noordpolderzijl

noordpolderzijl

dinsdag 19 maart 2024

met drie werkende ogen naar het zuiden – 7: aan het begin van de camino

Vraagje van S te K: “Heeft W soms geen ogen?” Hoe ik het in vredesnaam in het hoofd haalde om te schrijven dat we met één werkend oog naar het zuiden gaan? Oké, S te K: de titel van het blog van vandaag en de komende schrijfseltjes zullen een aangepaste titel dragen.

dinsdag 19 maart: @ le puy-en-velay

Een korte reisdag, dus het kon een beetje kalmpjes aan vanmorgen. Bij het opstaan moest de kachel snel korte metten maken met een koele binnentemperatuur van amper 8 graden. Kouder dan de afgelopen nachten. Ontbijt uitgesteld tot na een bezoek aan de super, koffie moest er wel in. En die was, zoals gewoonlijk, weer lekker. Vond W ook. Even genoeg veren in onze reet voor vandaag: moven!

De tocht ging vandaag naar een belangrijk vertrekpunt van de pelgrimsroute naar Santiago de Compostella: le Puy-en-Velay, zelf ook een belangrijke pelgrimsstad met twee monumenten op de UNESCO-werelderfgoedlijst: de kathedraal en Hôtel-Dieu. Zoals er meer wegen naar Rome gaan, gaan er ook meer pelgrimspaden naar Santiago de Compostella. Vanuit le Puy-en-Velay bereik je na 754 km Saint-Jean-Pied-de-Port (aan de voet van de Pyreneeën, nog net in Frankrijk). Van daar stap je langs de Camino Fancés verder naar de botten van Sint Jacob. Dat stukje is dan nog 781 (volgens de boekjes). Nee: heb niet bang, we gaan die barre tocht niet lopen. Vroeger, toen we nog jong en mooi waren, hadden we die plannen heel even. We doen hem zelfs niet eens met de fiets, laat staan met de camper. We gaan vanuit le Puy een andere kant op. Zullen we het eens een keertje heel netjes doen en de juiste bronvermelding van bovenstaande kaart van de wegen naar Santiago geven? Foto: Mr Manfred Zentgraf, Volkach, Germany - Manfred Zentgraf, Volkach, Germany, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=1379556

Was een fijn tochtje over wegen die we nog nooit hebben bereden. Een stuk van de N7 pakten we ook nog mee. Ik weet het: het was maar een paar kilometer, maar toch even gesnoven aan vroeger. De N7 was ooit een van de meest gebaande paden van West-Europa, tegenwoordig is er niet veel meer van over. Alhoewel: wat nog de sticker N7 draagt is pico bello in orde, zitten er andere cijfers bij (en vooral: begint het wegnummer met een D) dan zit je waarschijnlijk in de afdeling vergane glorie.

Ons wegnummer werd al snel N82. Ook hier weer hetzelfde verhaal: van de oorspronkelijke 125 kilometer zijn er nog maar 15 rijksonderhouden, de rest wordt departementaal schoongeveegd en bijgeplamuurd en heet dan ook de D1082. Mooie route, wil je snel dan pak je de tolweg (A72 geloof ik), wil je “mooi” dan is de D1082 een prima keus. Beetje hilly af en toe, maar ons Puzzelje kan dat, zij het af en toe in de 4 naar boven. Het laatste stuk van onze route (van ruwweg Saint Etienne naar Le Puy) ging over de N88, voor een groot deel vierbaansweg (bij N-wegen noemen de Fransen dat een “voie express”. Alles bij elkaar mooi rijden, net zo mooi als op de A75, maar dan anders.

