noordpolderzijl

noordpolderzijl

zondag 8 maart 2026

voorzichtige schreden - 3: het water staat te hoog

Incidentele lezeres R te H was onlangs op visite op mijn blogsite, kwam het stukje over friluftsliv tegen (we leven nog - 4: het begint te kriebelen na vier maanden) en appte me dat ik eens moest kijken naar het woord “shinrin-yoku“, de Japanse tegenhanger van friluftsliv, maar wel met een iets andere nadruk. Je maakte me nieuwsgierig R te H. Eerst maar eens op zoek naar de betekenis van het woord. Shinrin-yoku (森林浴) betekent letterlijk “bosbaden”. Het is géén sport en ook geen wandeling met een doel, maar het bewust onderdompelen in de sfeer van het bos. Je “baadt” als het ware in de geuren van bomen en aarde, het ruisen van bladeren, licht en schaduw en tenslotte de stilte en kleine geluiden. Nee, niks zweefteverigs: het begrip werd begin jaren ’80 in Japan geïntroduceerd door het Japanse ministerie van Bosbouw, als reactie op stress, burn-out en verstedelijking. Je zou frilufsliv een levenshouding kunnen noemen (leven in en met de natuur) en shinrin-yoku een methode (helen door de natuur). Wil je meer weten, laat dan je Googlevriendjes er maar eens op los.



M te W wist te melden dat de camperplaats waar we deze dagen staan in de buurt van de Aviko te vinden is. Nou is dat eigenlijk niet zo moeilijk M te W: zeg je Steenderen dan zeg je Aviko. Aviko is een Nederlands voedingsmiddelenbedrijf dat gespecialiseerd is in het verwerken van aardappelen tot verschillende aardappelproducten. Het bedrijf werd opgericht in 1962 door een samenwerking tussen aardappeltelers en de coöperatie Royal Cosun. In Steenderen vind je zowel het hoofdkantoor als een belangrijke productielocatie. Aviko verwerkt grote hoeveelheden aardappelen tot producten zoals friet, aardappelschijfjes, rösti, kroketten en aardappelvlokken. Deze producten worden verkocht aan supermarkten, restaurants, snackbars en andere bedrijven in de horeca. Het bedrijf levert zijn producten niet alleen in Nederland, maar ook in veel andere landen in Europa, Azië en Noord- en Zuid-Amerika. Daardoor is Aviko uitgegroeid tot een van de grootste aardappelverwerkende bedrijven ter wereld. Aviko investeert ook veel in innovatie en duurzaamheid. Het bedrijf probeert energiezuiniger te produceren, voedselverspilling te verminderen en efficiënter met grondstoffen om te gaan. Daarnaast werkt Aviko nauw samen met aardappeltelers om de kwaliteit van aardappelen te verbeteren en een stabiele aanvoer te garanderen.

Tot slot nog een opmerking van R te K: ik vermeldde in mijn vorige blog de naam Broek op Waterland, dat moet zijn Broek in Waterland. Waarschijnlijk doelde ik op Broek op Langedijk volgens hem. Helemaal correct R te K, haalde weer eens een paar dingen door elkaar. Zal wel met leeftijd te maken hebben, maar jij bent maar een half jaar jonger. Één van mijn vriendjes zegt het volgende over die naam:De naam Broek op Langedijk verwijst naar een nederzetting in een moerassig gebied ('broek' = drasland) gelegen aan een lange dijk. Het dorp ontstond in de 11e eeuw als de zuidelijkste van vier langgerekte dorpen op deze 13e-eeuwse dijk in het Geestmerambacht.“ Bijgaande afbeelding toont het wapen van Broek op Langedijk (in 1818 door de Hoge Raad van Adel aan de toenmalige gemeente toegekend). In 1941 hield Broek op Langedijk op te bestaan en werd het onderdeel van de nieuw opgerichte gemeente Langedijk. Het wapen van Broek op Langedijk is daardoor komen te vervallen en in het wapen van Langedijk zijn geen elementen uit het wapen van Broek op Langedijk overgenomen, terwijl het toch zo’n schattig plaatje is.

zondag 7 maart: @ steenderen

Weer zo’n dag dat je met enthousiasme, plezier en vol verwachting de gordijnen open doet: de lente is begonnen. Nou ja, hangt er van af welke lente je bedoelt: de astronomische (zeg maar de “gewone“) lente of de meterorologische variant. De laatste is een paar dagen geleden begonnen op 1 maart en duurt altijd precies drie maanden: maart, april en mei. Deze weerkundige lente is in het leven geroepen om het weerkundigen (zoals van het KNMI of Buienradar) een beetje makkelijker te maken, bijvoorbeeld om statistieken en weercijfers per maand te vergelijken. Wanneer we het in het dagelijks leven hebben over “de lente“, bedoelen we de astronomische lente en die begint ergens tussen 19 en 21 maart (dit jaar officieel op 20 maart). Het tijdstip is afhankelijk van de stand van de zon. Zodra dag en nacht even lang duren zeggen we dat de lente is begonnen. Die datum is variabel vanwege het feit dat de aarde er niet precies 365 dagen over doet om rond de zon te draaien. Maar echte lente of meteorologische lente, het is me om het even. Ik wil (zoals mijn oude moedertje dat ooit noemde) “kool en knol achter me laten“ en weer zon op het bord. Was nog wel een beetje somber zo op de vroege ochtend en ook de kachel moest eerst nog even zijn werk doen: 5 graden is niet een aangename binnentemperatuur. Met “oude mopperpot, wacht maar even twee uur“, werden mijn bezwaren tegen deze lentedag weggewimpeld. Moet nog even verwijzen naar de dag van gisteren, een deel van de dag viel na blogsluiting: het was een gezellige binnen-zit-avond met drie afleveringen van Endless on Wheels (uit Marokko) en één Flikken Maastricht. We lagen er beiden vroeg in.

