noordpolderzijl

noordpolderzijl

vrijdag 17 april 2026

de lente lokt - 6: een nieuwe camperplaats ontdekt

En weer een melding van een sterfgeval. Dagelijkse kost, zul je zeggen. Maar hier ligt het iets anders: op het Achterhoeks Openluchtmuseum houden we een aantal keren per jaar zogenaamde Ambachtsdagen, ik heb er al vaker over geschreven. Op die dagen komen ook standhouders hun kunsten (een oude ambacht) vertonen of hun spullen (meestal regionaal getinte artikelen) verkopen. In nog geen jaar tijd hebben we drie keer een bericht van overlijden van een standhouder gekregen: het hakt erin. En de laatste kreeg ik te horen op dezelfde dag dat mij verteld werd dat er binnenkort iets aan mijn aorta en andere aderen en slachtaderen geknutseld gaat worden. Mijn buurman (die in dezelfde periode voor wat anders in het ziekenhuis ligt) noemt al die medische ingrepen capriolen om Magere Hein zo lang mogelijk om de tuin te leiden. Ongeveer hetzelfde als de griepprik en een vaccinatie tegen Covid, maar dan iets pittiger. “Niet klagen“, sprak W, “wees blij dat er inmiddels meer dan 100.000 keer één of meer van je verhaaltjes zijn gelezen“.

vrijdag 18 april: eibergen

Je kunt je ergeren aan het nieuws en dan met name aan die demente bejaarde in Amerika. Je kunt ook denken: “die gek heeft de langste tijd wel gehad“ en doorgaan met fietsen (wel even de zijwieltjes eraf halen). Voldoende meters gemaakt op het museum deze week, dus met een gerust hart een vrije vrijdag kunnen nemen. Mooi weer en W had een nieuwe camperplaats ontdekt. In de buurt, natuurlijk: de diesel staat nog ruim boven de 2 Euro per liter. Erve Berg en Dal ligt tussen Eibergen en Haaksbergen, maar nog wel aan goede kant van de provinciegrens. Of ik wel tussen de zwarte stiertjes wilde camperen, was de vraag van W. Ze doet haar huiswerk altijd goed: Aberdeen Angus runderen zijn inderdaad zwart. En die beesten die in de wei naast de camperplaats lopen zijn heel erg zwart (behalve dan twee stukjes geel: de merktekens in de oren). Campers en runderen worden wel netjes gescheiden: draadje ertussen. De camperplaats ligt aan de rand van het Assinkbos en in de directe omgeving zie je alleen maar natuur met op 3 kilometer afstand de kern van Eibergen en (de andere kant op) op 7 kilometer het hart van Haaksbergen.

 

W moest eerst nog even op visite, een nicht bezoeken die ze sinds de dood van haar moeder (zo’n vijf jaar geleden inmiddels) niet meer gezien had. Op de fiets naar Winterswijk en na de koffie met appelgebak “binnendoor“ naar Eibergen. De route liep - hoe kan het anders - via het Zwillbrocker Venn. Ik mocht inpakken en de boodschappen doen en vervolgens de bus naar de bestemming rijden. Nog even het raam opengedraaid: de rijtemperatuur liep op tot 19 graden. Prima plekje uitgezocht (het was absoluut niet druk) en even de ogen dicht. Moet je nooit doen op vrijdagmiddag kwart over twaalf. De boer meende voor het weekend nog even het gras te moeten maaien en gelijk had hij: de meeste camperbewoners waren op de fiets vertrokken.

W gunde zich weinig rust: even snel een boterhammetje naar binnen werken en toen weer op de fiets, nu met mij. Ik had een route uitgestippeld langs de randen van het Lankheet. Volgens de boekjes is landgoed het Lankheet een “verwevingsgebied“ van bos, natuur en landbouw volgepropt met oude essen, boerenerven, heide, hoogveen en historische bossen en hooilanden. Tijdens onze fietstocht (zeg maar “tochtje“) kwamen we een aantal keren een omrasterd bosperceel tegen. W heeft een paar foto’s gemaakt en die heb ik later aan ChatGPT voorgelegd om te achterhalen wat het moest voorstellen. Tante Pollewop kwam met drie dingen op de proppen: bescherming tegen vraat, bosbeheer/herplant en onderzoek. Naar alle waarschijnlijkheid gaat het hier om een stuk gekapt bos (je ziet op bijgaande foto takken, stronken en kale grond). Op een andere foto kun je wat jonge aanplant ontdekken, dus wil men het bos laten herstellen. Het hek geeft nieuwe aanplant een voorsprong. Het type hek dat gebruikt wordt (dichte horizontale latten) is vrij hoog en dicht waardoor het moeilijk is voor reeën om er doorheen te eten of overheen te springen.






zondag 12 april 2026

de lente lokt - 5: en weer een reisje afgesloten

Kreeg van verschillende kanten de naam “De Gelderse Tram“ ingefluisterd. Fijn dat er nog oudjes onder mijn lezers zijn die ook grootgebracht zijn met de gele voertuigen van de toenmalige streekvervoerder. De Gelderse Tram is de verzamelnaam van de bedrijven die in Gelderland tramlijnen en later buslijnen exploiteerden. De Geldersche Tramweg-Maatschappij (GTM) was de kern van het bedrijf. Oorspronkelijke naam Gelderse Stoomtramweg Maatschappij GSTM. Deze maatschappijk werd opgericht op 2 maart 1881 en opende zijn eerste lijn (Doetinchem - Dieren) in datzelfde jaar. Deze lijn werd aan beide kanten verlengd, zodat er in 1903 een mooi lijntje lag: Velp - Dieren - Doesburg - Terborg - Gendringen - Anholt (met als eindpunt het spoorstation Isselburg-Anholt van de Duitse Spoorwegen). In 1926 werd de lijn nog verlengd van Velp naar Arnhem. In de loop der jaren kwamen er de nodige tramlijnen en de daarbij behorende “eigenaren“ bij, zodat het rond 1930 “stikte“ van de stoomtramfirma’s. Tijd om de boel te bundelen: vanaf 1934 werden de meeste van deze tramlijnen ondergebracht bij de GTM, vanaf 1945 exploiteerde deze het hele net voor eigen rekening onder de naam Gelderse Tramwegen (GTW). Om het verhaal helemaal af te maken: het busbedrijf van de GTW ging in 1977 op in de Gelderse Streekvervoer Maatschappij (GSM) die op zijn beurt in 1993 opgeslokt werd door de Gelderse Vervoer Maatschappij (GVM), die in 1997 weer opging in Oostnet. Dit was vanaf 1999 onderdeel van Syntus. Om het verhaal helemaal af te maken: in december 2010 heeft Arriva het vervoer in de Achterhoek overgenomen. Morgen schriftelijke overhoring! Ter illustratie heb ik een foto van café de Driehoek in Lichtenvoorde in deze alinea opgenomen. Bij de foto hoort de volgende tekst: “In 1918 krijgt het café een speciale status, want vanaf dat moment vertrekt de stoomtram ook vanaf de Driehoek. Passagiers hoeven niet meer helemaal naar het tramstation aan de Varsseveldseweg te reizen. Nu kunnen ze bij de Driehoek ook opstappen. Het café wordt opengesteld voor reizigers die moeten wachten op de tram naar Aalten of naar Groenlo“. Als je goed kijkt zie je op de foto de rails uit de richting Groenlo komen, er is een wissel die de tramstellen richting Lichtenvoorde centrum of richting Aalten laat gaan. 