Op tijd in Le Puy-en-Velay. Beetje ruzie met de automaat van de Pass d'Etappe camperplaats, maar uiteindelijk ging de slagboom open. Las twee dagen geleden een reisverslag van iemand die het over een “geslachtsboom” had; weet niet of het een vergissing, een spellingscontrolefoutje of doelbewust humor was. Geen tijd om een oehoetje te doen, maar snel op pad: er zou een gratis busdienst zijn naar de historische stad. Alleen: navette L bracht ons niet naar de binnenstad maar naar het ziekenhuis of zo, zodat we maar een paar haltes vanaf het eindpunt terug hebben genomen en “ergens” zijn uitgestapt. De chauffeur die uitstekend Frans sprak, maar verder geen woord over de grens, keek ons hoofdschuddend na. We weten nu ook waarom: we zaten in de “lage stad” en het toeristisch gebeuren was te vinden in de “haute ville”. Had stokken bij me en W, beide geven steun. Vanaf de camperplek zie je dat de stad gedomineerd wordt door twee pukkels, officieel zijn dat “vulkanische pluggen” (google maar eens op die term). Op de ene rots staat een kapel en op de ander een groot Madonnabeeld. Geeft ongeveer het niveauverschil in de stad aan.


V
olgens de legende is de stad gesticht in de 5e eeuw. De Maagd Maria zou toen verschenen zijn bovenop een rots om een vrouw die leed aan hevige koorts te genezen. Op de plaats van deze verschijning, "la pierre des fièvres" (de koortssteen), werd dan een heiligdom gebouwd, de latere kathedraal. Le Puy-en-Velay werd een bedevaartsoord gewijd aan Maria waar mensen naartoe trokken om genezing te vinden. Rond dit bedevaartsoord op de Mont Anis ontwikkelde zich de stad. Vanaf de 10e eeuw ontwikkelden zich ook de bedevaarten naar Santiago de Compostella en de stad werd een verzamelpunt voor deze bedevaarten. Hieraan dankte de stad haar rijkdom. 


In de 10e eeuw werd bovenop steile rots de kapel Saint-Michel d'Aiguilhe gebouwd.


In 1860 werd bovenop de Rocher Corneille een 22,7 meter hoog Mariabeeld opgericht, Notre-Dame de France. Hierbij werd het metaal van 213 omgesmolten Russische kanonnen gebruikt, geschonken door Napoleon III.


Wat we niet zien is het lichtfestival, Puy de Lumiéres. Jaarlijks, ergens in juli tot eind september, worden de historische gebouwen van Le Puy-en-Velay spectaculair verlicht. Op de façades van de kathedraal en andere monumenten worden geschiedverhalen geprojecteerd en komen de historische verhalen tot leven. Schijnt spectaculair te zien, kijk maar naar bijgaande (gejatte) foto.



V: 204.833. A: 205.017; rijtemperatuur: oplopend van 8 naar 17 graden. Half bewolkt en later in de stad nog een graadje of zo warmer. Een mooie dag! En morgen? Morgen is er weer een dag. We hebben Le Puy gezien en gaan een deurtje verder. Om het feest even helemaal compleet te maken nog een paar foto's waar ongetwijfeld pagina's tekst bij horen, maar ik zit aan mijn taks volgens het bevoegd gezag.












maandag 18 maart 2024

met één werkend oog naar het zuiden – 6: op de fiets naar roanne

Heb de naam al wel een paar keer genoemd maar er nog niet diep op ingegaan: de Loire en het canal latéral à la Loire. Al een paar dagen langs de watertjes gefietst en ook een paar keer overgestoken. Neem van mij aan: das viele Wasser zu überqueren, ist keine einfache Reise. Leuk watertje, La Loire: met een lengte van 1012 km de langste rivier van Frankrijk. Het heeft echter één nadeel: het grootste gedeelte is niet bevaarbaar. Omdat het vervoer in Frankrijk vroeger voornamelijk via het water ging heeft men naast de Loire het canal latéral gegraven, klaar begin 19e eeuw.


