onderdeel van een groot herinrichtingsproject van de Maasboulevard en de Loswal. Dit project werd begin 2021 opgestart om van de oever een aantrekkelijke toeristische trekpleister en een 'onthaalplein' voor wandelaars en fietsers te maken. Even voor je opgezocht wat het moet voorstellen: “De constructie functioneert als een pergola die bestaat uit elf opeenvolgende bogen. Elke afzonderlijke boog staat symbool voor een van de elf officiële kernen van de fusiegemeente Peel en Maas (zoals Kessel, Kessel-Eik, Baarlo, Helden en Panningen). Als je aan het begin van de constructie staat en erdoorheen kijkt, vormen de bogen een tunnelperspectief. Dit symboliseert de onderlinge verbondenheid en eenwording van de verschillende dorpen binnen de gemeente“. Nee: niet zelf verzonnen.

Een eind langs de Maas gefietst richting Baarlo, het dorp van de knopen en de kastelen. Baarlo wordt inderdaad het “Knopendorp” genoemd. Je zou misschien denken aan een historische knopenindustrie maar het verhaal is totaal anders. De knopen die je in het dorp ziet zijn de kunstwerken van Shinkichi Tajiri (1923–2009), de Japans-Amerikaanse kunstenaar die vanaf 1962 in Baarlo woonde en werkte, op huize Scheres. Als je het hele verhaal wilt weten moet je even https://berrynales.blogspot.com/2021/04/een-hele-grote-blij.html (her)lezen. Op nevenstaande foto de Sint-Petruskerk van Baarlo.

Terug de Heldense Bossen in, maar nu aan de andere kant. Het laatste stuk van de route deden we niet meer via knooppunten maar we hebben Google de opdracht gegeven de kortste weg naar Puzzel te geven. We hebben het geweten: niet alleen Komoot kan iets met mountainbikepaden, ook Google heeft een zwak voor ezels- en geitenpaadjes. Maar we konden het en na 26,3 kilometer waren we weer op ons uitgangspunt. Een leuk rondje, maar zoals onze zoon zegt: “een rondje is eigenlijk niks: je komt altijd weer op dezelfde plek uit. Misschien is het verstandiger om gewoon niet te vertrekken!“

 

Een mooie dag. V: 226.591; A: 226.714. Rijtemperatuur 20 tot 22 graden. Later tijdens de fietstocht werd het nog 25 graden. Wisselend bewolkt, maar dat kun je aan de foto's zien. Tegen 18:00 uur begon het te regenen. En morgen? Morgen is er weer een dag. We blijven hier en gaan in ieder geval boodschappen doen bij de Lidl in Panningen: de koelkast is leeg.

maandag 7 september 2026

nog even weg voor de slachting - 10: in kotten is het nog steeds mooi

Kwam deze week in een digitaal krantenartikel weer zo’n verhaal tegen over halfnaakte feestvierende Britten in het buitenland. Schijnt dat dat hinderlijke gedrag niet normaal is voor de doorsnee-Brit, maar een hardnekkig vooroordeel. Natuurlijk zit er wel een kern van waarheid in bij specifieke groepen in populaire feestbestemmingen, maar dat geldt ook voor Nederlandse jongeren op de Appelhof op Terschelling die van kratten bier muren bouwen of feestvierende tieners in Renesse een aantal decennia geleden. Het beeld van halfnaakte Britten ontstaat vooral in badplaatsen op Mallorca en Ibiza of - wat verder weg - in Chersonissos. Hier trekken groepen Britse jongeren naartoe voor goedkope alcohol en het nachtleven, waarbij mannen vaak zonder shirt en vrouwen in minimale kleding over de boulevard of door straten lopen. Kan me bij die ontblote bovenlijven wel wat voorstellen: in het Verenigd Koninkrijk is het vaak grijs en koel. Zodra Britten in de Zuid-Europese zon landen, willen ze maximaal vitamine D opnemen. Dit leidt sneller tot het uittrekken van kleding (en de beruchte kreeftrode zonnebrand) dan bij toeristen die warm weer gewend zijn. En natuurlijk speelt de pers ook een rol: schandalen rondom luidruchtige en schaars geklede Britse toeristen doen het wat beter in het nieuws dan een net verhaal over keurig geklede Britten met uitstekende omgangsvormen die met een stiff upperlip en de Times onder de rechterarm in een qeu op de dubbeldekker staan te wachten. Voorlopig hou ik het erop dat de miljoenen Britse gezinnen, ouderen en cultuurreizigers die jaarlijks op vakantie gaan zich net zo gedragen als alle andere toeristen.