Wijze woorden van W om tien uur vanmorgen: “Ik vermoed dat je een route hebt gemaakt met als kenmerk pontje-heen-pontje-terug, maar ik zou als ik jou was maar eens informeren of die dingen niet uit de vaart gehaald zijn“. En inderdaad: een blik op de website liet zien dat de veerdienst Bronkhorst-Brummen in verband met hoge waterstand uit de vaart is genomen. Andere route in elkaar geknutseld met als einddoel het standbeeld van Normaal in Hummelo. Weet je ook waar de titel van dit blog op slaat.

 

En dan stap je op de fiets en trapt door een stukje Achterhoek waar je niet zo vaak komt: de driehoek Zutphen - Doesburg - Doetinchem en je vraagt je af of dit landschap er altijd zo heeft uitgezien en (misschien nog veel interessanter) hoe het er over zo’n 100 jaar bijligt. “Vroeger“ is bekend: het begon met de ijstijden waarbij vooral de voorlaatste (het Saalien, zon 150.000 jaar geleden) het voornaamste werk heeft gedaan: als een bulldozer werd het landijs vanuit Scandinavië binnengeschoven. Zo ontstonden de stuwwallen op de Veluwe, heuvels zoals het Montferland en in het Overijsselse Salland. Het gebied ertussen werd juist relatief vlak maar lichtgolvend met veel zand en beekdalen. Die beekdalen ontstonden toen de gletsjer ging smelten en het water richting de grote rivieren ging stromen. Het befaamde coulisselandschap vindt zijn oorsprong in de middeleeuwse landbouw. Vanaf zo’n 1000 jaar na het begin van onze jaartelling begonnen boeren het gebied intensiever te ontginnen. Ze maakten kleine akkers (essen), houtwallen en heggen om vee binnen te houden en kleine bospercelen voor hout. Terwijl dit landschap in andere delen van Nederland verdween (onder meer door grootschalige ruilverkavelingen en verstedelijking) bleef het in de Achterhoek relatief in tact doordat de landbouw kleinschalig bleef, er weinig grote steden kwamen en veel land bij oude landgoederen hoorde.





Tot zover het verleden, nu over naar de toekomst. Kwam bij mijn zoektocht naar het Achterhoekse landschap een heel mooi verhaal tegen in de Gelderlander (
bron) van een paar jaar geleden met de facinerende titel “Het oosten van het land wordt over honderd jaar een hotspot dankzij zijn hoge ligging“. Het mooiste van dat artikel is een kaart die Wageningse wetenschappers maakten om aan te geven hoe Nederland er in 2120 uit zou moeten zien, als we de natuur een kans willen geven. Dat betekent: veel meer bomen, bredere rivieren en grotere steden in het oosten van het land. De Achterhoek als metropool? De kaart bevat voldoende tekst om een eerste indruk te geven van de verwachte toekomst. Als je meer wilt weten moet je het artikel maar even uitpluizen.

Tegen half twaalf was het leven buiten een stuk aangenamer geworden en konden we rekening houdend met het verleden en de toekomst (zie boven) het heden in (zie hieronder) op weg naar Hummelo. Hummelo is de bakermat van de rockband Normaal, bekend om de opzwepende muziek en teksten in Achterhoeks dialect. De band is zo geliefd dat de fans een manshoog bronzen standbeeld van de vier muzikanten hebben laten maken. Het beeld staat prominent op het “Normaalplein” vlak bij een zeer uitnodigend terras dat we (met enige moeite) konden weerstaan. We moesten zo ongeveer in de rij staan voor een foto met als thema “wie is hier nu eigenlijk normaal“. De Achterhoekse band was veertig jaar succesvol en stopte in december 2015 en daarna nog een keer of vijf volgens mij. Het beeld is een cadeau van de fanclub van Normaal, het Anhangerschap en werd in 2018 onthuld tijdens Hemelvaartsdag.

Steenderen ligt op de rand van het Achterhoekse coulisselandschap en het rivierdal van de IJssel. Beide landschappen mochten we bewonderen en beide vonden we mooi. Kan natuurlijk niet anders met een stralende zon en een temperatuur die opliep tot zo’n 17 graden. Tel daarbij op dat er vrijwel geen wind was en je kunt je voorstellen dat het een leuk tochtje was. Regelmatig buitenetalages bekijken en zelfs ik kwam over de eindstreep. W kwam na thuiskomst tot de ontdekking dat Zutphen naast de deur ligt, de terrasjes overwegend in de zon liggen en de witte wijn ongetwijfeld goed wordt gekoeld, dus maakte een afspraak met een vriendin en verdubbelde zo haar dagafstand (onze route was net geen 30 kilometer). Ik kon tijdens haar afzien ook afzien: nadenken over de zin van het leven en een paar kippenpoten braden. Bami met gebakken ei gisteren en bami met gebraden toktok vandaag. Het leven zit vol afwisseling. Morgen maar even geen bami meer. Komt goed uit: we moeten morgen naar huis in verband met allerlei verplichtingen van zowel W als van mij. Hoezo achter de geraniums zitten?