Frankrijk begint langzaam geel te kleuren: tijdens het autorijden de afgelopen dagen viel vooral de Forsythia op, W probeerde de plant nog uit te schelden voor Brem, maar het is volgens mij zelfs geen familie. Forsythia bloeit in maart en april, Brem in mei tot en met juni. Beide struiken zijn wel geel maar de bloemen zijn anders. Tijdens het fietsen zagen we dat het koolzaad in bloei begint te komen, nog even en je ziet die eindeloze gele velden weer die pijn aan je ogen doen. En duik je met je neus in het gras dan zie je voornamelijk paardenbloemen maar ook Primula's (je mag ook Sleutelbloemen zeggen) en Speenkruid. Die laatste twee wist ik dan weer niet bij naam en W wel, dus we staan weer gelijk.


maandag 18 maart: @ marcigny

We waren gisteren mooi op tijd terug van onze fietstocht. Net aan de koffie en een verlaat broodje (geen supermarkten en/of bakkers gezien onderweg en waarschijnlijk: als ze er al waren waren ze gesloten, want zondag) begon het te druppelen. W kon na een eerste bui nog even op verkenning en toen ze terug was kwam de tweede en daarna de derde en de …. bui. Binnen is het ook gezellig! Meteo France verwacht vandaag een zonnig Frankrijk. Eigenlijk zitten we nog net niet zuidelijk genoeg.

Ons kasteeltje heet dan tegenwoordig wel Marraycourt, de oorspronkelijke naam is Château Saint-Georges en wees eerlijk: dat laatste bekt toch veel beter? Château Saint-Georges werd gebouwd in 1788 vlak voor de Revolutie door de heer Claude du Ryer. Het château staat in een park van 2 hectare met bossen en weilanden, omgeven door een voormalig paardenkoetshuis, oranjerie, duiventil en conciërgewoning. Het was een bouwval en het begint nu langzaam maar zeker wat te worden, al is er nog veel oude troep te bekennen.

We moesten in ieder geval tot vandaag in Marcigny blijven, want maandag = marktdag. Het oude plaatsje kent al bijna 1.000 jaar een weekmarkt, de stad heeft sinds 1266 marktrecht. Waarschijnlijk zagen die oude markten er heel anders uit dan de huidige weekmarkt van Marcigny. Voor een plattelandsdorp is de markt groot te noemen. 's Zomers nog een stuk groter dan 's winters, er zijn dan zo’n 120 kramen. Het hart van de markt is de Place du Cours met z’n muziekkiosk. Echt zo'n uitje voor W. Om de lieve vrede te bewaren ben ik maar thuisgebleven. W heeft niks aan een strompelend mannetje achter haar die niet geïnteresseerd is in het kleurenpalet van artisjokken, aardbeien of nog erger het gekreun en gesteun van haantjes, kalkoenen en konijntjes. Non-food is dan misschien interessanter, maar onze bus is al vol genoeg. Toen W na ruim een uur terugkwam vertelde ze dat er bij de Place du Cours een groot terras was ingericht. Och: te vroeg voor een blonde of een blanche en de koffie had ik net naar binnen gewerkt.


En toen ging het naar Roanne (foto hierboven geleend van de toeristische dienst), een stad die al voor de jaartelling (rond 150 v.Chr.) gesticht werd en de mooie naam Rodumna meekreeg. De Romeinen propten een I in de naam en zo kwam Roidumna op een kruispunt van Romeinse wegen te liggen tot het ergens in de derde eeuw door plunderende Allemannen werd verwoest. De stad werd verlaten, maar even later opnieuw opgebouwd omdat de binnenvaart steeds belangrijker werd en de plaats aan de koninklijke weg van Parijs naar Lyon en Italië lag. Wat later een kanaaltje erbij omdat de Loire slecht bevaarbaar werd. Later nam het spoor het goederenvervoer over. Ons vervoermiddel was de fiets en die bestond nog niet in de middeleeuwen, evenmin als de Véloire een nieuw fietspad dat in een foldertje als volgt wordt omschreven: De Véloire, een groene weg van 25 kilometer die veilig, gemarkeerd en verboden is voor gemotoriseerde voertuigen, is een onmiskenbare aanwinst voor de Roannais. Fietsers, wandelaars, mensen met beperkte mobiliteit of zelfs skaters profiteren allemaal van een ruimte die is aangepast aan elke praktijk”. Praktijk? Welke praktijk?