maandag 7 september: @ kotten

Ja, je leest het goed: Kotten of all places. De reden is simpel: W had een afspraak gemaakt met S te W, tijdelijk verblijvend te K, om een eind te gaan wandelen en om eventueel ’s avonds gemeenschappelijk een vorkje te prikken buiten de deur. Dat we daarvoor uit Zoetermeer moesten komen was haar klaarblijkelijk ontschoten (of niet, daar blijf ik van af). Maakt me eigenlijk niet zoveel uit waar mijn busje staat en aan rijden heb ik geen hekel. Sta er iets anders in dan een jaar of dertig/veertig geleden toen ik nog ’s avonds in de auto stapte om de volgende morgen 1200 kilometer verder weer uit te stappen op de vakantiebestemming. Kinderen sliepen ’s nachts in de auto. Overantwoord? Weet het niet: hou het op andere tijden. En W reed ook sommige stukken! Kotten: we hebben net het Volksfeest 2026 van Kotten gemist. Wel een leuke oude foto gevonden, iets met schutters van Vereniging Wilhelmina.

Na het wakker worden eerst de nodige zinnen foutvrij maken, bijvoorbeeld “Iemand die naïef is, is een naïeveling, een naïeve man met kinderlijke naïviteit“; je moet maar weten dat bij de eerste drie naïefachtige woorden de klemtoon anders ligt dan bij het laatste woord, waardoor de eerste drie een e krijgen en het laatste juist niet. Het digitale spelletje heet de Spelling Test. Daarna ontbijten en de boel kuisen, zoals de Belgen dat noemen en vervolgens op weg naar het oosten. Weer even via de Kötteldiek want we hadden wat essentiële dingen vergeten (vooral kleding). De afstand Zoetermeer - Lichtenvoorde was vandaag hetzelfde als vrijdag maar in tijd scheelde ruim een uur: vandaag in 1:52 uur (tot Lichtenvoorde). Ook nog even langs de supermarkt om wat Nederlandse artikelen in te slaan die je in het buitenland niet (of moeilijk) kunt krijgen. Naar alle waarschijnlijkheid gaat de neus van Puzzel morgen richting zuiden.

Een koude tarwesmoothie stond op ons te wachten in de schaduw van Erve Holthoes in Kotten. Veel te vertellen, want we hadden elkaar sinds vrijdagmorgen alle vroegte niet meer gezien. De dames deden het daarna nog eens dunnetjes over want ze gingen aan de wandel. Ik trok mij terug in mijn mobiele kantoor: er moest nog van alles geregeld worden op vrijwilligerswerkniveau. Tegen half zes verplaatsten we ons met de fietsen 3,5 kilometer naar het bruisende grensdorp Oeding. Waar de meeste Nederlanders de grens oversteken voor tabak, drank of brandstof brachten wij (vrienden incluis) vandaag een bezoek aan de andere kant van de grens voor het vierde item dat in Duitsland erg goedkoop is: uit eten gaan. We kozen voor Pizzeria La Piazza. Een gezellige tent en we konden “buiten“ zitten, wel onder een afdak en met windschermen. Was heel goed te eten en uiterst betaalbaar. Voor het donker werd waren we weer thuis. De meisjes moesten nog even reetjes kijken in het tweeduuster. Om toch nog een "eigen" foto te hebben in dit blog, hieronder mijn toetje.

Een reisdag. V: 226.396; A: 226.591; rijtemperatuur 23 tot 29 graden en weinig bewolking (later op de dag wat meer). Zon op/onder: 06:53/20:07 (gegevens Kotten). Best wel een mooie dag. En morgen? Morgen is er weer een dag. We gaan naar het zuiden. Hoever? Da’s afhankelijk van de weersverwachting.