zaterdag 7 maart 2026

voorzichtige schreden - 2: de eerste keer samen dit jaar

Nou ja, we zijn al ruim twee maanden samen dit jaar, maar om in een camperblog vermeld te worden moet het iets te maken hebben met dat tiny house op vier wielen. Overigens net naar de taxateur geweest, viel reuze mee uiteindelijk (het waardebedrag welteverstaan). Nee, we konden niet eerder vertrekken naar Heerejezusveen of een soortgelijke plek in de moerassen van Nederland, want het seizoen van het Achterhoeks Openluchtmuseum staat voor de deur, dus moest er een hele dag vergaderd worden en zo. Weekend begint dan gewoon een paar dagen later. We kunnen er weer tegen: belastingaangifte gedaan en we krijgen wat terug. W hoeft zich van mij ook geen zorgen meer te maken over de financiële situatie van onze kinderen en kleinkinderen (kind één gaat met aanhang naar Japan op vakantie en kind twee laat aan zijn kroost zien waar zijn vrouw en hij getrouwd zijn - Indonesië dus). Kortom: we hoeven ons niet schuldig te voelen als we geld aan onszelf uitgeven. Het nageslacht moet trouwens maar afwachten met die puinhoop in het luchtruim of ze te zijner tijd wel op de plaats van bestemming komen.

Eerst even de post. Vaste lezeres L te D merkte op dat camping de Fontein al een paar jaar niet meer genoemd werd, terwijl we daar vroeger regelmatig, dikwijls en vaak kwamen. Heel simpel vaste lezeres L te D: over and out. Decennialang was de camping een plek voor rustzoekers. Zelfs mijn broertje heeft er een paar jaar met zijn gezin een seizoensplaats gehad. De camping werd bestierd door twee broers Van den Bos, volgens mij Alex en Bart. In 2021 nam het vastgoedbedrijf Metanoia Groep de camping over. Dat bedrijf beloofde de recreanten aanvankelijk dat ze konden blijven. Maar in 2024 werd bekend dat de Metanoia Groep van de camping een luxe vakantieresort maakt. De rustige gemoedelijke sfeer met een beheerder die alle tijd had voor een praatje en met zijn fiets de nieuwkomers naar hun plek begeleidde, veranderde in een erg commercieel gebeuren waarbij de eigenaar van het terrein een luxe waterresort wil maken. Recreanten die al jaren vaste staanplaatsen, chalets of plekjes op de camping hebben, waren het daar niet mee eens en maakten bezwaar. Ze vrezen dat ze hun plek (en jarenlange investering erin) moeten verlaten omdat ze niet meer in de nieuwe plannen passen. Ze hebben juridische stappen genomen. Inmiddels zijn de werkzaamheden begonnen (kapwerkzaamheden, hagen verwijderen) ondanks de hoger-beroepzaak die nog loopt. Je kunt je voorstellen dat dat extra onenigheid veroorzaakt. En de gemeente Berkelland? De gemeente kan niet direct voorkomen dat de transformatie doorgaat als de plannen voldoen aan de regels van het omgevingsplan (vroeger bestemmingsplan). Een passende foto uit 2019 mag deze alinea verfraaien. De troep is van de kleinkinderen die op visite waren.

Schoonzoon M te P was onlangs op bezoek op het Achterhoeks Openluchtmuseum en was gecharmeerd van het woord “noaberschap“ dat in de introductiefilm gebruikt werd. Hij vroeg zich af of ik daar meer over kon vertellen. Laat nu net in de Stentor van 1 maart een artikel gestaan hebben met als titel “Hoe noaberschap in Oost-Nederland veranderde van burenplicht in politiek wapen“. Het laat Achterhoekers en Tukkers aan het woord die mogen vertellen wat noaberschap inhoudt. Lees het stuk eventueel hier (voor zolang het nog beschikbaar is). Vroeg aan ChatGTP om er een plaatje bij te maken en het programma kwam uiteindelijk met twee afbeeldingen op de proppen die ik hier beide weer zal geven. Noaberschap, beste M te P betekent méér dan alleen buren die aardig zijn. Het gaat om elkaar helpen als het nodig is (ook vanzelfsprekend), zorg dragen voor ouderen of zieken, samen werken bij grote klussen, wederkerigheid: vandaag help ik jou, morgen jij mij, betrokkenheid bij elkaars leven. Het heeft iets dorps, iets vanzelfsprekends, iets dat niet georganiseerd hoeft te worden.