zondag 12 april: @ kötteldiek

Op de dag dat bekend gemaakt werd dat Sonja Barend op 86-jarige leeftijd is overleden mochten wij weer naar huis (bijgaande foto geplukt van nu.nl). Heeft het een met het ander te maken, zul je je afvragen? Nee: helemaal niks, net zo min als de mededeling dat het vandaag een dag is waarop we vier dingen “vieren“: 12 april is de dag van de goede daad (1), van het straatkind (2), van de ruimtevaart (3) en van de motorrijders (4). Wel onthouden dat nummer 1 tot en met 3 internationaal worden gevierd en nummer 4 slechts een nationale herdenkingsdag is. Het zijn gewoon dingen waarmee mijn (soms wat vreemde brein) zich op een gewone zondag bezighoudt. 

Een stuk minder koud dan de vorige nacht: vanmorgen wees het digitale kwik in de bus 11,5 graden aan. Toch nog wel even de Truma een zwengel gegeven, net te fris voor mijn poepertje. Moesten op tijd aan de Kötteldiek zijn, want W had weer eens een evenement met een van de kleinkinderen. Wederom nummer 2 en die mocht met haar groep een dansvoorstelling geven in de Storm in Winterswijk (opa mocht weer niet mee, opnieuw slechts een beperkt aantal kaartjes per kind). Het was goedkoop toeven daar in Doetinchem op de Varkensweide. W mocht voor twee nachten € 8,00 afrekenen bij de betaalautomaat (bewijsfoto bijgevoegd) en ik ging akkoord met het afschrijven van € 3,50 van mijn creditcard, zijnde 7 kWh stroom dat we opgevonkt hebben. Er zijn niet veel plekken in Nederland waar je goedkoper staat. De afwas wel even meegenomen voor de afwasmachine thuis, dat soort luxe paarden zijn we dan wel weer.

Heb er een nieuwe fan bij, W te W. Zij is vooral dol op “voedselfoto’s“ en van haar kwam de vraag wat we de laatste twee dagen gegeten hebben. Gisteren werd er voor ons gekookt bij eetcafé Jansen (geen foto van gemaakt), de dag ervoor hebben we zelf een hapje samengesteld in de vorm van een pastasalade. Heel simpel: beetje macaroni koken en af laten koelen, pak boerensalade halen (deze keer bij de Aldi), verdwaalde paprika schoonmaken en snipperen, 125 gram hamblokjes en een derde van een potje fêtakaas/olijven. Alles in één grote pan en goed husselen. Resultaat: zie bijgaande foto. Busje mag deze week waarschijnlijk uitrusten, de bazen hebben veel bezigheden buitenshuis. Meest spannende evenement is een bezoek aan de vatenboer a.s. maandag. We melden ons weer wanneer Puzzel weer meters gaat maken. Myran van Endless on Wheels zou afsluiten met “Later!“.



de lente lokt - 4: theo wordt 75

Een tijdje geleden beschreef ik het streekvervoer tussen Arnhem en Tolkamer, omdat ik toen geruime tijd achter een bus met lijnnummer 60 moest hangen. Ik tipte toen even de stoomtram Doetinchem - Arnhem aan. Als je dan toch in Doetinchem bent..... We gaan een eindje terug in de tijd en wel naar 1881. In dat jaar begon het streekvervoer zijn opmars en de eerste stoomtram tussen Doetinchem en Doesburg begon te rijden. Prachtige gebouwen van de Geldersche Stoomtramweg Maatschappij verrezen aan de Keppelscheweg. De reiziger moest vertrouwen ingeboezemd worden, want een tochtje met het 'wonder van stoom en techniek' was in die dagen een hele onderneming. De herdenkingsplaat uit 1880 in het hoofdkantoor zegt genoeg: 'Maakt gelukkig die nabij zijn en allen die veraf zijn zullen komen.' De lijn werd in 1887 doorgetrokken naar Velp, waar reizigers konden overstappen op de paardentram naar Arnhem. Later werd de verbinding verlengd naar Terborg, Gendringen en uiteindelijk via Isselburg naar Anholt in Duitsland. De tram was bedoeld om de Achterhoek uit zijn isolement te halen. Het vervoerde niet alleen mensen maar ook goederen, waaronder streekproducten. Rond 1920 was de lijn zeer rendabel en populair, bekend als een "wonder van stoom en techniek". Rond de Tweede Wereldoorlog nam het busvervoer snel toe. Eerst werd het personenvervoer per tram gestopt (dat begon al in de jaren 30), in het oorlogsjaar 1944 werd de verbinding Doetinchem - Isselburg/Anholt opgeheven, later ook het goederentransport in de hele regio. In 1957 werd de stoomtramdienst officieel gestaakt, maar toen reden er alleen nog maar museumtrams. Plaatje in deze alinea heb ik geleend. Officieel moet je dan je bron vertellen en dat gaan we dan ook maar doen: door OpenStreetMap contributors - openstreetmap.org, CC BY-SA 2.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=106974261