zondag 6 september 2026

nog even weg voor de slachting - 9: fietsen langs (volle) terrassen

Waarom we de laatste jaren altijd op camping De Drie Morgen terecht komen en we Delftse Hout en de Abwoudse Hoeve links laten liggen, was een vraag van G te W. Tja, daar vraag je me wat G te W. Zoiets groeit maar heeft vooral te maken met de verhuizing van onze dochtert met haar familie een aantal jaren geleden van Delfgauw naar Pijnacker. Afstandtechnisch gezien ligt deze camping meer voor de hand. Wij logeerden in juni 2023 voor het eerst hier. De camping lag er toen zo’n drie jaar midden in de kale polder. Elk jaar is het groen een stukje hoger geworden en ziet de camping er daardoor een beetje “aangekleder“ uit. De geschiedenis van De Drie Morgen gaat een stuk verder terug dan 2020 en heeft een relatie met de Floriade van 1992, de grote internationale tuinbouwtentoonstelling die honderduizenden bezoekers trok. Voor overnachtingsmogelijkheden was daardoor behoefte aan extra ruimte. De familie Van Dam begon aan de Voorweg met kampeermogelijkheden in de periode rond de Floriade. De tentoonstelling ging, de camping bleef en groeide uit tot een blijvende camping verscholen tussen bomen en oude Zoetermeerse landerijen. Maar Zoetermeer bleef veranderen. Het gebied tussen Zoetermeer, Leidschenveen en Leidschendam werd aangewezen voor een ingrijpende herinrichting. De Nieuwe Driemanspolder moest veranderen van agrarisch poldergebied in een combinatie van natuur, recreatie en waterberging. De familie Zegwaard-van Dam besloot mee te gaan met die ontwikkeling. In plaats van te verdwijnen, verhuisde de camping mee naar het nieuwe landschap en ging daar in het coronajaar 2020 van start. De camping is momenteel in handen van Edith Zegwaard-van Dam (een nazaat van de grondleggers). Zij runt samen met Ron Zegswaard de toko.

W had tijdens haar wandelingen en fietstochtjes langs het water opgemerkt dat er bijzonder veel water in de polder stond. Navraag bij schoonzoon M (zo’n wandelende encyclopedie) leerde dat het Hoogheemraadschap van Rijnland eind juli/begin augustus begonnen is met het tijdelijk opslaan van zoet water tegen de droogte met als doel tegengaan dat er teveel zout water het gebied binnendringt. De verzilting was het gevolg van de aanhoudende droogte. Het waterpeil steeg door het binnenlaten van zoet water met ruim een meter (van -4,76 meter naar -3,76 meter NAP), zodat wandelpaden moesten worden afgesloten. Het water staat inmiddels wat minder hoog, maar hoger dan dat we gewend zijn. Wel een hele puzzel: het waterschap moet er wel voor zorgen dat de waterpeilen overal hoog genoeg blijven voor de stabiliteit van de dijken in het gebied. Eigenlijk is de Nieuwe Driemanspolder oorspronkelijk bedoeld voor wateropslag bij droogte: de polder is in eerste instantie aangelegd om bij extreme regen tijdelijk water op te vangen. In deze uitzonderlijke droge situatie gebruikt Hoogheemraad Rijnland de beschikbare ruimte tijdelijk om zoet water vast te houden. Dat is nu het geval.

zondag 6 september: @ zoetermeer

Daling van de temperatuur (tot 10 graden buiten) zorgde voor een prettige nacht bij zowel W als bij uw schrijver van dienst. Een inhaalslag zullen we maar zeggen. Toen ik om negen uur mijn ogen opende had W al een uur lang digitaal contact met de buitenwereld. Koffie, broodjes (buiten ontbijten in het zonnetje): je kent ons ochtendritueel inmiddels wel. Vervolgens allebei ruzie met de digitale krant. We hebben een nieuw abonnement afgesloten (kostenbesparing), dus ook een nieuw abonnementsnummer en dat moet “gekoppeld“ worden. Volgens kenners een flûte du centime, maar die kenners kennen W en mij niet.

 