Hoogste tijd om aan het echte werk te gaan en ondanks dat deze boomer groot geworden is in het tijdperk van de typemachine en het carbonpapier (tijdens het typexamen mocht je een brief produceren met doorslag en envelop), gaan we de camperverhalen toch maar digitaal produceren onder het motto “als niemand perfect is kun jij beter iemand zijn“.

zaterdag 6 maart: @ steenderen

Staat al jaren op het lijstje, maar op de momenten dat we konden en wilden was de plek “complet“. Gewild stekje: camperplaats Landlust in Steenderen. Een uniek plekje aan de dorpsrand. Erwin en Ans zijn in 2015 met de camperplaats begonnen, ze hadden al een cadeauwinkeltje (volgens W meer een winkel van Sinkel). De Plus om de hoek (handig voor dat vergeten flesje maggi), wat wil een camperaar nog meer. Misschien (en het is er ook) een verharde ondergrond, schoon water, een plek om makkelijk afvalwater te lozen, voldoende containers (maar niet in het zicht), sensorverlichting op het terrein en wifi. Dat laatste is er in twee smaken, namelijk gratis (en da’s niks) en betaald (niet geprobeerd, heb mijn eigen hotspotje). Netjes onderhouden allemaal (vindt ook W en die is doorslaggevend) en dat voor € 18,50 all-in (behalve de douche). Met een waardering van 4,49 van 5, gemeten onder ruim 500 bezoekers, scoort derze camperplaats hoog net als alle andere leden van de club “Bij Ons“, een samenwerkingsverband van camperplaatsen. Deze club heeft persoonlijk contact hoog in het vaandel staan en zijn alle particulier eigendom. De bezoekers die een lagere waardering gaven gaven aan dat ze het contact met de eigenaren misten. Laat dat nou iets zijn dat ons gestolen kan worden: zo’n “gezellig“, nietszeggend welkomstverhaaltje. Zou juist zoiets met extra punten belonen.


En Steenderen zelf? Een plaatsje van zo’n 2000 inwoners (inclusief buitengebied een kleine 2.300) dat hoort bij de gemeente Bronckhorst. Bekend van de Aviko (aardappeldelecatessen) en FrieslandCampina (de fabriek in Steenderen is goed voor 30 miljoen kilo kaas per jaar). Tot 2005 was de plaats zelfstandig en had een eigen vlag:
"Geblokt van geel en blauw van vier blokken met op het midden een leeuw in natuurlijke kleur, houdende in de voorpoten een wit schild, beladen met blauwe keistenen."

Och, je moet toch wat te doen hebben. W wilde actie, maar omdat mijn lijf niet mee wilde werken ging ze alleen op verkenning. Uitgangspunten waren een paar getallen die ze van een bord overgenomen had. Knooppunten noemde ze dat. Kon haar via Google Maps volgen (positie delen) en zag dat het goed was. Kreeg later een paar foto’s, waar ik zelf het verhaal bij moest bedenken volgens haar: “dan beleef je de route ook een beetje“. Eerste foto: een herdenkingsmonument in Rha ter nagedachtenis aan de zeven Canadese militairen van 'The Queen's Own Rifles of Canada' die op 6 april 1945 tijdens de Tweede Wereldoorlog om het leven kwamen. Toen W zag dat ik “in Rha“ schreef, zei ze dat dat “op Rha“ moest zijn. Weet dat dat gebruikelijk is bij eilanden en voormalige eilanden: iemand woont op Urk, maar in de Achterhoek had ik dat nog nooit gehoord. Google en zijn maten zijn dan je vriend en inderdaad: het is lokaal gebruikelijk om “op“ te gebruiken, zoals in “de mölle op Rhoa“. Waarschijnlijk omdat Rha op een soort rivierduin (een verhoging) in het IJssellandschap ligt. Weer wat geleerd. Binnenkort nog even “Broek op Waterland“ navorsen.


Niet zo’n spectaculair landschap vond W en kwam met een molenfoto aanzetten. Lief van haar, want ze weet dat ik dol op molens ben. Bleek de Bronkhorster molen te zijn, in 1844 gebouwd ter vervanging van een afgebrande standerdmolen. Het is een beltmolen, dat wil zeggen: hij staat op een verhoging (belt) om zo meer wind te vangen. Om vier uur was de bemanning weer compleet, kon ik de ogen opendoen en W de hare dicht. Samen de namiddag en de avond in. Zal best gezellig worden, maar dat verneem je morgen wel.


Aan de foto’s kun je zien dat het een dag was met een “waterig“ zonnetje, wilde vanmiddag niet echt doorkomen. V: 222.585; A: 222.628. Rijtemperatuur: 13-14 graden. Het is weer mooi.

zondag 1 maart 2026

voorzichtige schreden - 1: amaai zulle, ik heb mijn pere gezien vandaag

Wat kan taal toch mooi zijn. Kwam deze winter deze typisch Vlaamse uitdrukking tegen en dacht “parkeren voor later, kan ’m ooit nog een keer gebruiken als ik een zware, moeilijke of vermoeiende dag heb gehad. Iets met afzien dus“. Maar voor ik het over zware zaken heb eerst even de post behandelen, dus onder het motto “kakelen is niets, maar een ei leggen is een kunst“ (heb er zelfs een tegeltje bij gevonden) even een paar dringende problemen de wereld uithelpen.