Moest ook nog even een robbertje vechten met ChatGTP. Had gisteren bij mijn verhaal over de Oude IJssel, Issel en Bocholter Aa gevraagd om een passend kaartje te generen. De een na andere fout stapelde zich op. Kijk eens naar bijgaand gepruts. En steeds op het hoogtepunt heb je dan je limiet bereikt. Vanmorgen opnieuw geprobeerd en uiteindelijk kwam het programma zelf met een bevredigend antwoord: Je hebt gelijk om hier af te haken — dit ging gewoon niet goed. De kaarten en zelfs het schema klopten niet, en jij zat daar terecht bovenop. Ik ga je niet opnieuw iets “proberen te verkopen”. Dit was onder de maat. Het begint net een mens te worden.

zaterdag 11 april: @ doetinchem

Een relaxte avond en nacht op de Varkensweide in Doetinchem. Geen last gehad van het verkeer op de brug en ook geen feestvierende jeugd gehoord. Sommige reviews waarschuwden hiervoor. Er kwamen gisteren nog een paar van die slagschepen binnen, maar omdat de camperplaatsen vol waren werden de dozen maar op de “gewone“ parkeerplaatsen neergezet. Namen wel twee vakken per camper in beslag, maar dat zal allemaal wel min of meer oogluikend worden toegestaan. Campers leveren omzet aan de horeca en andere middenstand. Toen ik om acht uur vanmorgen na een goede nachtrust de ogen opendeed wees de thermometer een binnentemperatuur van 8 graden aan, kachteltje aan en even terug onder de lapjes. Een uurtje later was het maar zo 16 graden: tijd om er uit te gaan (voor mij dan), de dekbedden begonnen te kleven. W had de dag nog niet aanvaard: het moest nog tot haar doordringen dat ze nog maar één dag en nacht op deze lengtegraad mocht vertoeven. Morgen weer naar huis, want weer een optreden van een kleinkind. Maar vandaag big party. Had al verteld dat de reden dat we in Doetinchem bivakkeren het feestje van Theo is? Theo is de partner van een vriendin van W.

Het was al tegen half twaalf toen we het ontbijt achter de kiezen hadden. Een niet al te geslaagde combinatie van (gezoet) Duits notenbrood met gebakken ei en tussen brood en ei een plakje kaas. Roeien met de riemen die je hebt of zo. W vertrok daarna wel heel snel naar de Dekamarkt om een lunch te scoren, misschien zegt dat genoeg. Ze kwam wel terug met een paar interessante foto’s (en twee ham-kaascroisantjes). Even terzijde: heb nog even geworsteld met de juiste schrijfwijze van ham-kaascroisant. Ergens in mijn achterhoofd hangt de regel dat ik tussen 'ham' en 'kaas' een koppelteken moet gebruiken omdat het een samenstelling is van twee zelfstandige naamwoorden die een product omschrijven. En dat terwijl er vandaag helemaal geen reguliere spellingstest wordt aangeboden.


De tijd tussen lunch en feest konden we overbruggen met de laatste aflevering van Flikken Maastricht en het verhaal van de Nutriscore bij Keuringsdienst van Waarde. Het nadeel van camperen op de Varkensweide is dat “campinggedrag“ niet is toegestaan, dus geen stoeltjes e.d. buiten. Theoretisch mag ook het opstapje niet buiten staan. Nu was het weer toch niet zo uitnodigend om buiten te gaan leven. Tegen drieën op de fiets naar Bowling Bar Spare Time, een modern vrijetijdscentrum in Doetinchem met tien bowlingbanen en nog een lading andere zaken (karaoke, pool, darts). De mooie bar (en dan met name het barpersoneneel) zorgde ervoor dat we niet van dorst hoefden om te komen en de strikes en de spares steeds vloeiender uit onze lijven werden geperst. Daarna werd het feest voortgezet bij Jansen, een tent die er nog niet was toen ik in Doetinchem studeerder (ja inderdaad ruim 50 jaar geleden). Oorspronkelijk was café Jansen een sportcafé opgericht in 1994 door ene Bennie Hiddink en voor je de vraag stelt: ja, ook Guus Hiddink kwam er regelmatig evenals Kees Jansma. Wij kwamen er voor het eten en dat was er voldoende (en lekker). Net toen we om goed vijf uur binnen waren begon het te regenen en dat heeft het de rest van de dag ook gedaan. In een blauw dalletje op Buienradar konden we heel snel afscheid nemen van het feestvarken en de paar honderd meter naar ons busje op de Varkensweide afleggen. Heb de tijd niet geklokt maar neem van mij aan dat er persoonlijke paralympische records gebroken zijn. Een beetje Netflixen en voor je het weet is het weer bedtijd en weer een mooie dag voorbij.



vrijdag 10 april 2026

de lente lokt - 3: van bocholt via de kötteldiek naar doetinchem

Wat ze zich bij een schooluitvoering moest voorstellen, vroeg S te K zich af. Misschien dat bijgaande foto je een idee geeft hoe het feest er gisteravond uitzag. Foto is gemaakt door W en kreeg de titel mee “zoekplaatje“, want ergens op die foto moet onze kleindochter staan. Kleinkind 2 gaat naar de Vrije School Zutphen voor Voortgezet Onderwijs en gedijt daar heel goed. Misschien ligt het aan de pedagogische visie die aan de school ten grondslag ligt (heb even de website bezocht): “ De school werkt vanuit een antroposofisch mensbeeld, waarbij de ontwikkeling van hoofd, hart en handen centraal staat. Leerlingen worden gestimuleerd in hun cognitieve, sociale, emotionele en kunstzinnige ontwikkeling, met aandacht voor leeftijdsfasen en indiviuduele talenten. Het onderwijs is afgestemd op de levensfase van de leerling en moedigt inventiviteit, originaliteit en creativititei aan“. Nee, ik ga geen oordeel geven over deze visie, ben blij dat kleindkind 2 het helemaal naar haar zin heeft op deze school, waarbij “academische vorming met creatieve en pratische ontwikkeling, passend bij de individuele talenten van de leerlingen en hun persoonlijke groei“ worden gecombineerd. Op de vraag van mij aan W of die 500 leerlingen tegelijkertijd loepzuiver konden zingen kreeg ik een min of meer ontwijkend antwoord in de geest van “wat denk je zelf?“

