De Zwarte Cross is tegenwoordig het grootste betaalde festival van Nederland en een van de grootste meerdaagse festivals van Europa (Bron: Wikipedia). Jaarlijks bezoeken honderdduizenden mensen het evenement in onze achtertuin, waar zij “genieten van een unieke combinatie van motorcross, muziek, theater, stunts, kunst, humor en Achterhoekse gastvrijheid“. De woorden komen niet van mijzelf maar een of ander wervend foldertje op internet. Wat begon als een klein en eigenzinnig initiatief van een groep vrienden (De eerste Zwarte Cross werd georganiseerd op 31 augustus 1997 in Hummelo), groeide in minder dan dertig jaar uit tot een internationaal bekend festival met een geheel eigen identiteit. Het initiatief kwam van de Achterhoekse rockband Jovink en de Voederbietels, met zanger Hendrik Jan Lovink als grote inspirator. De organisatoren verenigden zich in een BV met de naam “Feestfabriek Alles Komt Goed“. Toen het evenement te groot werd voor Hummelo werd een prima plek gevonden op de Schans in Lichtenvoorde (je kunt ook zeggen dat delen liggen in een paar kerkdorpen liggen. Het monument van Tante Rikie staat op de grens van Lichtenvoorde, Lievelde en Vragender). De creatieve leiding en dagelijkse organisatie liggen nog steeds bij het team van de Feestfabriek ondanks het feit dat de Feestfabriek in 2021 een meerderheidsbelang verkocht aan het Britse festivalbedrijf Superstruct Entertainment. Het was even schrikken toen Superstruct in 2024 werd overgenomen door een Amerikaanse investeringsmaatschappij (KKR). De overname door KKR leidde in 2025 tot veel discussie. De organisatie van de Zwarte Cross liet toen publiekelijk weten zich niet te herkennen in de investeringen en standpunten van KKR. Onderstaande foto stond ook op de site van de Gelderlander en/of AD.
De hitte is inmiddels het land uit. Het leven is compleet anders geworden. In het Parool van 15 juli 2026 kwam ik een artikel tegen met de titel “Wennen aan de hitte“. Misschien een beetje mosterd na de maaltijd want ik vond het vorige week woensdag en vooral donderdag absoluut niet warm. Misschien is zelfs dat gewenning. Korte samenvatting: na extreme hittegolven in 2003 en 2006 kwam er meer aandacht voor de gevaren van extreme temperaturen. Men verzon in 2010 een Nationaal Hitteplan, met als grote eyecatcher de waarschuwingen in de media. Vorig jaar kwam het RIVM al tot de conclusie dat het risico om te sterven op heel hete dagen in Nederland sindsdien een stuk kleiner is geworden. Tussen 2010 en 2019 bezweken ongeveer 4300 mensen aan de hitte. Tussen 2000 en 2009 waren dat er nog zo’n 7000. Interessant is dat de onderzoekers ook keken ook naar het risico om te overlijden op heel koude dagen. Dat is altijd nog een stuk groter dan het risico om te overlijden door hitte. Tussen 2007 en 2019 kwamen alleen al in Amsterdam jaarlijks zo’n 245 personen om het leven als gevolg van de winterkou. Deze sterfte heeft voor een deel te maken met leeftijd en als je dan bedenkt dat het aantal 75-plussers in 2050 ongeveer verdubbeld zal zijn ten opzichte van nu dan kun je op de klompen aanvoelen dat er in de komende decennia steeds meer doden gaan vallen door hitte en door kou. Moeten we het binnenkort alleen nog hebben over het begrip “oversterfte“, want volgens mij kun je maar één keer in je leven dood gaan. Pakken we dan meteen de “dorrehouttheorie“ mee.
maandag 20 juli: @ kotten
Aan de titel van dit blog kun je zien dat broer/zwager/schoonzus/kwispelstaartje vertrokken zijn. We zijn alleen op het landgoed, nou ja: een paar kippen proberen ons er regelmatig aan te herinneren dat ze er ook nog zijn. Busje zijn min of meer definitieve plek voor deze week gegeven, dat wil zeggen: gewoon laten staan. Gisteren even “tijdelijk“ geparkeerd omdat de camper van de huiseigenaars in de weg stond (je weet wel: van dat inpakwerk en zo). Vanmorgen kwamen we beiden tot de ontdekking dat er niks mis wat met de huidige plek. Druk? Och, zij inpakken en ik voor de zoveelste keer “kapucijners en sperziebonen“ fout schrijven en W contact leggen met de buitenwereld vanuit haar veilige nestje (zes pond zaligheid in een pluchen nestje, poelepoelepoelepoel; Ivo de Wijs of zo?). Gelukkig had ik wel het woord “stencilen“ goed (n c, i en één l). Voor iedereen onder de 60: het is een druktechniek met een stencil, dat is een vel dat op bepaalde delen inkt doorlaat. Omdat de klemtoon op “sten“ ligt heeft het maar één l. Heb complete jaargangen schoolkranten gestencild en dat was vaak een smeerboel. Was maar wat blij dat deze techniek eind jaren 70 van de vorige eeuw werd vergangen door fotokopiëren. Daarmee hielden we onze vingers inktvrij. Prachtig gezicht dat inpakken van een Nugget: wij hebben al een beperkte opbergruimte, broer/zwager/schoonzus nog veel minder. En dan moeten de spullen voor kwispelstaartje ook nog mee.
Toen goed tien uur de rust eenmaal was teruggekeerd op het landgoed (familie vertrokken, W gebeld met het ziekenhuis in Enschede - operatie wordt waarschijnlijk eind augustus en ik een half uurtje overleg met meneer de voorzitter van het museum) konden we “aan het werk“: W met de buitenkant van de bus en ik met het uitwerken van de notulen van de vergadering van een of ander clubje.
Een mooie en vooral rustige dag, weinig beweging. Beetje raar weer: vond het op de fiets wat frisjes, maar volgens de weerapps is het toch 23 graden geworden vanmiddag, wind noordwest 2. Misschien zijn we verwend? Zon op/onder: 05:36/21/40 (gegevens Kotten). En morgen? Morgen is er weer een dag. Toch maar eens een ernstig gesprek met de kippen voeren en even naar het museum (met de auto). We vermaken ons wel.
.jpg)








.png)





















.png)



.jpeg)







.jpeg)





.jpeg)


.jpg)