W na de afwas (en de ruzie met de krant) een eindje fietsen. Vandaag naar de andere kant van de brug waarover ik gisteren schreef en wel naar het Westerpark, een van de uitgestrekte groene gebieden die deze omgeving kent. Je beseft hier vaak nauwelijks dat je je aan de rand van groeiende steden bevindt. Het Westerpark (net buiten Zoetermeer) werd vanaf het einde van de jaren zeventig aangelegd, tegelijk met de nieuwe woonwijk Meerzicht. Waar de stad steeds verder oprukte in het voormalige polderlandschap, moest het Westerpark ruimte bieden aan natuur, ontspanning en sport. Oorspronkelijk maakte de bodem van het park deel uit van de Driemanspolder, die vanaf de zeventiende eeuw werd drooggemalen. Daarvoor was het gebied door eeuwenlange turfwinning veranderd in een waterrijk landschap. Vanaf 1668 werd begonnen met de drooglegging, waarna de nieuwe poldergrond voor landbouw en veeteelt werd gebruikt. In de huidige inrichting zijn nog steeds sporen van dat oude polderlandschap herkenbaar, bijvoorbeeld in de richting van sommige sloten en bossingels. Bij de aanleg van het Westerpark werd bewust geen strak stadspark ontworpen. Het werd een afwisselend landschap met bos, open graslanden, waterpartijen en heuvels. W was niet zo geïnteresseerd in de schapentuin en de natuurweide, maar ging op jacht naar een vogelkijkhut, die ze overigens niet kon vinden: volgens mij moet zoiets nog gebouwd worden. De woning van de kaboutertjes stond niet op haar bucketlist, maar als je er toch bent....



“De jongens zijn carten, ik ga met jullie een eind fietsen“, aldus dochterlief. Wel woorden meegekregen van W dat er niet teveel bulten en kilometers in de route mochten zitten en er regelmatig gestopt moesten worden, maar die nam dochtert zich ter harte, zou later blijken. Maar eerst wilde ze koffie. “Ik wil het best zelf zetten“, zei ze, waarom mijn antwoord was: “Jij komt niet in mijn keukentje!“. W kon niet achterblijven en zette “Jij komt niet aan mijn komkommertje“ in. Een vragende blik van dochterlief gaf aan dat het wonderschone lied 'Het Komkommertje' van het duo Betsy & Jo ver voor haar tijd was. Nadeel van zo’n nummer is wel dat het de hele dag bij je blijft: "Jij komt niet aan mijn komkommertje, jij blijft van mijn snijboon af!".

Het voordeel van fietsen met onze dochtert is dat we vrijwel altijd op een terreas terecht komen. Deze keer was het het terrans van de Balije Tuin, zo’n plek in de polder van Nootdorp, precies tussen het Balijbos en het Bieslandse Bos. Volgens de website van de ondernemer “een groene oase waar natuur, rust en goed eten samenkomen“. Het goede eten hebben we niet gehad, wel een prima Hertog Jannetje van de tap en voor de meisjes een Cola Zero. Het is een geliefde locatie dus afgeladen vol. We konden nog net een plekje vinden. Toen we een tijdje later probeerden een tweede terras te attaqueren (Knus in de Delftse Hout) hadden we minder succes: “duizenden“ wachtenden voor ons. Wat wil je: misschien wel de laatste zonnige zondag van 2026?

Op de terugweg kwamen we een soort kunstwerk tegen (dachten we). Locatie: weide achter de Ikea in Delft in het polder- en natuurgebied Buytenhout. De QR-code die erbij stond deed het niet, maar gelukkig konden we Google de foto laten opzoeken en die kwam tot de ontdekking dat het ging om een bijenburcht. Het is een speciaal ontworpen constructie van boomstammen, takken en zand/leem, bedoeld om nestgelegenheid te bieden aan wilde bijen. Veel soorten wilde bijen maken namelijk hun nesten in de grond of in gaten in dood hout.

Omdat we bij uitspanning Knus niet terecht konden moest ik bij aankomst op de camping zelf wat knutselen. Soepje en een afbakbroodje uit de noodvoorraad vormden een prima (zeer) late lunch. Genuttigd in de stralende zon, aan de warme kant zelfs en dan bedoel ik niet alleen de soep. Een mooie, relatief zonnige dag. Temperatuur oplopend naar 23 graden. Veel minder wind dan de afgelopen dagen. En morgen? Morgen is er weer een dag. We gaan naar de Achterhoek want we hebben een afspraak met vrienden. Denk dat het morgen rijden in de korte broek wordt.