Er is ook weer nieuws van onze oude huiscamping (de Fontein in Eibergen). Vandaag stond er een stuk op de site van Tubantia/Berkelland, zal een dezer dagen wel in de krant komen. Titel “Chalets weggesleept van camping de Fontein: waar moeten we nu naar toe?“ Heb het verhaal al eerder verteld, maar even in het kort: Camping De Fontein stond jarenlang bekend als een rustige natuurcamping. Veel gasten kwamen er al jaren. Ze bouwden er chalets, legden tuinen aan en brachten er hun vrije tijd door met familie. Maar dat veranderde toen de camping in 2021 werd gekocht door de Metanoia Groep. De nieuwe eigenaar wil op het terrein een luxe resort bouwen. Voor de chaletbezitters betekende dat één ding: ophoepelen. Tot zover het oude nieuws. Nu de aanvulling. Vertrekken, dat deden de meesten ook, maar een enkeling bleef zitten en een groepje blijvers spande vorige jaar een rechtzaak aan. De rechter oordeelde dat Metanoia een passende schadevergoeding moet betalen of dat de zaak in een ‘schadestaatprocedure’ moet worden uitgewerkt. Dan komt er een onafhankelijke taxateur die de waarde vaststelt. Daar moet iedereen zich bij neerleggen. Tegelijkertijd loopt er nog een hoger beroep over de opzegging van de recreatieplekken en de schadevergoeding. Maar op dat hoger beroep werd niet gewacht. Deze week verschenen medewerkers van Metanoia, een deurwaarder en twee agenten op het terrein en de plekken werden in beslag genomen, de chalets werden weggesleept en hekken en hagen werden gesloopt. Het hoger beroep staat gepland voor augustus dit jaar. Foto in deze alinea is van Bert Kamp en komt van de site van Tubantia/Berkelland af. Jammer van de eens zo mooie camping waar W en ik (en al onze kleinkinderen) heel graag kwamen.

vrijdag 10 april: @ doetinchem

W moest niet alleen naar de muziekuitvoering (gisteren), vanmorgen moest ze naar de Spaanse les en daarna een nieuw paspoort regelen. Allemaal zaken die aan de grondslag lagen van het feit dat ik vanmorgen alleen in ons busje wakker werd en W in een ander bed. Koffie zetten, inpakken en wegwezen. Op naar Lichtenvoorde: beetje boodschappen doen, knipbeurt door de buuf (coupe concentratiekamp), nattigheid lozen op de “afwerkplek“ bij het zwembad; dat soort werk. Daarna naar Doetinchem, camperplaats Varkensweide. Mooie lokatie, eigenlijk midden in het centrum. Daarmee neem je wat verkeersoverlast op de koop toe. Denk dat we drie dagkaartjes moeten betalen (3 x € 4,00) als we zondag vertrekken. Stroom gaat via AanUit.net en dat werkt altijd perfect. Voor je het gaat vragen, hier al het antwoord: we hebben morgen een feestje van de partner van een vriendin van W in het centrum van Doetinchem, waar je dus niet met de auto kunt komen en met een stompelmenneke wordt dat ingewikkeld. Idee is om morgen het stukje van de Varkensweide naar het centrum op de fiets af te leggen (nog geen kilometer). Hebben we ook geen meningsverschil over wie er de BOB moet zijn. Je moet er wel op tijd bij zijn, de cp kent maar 6 plekken en op vrijdag om half vier parkeerde de laatste witte doos in. We waren gewaarschuwd dat het in het weekend druk kon worden. Soms zijn reviews erg nuttig.


W ging uiteraard op de fiets van Lichtenvoorde naar Doetinchem en deed daarna nog even een rondje stad. Ze kon haar lol op: veel leuke winkeltjes. Mooi dat ik niet mee hoefde/mocht: ik hou niet zo van winkeltjes die W leuk vindt. Doetinchem ligt midden in de Achterhoek en fungeert als regionaal centrum voor wonen, winkelen en uitgaan; oeps: vergeet scholing - heb er zelf nog een aantal jaren op eerst de kweekschool en later de Pedagogische Academie gezeten (lang geleden toen een losse krant nog 15 guldencenten kostte, omgerekend € 0,07; Mensch ist das eine lange Zeit her!). Tussen de camperplaats en het “dorp“ ligt de rivier de Oude IJssel. Erg veel “oude sfeer“ hoef je in de stad niet te zoeken want het centrum werd zwaar beschadigd bij het Bombardement op Doetinchem aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. Wil je een pittoresk middeleeuws stadje dan moet je verder en naar Zutphen of Doesburg afreizen. Voor wederopbouwarchitectuur ben je hier wel aan het goede adres.

Die Oude IJssel heb ik vandaag al eerder gezien en wel in Bocholt, al heette hij toen nog de Bocholter Aa. Het stikt overigens van de watertjes in Münsterland met allemaal verschillende namen die “ergens“ samenkomen. In de buurt van Dinxperlo wordt al dat water als Aa-strang de grens overgedrukt en gaat even later vrolijk verder onder de naam Oude IJssel. Uiteindelijk komt al die nattigheid bij Doesburg in de IJssel. Er zijn dus veel bronnen aan te wijzen en één ervan is de bron van de Issel in de buurt van Raesfeld (de Isselquelle), ooit eens door ons bezocht op de fiets, daar een lekke band gekregen en ruim drie kilometer naar de dichtstbijzijnde fietsenmaker moeten lopen.

