noordpolderzijl

noordpolderzijl

vrijdag 24 juli 2026

de kippenoppascentrale - 6: een relatieve rustdag

W te H appte me met de vraag waarom het woord asymmetrisch het niet gehaald had in het vorige blog, immers zo'n vervelend exemplaar dat hij die dag maar een score van 75 % had. Ik ook trouwens! Dus op verzoek de taalles van vandaag. Bij 'asymmetrisch' (niet-symmetrisch) staat geen streepje achter de a (mijn fout). Beter Spellen aan het woord: “Het woord 'symmetrie' komt via Frans en Latijn uit het Grieks (symmetria = maatovereenkomst) en heeft waarschijnlijk in de 18e eeuw in Frankrijk de huidige specifieke betekenis gekregen (vormovereenkomst aan weerszijden van een spiegelas)“.

R te K fluisterde in mijn oor dat de gemeente Winterswijk de afgelopen jaren veel heeft geïnvesteerd in het vastleggen van de identiteit van haar buurtschappen. Over Kotten verscheen in 2026 een uitgebreid erfgoedrapport met de poëtische titel 't Is, of alles hier droomt en tot droomen uitlokt. Daarin wordt Kotten niet alleen beschreven als een agrarisch gebied, maar vooral als een buurtschap waar landschap, grensgeschiedenis, spoorlijn, oude erven en gemeenschapszin samen een bijzonder geheel vormen. Het rapport is hier te lezen, maar bedenk wel dat het 188 bladzijden lang is en een beetje taaie kost. Veel interessanter vond ik het artikel dat het uitgangspunt was voor de titel van het rapport. De tekst is terug te vinden onder de titel “Wandelingen door Nederland met pen en potlood. Deel 7: In den Gelderschen Achterhoek. Winterswijk“. Geschreven in 1884 door Jacobus Craandijk. Maar ook dit artikel lees je niet in een kwartiertje uit. Je merkt dat ik me absoluut niet hoef te vervelen.

Kreeg laat op de avond - nadat ik mijn blog al had gepubliceerd - nog een paar leuke foto’s van de ambachtsdag van het Achterhoeks Openluchtmuseum in Lievelde. Natuurlijk wil ik je die niet onthouden. Zo’n 550 bezoekers zijn de kassa gepasseerd. Nog even en we kunnen niet meer “veilig“ over het terrein lopen omdat je voortdurend in de nek wordt geprikt door iemand met een selfiestick. Wel fijn dat steeds meer mensen ons museum weten te vinden. Ben benieuwd waar de bezoekersteller stopt op het eind van het jaar.






Gisteren al geplaatst, maar zonder begeleidende tekst omdat ik al voldoende stof had: een foto van olifantengras. Mijn broertje houdt van Latijnse namen en zou het miscanthus noemen. Wat voor naam je er ook aan geeft, het is een snelgroeiend gewas dat steeds belangrijker wordt in duurzame landbouw en energieproductie. Op de foto kun je zien dat het al behoorlijk aan het groeien is. Het kan nog hoger, tot zo’n vier meter. Een ideaal gewas voor de Achterhoek, het groeit namelijk op arme grond en heeft weinig mest of bestrijdingsmiddelen nodig. Volgens de boekjes is het daardoor een milieuvriendelijke gewas “met een lage ecologische voetafdruk“. Olifantengras wordt gebruikt voor biomassa, biobrandstof, isolatiemateriaal, strooisel en zelfs bioplastics. Het gewas legt veel CO₂ vast, waardoor het interessant is voor klimaatprojecten. Boeren waarderen het omdat het meerjarig is: één keer planten, daarna jarenlang oogsten zonder intensief onderhoud.

Tenslotte nog even iets over die pruimachtigen die we in de Achterhoek kwetsen noemen. Net over de grens heten ze Zwetschgen. We hebben het dan over een oud Europees fruit dat vooral in Duitsland en Oostenrijk geliefd is, maar ook in Oost‑Nederland weten we dit dieppaarse pruimpje te waarderen. Het bakje dat W gisteren meebracht hebben we in een paar minuten leeggegeten, anderen gebruiken de vrucht liever voor taarten, jam, compote en chutney. Het grote voordeel is dat het vruchtvlees zich makkelijk van de pit laat losmaken. Bij de bakker in Oeding (aan de andere grenskant van Kotten) kun je Zwetschgenkuchen krijgen, maar ik kan me ook voorstellen dat het een ideale basis is voor het illegaal stoken van een brandewijntje. Hebben we het dan niet over slivovitsj of slivovitz? Toch maar weer eens op reis naar de Balkan.