En dat terwijl we op dit ogenblik gewoon een klotewereld hebben. Je moet me me eens zijn dat we leven in een wereld waarin geweld en macht centraal staan, en waarin politieke leiders (krijg de namen Putin, Netanyahu en Trump amper uit mijn strot) hun keuzes vaak laten bepalen door ik-gedrag, defensie en economische belangen in plaats van door solidariteit en menselijke waardigheid. Is het in Nederland beter? Kabinet Wilders (sorry Schoof) hebben we net achter de kiezen en nu hebben we een zogenaamd progressief geval volgens de kranten. Helaas: gewoon liberaal-rechts waar de klappen weer bij de kleine man vallen en alles boven twee-keer-modaal wordt ontzien. We zijn dan even rechts-populistische retoriek kwijt, maar de kleur van onze samenleving neigt nog steeds niet naar rood, een wereld waarin sociale zekerheid, herverdeling, internationale solidariteit en menselijke belangen boven wapens, marktlogica en ego staan. De vraag is alleen of die er ooit zal komen. Zal binnenkort mijn frustratie is van me af gaan schrijven. Zo dat ben ik ook weer kwijt en ChatGPT heeft me er even bij geholpen:

Een van mijn winterrecesblogs ging over de verschillende generaties. Regelmatige lezeres M uit H gaf aan dat er toch wel duidelijke verschillen te benoemen zijn tussen de generaties Alpha (ca. 2010 - heden) en de voorloper Generatie Z (ca 1997 tot 2010/2012 - afhankelijk van welke bron je gebruikt). Ons oudste kleinkind (op het moment van schrijven een paar maand 16) is zo’n overgangsgeval. Het meest kenmerkende verschil tussen beide generaties is dat de een wel opgroeide met internet en smartphones, maar ook een wereld zonder mee heeft gemaakt; de alpha’s zijn “volledig digitaal geboren“: tablets en touchscreens vanaf peuterleeftijd. “Zetters“ zouden ook een stuk zelfstandiger zijn, de jongere generatie heeft graag directe feedback en personalisatie. Om kleinkind 1 toch tot de Zetters te rekenen: het waarderen van authenticiteit en individuele identiteit, mentaal welzijn en prestatiedruk zijn grote thema’s. Regelmatige lezeres M te H kan het weten: ze heeft een aantal van die koters in die leeftijd. Stoppen voor het een beetje zweefteverig gaat worden.

W te W (eigenaresse van een nog kleiner campergevalletje als het onze) miste een verhaal over koken in een buscamper. Vooruit: u vraagt, wij draaien. Koken in een buscamper is trouwens een kunst op zich. De keuken is klein, maar dat maakt je creatief. Je leert koken met één pan, twee ingrediënten en drie vloekwoorden als er iets overkookt. Toch smaakt het eten altijd beter dan thuis, simpelweg omdat je weet dat je het vaak buiten kunt opeten. En buiten smaakt alles lekkerder — zelfs spaghetti die aan elkaar plakt. En is het echte buiten te frisjes, dan is binnen in de camper ook een vorm van buiten.

Tenslotte een vraag van S te K: of ik tegen belastingbetalen ben? Dit naar aanleiding van de cartoon in een vorig blog over dubbele houderschapsbelasting. Nee, eigenlijk niet: belasting hoort erbij, moet alleen een beetje eerlijk verdeeld worden, iets met “sterkste schouders en zware lasten" of zo. Kwam op een regenachtige zondagmiddag in de winter een grafiek over de belastingdruk in Europa tegen. In bijgaande grafiek wordt de belasting (en sociale premies) van de landen van de Europese Unie afgezet als percentage van het BBP (Bruto Binnenlands Product). En dan komt plotseling Ierland als grote uitschieter uit de bus rollen. Het BBP meet alle productie binnen de landsgrenzen van een land, dus ook de omzet die een buitenlands bedrijf binnen vreemde landsgrenzen maakt. Omdat Ierland veel internationale bedrijven kent die daar belastingplichtig zijn (denk aan Apple en Google) wordt het BBP enorm verhoogd en helaas: de winst gaat naar de veelal buitenlandse aandeelhouders. Eigenlijk zou je voor dit soort landen een grafiek moeten maken die het BNP (Bruto Nationaal Product) of GNI (Gross National Income) als uitgangspunt neemt, al kleven ook daar weer bezwaren aan. Het GNI of BNP meet alle productie van inwoners en bedrijven van een land, ongeacht waar ter wereld, dus voor de Nederlandse situatie wat Nederlanders wereldwijd verdienen, waarbij geldt dat de winst van een Nederlands bedrijf in Duitsland wel meetelt voor het Nederlandse BNP maar de winst van een Amerikaans bedrijf in Nederland niet. Je hoort mensen vaak zeggen dat de belastingen in onze buurlanden lager liggen. Laat dat nou niet blijken uit bijgaande grafiek. De overheid “plukt daar gewoon andere kippen“.

vrijdag 27 februari: @ lettele

Mooi weer, tijd om Puzzel even uit te laten. Beestje moest toch opgehaald worden want moet binnenkort getaxeerd worden. Terwijl de jongens op het museum bezig waren om riet te dekken (grapje: “ik heb Riet niet gezien“) mocht deze jongen de grote boze wereld in, want lichamelijke arbeid is op dit ogenblik niet echt mijn ding. W had andere plannen en dus mocht ik samen met mezelf de grens over: de Overijsselse grens wel te verstaan. Eerst even mega-inkopen bij de Aldi, niet alleen een natje en een droogje maar ook belangrijke zaken inzake de voorraad, waarbij je moet denken aan allesreiniger en tandpasta.