Een “overgangsdag“, niet alleen routetechnisch maar ook qua weer: een dipje tussen twee hogedrukgebieden. Met de zon pal op de bus is het binnen heel goed uit te houden, buiten behoorlijk frisjes. Het weer is dus wat “minder“ dan gisteren, morgen krijgen we wat “meer“ weer. Alsof de tegenstelling van “minder weer“ “meer weer“ zou zijn. Om vijf uur konden we in de avondstand: W in haar klein hoekje en ik in’t mijn. Tegen zessen eten voorbereiden: pastasalade met hamblokjes, altijd lekker en snel klaar en daarna een keuze uit “2 voor 12“, Flikken Maastricht, de Slimste Mens en Harry Hole. Dat laatste is een Noorse Netflixserie die rechercheur Harry Hole volgt die niet alleen een seriemoordenaar moet zoeken maar het ook moet opnemen tegen een corrupte collega. Dan is onze Harry ook nog regelmatig aan de drank. We hebben inmiddels een paar afleveringen gezien, goed binnen te houden. Je ziet: je hebt een druk leven als camperreiziger. Onderstaande foto van Harry Hole is aangeleverd door Netflix.




donderdag 9 april 2026

de lente lokt - 2: we blijven (deels) in bocholt

“Leuke AI-plaatjes“ was het algemene commentaar. Weet het: ChatGPT kan er wat van. Nog één voorbeeld. In het vorige blog schreef ik het zinnetje “Nadat ik dinsdagnacht een invasieleger van aliens had verslagen met Oekraiense drones schoot me de Wohnmobilstellplatz in Bocholt te binnen." Heb aan ChatGPT gevraagd om op basis van die zin een cartoon te maken en het resultaat zie je in deze alinea.

Mooie temperaturen gisteren (en vandaag nog beter) dus kreeg ik de onvermijdelijke vraag over de hoeveelheid kleding die de familie momenteel draagt. We zijn decent gekleed beste lezers, gewoon decent. Vroeg me af wanneer de mens voor het eerst kleding ging dragen en kwam bij mijn speurwerk een heel interessant artikel tegen waarin werd gesteld dat dat minstens 100.000 jaar geleden moet zijn. Andere bronnen hebben het over 100.000 tot 170.000 jaar geleden. Dit alles heeft te maken met het ontstaan van de kleerluis en dat beestje is een bewijs voor de ontwikkeling van onze garderobe: er is via een DNA-vergelijking van de kleerluis en de hoofdluis vastgesteld dat de kleerluis zich zo’n 107.000 jaar geleden als aparte soort heeft ontwikkeld. En die beestjes leven alleen in textiel, waarvan akte. Mensen gingen kleding dragen omdat ze naar koudere gebieden trokken.

Één van mijn vaste fotokijksters miste een plaatje van de camperplaats. Halen we nu in met drie foto’s. De bomen staan centraal in beide plaatjes omdat W en ik ons afvroegen wat de naam was van de bomen die deze camperplaats domineerden. Volgens Plantnet is het de Noorse Esdoorn (met een waarschijnlijkheid van 72 %). Als het niet klopt ligt het aan de app Plantnet. Ook een onderzoek van de schors (zie foto hieronder) leverde de Noorse Esdoorn op.


donderdag 9 april: @ bocholt

Nog een dagje Bocholt in de deelstaat Noordrijn-Westfalen. Voor mijn niet-Achterhoekse lezers: vlak bij de Nederlandse grens tegenover plaatsen als Winterswijk en Aalten. De geschiedenis van Bocholt is sterk verweven met die van de Nederlandse Achterhoek. Door de directe grensligging is er eeuwenlang sprake geweest van één samenhangende regio. Ten tijde van Karel de Grote (rond 800) was het één pot nat en hoorde het hele gebied tot het Frankische Rijk. De vraag is overigens of er toen al wel sprake was van een Bocholt. Het zal er om spannen. De oorsprong van de plaats gaat terug tot de middeleeuwen en het kreeg al in de 13e eeuw stadsrechten, wat wijst op haar vroege betekenis als handelsplaats. Maken we een sprongetje naar een andere grote Karel, namelijk Karel V: rond 1500 was die Karel wel de baas over beide kanten van de huidige staatsgrens maar hoorde de Achterhoek tot Gelre en Bocholt tot Münster. De definitieve grens is niet op één specifiek moment bepaald, maar kwam tot stand door een proces van verdragen en correcties, met als belangrijkste basis de Vrede van Münster (1648) In die tijd werden ook de “beroemde“ grensstenen geplaatst. De foto in deze alinea is gemaakt door M.F. Naaldenberg (https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=3260382). Staatsrechtelijke grenzen waren er dan wel, maar fysieke? Bocholt en de Achterhoek hadden dezelfde handelsnetwerken en veel culturele overeenkomsten. Zelfs de taal die in Bocholt en Winterswijk gesproken werd was dezelfde: van “Duits” of “Nederlands” zoals we dat nu kennen was nog geen sprake, in de regio werden varianten van het Nedersaksisch gesproken. Nedersaksisch was een verzamelnaam voor dialecten die gesproken werden in een groot gebied van oostelijk Nederland waaronder de Achterhoek, Twente en Münsterland. De dialecten aan beide kanten van de huidige grens liepen vloeiend in elkaar over. Er was geen duidelijke taalgrens zoals nu. En ja: er was een officiële taal: het Middelnederduits. Dat was de taal voor de handel en het bestuur. Het Standaardnederlands en het Hoogduits ontwikkelden zich pas later (vanaf ca. 16e–17e eeuw). De Tachtigjarige Oorlog en latere politieke ontwikkelingen zorgden voor een duidelijke grens waarbij Bocholt uiteindelijk Duits (Pruisisch) en de Achterhoek Nederlands werd. Op dit ogenblik is de grens weer aan het verdwijnen. Sinds de EU en open grenzen is de verbinding opnieuw sterker geworden: veel Nederlanders winkelen in Bocholt, Duitsers werken of recreëren in de Achterhoek en we kennen veel gezamenlijke (grensoverschrijdende) projecten op het gebied van economie, natuur en toerisme.