vrijdag 23 juli: @ kotten

Een rustdag. En wie W een beetje kent weet dat we dan aan de bak moeten. Rustdag is geen synoniem voor kiepstoeldag. Een veel-fietskilometersdag komt dichter in de buurt. Geef toe dat het bij mij qua slaap wel een rustnacht was: van 11 tot 9; gekker moet het niet worden. “Hij zal het wel nodig hebben gehad“, zou mijn moeder zeggen en die kon het weten. Geen haast deze ochtend want het weer was wat “motterig“, het regende niet echt maar er kwam genoeg water naar beneden om langzaam maar zeker goed nat te worden op de fiets. Zat niets anders op dan te wachten tot de voorruit van de bus liet zien dat er geen vocht meer in de lucht zat en tegen twaalf uur was dat het geval (zie foto).

 

Had van W de opdracht gekregen om een route van zo’n 20 kilometer (ongeveer mijn fysieke max) te ontwerpen door het grensgebied met (bijna) op het eind de bakker in Oeding voor “wat lekkers“. Komoot en ik regelen dat graag voor haar. Paar highlights aanklikken en we zijn weer een paar kilometer verder. Het werden er 23, net te doen. Het eerste waypoint werd gevormd door het Sievering, een kolossale boerderij die van oorsprong geen scholtengoed is maar een klein keuterboertje in de buurtschap Brinkheurne. De oudste vermelding is van 1651, met de geboorte van een dochter. Maar qua grootte en bouw van de boerderij heeft het wel de allure van een scholte. Het is een boerderij waar het boerenbedrijf al jarenlang niet meer centraal staat, maar plaats heeft gemaakt voor het eekschillen (eik) voor de leerlooierij en rad/wielen maken voor de boerenkarren. Foto in deze alinea is van de oude eik die in het weiland tegenover de boerderij staat; volgens mij de enige boom van Winterswijk die een eigen fototentoonstelling gehad heeft: in 2018 legden 24 fotografen de boom vast in een boek en expositie, als eerbetoon aan “de oudste boom van Winterswijk”.

Een eind verder lag onze grensovergang, een oude grensovergang in een nieuw jasje: het Torfpad (ook geschreven als Törfpad, Törfweg of Törfpadje). Oud vanwege het feit dat de overgang er al eeuwen ligt, nieuw vanwege het feit dat 15 oktober 2018 de laatste 250 meter aan Nederlandse zijde werd geopend die de verbinding vormde tussen de Vennweg in Burlo en de Kuipersweg in Kotten en die meters kregen daarbij een eigen naam: Torfpad. De naam is Duits. "Torf" betekent turf. Het pad ontleent zijn naam aan de turfwinning in het grensgebied van Kotten, Burlo en het Wooldse Veen. Het ligt in een gebied waar eeuwenlang veen werd afgegraven en turf werd gestoken voor brandstof. Het is wel een compleet cultuurverschil wanneer je de grens bent overgestoken: van landbouw ga je ineens over naar min of meer woeste grond, kijk maar naar bijgaande foto.

We mochten ook nog een klein stukje fietsen over de Borkense Baan, dat voormalige spoorpad tussen Borken en Winterswijk. Ik weet dat ik je er al een paar dagen mee geplaagd heb, maar als je het verdict weer tegenkomt kun je er niet om-, alleen maar overheen. De website van de lokale vereniging Burlo schrijft hierover het volgende: "1880 - De spoorlijn Winterswijk - Gelsenkirchen-Bismarck wordt geopend. De route liep over het Borkenwirther-gebied van noord (Nederlandse grens) naar zuid (Gemenwirthe). Bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog werd de route gesloten voor grensoverschrijdend passagiersverkeer. 1898 - Burlo krijgt een eigen treinstation, dat tot 1914 van nationaal belang was. De treinen en wagons stopten hier op hun reis tussen Gelsenkirchen en Amsterdam voordat de verbinding in 1996 volledig werd afgesloten“.