Roanne? Och, ze zijn er mooier. Het oudste bestaande bouwwerk is de donjon van een kasteel, gebouwd in de 11e eeuw door Bérard de Roanne. Het is een vierkante toren van natuursteen van ca. 20 meter hoog. Rond 1674 fungeerde het als rechtszaal en gevangenis. Het toerismekantoor van de stad is er gevestigd. Daarnaast is er nog een gemeentelijk museum (Musée Déchette) met spulletjes die betrekking hebben op de geschiedenis van Roanne, gevestigd in een stadspaleis uit 1787 en natuurlijk het gemeentehuis. De kerk, de Saint-Etienne, hebben we geskipt. Wel zagen we in de verte al goud glinsteren in de zon. En wat vonden wij, cultuurbarbaren, het allermooist van Roanne? De jachthaven, onmiddellijk gevolgd door een Irish Pub waar we wat genuttigd hebben.





Heen en terug hebben we een deel van de Voie Verte genomen die doorloopt tot aan
Saint-Pierre-la-Noaille om daar vlekkeloos over te gaan in de Véloire. Gaat vrijwel allemaal over een vroegere spoorlijn, dus regelmatig kom je oude stationnetjes tegen. De Véloire loopt helemaal door tot aan het eind van van het kanaal van Briennon naar Roanne, waar sluis nummer 1 toegang geeft tot de Loire. Overigens heeft Briennon ook een mooie jachthaven en – hoe kan het anders – een mooie kerk met de naam Saint-Irénée. Totaal 74 fietskilometers maakten samen met de regelmatig schijnende zon een mooie dag, we hebben tegen een uur buiten kunnen eten, graad of 18. En morgen? Morgen is er weer een dag, dan gaan we met drie werkende ogen verder naar het zuiden.



zondag 17 maart 2024

met één werkend oog naar het zuiden – 5: slapen bij een kasteel

Gisteravond nog even naar “Ik vertrek” gekeken en wel naar de uitzending van de mensen waarbij we nu in hun kasteeltuin staan. Wanneer je het nog niet gezien hebben: kijken! Binnen vijf minuten weet je dat je zoiets alleen moet doen als je heel veel doorzettingsvermogen hebt: https://npo.nl/start/serie/ik-vertrek/seizoen-25_4/familie-jansen-chambres-d-hotes-frankrijk/afspelen. Let op: slapen bij is wat anders dan slapen in een kasteel. Toen W nevenstaande foto zag zei ze: "Je hebt de documentatiemap op zijn kop gefotografeerd". Mijn antwoord: "Dat is het nieuwe modern in Frankrijk, alle teksten op zijn kop".

zondag 17 maart: @ marcigny

Een rustig plekje: een kinderhand is snel gevuld. Stroom is fijn maar alleen nodig wanneer de fietsaccu's leeg zijn, een toilet is prettig, douche na een paar dagen ook. No necesitamos nada más. Eigenlijk kunnen we helemaal zonder (zoals de nacht van vrijdag op zaterdag), maar een beetje comfort is niet weg. Een oase van rust op het Franse platteland. W vindt het wel een veilig idee dat in de avond het hek gesloten wordt, maar heeft ook uitstekend geslapen toen we aan de openbare weg stonden. We zitten nog steeds op Marraycourt in het plaatsje Marcigny dat je zoekt in het departement Saône-et-Loire. Wist tot voor gisteren ook niet waar ik de plaats moest zoeken: nu weet ik dat het op de speldenprik ligt op bijgaande kaart. Mooie plek om te staan: je loopt zo het dorpje in waar je heerlijk een hapje kunt eten of ontbijten met verse croissants van de lokale bakker. We zijn hartelijk ontvangen door Ray en Margriet die aan het klussen waren met een mandje met toeristische informatie, een tweetal eitjes, een flesje water, fietsroutes en twee zakjes thee. Heel lief en ik heb maar niet hardop uitgesproken dat thee iets is voor zieke mensen en ik me nog steeds opperbest voel. Ruwe prijsberekening: € 25,00 per nacht en da's een beetje veel voor het gebodene (of had ik dat al verteld?). Maar enthousiasme moet ook een beetje gestimuleerd worden. 