Een rustige nacht, weinig kabaal. Vanmorgen om acht uur was het afgekoeld naar 11 graden in ons busje en dat kwam overeen met de verwachting van Buienradar (zie bijgaande afbeelding). Wel wat minder zonnig dan gisteren, maar je kunt niet alles hebben in dit leven. We maakten er een slowstart van: W achter haar telefoon onder de dekens en ik op mijn zetel met de laptop voor mijn neus. Hadden we iets gemeenschappelijks? Jazeker: beiden hadden we in de dagelijkse spellingstest het woord triatlon fout. Allebei waren we overtuigd van het feit dat er een H in het woord voorkwam. Heb je met mensen die al veel spellingswijzigingen hebben meegemaakt. W wees me evenwel fijntjes op het feit dat de H in triatlon al verdwenen is met de spellingswijziging van 1947 en toen waren we zelfs nog geen embryo. Ze gaf me wel een verwijzing naar een artikel in Onze Taal, waaruit blijkt dat we beiden toch niet zo dom zijn: De officiële spelling is triatlon, zonder h. Vergelijkbare woorden zijn biatlon, triatleet, atleet en atletiek. Etymologisch gezien ligt de spelling met th meer voor de hand. Het woorddeel -atlon gaat namelijk terug op het Griekse woord athlon (‘wedstrijd’), dat in die taal met de letter thèta wordt geschreven. En de thèta, die een andere klank weergeeft dan de t, wordt in het Latijnse alfabet traditioneel weergegeven als th; vergelijk thema en theater. Bij de spellingherziening van 1947 is echter besloten de combinatie th in leenwoorden niette handhaven als ze aan het eind van een woord staat (labyrint, chrysant), als ze gevolgd wordt door een medeklinker (antraciet, etnoloog, atleet), of als er een f of ch aan voorafgaat (difterie, allochtoon). Het woord triatlon staat overigens pas sinds 1995 in het Groene Boekje.“

De vonkenverdeler (de paal met stroomvoorziening) had in de loop van de nacht alle muntjes verbruikt. Toen we gisteren de stroomkabel aansloten hadden we nog een Guthaben (wat een mooi Duits woord) van € 0,44 op de paal staan, restantje van een vorige camperaar en we hebben dat toen aangevuld met een muntje van twee. Totaal genoeg voor 3 kWh en dat is ongeveer ons normale stroomverbruik per dag (koelkast, fietsaccu’s laden, verlichting en opladen van laptop en telefoons).

In de loop van de middag moest W terug naar het stenen huis. Kleinkind 2 gaf ’s avonds een muziekvoorstelling met haar school in Zutphen. Slechts een beperkt aantal kaartjes verkrijgbaar dus opa mocht niet mee: hij kon “in den vreemde“ in zijn busje achterblijven terwijl oma de fiets pakte en de tocht van gisteren in omgekeerde richting (en via wat andere paden) mocht volbrengen. Vrijdag zien we elkaar weer voor een nieuw avontuur. Moest eerst nog wel even naar een Fahrradmechaniker voor “ein bisschen Luft“. Eerst een hele discussie over de vertaling van “een fietsband oppompen“. W begon nog even met het woord “blasen“, maar volgens mij ben je dan in Duitsland niet met fietszaken bezig. Bleek uiteindelijk heel simpel te zijn, iets met Reifen aufpumpen met een Fahrradpumpe. Daarna nog even naar de stad (W dan welteverstaan). Hoewel Bocholt geen grote toeristische trekpleister is, heeft het wel een aantal interessante plekken zoals de St.-Georg-Kirche en het marktplein (Marktplatz). Kan natuurlijk zijn dat W meer geïnteresseerd was in de verschillende Geschäftsläden van de Innenstadt. Ik mocht intussen nadenken of het ietsje naar achter schuiven van de pensioenleeftijd eigenlijk niet volkomen logisch is. Immers: toen onze AOW in 1957 werd ingevoerd hadden we nog een levensverwachting van vijf jaar na de pensioendatum; dat is nu dus vier keer zo lang. Aan de andere kant zijn afspraken afspraken. Wordt tijd dat we weer eens wat met broer en zussen doen: dit onderwerp vraagt om veel discussie met nog meer bier en vol liefde gebakken eieren met spek. Kon W en haar fiets prima volgen via Google Maps en om een uur of drie de achtervolging afsluiten met een appje “welkom thuis“.

De middag vloog eigenlijk om. Komt natuurlijk ook omdat ik maar zo een kleine anderhalf uur kwijt was. Werd wakker gemaakt door “appgeluiden“: er moest weer het nodige georganiseerd worden voor het museum. Daarna al snel “koken“, nou ja een bakje rijsteprut (uit de diepvries thuis) warm maken en twee eieren bakken en voor je het weet zit je in de avondstand. Eigenlijk vliegt zo’n dag voorbij en zit je weer te kijken naar De Slimste Mens.

woensdag 8 april 2026

de lente lokt - 1: even de grens over

Heb nogal wat commentaar gekregen over het woord “schroomvallig“ dat ik in het vorige blog gebruikte. Kreeg zelfs nog een plaatje met dat mooie woord als onderwerp toegestuurd. Ongetwijfeld heeft een of ander AI-programma ernstig bijgedragen aan het eindresultaat.

 

In datzelfde blog maakte ik een uitstapje naar Monopoly en dat heb ik geweten. “Hoe ik als salonsocialist me kon verlagen tot het behandelen van het meest kapitalistische spel ter wereld“ was de algemene strekking van alle reacties. En dat terwijl ik me van geen kwaad bewust was. Had met Pasen een scharreldag en heb me maar eens verdiept in de geschiedenis en de achtergrond van het spel. En wat blijkt? De bedenkster van het oorspronkelijke spel was juist een anti-monopolist. Elizabeth Magie bedacht in 1903 een spel dat als educatief hulpmiddel zou dienen. Het spel dat we nu kennen vindt zijn oorsprong in een door de Amerikaan Charles Darrow zelfgemaakte versie van het spel. Hij werkte het verder uit en verkocht het in 1935 aan het bedrijf Parker Brothers. Vanaf dat moment werd het spel massaal geproduceerd en verspreidde het zich over de hele wereld. In Nederland verscheen Monopoly in de eerste jaren van de Tweede Wereldoorlog, deze versie werd uitgegeven door Jumbo Games. In plaats van Amerikaanse straten kreeg de eerste Nederlandse versie straten uit Amsterdam. Het leuke van dit Monopolyverhaal is dat het spel ooit bedoeld was om te laten zien hoe slecht monopolies zijn, maar uiteindelijk juist een spel werd waarin iedereen probeert de grootste huisjesmelker te worden. Waar een scharreldag al niet toe kan leiden.