zaterdag 5 september 2026

nog even weg voor de slachting - 8: nummer drie is 14 geworden


Waarom juist lepelaars zo vaak genoemd worden in mijn blog, vroeg W te Z zich af. Heel eenvoudig W te Z: mijn Allessie heeft twee lievelingsvogels, namelijk flamingo’s (maar dan moeten ze wel uit het Zwillbrock komen) en lepelaars. En laten die laatste beestjes hier nu regelmatig, dikwijls en vaak voorkomen. Lepelaars zijn één van de meest opvallende en succesvolle broedvogels van Nederland. De Driemanspolder bij Zoetermeer is inmiddels een vaste plek waar je ze regelmatig kunt zien foerageren. De lepelaar (Platalea leucorodia) is een inheemse moerasvogel die vooral voorkomt in kustgebieden, moerassen en natte graslanden. Nederland heeft een stabiele en groeiende populatie dankzij herstel van moerasgebieden en beschermde broedplaatsen.Belangrijke broedgebieden liggen o.a. in het gebied van de Waddenzee, de Oostvaardersplassen, de Biesbosch en de Zuid-Hollandse kustgebieden. Ze broeden vooral in kolonies, vaak in rietlanden of moerasbos. Lepelaars houden van een aantal omgevingsfactoren (biologen noemen dat geloof ik “habitat“) die juist in de Nieuwe Driemanspolder voorkomen, namelijk ondiep water, sloten en plas-dras zones, rietkragen en open moerasland. Voor de duidelijkheid: de Driemanspolder is geen broedgebied maar een plek voor de vogels om te fourageren en uit te rusten. (Bron foto: Vogelbescherming)

Het gaat goed met de lepelaars in Nederland. De populatie is in de afgelopen 20 jaar enorm gegroeid en wanneer we het hebben over deze vogels dan zijn we bezig met het vertellen van een van de meest succesvolle vogelherstelverhalen in Nederland. Even een paar cijfers: het onderzoeksinstituut Sovon laat zien dat de lepelaarpopulatie vanaf ongeveer 2005 een significante jaarlijkse toename vertoont van meer dan 5% per jaar. Dit betekent dat de populatie in ongeveer 15 jaar meer dan verdubbelde. In de periode 2013–2025 is er nog steeds een duidelijke toename, maar iets minder sterk. (Bron foto: Sovon Vogelonderzoek)

Om even terug te komen op die andere lievelingsvogel, de flamingo: W gaat een aantal keren per week naar het Zwillbrock en komt daar dan vaak Erik Ottema tegen die je met een gerust hart een flamingospotter kunt noemen. Erik maakt de prachtigste foto’s van de vogels en weet er ook alles over te vertellen. Zo kwam W onlangs terug met het verhaal dat er verschillende soorten flamingo’s in het Zwillbrocker Venn zitten en dat die samen voor nageslacht kunnen zorgen. De vogels accepteren niet alleen soortgenoten, maar ook flamingo's van een andere soort binnen de kolonie. Daardoor ontstaan gemengde paren die succesvol jongen grootbrengen. Dit wordt hybridisatie genoemd. De flamingohybriden zijn vruchtbaar en uit de jarenlange registratie blijkt dat zij gezond en sterk zijn. Binnen de kolonie komen daarom verschillende combinaties voor. En dan komt Erik met zijn kennis (en foto’s) aan het woord: “De kolonie in het Zwillbrocker Venn kent slechts twee oorspronkelijke hoofdsoorten: Phoenicopterus roseus (rechts op bijgaande foto) en Phoenicopterus chilensis (links). Het overige deel van de flamingo's bestaat inmiddels uit hybriden die uit deze verschillende kruisingen zijn voortgekomen.“

zaterdag 5 september: @ zoetermeer

Gisteravond een verschrikkelijk mooie zonsondergang in de Driemanspolder. Doordat het aan het begin van de avond geleidelijk opklaarde na een middag met buien, zorgde de zon ervoor dat er door de aanwezige waterdamp en brekende bewolking een prachtige, dieprode en oranje gloed over de polder en de waterplassen trok. Het was alleen jammer dat we op de camping zaten en niet aan de rand van zo’n waterplas. Ook een foto maken met een telefoon is wat anders dan een plaatje maken met zo’n grote toeter, maar het resultaat mag er best zijn (vinden wij). Maandag verkassen we hier en de verwachtingen tot die tijd vallen best mee: in ieder geval relatief droog.


De voornaamste reden om dit weekend in Zoetermeer te camperen is het feit dat kleinzoon Q (in de leeftijdsrangorde van de kleinkinderen nummer drie van vier) onlangs 14 geworden is. Een bezoekje van ons zat er op zijn eigenlijke verjaardag niet in want om een retourtje Japan te nemen om een taartje te eten is een beetje van de pot gerukt. Ja, hij was er met zijn ouders op vakantie; iets anders dan een fietsvakantie naar Vlieland. We staan tijdens onze bezoekjes aan de familie graag met de camper op camping De Drie Morgen in de Driemanspolder. Fietsafstand naar Pijnacker is zo’n 7 kilometer, dus goed te doen (als het droog is en niet te hard waait). Het bijzondere is dat je er met de auto bijna net zo lang over doet.

