Wat zoekt een mens in Balgoy? Het is niet meer dan een gat tussen de dijken van het Land van Maas en Waal. Het hoort bij de gemeente Wijchen. Een klein gat, want Balgoij heeft tussen de 590 en 730 inwoners. Dat dat aantal zo varieert heeft te maken met de manier van tellen: heb je het alleen over het dorp of tel je de koppen van de buitenwijken mee? Wij zitten volgens Buienalarm in de buurtschap “Verspreide Huizen Balgoy“. Wie er voor het eerst aankomt, rijdt er misschien bijna ongemerkt doorheen. Geen druk plein, geen lange winkelstraat en geen rijen toeristen met camera’s, het is geen Grave of Wijchen en al helemaal geen Nijmegen. Juist dat maakt Balgoy bijzonder. Het is een “woondorp“ en de bewoners zijn voor hun boodschappen aangewezen op winkels in met name Wijchen. Het enige waar je je eigenlijk druk over hoeft te maken is of het Balgoy of Balgoij is, maar dat heb ik een aantal jaren geleden al gedaan en ik val niet graag in herhaling. Balgoy ligt vlak bij de Maas en wordt omringd door open landschap, geliefd door fietsers en wandelaars. Een landschap dat vooral gevormd is door de Maas: overstromingen die voor vruchtbare grond zorgden.
Of het bordje eten in de camper er net zo uitzag als de foto in het vorige blog. Neen beste lezer W te H en dat had vooral te maken met de zalm die bij de Jumbo in de aanbieding was (twee voor de prijs van één). Geen mooie grote plakjes die je in een kopje (bekleed met magnetronfolie) kunt vouwen en daar de mix van onder meer avocado en mayonaise in kunt draperen om zodoende een mooi bolletje te vormen. Het waren kleine stukjes vis en weet nu dus ook waarom ze de boel in de aanbieding hebben gegooid. Alle ingrediënten dus wel aanwezig maar iets anders gerangschikt en het geheel was goed eetbaar. De avocadomousse zit een beetje verstopt onder de asperges en laat zich niet zo goed zien op de foto die ik van dit culinaire hoogstandje heb gemaakt.
Of het die camperplek is met al die bordjes, flessen en andere verzamelingen, wilde lezeres L te D weten. Inderdaad L te D: de familie (en met name Yvon, die soms ook Yvonne heet) houdt van zooi. Bewonder bijgaande foto’s maar die W tijdens haar verkennende wandelingetje over het erf gemaakt heeft.
donderdag 21 mei: @ balgoy
Langzaam aan begint de camperplek vol te lopen, allemaal lelijke witte dozen (en wat mooie blauwachtige metalic busjes) die graag de pinksterdagen “buiten“ willen doorbrengen. Dat “buiten“ zal ongetwijfeld gaan lukken. Vandaag al heel ander weer dan gisteren en het belooft de komende dagen nog warmer te worden. We zullen ons hier in de omgeving een paar dagen moeten vermaken. W af en toe een wat grotere fietstocht en regelmatig mag ze mij ook uitlaten: niet te ver want opa kan dat met zijn benen (even) niet meer aan. Deze week bericht gekregen dat dat “even“ nog duurt tot de tweede helft van juli van dit jaar. Attamottamotta! We proberen er mee te leven. Vandaag ging het op de fiets naar het Bevrijdingsmonument in Overasselt, maar daarover later meer: er was veel meer moois te zien.
De eerste highlight was het “Monument Grens van Noord-Brabant en Gelderland“ en zoals gewoonlijk hangt hier weer een verhaal aan vast. Eigenlijk is “monument“ een groot woord, het is een informatiebord dat vertelt over de geschiedenis en geografie van het gebied rondom Balgoy en Keent. Tot 1 mei 1923 vormde Balgoy samen met de buurtschap Keent de gemeente Balgoy. In 1923 werd de gemeente ingedeeld bij Overasselt. Het gebied veranderde drastisch in 1938 toen een meander van de Maas werd afgesneden om de rivier te verbeteren voor scheepvaart en waterafvoer (een project in het kader van de Maaskanalisatie). Hierdoor kwamen de dorpen Balgoy en Keent aan weerszijden van de rivier te liggen. in 1958 was de breuk compleet: Keent werd definitief ingedeeld bij het Brabantse Ravenstein en later bij de gemeente Oss.
Vandaag de dag is Keent een natuurgebied van 300 hectare, bekend om zijn struinuiterwaarden. Op bijgaand deelkaartje van onze route van vandaag kun je goed de meander zien die door de Maaskanalisatie werd afgesneden. De “1“ geeft het punt aan dat ik in de vorige alinea heb beschreven, op “A“ ligt onze camperplaats.
Vervolgens kregen we het fietspad langs de Maas voor de kiezen, geen LF8 volgens mij, die gaat over de dijk bij Grave, da’s de andere kant van de Maas. Gelukkig maar volgens W, de officiële LF8 is met dit weer stervensdruk en gisteren kwam ze vooral grotere groepen tegen. Ons Maasfietspad werd onderbroken door een pauze bij de sluis bij Grave. Een grindboot werd er geschut. Altijd een mooi excuus om even van de fiets af te stappen.