Ook interessant in dit gebied is het Kommiezenpad. Ook hierover heb ik in het verleden al het nodige verhaald. Korte samenvatting: het Kommiezenpad bij Kotten is een prachtig stukje grensgeschiedenis in het landschap tussen Winterswijk en Burlo. Het is een oude douaneroute, gebruikt door Nederlandse en Duitse kommiezen (grenswachters) die vanaf de 19e eeuw tot ver in de 20e eeuw de grens bewaakten. Ze patrouilleerden langs de grens om smokkel tegen te gaan en hadden als taak reizigers, boeren en handelaren te controleren en liepen vaste rondes langs zandpaden, steegjes en bosranden. Het was een soort “spelletje“ tussen kommiezen en smokkelaars: boter, koffie, tabak, textiel, zelfs vee ging clandestien de grens over. De kommiezen kenden elke boer, elk erf en elk sluippad; de smokkelaars waren op de hoogte van het doen en laten van de grensbewakers. Die tijd ligt achter ons: het Kommiezenpad is nu een wandelroute door een van de mooiste stukken van Kotten. Waarbij je oude grenswallen, scholteboerderijen en restanten van douanepaden ziet.

Onze voorlaatste highlight vormde de Oossinkhoeve in Kotten (foto komt van de Boerderijstichting Winterswijk, wij konden niet dichtbij komen). Het is een van de oude, karakteristieke scholteboerderijen in het grensgebied. Het heeft - net als alle andere scholteboerderijen - dezelfde historische structuur: een groot erf, meerdere bijgebouwen, akkers rondom het huis en een lange geschiedenis van hofhorigheid onder Bredevoort. In het rapport dat ik aan het begin van dit document aanhaalde ('t Is, of alles hier droomt en tot droomen uitlokt) wordt Kotten beschreven als een streek met grote scholtegoederen, hofhorigheid, oude paden en een landschap vol houtwallen en boerderijen. Een citaat dat dit mooi vangt: “Overal liggen boerderijen in het hooge hout, met hun bouwvelden en weilanden, hun schuren en arbeiderswoningen. [....] ’t Zijn meestal kloeke gebouwen, goed onderhouden en van welvaart getuigend.” Dat is precies het soort erf waar de Oossinkhoeve onder valt.

Een binnendoortje via de Italiaanse Meren bracht ons naar Oeding waar sprake was van één grote vlaggenparade, immers Kirmess komend weekend. De kermis vindt dit jaar plaats van 25 tot en met 27 juli 2026. Dit driedaagse volksfeest is gecombineerd met het lokale Sankt Jakobi-Schützenfest, Heb me laten vertellen dat het ophangen van vlaggen (het zogenaamde "Flaggen hissen") een diepgewortelde traditie is in de regio waarmee de buurtbewoners het schuttersfeest officieel inluiden. Groen en wit zijn de clubkleuren van de schuttersvereniging. Weet niet of we nog wat meekrijgen van dit volksfeest, dat in Duitsland meestal uit Bier und Bockwurst bestaat. 

Wij hadden in Oeding een ander doel, namelijk bakkerij Späker, een vrij grote bakkerij in deze omgeving: hoofvestiging in Weseke en een vijftal filialen, o.a. in Oeding. Volgens W heeft Feinbäckerei Späker de lekkerste Torte. Had gehoopt dat het iets met Zwetschgen zou zijn, maar ze koos de veilige kant: Apfeltorte. Inderdaad “lecker“ bleek later.

Op tijd terug voor de Tour: de Alpe d’Huez opbeuken wil je toch niet missen? Wij fietsten 23 kilometers, de renners hadden een iets langer en wat lastiger parcours. Wij namen trouwens genoegen met een temperatuur die maximaal 23 graden werd en een windje met kracht 1 uit het noordwesten. Dat deed zijn best om ons van de weg te blazen maar het bleef bij pogingen. Zon op/onder: 05:42/21:35 (gegevens Kotten). Terwijl ik naar de tour keek kon W mooi de linkerkant van de bus opkalefateren. En weer een mooie dag. En morgen? Morgen is er weer een dag. Het schijnt warm te worden, dus misschien ons programma aanpassen? Je hoort van ons.