Gisteren memoreerde ik dat het in deze omgeving stikte van de kerken, kapelletjes en chateaux. Oorzaak van de vele kerken is het klooster van Cluny (hier zo'n 70 autokilometers vandaan). Cluny met zijn spirituele ontwikkelingen zorgde er voor dat de regio langzaam bedekt weren met kerken in zuivere romaanse stijl. Natuurlijk heeft de toeristische dienst daar een soort slaatje uitgeslagen: een roadtrip met de mooie naam “Chemins du Roman”, compleet gewijd aan romaanse kunst. De oude romaanse kerk van Anzy-le-Duc hebben we gisteren gezien, vandaag knoopten we er een aantal aan elkaar met Komoot, waardoor we weer een prettig fietstochtje kregen. Cluny, we waren er in september 2021. 

De geschiedenis van de stad Cluny begint met de stichting van de abdij in 910 (misschien was het zelfs een jaartje eerder) door ene Bernon en Willem de Vrome die de grond beschikbaar stelde. Dat de toestromende monniken Benedictijners werden is minder belangrijk dan dat het klooster een immuunabdij werd: direct onder het gezag van de paus geplaatst, dus daardoor onafhankelijk van de bisschop en de heren van de regio. 

Even ruim elf eeuwen verder in de tijd: we maakten een zeer traag begin aan de dag. Mijn ogen gingen pas tegen half negen open en toen had W al in alle stilte bijna een uur digitaal contact gelegd met de buitenwereld, lang leve het 4G-netwerk van Orange F. Mijn eigen provider zet daar dan stiekem KPN achter, maar ik denk niet dat ze aandelen bezitten in dit oorspronkelijk Engelse bedrijf. Een netwerktest gaf dan vanmorgen maar een score van 38 % (vraag me altijd af: procenten waarvan?) maar we hebben gisteren zonder stotteren (officiële term buffering) kunnen kijken naar de derde aflevering van “de Joodse Raad” via NPOstartPlus. Niet mopperen dus. De koffie al snel bruin (sinds een jaar of twee niet meer van K&G maar goudmerk van de Lidl), de kachel mocht even snorren (beetje koud vanmorgen met de blote poten op het koude zeil, oeps: nepparket), de broodjes bakten zich lekker af in het Omnia-oventje, de eitjes van de vreselijk brutale terreinkippen werden zachtgekookt en een tevreden B kon voor het ontbijt nog de fietsroute voor vandaag voorbereiden terwijl een nog tevredener W de telefoon weglegde en de e-reader pakte (nog steeds onder de lapjes). Een mooie zondagochtend toch? En dat allemaal op een paar honderd meter afstand van de Loire.

Kerken dus, onder meer. Vooruit: zal er een paar noemen. Allereerst die van de Heilige Sint Nicolaas in Marcigny zelf, een romaanse kerk (twaalfde eeuw), het laatste overblijfsel van een enorm klooster gelieerd aan Cluny. 

Langs de tweede kerk zijn we gisteren ook al gefietst, zij het dat we toen van tegenovergestelde richting kwamen: het mooie kerkje van Baugy, gemaakt van zeer mooie gele kalksteen (volgens de folder). Schijnt een van de oudste kerken te zijn in dit gebied dat de naam Bionnais draagt. Ook deze kerk werd rond 1100 gebouwd onder het beschermheerschap van Cluny.

De laatste kerk die we op de kiek gezet hebben was de Saint-Sylvestre-kerk van L'Hôpital-le-Mercier. Weet niet of er veel romaans aan te bewonderen is, was gewoon een mooie kerk.


Was eigenlijk meer geïnteresseerd in de koeien die schijnbaar voor het eerst na de winter naar buiten mochten. Veel stront aan de kont, zagen dat ze in een soort potstal de winter mogen doorbrengen. Blijkt om het ras Charolaise te gaan, speciaal geselecteerd voor de consumptie van hun vlees. Door goed fokwerk zijn de beesten groot van formaat, effen wit van kleur, soms neigend naar crème. Vond vooral de stieren indrukwekkend. Dat ze vroeger werden gebruikt voor het betere trekwerk kun je je ongetwijfeld voorstellen. Aan de groene bomen kun je zien dat de koeienfoto's gejat zijn.