De tocht langs de Maas ging na de sluis verder richting Overasselt. Een paar keer kwamen we de naam “Kleefse Veerstraat“ tegen, een weg die dwars door de uiterwaarden loopt. Weet niet of de hele weg die naam heeft. Een deel was voorzien van beton in plaats van asfalt. Er werd gewaarschuwd dat deze weg soms zwaar vervuild is wanneer landbouwvoertuigen er over heen zijn geweest, maar op een verdwaald plukje hooi was er niks te vinden. Hier was het rustiger dan op de dijkweg die we na een paar kilometer weer mochten volgen. Het eerste wat we van Overasselt zagen was de standerdmolen Zeldenrust. Deze korenmolen zou je ook een “verhuismolen“ kunnen noemen want hij werd in Geertruidenberg gebouwd, heeft een paar jaar in Raamsdonksveer gestaan en is in 1890 naar Overasselt verplaatst. Een zware storm verwoestte in november 1972 de door achterstallig onderhoud verzwakte Zeldenrust. Tien jaar later, in 1982, werd de molen op de huidige plek herbouwd.
De oude Nederlands Hervormde kerk was ons volgende highlight, een van de monumenten van Neder- en Overasselt. Al eens eerder op het bankje onder de kerk gezeten. Vond een artikel in de Gelderlander uit 2019 met de titel “wat heb je nou aan een monument?“. In dit artikel wordt een antwoord op die vraag gegeven aan de hand van een bespreking van een aantal oude gebouwen in de gemeente Heumen, waaronder ook een aantal in Overasselt. Een klein stukje uit dit artikel: “In de middeleeuwen schonk Karel de Grote aan een aantal Franse Benedictijner monniken een stuk grond in Overasselt. Zij mochten daar ook de belasting van innen, de zogenoemde tienden. Een door Karel de Grote voor zichzelf ingevoerde belasting: boeren waren verplicht een tiende van hun oogst aan hem af te staan. Een restant van wat die monniken bouwden is nog de St. Walrickkapel. Er hoorden ook twee boerderijen bij die er nu nog - zij het natuurlijk niet meer in de oorspronkelijke staat - staan. Dat gegeven onderscheidt Overasselt van elke andere plaats in Nederland.” Even voor de duidelijkheid: die Walrickkapel is niet het witte kerkje waar we onze lijven even lieten rusten en waarvan W een foto heeft gemaakt.
Aan de andere kant van Overasselt kwamen we langs het bevrijdingsmonument. Dit monument vertelt het indrukwekkende verhaal van de middag waarop de hemel boven het dorp letterlijk rood en blauw kleurde van de parachutes. We hebben het over zondag 17 september 1944, een zonnige en rustige nazomermiddag in Overasselt. Niets doet vermoeden dat dit de dag is waarop de geschiedenis van het dorp voorgoed zal veranderen. Maar rond de klok van kwart over een klinkt er plotseling een onheilspellend, aanhoudend geronk in de verte. Wanneer de inwoners naar buiten kijken, geloven ze hun ogen niet. Honderden gigantische transportvliegtuigen vullen de lucht. Het is het begin van Operatie Market Garden. Boven de weilanden van Overasselt – destijds aangeduid als 'Dropzone O' – springen duizenden jonge Amerikaanse soldaten van het 504th Parachute Infantry Regiment (onderdeel van de beroemde 82nd Airborne Division) uit de toestellen. Hun cruciale missie: zo snel mogelijk de strategische brug over de Maas bij Grave en de bruggen over het Maas-Waalkanaal veroveren. De parachutes dalen overal neer: in de maïsvelden, in de bomen en soms zelfs dwars door het dak van een woning. Het Amerikaanse hoofdkwartier wordt direct ingericht in het toenmalige gemeentehuis van Overasselt in het buurtschap Schoonenburg, dat is exact de plek waar nu het monument staat. Een paar dagen later, het is dan 23 september, herhaalt het spektakel zich als gigantische, houten zweefvliegtuigen (gliders) en Poolse parachutisten landen in dezelfde Overasseltse weilanden om de troepen te versterken. Deze gebeurtenissen moesten herdacht worden. Daarom werd in 1985 een monument onthuld: een beeld dat drie monumentale, ijzeren parachutes voorstelt. Deze parachutes staan symbool voor de Amerikaanse, Poolse en Britse luchtlandingstroepen.Na het bezoek aan de drie parachutes maakten nog 6 aanvullende kilometers onze tocht compleet. Omdat er weinig wind stond (zuidwest 2), er geen noemenswaardige hoogteverschillen waren en we regelmatig mochten/moesten stoppen waren de net-geen-twintig-kilometer voor mij goed te doen al is het wel heel wat anders dan wat we vorig jaar om deze tijd wegtrapten. Het is zo.
Lunchen, W nog even boodschappen doen bij de Action in Wijchen (het nieuwe fietsslot is onvindbaar en doe ook maar een paar schillenmesjes - ook kwijt) en dan genieten van een mooie middag in de buurt van de camper. De douche mocht eerst van mij en later van W bezoek verwachten: weer twee schone en frisse lijfjes. Temperatuur oplopend naar 22 graden en in de loop van de dag steeds meer zon. Zon op/onder: 05:36/21:31. Een mooie dag. En morgen? Morgen is er weer een dag. We bijven nog even hier.


.jpeg)
.jpeg)



.jpeg)




.jpeg)

.jpeg)






.jpeg)
.jpeg)



.jpeg)
.jpeg)







.jpg)

.jpeg)


.jpeg)






.jpg)
.jpeg)




.jpeg)
.jpeg)
.jpeg)