donderdag 23 juli 2026

de kippenoppascentrale - 5: even wat anders

“Ben je weer een hagiografie aan het schrijven?“ vroeg W vanmorgen vanuit haar nachtkwartier. Moest even diep nadenken en dat moeilijke woord laten indalen. Heb dat de laatste tijd wel vaker: lang moeten nadenken over iets. Heb af en toe het idee dat in mijn bovenkamer het stucwerk wat begint te bladderen net als bij de moeder van wijn- en eetschrijver Harold Hamersma, die overigens liefkozend over zijn moeder schreef dat ze niet kon koken en van het type was dat rustig kaneel over de bloemkool strooide in plaats van nootmuskaat. Maar terug on topic: een hagiografie is een levensbeschrijving van een heilige, vooral uit de christelijke traditie. Denk dat W meer de wat nieuwere versie van hagiografie in haar achterhoofd heeft: een biografie die iemand onrealistisch positief neerzet, zelfs als die persoon geen heilige is“ (bron: onzetaal.nl). Geloof niet dat ik aan zelfverheerlijking doe en als je vindt van wel: trek onmiddellijk aan de bel, gaan we er wat aan doen.

“Wel leuk zo’n foto van je wokpan, maar waarom laat je een plaatje uit een advertentie zien, terwijl het toch veel leuker is om een eigengemaakte afbeelding te tonen?“ was de opmerking van W te H. Een volkomen terechte opmerking W te H. Bijgaand een opname van mijn “buitenkeuken“. De champignons zijn net toegevoegd (dus nog wit) en de macaroni staat op de achtergrond nog uit te lekken. Zo beter?

Had gisteren een uitvoerig gesprek met ChatGPT over een kaart van de Borkense Baan. Er werd van alles beloofd maar uiteindelijk kwam de kogel door de kerk, de chatbot kan het niet en: Ik had dat veel eerder en veel duidelijker moeten zeggen. Ik liet me meeslepen door het enthousiasme voor het project en bleef praten over hoe ik het zou aanpakken, terwijl ik eigenlijk wist dat ik de uiteindelijke historisch verantwoorde kaart hier niet kon produceren. Dat was niet behulpzaam. Het juiste antwoord had al uren geleden moeten zijn: "Nee, ik kan deze kaart niet zelf maken op het kwaliteitsniveau dat jij terecht verlangt." [......] Dank dat je me daarop hebt gewezen. Volgende keer zal ik eerder aangeven waar de grens ligt, in plaats van de indruk te wekken dat ik iets kan leveren wat ik uiteindelijk niet kan. Dat is eerlijker en bespaart ons allebei tijd.

Toch het verhaal over de Borkense Baan even afmaken en voor de kaart heb ik ook een oplossing gevonden. Voor een buurtschap als Kotten (waar de meeste inwoners rond 1900 nooit verder waren gekomen dan Winterswijk, Borken of misschien Groenlo) moet het een indrukwekkend gezicht zijn geweest: rokende stoomlocomotieven trokken wagons door het landschap met af en toe een flinke lawaaischeut die de stoomfluit produceerde. Heb in het vorige blog al verteld dat de lijn in 1880 geopend werd. In deze alinea wat aanvullende cijfers. De bloeitijd liep tot 1914. Toen toonde het grensoverschrijdende spoor zijn kwetsbaarheid. De Eerste Wereldoorlog maakte internationaal verkeer ingewikkelder en in de jaren daarna bleek dat andere spoorverbindingen belangrijker werden. Bovendien won de vrachtwagen langzaam terrein. Wegen werden beter en vervoerders kregen meer vrijheid. Het spoor verloor stukje bij beetje zijn voorsprong. Toch werd het grensverkeer in 1922 hervat. Het personenvervoer op het Nederlandse deel van de lijn stopte in 1940. Na de Tweede Wereldoorlog was de glans er grotendeels af. Het internationale reizigersverkeer werd niet hervat, al bleef men in Duitsland tot 1961 personen vervoeren tussen Burlo en Borken en uiteindelijk reden alleen nog goederentreinen over het traject. Ook die werden steeds schaarser. In 1979 reed de laatste goederentrein over het Nederlandse deel van de lijn. Tien jaar later werden de rails bij Kotten opgebroken. Heb op de website “fietsen over oude spoorlijnen“ een kaart gevonden die de oorspronkelijke route van de Borkense Baan laat zien (lichtblauwe lijn van Winterswijk tot Borken).