We waren pas om een uur of drie uitgenodigd, dus konden een lange ochtend “aan ons huwelijk werken“. Geintje natuurlijk, het klopt dat er na ruim 52 jaar nog wel wittebrood is, alleen de weken zijn allang om. We kennen inmiddels elkaars dromen, alleen de playlist voor tijdens de uitvaart is nog onbekend. Voldoende kijkje in ons huwelijksleven gehad? Dan kunnen we nu verder. Op zo’n er-hoeft-niks-ochtend worden de broodjes laat geserveerd, het was al een eind over elven. Zelfs W had na het ontbijt nog wat administratieve taken, namelijk de correctie van een kookboek met allemaal buitenlandse recepten. Vervolgens moest ze opnieuw op jacht, nu gewapend met een verrekijker en de doelstelling een rondje-rond-de-plas. Op het kaartje is de blauwe stip de plek van onze camping.


Gezien de wind (west 4) zonder extra lusje naar Pijnacker gefietst. Tussen de camping en Pijnacker ligt een behoorlijke te nemen horde, namelijk de A12, waar je maar op een beperkt aantal plaatsen onderdoor of overheen komt. De A12 tussen Den Haag en Zoetermeer is niet zomaar een snelweg: dit is het allereerste stuk autosnelweg van Nederland, aangelegd in de jaren ’30. De A12 was niet de twaalfde snelweg, maar kreeg het nummer omdat wegen rond Den Haag de nummers 11–14 kregen. Het traject Voorburg – Zoetermeer, onderdeel van de huidige A12, werd in 1937 geopend en vormt daarmee het oudste autosnelwegdeel van Nederland. In 1938 volgde het stuk richting Gouda. De weg had gescheiden rijbanen, ongelijkvloerse kruisingen en zelfs de eerste vluchtstroken ter wereld. Nederland was hiermee het derde land ter wereld met een echte autosnelweg (na Duitsland en Italië). Vandaag kozen we voor “onderdoor“, da’s minder hoogteverschil.

Hoogte moesten we toch al “overbruggen“ vanwege de Burgemeester Waaijerbrug en da’s weer een compleet nieuw verhaal. Wie aan een brug denkt, ziet meestal een min of meer rechte verbinding voor zich: van de ene kant naar de andere, liefst zo kort mogelijk. De Burgemeester Waaijerbrug aan de westkant van Zoetermeer doet het heel anders. Deze fiets- en voetgangersbrug slingert zich bijna sierlijk door het landschap en vormt daarmee een verbinding tussen het Westerpark en de Nieuwe Driemanspolder. Onderweg worden de Leidschendamseweg en de spoorbaan van de RandstadRail gekruist. De brug is ontworpen door het Leidse architectenbureau Syb van Breda & Co. Het ontwerp ontstond uit een gemeentelijke prijsvraag uit 2009. Het meest bijzondere vind ik de lantaarnpalen. Las ergens dat deze (op vliegende schotels lijkende) objecten een extra functie hebben. Naast lichtbrengers in de duisternis zijn het namelijk ook de draagkolommen van de brug. Voor de volledigheid: de brug is ongeveer 280 meter lang en bestaat bijna volledig uit weervast cortenstaal. Het is een grote bonk roest en dat schijnt nu net de bedoeling te zijn: door het roesten heeft het zijn karakteristieke warmbruine kleur gekregen en het heeft als voordeel dat het niet geschilderd hoeft te worden. Eind 2013 werd de brug officieel geopend. De foto hieronder is afkomstig van https://www.nationalestaalprijs.nl/project/fiets-en-voetgangersbrug-jan-waaijerbrug. Op die site vind je alle informatie over de brug.


Naar Pijnacker dus voor een verjaardagsvisite en een aansluitende barbecue. Gewoon gezellig. En: de Achterhoekse vlag wapperde weer fier boven in de vlaggenmast. Een mooie dag, beetje wind, vooral in de polder, maar met de ondersteuning op standje levensgevaarlijk was de rit heen en terug naar Pijnacker goed te doen. Temperatuur rond de 20 graden en zeer wisselend bewolkt. Wel droog. En morgen? Morgen is er weer een dag. We blijven nog een dagje hier. Er gaan geruchten dat we gaan fietsen.