“Dank zij de beschutting van de Sierra Nevada is Roquetas de
Mar één van de droogste, zonnigste en warmste plaatsen aan de Spaanse
Middellandse Zee”. Het zou zo maar uit een vakantiefoldertje kunnen komen en
ja: dat doet het ook.
Nog even terugkomen op mijn verhaal van gisteren: één van
mijn trouwe volgers meldde me dat ik totaal geen kennis van de Spaanse taal
had. In plaats van “waterpasso” had ik moeten gebruiken “aguapasso”. Bij dezen
hersteld J en met dank.
Geslapen van elf tot negen. Zonder “aparato para sordos”
(google maar even) heb je geen last van de omgeving. Net voor negenen gaat het
zonnetje tetteren op het campingdakje en voor je het weet is het zeer aangenaam
in het busje. Een grote pot koffie, de afwas van twee dagen, de
troonsbestijging, het scoren van een broodje en een ontbijt met een gebakken
eitje later is het al weer elf uur. Tijd voor enige activiteit. Met wat moeite in
mijn eentje de grote fiets van de drager geklungeld. Over een paar dagen zal er
ongetwijfeld een stoere getatoeëerde Brit (altijd in korte broek, hemd en
schoenen met sokken) zijn die me een handje helpt om de Giant weer naar boven
te tillen. Gekozen voor deze fiets omdat ik de actieradius van het Chinese
wonder niet vertrouw.

Vandaag in één ruk “de acht bergen” van Paolo Cognetti uitgelezen. Aanrader!
zaterdag 10 maart: @
roquetas de mar – fietstochtje naar het noordoosten
Vandaag een fietsrit naar Aguadulce (schijnt zoet water te
bekekenen), het ligt zo’n 10 kilometer van Almaría af. Die laatste tien
kilometer naar Almería zijn niet op de fiets te doen: je moet langs een grote erg drukke weg
(mag wel), niet alleen levensgevaarlijk maar ook bultig. De heenweg via de
bebouwde kom, de terugweg langs de boulevard en daarna nog een stukje over de Via Verde richting Roquetas. Weekend, dus veel Spanjaarden aan
de kuier en op de fiets. Donkere verkopers van zonnebrillen, shawltjes en leer.
Al veel mensen vroeg aan de cerveza op de terrasjes. Boven de bergen hangen
donkere wolken. Wanneer ik later naar de regenradar kijk klopt het verhaal
precies: de bergen van de Sierra Nevada en de Sierra Gadór houden het slechte
weer tegen. Na een uur of vier genieten (langzaam fietsen en veel stops) terug
op de camping. Daar het “doen” weer ingewisseld voor het “zijn”. De
verhoudingen doen-zijn zullen vanaf eind deze week wel worden omgedraaid
wanneer W komt. Het aftellen is begonnen. Morgen maar vast beginnen met de
grote schoonmaak: er wel aan denken mijn vrijgezellenhuishouding even aan kant
te maken voor vrijdag het vliegtuig landt.
Later op de dag eerst harde wind en vervolgens een buitje.
El Tiempo heeft voor beide drie maten: débil, moderato en fuerte. De wind was
moderato en we hadden rond zessen een debiel regenbuitje van een kwartiertje.
Kijken wat er nog in de koelkast zit voor het betere kokkerelwerk (iets op
basis van habas finas – tuinbonen en gekookt spek) en daarna terugkijken op weer een
fantastische dag.
zondag 11 maart: @
roquetas de mar – ophokplicht
Een langzame start, haasten hoeft niet want er staat een
windje 7 of zo; absoluut géén fietsweer. De verwachtingen zijn dat het tegen de avond wat minder heftig gaat
worden. Wel regelmatig een zonnetje erbij, maar ook een “debiel” regenbuitje.
Ieder heeft zijn losstaande objecten in veiligheid gebracht anders gaan ze echt
vliegen en ook de schotels zijn neergeklapt. Hoop dat het vanavond voor een
ieder mogelijk is om televisie te kijken, anders is er helemaal geen drupje
internet over en kan ik het gras zien groeien wanneer ik dit verhaal ga
uploaden. Twee uur later is de koffie op en moet er een broodje gescoord worden
in de supermercado van de camping. Gesloten, schijnbaar eten campinggasten op
zondag geen brood. Laat ik nu net gisteren het
misschien- eetbaar-met-hamer-en-beitel-brood van de Lidl (ja van afgelopen maandag: er zijn grenzen!) hebben
weggemieterd. Wordt dus een paar eitjes op toast. De sinaasappeltjes die ik
hier op de camping gekocht heb (60 cent per kilo) zien er dan wel niet uit,
maar hebben beduidend meer smaak dan de varianten uit de supermarkt.
Spanje en afval. Het liefst flikkeren de Spanjolen het
gewoon van zich af. Regelmatig rijd je over wegen waar je niet alleen van de
natuur kunt genieten maar ook van plastic en ander zwerfafval. De hele berm
ligt vol. Komt er zo’n lekker buitje dat alles meekolkt de rivier in en
uiteindelijk komt het in zee terecht: opgeruimd staat netjes. Nog zo’n
voorbeeld: sta nu op een grote camping met zo’n 600 plaatsen. Afvalscheiding?
Nooit van gehoord. Alles gaat in één grote container: plastic, glas, gft-afval
en de rest. Wordt tijd dat ik morgen weer wat ga doen, ga teveel nadenken.
Toch wel fijn af en toe die regen. Ruim een meter boven mijn
dakraam loopt een lijntje waar straks de zonneschermen aan vast worden gehaakt.
Nu is dat een fijn draadje voor allerlei soorten vogels die hun poepertje warm
krijgen door het terugkaatsende licht van het plastic raam, waardoor ze …..
inderdaad. Als ik de schepping over mocht doen (hier spreekt de atheïst!) zou
ik alle vogels standaard voorzien van een luiertje. Nu we het toch over vogels
hebben: merels zijn zwart, maar de merel die ik vandaag gezien heb was er
eentje in negeruitvoering: zwarter dan zwart en met een hele lange staart. Toch
een ander beestje?En wat doe je dan op zo’n zondag? Een rondje camping tussen de buien door, een beetje lezen, de keuken een grondige poetsbeurt geven, een belletje naar mijn moeder die aan haar zondagse advocaatje zit, de nachtspiegel naar de chemo, meedoen aan de badjassenparade, dit verhaaltje schrijven en de tocht voor morgen voorbereiden. Een dag vol met spanning en sensatie, maar niet heus.