Nog even een laatste foto: Tour du Moulin, net om de hoek van onze camper. Bevat tegenwoordig een museum met het bekende “verzamelwerk” van beelden, schilderijen, keramiek en lokale geschiedenis. Niet interessant want onze museumkaart is in Frankrijk niet geldig en nog belangrijker: blijkbaar pas vanaf 1 april geopend. Gebouw is wel mooi, vandaar de foto.


Een mooie dag vandaag, temperatuur oplopend naar zo'n 18 graden, weinig wind, af en toe een voorzichtig zonnetje: ideaal fietsweer. Als je naar het kaartje met de gefietste route kijkt zie je een lange streep: dat is de voie verte die langs Marcigny loopt en die we voor een deel afgetrapt hebben. Net geen 50 km, maar wel pijn aan de billen. En morgen? Morgen is er weer een dag. Het ziet er naar uit dat we nog even hier blijven en een dagje naar het zuiden fietsen. We hebben Roanne nog nooit gezien. Wordt dan wel een tocht van 75 kilometer of zo. 

zaterdag 16 maart 2024

met één werkend oog naar het zuiden – 4: door het land van de omgekeerde plaatsnaamborden

Wist het natuurlijk gisteren al toen mijn blog viraal ging: er komen reacties op de foto “hond met afdakje”. Viel tegen: was er tot op heden maar één die een opmerking plaatste, iets van “Mag jij daar 's avonds slapen?”. Nee vrienden, heeft iets te maken met hondenpoepzakjes en opgeruimd staat netjes. Las vorige week in de krant dat iemand hondenborden verzamelde. Vooruit: hier een paar voorbeelden.







zaterdag 16 maart: @ marcigny

Rustige nacht op de kasteelparkeerplaats. Vuilnisbak, water tappen, elektriciteit (voor één camper en er was ons net iemand voor) en zelfs een normaal toilet. Google Maps gaf een paar opties om van Druyes-les-Belles-Fontaines in Marcigny te komen. Laat nu de kortste route langs de koopgoot van Clamency lopen waar je bij E Leclerc goedkoop kunt tanken en de Aldi naast die relatief dure grootgrutter een goedkope super heeft neergezet. Zuinig aan doen: het duurt nog een week voor de SVB de AOW overmaakt en de ABP onze pensioenen stort. Voedsel moest er komen want “onze maag rammelde van den honger even als de goudbeurs van eenen dorpspredikant”. In de winkel vroeg ik aan W of zij ook trek had in een “blauwe hap”. Heb nog nooit iemand zo verbaasd zien kijken. Ze wist echt niet waar ik het over had. Ze heeft een excuus: ze is nog nooit in dienst geweest en zeker niet bij de Koninklijke Marine. Daar was het vroeger zo (weet niet of het tegenwoordig nog steeds zo is) dat er op woensdag een Indische rijsttafel geserveerd werd. In jargon heet deze rijsttafel de ‘blauwe hap’. Een ‘blauwe’ was de bijnaam voor iemand van Nederlands-Indische afkomst. Term zul je tegenwoordig ongetwijfeld niet meer mogen gebruiken zonder gevaar voor eigen leven. Vooruit B: excuses aanbieden.

Vandaag reden we door een deel van Frankrijk waar we nog nooit geweest zijn. Laat ik het beter specificeren: we reden over wegen die we nog nooit gehad hebben. Af en toe moesten we ingrijpen omdat Miep van Google Maps te enthousiast werd en geitenpaden voorstelde om het einddoel te bereiken. Voorwaarde na al die regenval is wel dat de weg verhard is en breed genoeg om elkaar redelijk te kunnen passeren. We hebben vandaag ervaren wat “épaule douce" is. Even goed slippen dus toen weer zo'n agressieve Fransman me probeerde van de weg te drukken bij het passeren (en het dus bijna lukte).Dacht altijd dat een zachte berm ongeveer hetzelfde was als “accotement non stabilisé”, toen ik dat laatste door Google Translate haalde kwam het kind aanzetten met “ongestabiliseerde schouder”. Iets met "niet stevige wegkant" of zo? 