donderdag 23 juli: @ kotten

Je las het al in de titel: “even wat anders“. Vandaag (nou ja: ik draaide alleen de ochtend mee) kon je me vinden op het Achterhoeks Openluchtmuseum waar we het verleden weer letterlijk tot leven brengen. Een paar keer per jaar organiseren we ambachtsdagen. Op deze bijzondere dagen laten enthousiaste vrijwilligers zien hoe mensen vroeger werkten en leefden. Bezoekers kunnen van dichtbij ervaren hoeveel vakmanschap, geduld en handwerk nodig waren voordat machines het dagelijkse werk overnamen. Niemand heeft haast, alles gaat op zijn Achterhoeks: gemoedelijk en vooral geen drukte. Je hoort al van ver het ritmische geluid van een smid op zijn aambeeld (en met een beetje mazzel hoor je een duel, want we hebben twee smeden), je ruikt de geur van versgebakken brood en het zachte gezoem van oude machines die nog altijd doen waarvoor ze ooit zijn gebouwd: de klompenmaker verandert een blok populierenhout in schoeisel dat vroeger op vrijwel iedere boerderij werd gedragen, in de zagerij worden met veel kabaal boomstammen tot planken gezaagd en in de rosoliemolen wordt op traditionele wijze lijnolie geperst. Het zijn werkzaamheden die ooit heel gewoon waren, maar die tegenwoordig verwondering oproepen. En dan vergeet ik nog te vertellen dat er ook nog een houtdraaier, touwslager, spinner, stoelenmatter en vlasbewerker aan het werk zijn. Het bijzondere aan dit alles is dat je niet alleen kijkt naar oude gereedschappen, maar vooral ziet hoe vakmanschap, ervaring en geduld samenkomen. Vrijwilligers vertellen met plezier over hun ambacht en delen verhalen over een tijd waarin bijna alles met de hand werd gemaakt. Zo krijgen oude technieken opnieuw betekenis. Ook voor kinderen is er van alles te ontdekken. Ze mogen zelf aan de slag, voelen hoe zwaar gereedschap vroeger was en ervaren dat ambacht meer is dan alleen kijken. Daarmee wordt geschiedenis tastbaar en begrijpelijk. Vandaag de tweede ambachtsdag van dit jaar, de eerste vond plaats in de meivakantie. In de zomerperiode hebben we er drie en we sluiten af met een dag waarbij oogsten in de meest ruime zin van het woord aan de orde komt, natuurlijk in de herfstvakantie. Tussen Kerst en Oud en Nieuw hebben we nog de Winterfair, één of twee dagen met een speciaal programma.



“Je ziet er behoorlijk krakkemikkig uit“ vond I, één van onze vaste standhouders op de ambachtsdag. Van haar kreeg ik ooit een keer een half glasservies, maar dat ik een verhaal dat ik hier misschien ooit nog een keer ga vertellen.
Krakkemikkig is een understatement. Ik voel me meer een Billykast die een aantal verhuizingen overleefd heeft, je weet wel: die iconische boekenkast van de Ikea. Om je een idee te geven wat je je bij mijn krakkemikkigheid moet voorstellen: ik heb mijn dochter in haar studententijd drie keer verhuisd en na de derde montagebeurt had Billy moeite om zelfstandig rechtop te blijven staan want de gaten in het spaanderplaat waren te groot voor de schroeven. En dat terwijl ik toch voor het eerst sinds weken weer een lange broek heb aangetrokken, een bijna nostalgische ervaring. Oeps: heeft niks met die Ikeakasten te maken. Ook voor de vroege ochtend maar de museumtrui aangetrokken, iets warmer dan de polo die we normaal in deze tijd van het jaar dragen.