Maar toen kwamen de problemen: ’t Haarlerveld was nog niet geopend (dacht dat ik op internet andere geluiden had gehoord), volgens de beheerder die de boel aan het opknappen was hoefde ik het ook niet “aan de andere kant van de N35“ te proberen, hij had al enkele klanten gehad die daar niet welkom waren omdat er een of ander “treffen“ plaats vond. Heb het maar niet uitgetest, want aan de andere kant van de N35. Op naar Bentelo, maar John had zijn hele sanitaire bedoening in de revisie. Kwam ik uiteindelijk op de Brandkoele in Lettele terecht. Plek genoeg en een aangename plaats, alleen niet erg aangeharkt, maar daar hou ik wel van.

Kom ik nu op de titel van dit blog: “amaai zulle, ik heb mijn pere gezien vandaag“. Het is een typisch Vlaamse uitdrukking die betekent dat de persoon in kwestie een zeer zware, moeilijke of vermoeiende dag heeft gehad. Volgens het Nederlands Woordenboek kun je de volgende elementen herkennen:

  • "Mijn pere gezien": Dit is een verbastering van "zijn/mijn peer(en) zien" (oorspronkelijk uit het Frans "père" - vader, maar in deze context verwijzend naar het zwaar hebben).
  • "Amaai zulle": Dit is een Vlaamse uitroep van verbazing, versterking of (in dit geval) vermoeidheid. "Zulle" wordt vaak gebruikt om de uitspraak kracht bij te zetten. 

Kort samengevat: iemand die dit zegt bedoelt eigenlijk "Jeetje/Wauw, wat heb ik het vandaag ongelooflijk zwaar gehad"

Kortom: in plaats van de beloofde 56 kilometer kwamen er uiteindelijk 142 op de teller te staan. Volgens bovenstaand kaartje van Google Maps zijn het er maar 134 maar Miepie houdt er geen rekening mee dat ik naar de Aldi ben geweest en soms een iets andere weg heb genomen. Avontuur met een hoofdletter dus. Kon nog wel even “een zetel uithalen“ (weer zo’n mooie Belgische uitdrukking die betekent dat ik nog even een stoeltje kon buitenzetten en mijn fragiele lijfje kon blootstellen aan wat overheerlijke febrarizonnestralen. Het biertje was al koud en ik liet mijn gedachten gaan over verleden, heden en toekomst en kwam uiteindelijk bij een spreekwoord terecht dat ik ooit in de soek van Marrakech gehoord heb: “vertrouw op Allah, maar bind eerst uw kamelen vast“. Bedacht me daarna dat de Nederlandse variant eigenlijk net zo mooi is: “vertrouw op God, maar zet wel je fiets op slot!“ Er is zelfs een liedje van gemaakt, google maar even of zoek op Spotify.

Och en wat doe je dan als het donker wordt en de gordijntjes in de camper dicht gaan? Eigenlijk niks anders dan thuis op de laatste vrijdagavond van februari: verwarming aan en kijken naar de Slimste Mens, 2 voor 12 en de eerste aflevering van Flikken Maastricht. En daarna een van de mooiste momenten van een camperdag. Ik noteerde de volgende ochtend: Naar bed gaan in een buscamper is net alsof je in een knus, klein huisje slaapt dat toevallig aan de rand van de wereld staat. Het geluid van regen op het dak is zo rustgevend dat je je afvraagt waarom niemand het als meditatiemuziek verkoopt. Je valt in slaap met het geruststellende idee dat je morgen wakker wordt op een plek die jij hebt uitgekozen. Deze keer midden tussen de weilanden waar die ene nieuwsgierige koe nog net ontbrak. Je weet wel zo’n beest dat je met vragende ogen aankijkt waarom jij nu juist op haar terrein staat.“

Camperplaats de Brandkoele Lettele; prijs € 17,50 per nacht inclusief stroom. Rijtemperatuur 15 - 17 graden. Wisselend bewolkt. V: 222.329; A: 222.471. Wifi eigen hotspot.

zaterdag 28 februari: @ lettele

Toen ik vanmorgen de schuifdeur voor het eerst opendeed zag de wereld er heel anders uit dan een dag eerder. Ander weer: 12 graden maximaal en een zuidwester kracht 4. Niksnie fietsen dus. Het weerbericht vond dat het ook een paar keer moest regenen vandaag. Kachel aan om de ergste kou een beetje te verdrijven en gebakken eieren met spek maken een goed begin aan de dag. Vergeet daarbij ook het potje koffie niet. Ik hou van dit soort dagen, al moeten ze niet te vaak voorkomen. Zo’n dag om te zijn, niet om te doen. Alhoewel: heb wel veel gedaan, achterstallig schrijfwerk voor de vrijwilligersclubjes en zo. Binnen actief, terwijl het buiten lijkt alsof de wereld stil ligt, al probeert de boer zijn kar met mest op het weiland leeg te krijgen. Niet buiten zitten, zelfs de schuifdeur niet op een kiertje.

Grote voordeel van deze tijd van het jaar is dat de muggen je nog niet op de menukaart hebben gezet om de doodeenvoudige reden dat ze er nog niet zijn. Tenminste hier in Nederland. Heb vroeger geleerd dat muggen koudbloedige insecten zijn en warmte nodig hebben om actief te zijn.