woensdag 8 april: @ bocholt

Prima weersvooruitzichten voor de komende dagen dus tijd om Puzzel en onszelf even goed uit te laten. Wel even dubben hoe en wat: we moesten rekening houden met een aantal factoren. Allereerst moest het een plek worden waar W in haar eentje wat kon ondernemen, immers: opa is op dit ogenblik niet zo mobiel. Daarnaast nodigen de exorbitant hoge dieselprijzen niet uit om veel kilometers te maken. Nadat ik dinsdagnacht een invasieleger van aliens had verslagen met Oekraiense drones schoot me de Wohnmobilstellplatz in Bocholt te binnen. Vroeger kwamen we er vaak, de laatste jaren helemaal niet meer, eigenlijk zonder aanwijsbare redenen. Officiële naam: WomoPark Bocholt am Aasee. Eigenlijk net over de grens, direct aan de Aasee (recreatiegebied met water, wandelroutes en fietspaden) en W kan van huis naar de camperplaats fietsen (eerste activiteit), een rondje meer doen (tweede activiteit) en tenslotte nog een beetje shoppen want het centrum ligt op 10 minuten lopen van de camperplaats. En wat heb je dan? Stroomaansluiting, 80 cent per kWh (beetje prijzig) via muntautomaten; drinkwater; loospunten (grijs water + chemisch toilet); douches en toiletten (tegen betaling); WiFi (ook betaald). Voor € 12,00 per nacht (exclusief de extra’s) sta je op een verharde ondergrond op één van de ca. 50 plaatsen. Voor één of twee nachten best een goede plek, al ligt het wel aan een drukke weg in een grote stad (dus kabaal verzekerd).


Had altijd gedacht dat de Aasee in Bocholt een natuurlijk meertje was, maar niets is minder waar. Het is een kunstmatig meer uit de jaren zeventig van de vorige eeuw. Voor die tijd bestond het gebied vooral uit weilanden, landbouwgrond en natte graslanden langs de Bocholter Aa; kortom een typisch laaggelegen riviergebied. Het was echter ook een probleemgebied, want de rivier trad regelmatig buiten haar oevers, waarbij vooral bij langdurige regen overstromingen met de regelmaat van de klok voorkwamen en de inwoners van Bocholt natte voeten kregen. Een ander gevolg was dat de landbouwgrond daardoor vaak onbruikbaar werd. De plek was eigenlijk ideaal voor een waterproject: wat je met een stuwdam al niet allemaal bereiken kunt. In korte tijd veranderde het landschap van boerengebied naar een compleet nieuw watersysteem. Wat later is het uitgegroeid tot een populair recreatiegebied net over de Nederlandse grens.



Een mooie dag. Erg zonnig en het kwik liep op tot zo’n 19 graden. Eigenlijk een perfecte temperatuur: niet te warm en niet te koud. Weinig wind (oost 1 tot 2). Zon op/onder: 6:53/20:18 (gegevens Bocholt). Straks in de avondstand en niet te laat naar bed: een paar vermoeiende dagen achter de kiezen. Even afsluiten met een passend tegeltje (over monopoly) voor mijn vaste tegeltjeskijkster.

 

 

zaterdag 4 april 2026

voorzichtige schreden - 6: haarle in de herkansing

Afgelopen weken/maanden weer een paar leuke woorden tegengekomen die ik je niet wil onthouden. Het mooiste kwam van Paulien Cornelissen, dat eenvrouwsjurilid bij de Slimste Mens. Zij kwam onlangs aanzetten met het woord “schroomvallig“. Kende het nog niet. Volgens Onze Taal betekent het bedeesd, verlegen, schuchter of aarzelend. Het beschrijft een terughoudende houding die voortkomt uit eerbied, fijngevoeligheid, schaamte of angst. Het is synoniem aan termen als timide, beschroomd en schroomachtig. Voorbeeld: een schroomvallig persoon durft niet goed, twijfelt of houdt zich op de achtergrond. Het tegenovergestelde van schroomvalligheid is dan brutaal, onbeschroomd, mondig zijn.

 

Een ander mij onbekend woord, “scharrig", kwam ik tegen in een column in een DPG-krant. Scharrig betekent armoedig, karig, groezelig of slecht uitziend. Volgens het WikiWoordenboek is het van oorsprong een marinier- en soldatenkreet, later ook gebruikt in yuppietaal. Het woord wordt gebruikt om iets aan te duiden dat onverzorgd of van slechte kwaliteit is, zoals in "een scharrig buurtje". Het is afgeleid van het verouderde werkwoord scharren, wat krabben, wroeten of bijeenschrapen betekende.

Vooruit, nog eentje dan. W heeft één keer per jaar een opruimneiging, meestal in het voorjaar. De kringloop wordt dan heel blij met haar. Deze keer werd ik heel vrolijk want er werd een doos met hele oude foto’s naar beneden gesjouwd. “Uitzoeken en wat je bewaren wilt moet in die doos“. Probleem: doos van oorsprong was zo’n Action verhuisdoos, doos van bestemming een schoenendoos, grootte kindermaatje. Oude foto’s, dus de lijfjes waren wat fragieler en je hebt dan meer foto’s nodig om aan hetzelfde eindgewicht te komen (of draai ik nu weer ernstig door?) Laat nu ergens tussen die foto’s een verdwaald Monopolykaartje zitten van het type “algemeen fonds“ met de tekst “U ontvangt rente van 7 % preferente aandelen, f 25“. Ben inmiddels 75 en heb eigenlijk nooit precies geweten wat preferente aandelen zijn. Kon nog wel bevatten dat je met die aandelen een soort voorkeursbehandeling kreeg. Tegenwoordig is het niet moeilijk, je gooit er een chatbot tegenaan en je krijgt onmiddellijk antwoord: Preferente aandelen (ook wel 'prefs') zijn een speciaal soort aandelen die de houder voorrang geven op bepaalde financiële rechten ten opzichte van gewone aandeelhouders. Ze worden vaak gezien als een hybride tussen een aandeel en een obligatie. Houders van preferente aandelen ontvangen hun dividenduitkering meestal vóór de gewone aandeelhouders. Daarnaast kennen preferente aandelen (in tegenstelling tot gewone aandelen, waarbij het dividend sterk kan fluctueren) vaak een vooraf vastgesteld, vast dividendpercentage en hebben voorrang bij liquidatie (als een bedrijf failliet gaat of stopt, krijgen preferente aandeelhouders hun inleg eerder terug uit de resterende bezittingen dan gewone aandeelhouders). Het nadeel van deze aandelen is het beperkte stemrecht: vaak minder of zelfs helemaal geen stemrecht in de algemene vergadering van aandeelhouders.“