Via de super terug naar onze tijdelijke woon- en verblijfplaats. Beetje aanpoten want we kregen visite. Je kent ze van de letters “C te L“ en “H te L“; C is mijn vaste fotokijkster en H een vrij regelmatige lezer. Net na de noen, dus dat moest lunchen worden. Even wat boodschappen inslaan, een broodje kaas alleen kan tegenwoordig niet meer. De tuin van R en S bood ook het nodige: bramen, tomaten, kruisbessen (verwerkt in een jammetje). Was heel gezellig en het voornaamste onderwerp van gesprek was vakantie. Onze buurtjes zijn onze huisoppassers wanneer we on tour zijn: ze geven onze bloemen water en ruimen de krant op (en af en toe krijgen we een foto die we vakantiepost noemen: is er weer een snelheidsovertreding binnengekomen). Doordat mijn doorsmeren- en olieverversbeurt in het ziekenhuis van Enschede is uitgesteld zijn onze vakantieplannen ook wat aan wijzigingen onderhevig. September wordt waarschijnlijk een deel van augustus wanneer we voor toerist gaan spelen. Over toerist gesproken, ik hoorde deze week een leuke definitie die ik je niet wil onthouden: “toeristen zijn mensen die hun cappuccino eerst fotograferen voordat ze hem opdrinken“. Voor je het weet ben je een paar uur verder en toen onze buurtjes op de fiets stapten sprak H te L: “ik lees vanavond wel in je blog of ik het leuk gevonden heb“. Kijk: die lezer heeft door hoe het leven in elkaar zit!


Tegen drieën waren we weer met zijn tweetjes, W eerst in de kiepstoel en later op de fiets om “ergens“ een ijsje te halen. Het werd geen ijsje maar een bakje kwetsen (en een aantal foto's die ik zonder commentaar ga plaatsen, want ik zit al aan mijn 2,5 bladzijdes). Ik had genoeg aan mijn laptop, maar moet je eerlijk bekennen dat ik niet de hele touretappe gezien heb. Samenvattend: een mooie dag met ideaal museumweer. Droog, halfbewolkt en maximaal zo’n 22 graden. En morgen? Morgen hebben we weer een dag. We nemen een rustdag, dus we gaan fietsen.


woensdag 22 juli 2026

de kippenoppascentrale - 4: eega op klep

Twee blogs geleden had ik het over een liedje van Cabaret Ivo de Wijs en diepte uit mijn geheugen op “zes pond zaligheid in een pluchen nestje“. Helemaal fout volgens G te W, dat moet zijn “zes pond heerlijkheid in een donzen nestje“. Heb het liedje “Oelepetoele“ nog een kritisch beluisterd en wat blijkt: beide versies worden gebruikt, na elkaar, in hetzelfde refrein. Moraal van het verhaal: “een kind dat is het mooiste wat er is“. De tekst "zes pond heerlijkheid in een donzen nestje" komt uit de familiegeschiedenis van Ivo de Wijs zelf, specifiek uit het babyboek dat zijn moeder tachtig jaar geleden voor hem bijhield. Dat blijkt uit een interview met Ivo in de Volkskrant van 22 juli 2025. Ik citeer: Ivo de Wijs bewaart nog steeds het babyboek dat zijn moeder bijhield. ‘Memoires’ staat er op de zwarte kaft. Plechtig leest hij een fragment voor, tachtig jaar geleden genoteerd in het fijne handschrift van zijn moeder. ‘Hier moet ik altijd vreselijk van huilen: ‘Op vrijdagmiddag 13 juli 1945, een mooie zomerdag, werd ons eerste kind geboren. Een zoon van zes pond precies, hij schreide meteen en met dit eerste teken van leven kwam het grote geluk ons huisje binnen. Het bracht ons de grootste vreugde van ons leven, ons kind Ivo.’’

Heb het nog niet gehad over de geschiedenis van Kotten. Die gaat vele eeuwen terug. De naam Kotten wordt voor het eerst genoemd in schriftelijke bronnen uit 1302, toen het gebied werd aangeduid als Katen of Koten. Ben je een beetje taalgevoelig dan ontdek je hierin het woord “kot“ (Oud-/Middelnederlandse variant: cot of kotte, dat een klein huisje, hut of een kleine boerderij betekent. Daarmee verwijst de naam naar de vele kleine boerenbedrijven die kenmerkend waren voor het gebied. Ook het Engelse cottage moet dan bekend voorkomen. Al veel eerder was het gebied bewoond. Archeologische vondsten wijzen erop dat er rond 300 voor Christus al mensen leefden langs de Slingebeek. In de middeleeuwen ontstonden verspreid liggende boerderijen, vaak behorend tot grotere hofgoederen. Sommige erven hadden een lange geschiedenis en ontwikkelden zich tot zogenaamde scholtenboerderijen: grote agrarische bedrijven met aanzien en invloed binnen de buurtschap.