Een van de leuke dingen van camperen is mensen bekijken. Nee, hoef niet als een paar familieleden met iedereen diepzinnige gesprekken te voeren, mis daarvoor denk ik een paar essentiële genen. Een kort babbeltje is meer dan genoeg. Neem nu vannacht: links van me een alleenreizende man, hoi gezegd bij de afwas en hij vertelde dat hij nog steeds onderweg is op zijn 89-ste. Alleen want vrouw is overleden. Nee, hij woonde niet in zijn camper, vond hij teveel gedoe en overwinteren in Spanje hoefde hij ook niet meer. Aan de andere kant een stel rond de dertig in een piepklein buscampertje. Even een paar dagen er tussenuit, maandag weer werken.

zondag 1 maart: @ kötteldiek

Eigenlijk een verkeerde dag om weg te gaan: het zonnetje tetterde en de wind was gaan liggen. Niet al te warm, vooral vannacht niet. Vrijdag/zaterdag tikte de binnentemperatuur nog 12 graden aan, vanmorgen hield het met een kleine 7 op. Geen probleem: daarvoor hebben ze de Truma uitgevonden. Ontbijten, beetje poetsen en opruimen en de bus mocht nog 54 kilometer naar de Kötteldiek afleggen. Rijtemperatuur 12 graden. Het was weer erg gezellig met mezelf.

zaterdag 21 februari 2026

we leven nog - 4: het begint te kriebelen na vier maanden

Na vier maanden stilstand begint het wat te kriebelen, misschien niet bij de camper en bij W maar bij mij in ieder geval wel. Het is wel zo dat Puzzel beter op stal kan staan dan stilstaan aan de Kötteldiek. Op stal is hij ontschorst, aan de Kötteldiek moet wegenbelasting (sorry: houderschapsbelasting) betaald worden en sinds 1 januari van dit dat is dat het dubbele van wat we vorig jaar mochten ophoesten. Eigenlijk moet onze Puzzel voor 8 maart opnieuw getaxeerd worden, tenminste wanneer we dezelfde verzekeringscondities willen houden en bij het “in-de-prak-rijden“ de taxatiewaarde willen ontvangen in plaats van de dagwaarde. Lang over nagedacht maar tussen 20.000 en 30.000 zitten wel aardig wat flesjes rode wijn verschil. Dus afspraak gemaakt voor een camperwaardetaxatie begin maart. Kan dan dus het feest beginnen.

Even een paar briefschrijvers “afwerken“. Allereerst H te L die het verhaal van Bialetti een beetje vreemd vond. Geeft niks beste H te L: ik ken die naam ook nog maar sinds een paar maanden. Eén van de medebestuursleden van het museum is ook campereigenaar. Zijn camper is dan wel wat luxer uitgevoerd dan ons Puzzeltje, maar weet niet of hij net zo tevreden is als ik. Hij zweert bij goede koffie, heeft thuis een state-of-art-koffiezetter staan en wil op het museum beslist geen koffie uit een bepaald koffieapparaat. In de camper zweert hij bij zijn Bialetti. Ja, heerlijke Italiaanse koffie van Bialetti. Kijk maar even op bialettistore.nl. Niet schrikken van de prijzen, niet alleen de pruttelaartjes (de percolators dus) hebben een leuk prijskaartje, ook de “speciale“ koffie is “speciaal“ geprijsd. Koffie lijkt me goedkoper te krijgen, alleen heet het dan geen Bialetti. 

Camperaarster M te W vond mijn verhaal over het leven in een camper heel herkenbaar. Ze vond de volgende aanvullig beslist noodzakelijk: “Soms moet je een wasje doen, weer de hele camping over sjouwen met wasmand van en naar dat washok dat nooit naast de camper staat. Verder moet je oppassen met de sociale borrels: er zijn er die vertrokken op overwintering als lid van de blauwe knoop en kwamen terug als lid van de AA. Maar zoals altijd heb je minpunten nodig om van de pluspunten te kunnen genieten. En zeker is zeker: je kunt niet altijd zes gooien.“ 

Vaste lezeres R te L kwam de volgende tekst tegen op een collegablog, helaas was ze de naam vergeten (moet eerlijk bekennen dat ik het stuk behoorlijk heb ingekort, kreeg er op mijn oude dag nog net geen natte dromen van en het heeft ook een hoog AI-gehalte, onder meer door die liggende streepjes): “Er is een bijzonder soort rust die je alleen vindt als je met een buscamper op reis gaat. Het begint meestal al voordat je weg bent — namelijk op het moment dat je probeert alles in te pakken. Want hoe klein die camper ook is, er past altijd meer in dan je denkt. Een soort magische Tetris-ruimte waarin koffiekopjes, slippers, boeken, drie verschillende soorten kaas en een vergeten zak marshmallows moeiteloos verdwijnen. Tot je de deur dichtdoet. Dan valt er natuurlijk iets om. Dat hoort erbij. Toch begint het échte ontspannen pas wanneer je de motor start. Er is iets meditatiefs aan het gevoel dat niemand anders bepaalt waar je heen moet. Geen strakke schema’s, geen instaprij 43B, geen steward die vriendelijk doch dringend vraagt om “stoelriemen vast”. Nee, in de buscamper is het motto: je ziet wel waar je uitkomt — hopelijk vóór de lunch. De weg zelf maakt je al zen. Je rijdt langs weilanden, bossen, riviertjes… of een bouwput die er gisteren nog niet was. Maar zelfs dan is er dat fijne gevoel dat je nooit te laat bent. Want hoe kun je te laat zijn als je geen afspraak hebt?“ Bijgaande foto komt uit de hele oude doos, 2005 als ik me niet vergis: familiefietsvakantie naar Hamburg. Onze vorige bus was bagagewagen (en voor W en mij overnachtingsplek).