woensdag 1 april: @ haarle

Duur parkeren zo daar aan de Kötteldiek. Busje staat niks te doen en vreet intussen elke maand 200 Euri aan houderschapsbelasting op. Af en toe wordt Puzzel uitgelaten, bijvoorbeeld afgelopen maandag toen we even gas moesten aanschaffen, inclusief een nieuwe bus. Over bedragen ga ik het verder niet hebben. Wel even lekker koffie gedronken op de parkeerplaats (en gratis camperplaats) bij manege Het Diekshuus.

Maar wilde meer en kreeg van W carte blanche om voor een paar nachtjes de grote wereld in te trekken. Een paar weken geleden kwam ik op een nog gesloten camperplaats terecht: ’t Haarlerveld in (hoe kan het anders) Haarle aan de voet van de Sallandse heuvelrug. Haarle is een klein esdorp in de gemeente Hellendoorn, gelegen ten zuiden van Nijverdal. Een eindje verder ligt de Sallandse Heuvelrug, een opvallend natuurgebied met glooiende heuvels, bossen en heidevelden. De omgeving van Haarle is echter totaal anders: vooral velden, landbouwgronden op de hogere zandgronden met hier en daar een plukje bos, toefje heide en om het af te toppen een enkel beekdalletje. Beetje vlak ook, die omgeving van Haarle, tenminste wanneer je niet naar de Sallandse Heuvelrug gaat. Lijkt veel op het landschap bij ons in de Achterhoek: oorspronkelijk nat en moerassig, met stukken veen en slecht begaanbare grond. Het landschap was dus veel ruiger en minder ingericht dan tegenwoordig. Haarle bestond destijds uit een kleine verzameling boerderijen op hogere zandkoppen. Deze ligging was bewust gekozen: het bood bescherming tegen overstromingen en de grond was beter geschikt voor akkerbouw. De boeren werkten samen in een zogenoemde marke, waarbij ze gezamenlijke gronden gebruikten. De heide speelde daarbij een belangrijke rol. Schapen graasden er en hun mest werd gebruikt om de akkers vruchtbaar te houden. Dit systeem bepaalde eeuwenlang het uiterlijk van het landschap.

In de 19e eeuw veranderde er veel. De markegronden werden verdeeld en ontgonnen, waardoor nieuwe landbouwgrond ontstond. Heidevelden maakten plaats voor akkers en weilanden, en er werden bossen aangeplant, deels voor houtproductie. Tegelijkertijd ontstond Nijverdal als industriële kern, onder andere door de opkomst van de textielindustrie en de aanleg van infrastructuur zoals wegen en later spoorlijnen. Hierdoor groeide het dorp snel en veranderde het omliggende landschap verder.

En midden in die velden ligt ’t Haarlerveld, een camperplaats waar altijd ruimte is (van de 25 plekken waren er in de nacht van woensdag op donderdag 3 bezet). Alleen mocht ik aan een prijsverhoging geloven. Was het vorig jaar nog een tientje voor één persoon, dit jaar had ik twaalf (digitale) flappen nodig. Nog prettig weer op woensdag, wel een beetje frisjes, maar aan de goede kant van de bus in het palle zonnetje was het goed vol te houden.

Toen het tegen half vijf wat minder werd kon ik binnen genieten van een paar afleveringen van The Last Kingdom, een Netflixserie die zich afspeelt rond 900. Een serie van vijf seizoenen waarin begonnen wordt met Alfred de Grote, koning van Wessex, een van de Angelsaksische koninkrijken in wat nu Engeland is. Hij staat bekend als een van de belangrijkste vroege Engelse heersers, vooral vanwege zijn rol in de verdediging tegen de Vikingen en zijn bijdragen aan onderwijs en bestuur.

De zoon van Alfred de Grote was Edward de Oudere (ca. 874–924). Hij volgde zijn vader op als koning van Wessex in 899 en speelde een belangrijke rol in de verdere opbouw van wat later Engeland zou worden. Net als zijn vader kreeg Edward te maken met de Vikingen. Hij zette de strijd voort tegen de gebieden die nog onder Deense controle stonden (de Danelaw). Samen met zijn zus, Æthelflæd, die over Mercia regeerde, wist hij grote delen van Engeland terug te veroveren. Hun samenwerking was bijzonder: Æthelflæd leidde zelf legers en bestuurde haar gebied actief, iets wat in die tijd zeldzaam was voor een vrouw. De laaste koning van Wessex die optreedt is Athelstan (ca. 894–939). Hij was de zoon van Edward de Oudere en de kleinzoon van Alfred de Grote. Hij wordt vaak beschouwd als de eerste echte koning van een verenigd Engeland. En dan komt het: de persoon die alles aan elkaar knoopt is Uhtred van Bebbanburg en die leefde niet in de tijd waarin dit verhaal zich afspeelt, maar zo’n 100 jaar later. Waarheid en fictie, gewoon een leuk verhaal. Kijken als je van veel bloed en afgehakte hoofden houdt.

donderdag 2 april: @ home

Koud in de bus afgelopen nacht. Tegen drieën de gaskachel maar voorzichtig aangezet: de snottebellen dreigden aan de lakens vast te vriezen. Wel fijn wakker worden als het in het busje zo’n 18 graden is, maar een blik naar buiten (mistig) en een tocht naar het sanitair (niet verwarmd), een telefoontje van het museum (we hebben je nodig) en een blik op de dagindeling (stilzitten in de bus) gaven de doorslag: terug naar de Achterhoek. We proberen het volgende week nog wel eens een keertje. Oeps: tegeltje klopt niet, het is al april.