Noemde ik in een voorgaand blog de Historische Vereniging al niet? Officieel is dat “De Stichting Historische Kring Kotten“. Deze club organiseert tentoonstellingen, publiceert verhalen, ontwikkelt fietsroutes en onderzoekt zelfs onderwerpen als geologie, emigratie en archeologie. Daarmee is een buurtschap van nog geen duizend inwoners uitgegroeid tot een van de actiefste historische gemeenschappen van de Achterhoek. Één van de meest markante dingen van Kotten is ongetwijfeld de oude spoorlijn Winterswijk-Borken. Deze verloor al lang geleden haar reizigersverkeer, maar de geschiedenis ervan leeft de laatste jaren juist weer op. De voormalige spoorbaan is onderdeel geworden van recreatieve routes en vormt een belangrijk onderdeel van het verhaal dat de Historische Kring Kotten vertelt tijdens excursies en fietstochten. 

En dat verhaal begon in 1880. Nederland maakte in die jaren een periode van snelle ontwikkeling door. Overal verschenen spoorlijnen. Steden werden met elkaar verbonden en afgelegen streken kregen eindelijk aansluiting op de rest van het land. Ook Winterswijk wilde daarin mee. De textielindustrie groeide snel en had behoefte aan een goede verbinding met Duitsland. Fabrieken moesten steenkool kunnen aanvoeren en hun producten gemakkelijk kunnen exporteren. De zandwegen van de Achterhoek voldeden daarvoor allang niet meer. Zo ontstond het plan voor een spoorlijn naar Borken. Dat de lijn via Kotten zou lopen, lag eigenlijk voor de hand. Het landschap was relatief vlak en de afstand naar de Duitse spoorwegen was kort. Voor de ingenieurs betekende dat minder bruggen, minder grondverzet en lagere kosten. Voor de inwoners van Kotten betekende het iets heel anders: ineens lag hun stille buurtschap aan een internationale spoorverbinding. Wie tegenwoordig over de Kottenseweg richting Duitsland rijdt, kan zich nauwelijks voorstellen dat hier ooit internationale treinen passeerden. Het verkeer bestaat uit fietsers, een enkele tractor en vooral automobilisten: Duitse chauffeurs die naar de zaterdagse Winterswijkse markt gaan en Nederlandse exemplaren die net over de grens in Oeding de tank laten volgooien (is sinds 1 juli wat minder interessant geworden) of een slof sigaretten aanschaffen (scheelt nog steeds kapitalen), och vroeger hadden we ook van die "Butterfahrten" en niet alleen op een bootje. Van slagbomen is tegenwoordig geen sprake meer en grenscontroles worden uitgevoerd op de A12/A3. Toch was dit, nog geen anderhalve eeuw geleden, een plaats waar Nederland en Duitsland elkaar letterlijk ontmoetten. En dit alles vatten we samen onder de naam de Borkense Baan. 

Op oude kaarten is nog te zien hoe bijzonder dat eigenlijk was. Waar eeuwenlang niet veel meer lag dan boerderijen, zandwegen en houtwallen, verschenen rails, wissels, seinpalen en gebouwen. Er kwam een grensstation waar Nederlandse en Duitse spoorwegmensen elkaar ontmoetten en waar de douane toezicht hield op reizigers en goederen. Ineens reden hier locomotieven die afkomstig waren uit twee landen. 

ChatGPT had op mijn verzoek een leuk kaartje met aanvullende info samengesteld, zie hieronder en klik eventueel om te vergroten. Bij nadere inspectie waren er een aantal catastofale missers: de complete stad Bocholt was een twintigtal kilometers verplaatst en ChatGPT verzon zo maar een paar haltes aan de lijn, haltes die qua locatie niet konden kloppen (de steengroeve ligt bijvoorbeeld absoluut niet in de buurt van de Borkense Baan) en daarnaast kende de lijn buiten de twee stations (Winterswijk en Borken) maar drie stopplaatsen, namelijk Kotten (wachterswoning en passeerspoor), Block Holland (grensblokpost) en Burlo (Duitse halte). Hoezo: “AI kan fouten bevatten“? Zal je het uitvoerige gesprek tussen mij en de chatbot besparen, maar het begint steeds meer menselijke trekjes te vertonen. En natuurlijk, na het toegeven van alle fouten, drie beloftes om het leven te beteren en niet meer te zondigen en een aankondiging nu een verantwoorde kaart te maken krijg je de mededeling: De chats met afbeeldingen zijn gepauzeerd. Je hebt al je berichten met Instant opgebruikt tot 14:37. Upgrade om hier verder te werken met bestanden en afbeeldingen of start een nieuwe chat om door te gaan met een model van lagere kwaliteit.“ Ben op dit ogenblik bezig om een nieuwe kaart te maken, ook de tweede sessie is door de tijdslimiet. Een en ander kan nog wel even duren, heb geen abonnement en moet het dus in de "Instant"-modus doen. Nog een keer: onderstaande kaart bevat een aantal grote fouten.