Dus: JA, we gaan er nog een jaartje tegenaan. Proberen in 2026 een zo groot mogelijk aantal camperovernachtingen te halen terwijl ik regelmatig twijfel of ik nu bewondering of medelijden met mezelf moet hebben, wanneer ik mijn lijf weer eens krakkemikkig naar de sanitaire unit probeer te verplaatsen. Woorden als rollator en scootmobile worden in huize Nales tegenwoordig vaker gebruikt dan app en game. Maar ik ben niet de enige. Zie regelmatig mensen die “onderweg zijn“ ondanks de beperkingen die het ouder zijn met zich meebrengt. “Je kunt het ook wat optimistischer bekijken“, sprak W, “je kunt ook zeggen dat je erachter gekomen bent dat je brein een stuk jonger is dan je lijf.“ Tja, ook dat is soms wel frustrerend, maar zolang er nog geen rolstoel en een Sensiredame in de bus gepropt moeten worden en W nog niet dagelijks mijn kont hoeft te wassen kunnen we ons overgeven aan wat de Noren noemen friluftsliv, zo’n mooi klassiek Noors begrip dat je met “vrij buiten leven“ zou kunnen vertalen (fri = vrij, luft = lucht, liv = leven), maar de betekenis gaat veel dieper. Het is eigenlijk meer een levenshouding dan een woord dat je één-op-één kunt vertalen. En nee, er is niks spektaculairs aan, het gaat niet om extreme avonturen. Een rustige wandeling door het bos, een picknick bij een meer, langlaufen, paddenstoelen zoeken of gewoon buiten zitten met een thermoskan koffie, dát is friluftsliv. En de oorsprong? Het begrip werd in de 19e eeuw populair gemaakt door de Noorse schrijver Henrik Ibsen, die het gebruikte om een eenvoudiger, natuurgericht leven te beschrijven als tegenwicht voor verstedelijking en industrialisatie. Friluftsliv draait om op een eenvoudige manier tijd doorbrengen in de natuur, verbondenheid voelen met landschap, seizoenen en weer, genieten zonder prestatiedruk of luxe, rust, balans en mentaal welzijn. Blote kont erbij en je noemt het naturisme. Probleempje: Noorwegen heeft nu niet het meest ideale klimaat om veel in je blote poepert rond te lopen. Kreet tussendoor: “Slecht weer bestaat niet, alleen slechte kleding“.

We gaan dus weer op stap, inmiddels al een paar periodes geblokkeerd zodat we geen andere afspraken maken, maar of we ons daar ook aan gaan houden is de vraag. En voor je het weet begint de kassa weer te rinkelen: camper taxeren (moet van de verzekering), onderhoudsbeurtje bij Wisselink (hele waslijst), APK en kleine beurt bij de garage en waarschijnlijk straks ook af en toe een onvrijwillige bijdrage doen aan een of andere staatskas: je krijgt dan van die vriendelijke (maar dwingende) “bedelbrieven“, meestal in het Frans, soms in het Nederlands maar de laatste jaren zelden meer in het Duits en da’s dan weer jammer want die laatste jongens doen er altijd een gratis foto bij en hebben een relatief lage kilometeroverschrijdingsprijs. ChatGPT maakte er graag een diagrammetje voor me van. Heb overigens de boetebedragen niet gecontroleerd.

Met die kennis gewapend dus min of meer onbevangen de grote wereld in, alleen misschien wel wat anders dan vroeger. Ja: oudere mensen spreken graag over vroeger. Vroeger, toen ik meer toekomst dan verleden had en er eigenlijk helemaal van overtuigd was dat ik wist hoe de wereld in elkaar zat. Dat soort vroeger dus. En waar gaan we komend jaar naar toe? Kleine uitstapjes in Nederland en net over de grens. En het buitenland? In zekere zin hebben we "alles wel gezien". Mijn generatie geboren rond de jaren 50 van de twintigste eeuw heeft in een paar decennia meer verandering meegemaakt dan welke andere ook. Volgens mijn zoon ben in opgegroeid in de jaren dat in het buitenland een fles wijn goedkoper was dan een fles bronwater. Weet alleen dat het voordeel van de eerste was dat je die niet echt hoefde te koelen. Bier koud houden in een tent? Een ware crime. Een ijsblok kopen in de campingwinkel, of (als je geluk had) een sixpack bier dumpen in een riviertje of beekje achter je tent. Zal ophouden met “opa vertelt weer eens over vroeger“. Ja, ik ben van de uitstervende generatie die zich aanpaste aan veranderingen en die nog weet hoe het was voor de tijd van het internet en mobiele telefoon. Aangepast inderdaad: in den beginne hadden we een tentje, tegenwoordig zetten we ons Puzzeltje neer tussen andere bussen en dozen, waaronder dure campers van rond de 6,5 ton met alle denkbare luxe van binnen en van buiten en dat terwijl ze toch nog steeds zelf hun potje moeten legen en hun eigen bed opmaken.


Stilte voor de storm dus: de volgende keer dat ik hier blog is het waarschijnlijk vanuit een knusse camper. Oeps: even de gasbussen controleren! Morgen maar een afspraakje maken met de camperstalling. En ja vaste fotokijkster C te L: beloof dat er dan ook weer "echte" foto's komen.