Gisteren en vandaag viel het op: veel omgedraaide plaatsnaamborden in Frankrijk. Even opgezocht: schijnt een protest te zijn tegen “landbouwbeleid dat op zijn kop staat". Actievoerders hebben de naambordjes massaal losgemaakt, omgedraaid en opnieuw vastgeschroefd. De symbolische actie moet het landbouwbeleid aan de kaak te stellen dat volgens de boerenorganisaties “in de omgekeerde richting wordt uitgevoerd”. Ik citeer https://vilt.be/nl/nieuws: “De landbouworganisaties klagen de groeiende ontkoppeling van de regering met de agrarische realiteit aan. Zo zijn ze onder meer ontevreden over de veelheid en striktheid van de regels en normen, en de oneerlijke concurrentie van andere landen die niet aan dezelfde normen onderworpen zijn. Het initiatief van de actie startte in het departement Tarn en verspreidde zich nadien verder naar andere departementen over heel het land. […] De landbouworganisaties benadrukken dat boeren al jaren bezig zijn om hun landbouwpraktijken aan te passen in de richting van meer duurzaamheid en veerkracht in de strijd tegen de klimaatverandering. Daarnaast werken de landbouwers volgens de organisatie aan het herstel van de Franse voedselsoevereiniteit en het waarborgen van generatievernieuwing. Tot slot eisen de demonstranten dat de president zijn woord houdt en de Franse landbouw de middelen geeft, alle middelen, om volledig betrokken te zijn bij de voedsel-, energie- en milieuvraagstukken van de toekomst."

Een relatief korte rit bracht ons naar een oud kasteeltje in Marcigny, waar Ray en Margriet samen met vijf dochters van een bouwval (uit 1788) een chateau met chambres d'hôtes (zeg maar bed and breakfast), gites en een aantal camperplaatsen proberen te maken. Schijnt inmiddels een meerjarenplan geworden te zijn. W kende het verhaal omdat het in 2023 uitgezonden werd in de serie “Ik vertrek”. Neem van mij aan dat er nog erg veel te vertimmeren valt. Eerste indruk: rustig en kneuterig, maar voor hetgeen geboden wordt aan de prijzige kant. Morgen meer over dit paradijsje in wording.





Eenmaal gesetteld moest er een verkennend fietsrondje in elkaar geknutseld worden. Als uitgangspunt heb ik een bestaande Komoottour genomen met het einddoel “the romanesque church of Anzy-le-Duc”, een van de vele oude kerken in dit gebied. Waarom in het Engels? Eenvoudig omdat ik in de kerk kon kiezen uit een Frans, Duits of Engels foldertje. Vroeger koos ik dan standaard voor Duits, maar schijn me tegenwoordig toch beter met Engels te redden. De kerk is opgedragen aan “Maria ten Hemelopneming” (
Notre-Dame-de-l'Assomption) en behoorde oorspronkelijk tot de benedictijnse priorij van Anzy-le-Duc. Oorsprong van deze kerk eind twaalfde, begin dertiende eeuw, maar toen verving het een eerder gebouwde kerk uit 876. Onlangs heeft men een crypte blootgelegd met daarin het graf van de eerste prior van de abdij. Alles bij elkaar een leuk knutselwerkje, maar je komt hier in de omgeving veel van dat soort kerken, oude kastelen (meestal op een bult) en andersoortige gebouwen, al of niet in ruïnevorm, tegen.





V: 204.633: A: 204.833. Rijtemperatuur: oplopend van 11 naar 16 graden. Half tot zwaarbewolkt, geen regen. Even voor mijn eigen statistieken: zon op/onder: 06:57/18:55 uur. Een mooie dag! En morgen? Morgen is er weer een dag. We blijven nog even hier en luisteren niet naar woorden als “en immers het lot van den reiziger is te vergelijken bij dat van den mensch, door den tijd rusteloos voortgedreven!”