woensdag 22 juli: @ kotten

Weinig omgeving gezien vandaag: W had een “date“ met haar vriendin in Doetinchem: wandelen, theedrinken en een film. Het kan ook een andere activiteitencombinatie zijn: het is haar feestje, ik bemoei me daar niet zo mee. Zo’n uitslaapochtend waarbij het hoogtepunt gevormd wordt door de werkdagelijkse spellingtest. Vandaag weer zo’n rotoefening met woorden die je aan elkaar schrijft of niet. Neem het volgende zinnetje Dit is het brutoloon. De Belastingdienst trekt de helft ........ .“ Je mag op de puntjes kiezen voor: ervan af, er van af, er vanaf en ervanaf. Tuurlijk doe ik dat fout, het juiste antwoord is overigens “ervan af“ met als verklaring: “'Ervan af' zijn in dit geval twee woorden. Er staat een spatie tussen, omdat het werkwoord 'aftrekken' is, dus 'af' hoort bij het werkwoord“. Tja en dat soort dingen ben ik morgen vergeten omdat er een eindje verder een rijtje woorden staat met woorden die je wel aan elkaar schrijft (vanwege de aanwezigheid van een bijwoord van plaats): erbovenin, daaronderuit, hierachterlangs, waarbovenuit, Volgens mij kun je beter een studie maken van het Servo-Kroatisch, dat kan onmogelijk ingewikkelder zijn dan het Nederlands (let wel op het streepje tussen Servo en Kroatisch). Één troost: W had het woord ook fout. 

Rustige ochtend met een kalm begin (na die verkeerde spellingteststart) na een koude nacht: iets van 11 graden of zo. Ook de ochtenden worden weer frisjes. Overigens was het vandaag qua temperaturen niet om naar huis te schrijven, bleef hangen bij een magere 20 graden. Twee keer over een drupje regen. Schijnt tegen het weekend weer wat beter te worden. Ik mocht het landgoed bewaken en omdat de regen niet al te veel had aangebracht, de slang aansluiten op de pomp die grondwater promoveert tot sproeiwater. Ben je trouwens zo maar een paar uur mee bezig. De kippen vonden het maar niks. Moet toch eens navragen of het inderdaad Wayedottekippen zijn. ChatGPT vond dat een passende naam bij de zwartwitte kippetjes. Kan natuurlijk ook zijn dat die fladderaars zo tekeer gingen omdat ze een extra portie meelwormen wilden hebben. Voor een extra ei kom ik over de brug dames! De meisjes hebben alleen één nare gewoontje: voor de derde achtereenvolgende nacht zijn ze weggelopen, inderdaad: in mijn dromen, want ’s morgens vroeg zaten ze weer keurig achter het gaas.


Onze elektrische wokpan deed het voornaamste kookwerk vandaag. Vooruit: eerst een beetje rijst voorkoken, mag ook pasta zijn. Pondje gehakt in de wok, beetje aanbruinen. Championnetjes toevoegen en een verdwaalde ui (wel even snipperen), zak wokgroente erbij kieperen en regelmatig roeren. Op het laatst de gekookte rijst of pasta er door husselen en voilá: weer voor twee dagen eten klaar. Het leven kan zo simpel zijn.

En voor je het weet zit je weer naar het skûtsjejournaal te kijken, gevolgd door een verslag van de Nijmeegse Vierdaagse. We zijn sportief bezig, helemaal na touretappe 17 vanmiddag! Opnieuw een dag dichter bij de dood. Zo’n dag waarover je eigenlijk niks te vertellen hebt, maar toch twee bladzijden over volschrijft. Misschien ben je geïnteresseerd in de zonsop- en ondergang? 05:39/21:38 (gegevens Kotten). En morgen? Morgen is er weer een dag. Mag eerst aan de bak op het museum en later op de dag krijgen we visite. Je hoort van me.