noordpolderzijl

noordpolderzijl

zondag 16 juni 2019

luchtmachtdagen volkel 

Onder het motto “Geniet nu van het leven, anders doen je erfgenamen het” gingen we samen met zo’n 30 andere campers het NKC-weekend “Luchtmachtdagen Volkel” in. Eindpunt camping Slabroek in de omgeving van Uden. De camping maakt onderdeel uit van het Recreatiepark Slabroek (recreatiepark moet je wel met een korreltje zout nemen: grote weide die de camping moet voorstellen, een aantal vaste staplaatsen in het bos, een verbouwde boerderij die groepen accommodeert en een kleine B&B; niks mis mee, we konden er goed staan en alle accu’s konden regelmatig worden voorzien van verse vonkjes. Maar: recreatiepark?) Overigens: we waren weer eens een kleintje. 


De luchtmacht was de afgelopen jaren “druk, druk, druk” en/of was er geen geld. Dit jaar zat er weer “lucht” in de begroting, dus konden de Luchtmachtdagen voor het eerst in drie jaar weer doorgaan. Kosten: zo’n 1,9 miljoen Euro schrijft het Brabants Dagblad. Of alle kostenposten daarin verwerkt zijn weet ik niet. Alleen al de inmense politiemacht die op de been was moet aardig in de papieren lopen. Waar defensie en gemeente geld toeleggen, profiteert de regio juist volop; met name de verenigingen die zorgen voor het parkeerbeheer. Ze huren ca. 100 ha weiland van de boeren en voor € 5 (op een half uurtje lopen van de basis) tot € 10 (aan de overkant van de weg) mogen bezoekers hun auto neerzetten. Wederom het Brabants Dagblad: “Het betreft 24 verenigingen met 700 vrijwilligers”. Dat hotels in de wijde omgeving al maanden geleden volgeboekt waren voor deze dagen, kun je je voorstellen. 



vrijdag 14 juni: @ uden 


De standaard route naar de camping zou nog wat voeten in de aarde kunnen hebben: een gekantelde vrachtwagen op de A50 en veel vertraging op de N-wegen naar Volkel. Dus een alternatief gezocht. Ons ritje door Duitsland verliep vlekkeloos, bakje koffie onderweg. Files in de buurt van Uden stonden er wel, maar met de neus de andere kant op. Half een waren we geïnstalleerd. Handje, kopje koffie en op de fiets voor een verkennend rondje Uden. De gemeente Uden ligt aan de rand van het natuurgebied De Maashorst. De gemeente bestaat uit de dorpen Uden, Volkel en Odiliapeel. Jammer van de A50 die vlak langs het dorp gaat, maar als je als bewoner het geluid van straaljagers gewend bent kan een beetje autolawaai er ook nog wel bij. 


Mooie kerk, daar in Uden; alleen de zon stond weer eens verkeerd, dus onder dankzegging een plaatje geleend. Het wapen van Uden is een afgeleide van het wapen van Kleef. Uden maakte in het verleden lange tijd deel uit van de Graafschap Kleef. Een groot deel van de fietstocht (een kleine 30 kilometer) ging door het natuurgebied De Maashorst (grootte 4.000 hectare). Dit mooie stuk van Nederland wordt gepromoot als “het oergebied in Brabant. Met wilde natuur met onder andere wisenten, taurossen en Exmoor pony’s, unieke wijstgronden en bijzondere cultuurhistorie”. Dus ’s avonds druk op zoek op internet naar wijstgronden, taurossen en dat soort (voor ons) onbekende woorden. 


Onbekende woorden waren er ook bij de presentatie over de Luchtmachtdagen, gegeven door een oud-medewerker van de Luchtmacht en tegenwoordig bestuurslid van de Koninklijke Vereniging Onze Luchtmacht. Terzijde: wie van mooie plaatjes van vliegtuigen houdt moet lid worden van deze club, dan krijg je onder meer zes keer per jaar het schitterend uitgevoerde blad “Onze Luchtmacht” thuisbezorgd. Voor W en mij kent de liefde voor vliegtuigen grenzen en die grens wordt bereikt bij het in ontvangst nemen van een gratis presentexemplaar. Boeiend verhaal overigens van deze kolonel buiten dienst ir. ing. Ben-zijn-naam-kwijt. De presentatie (“briefing” om in defensietermen te blijven) konden we volhouden doordat we voor de tijd gevoed werden met een Brabants worstenbroodje. Niet te verwarren met het oudhollandse saucijzenbroodje; dat is gemaakt met bladerdeeg en het broodje uit Brabant is gemaakt van witbrooddeeg. Weer wat geleerd.


Flink wat verse groenten, een beetje macaroni en een kipfiletje waren snel omgevormd tot een maaltijdsalade. Vlug op tafel en goed binnen te houden. Nog lang buiten kunnen zitten, want lekker warm. Het laatste uurtje mochten we onze avondplaats in de camper weer innemen en dat gaat sinds kort onder het zingen van de tekst “jij in jouw klein hoekje en ik in’t mijn”. Voor diegenen die niet zo thuis zijn in de wereld van de christelijke liederen, hier het eerste couplet: 


Jezus zegt dat Hij van ons verwacht 
dat wij zijn als kaarsjes, brandend in de nacht. 
En Hij wenst dat ieder tot Zijn ere schijnt: 
Jij in jouw klein hoekje en ik in’t mijn. 

Vergeten te vertellen dat we tijdens ons tochtje weer zo’n stukje totaal-onbekende-geschiedenis tegenkwamen, namelijk Vluchtoord Uden. Weer een verhaal over de Groote Oorlog, WO-I. Nederland wist zich in de periode 1914-1918 bij de gratie van Duitsland en Engeland te onttrekken aan het wapengekletter. België was minder fortuinlijk, met het gevolg dat er sprake was van heel veel Belgische vluchtelingen. Een deel van deze vluchtelingen (in totaal 16.155 personen) streken neer op de uitgestrekte heide ten noorden van Uden en er ontstond een kamp. Eigenlijk is “dorp” een beter woord: er was een kerk, er was een school voor de kinderen, er was werk en er was ontspanning. En het voornaamste: iedereen was welkom. Blijkbaar gingen we toentertijd beter om met vluchtelingen dan heden ten dage. 



V: 135.755; A: 135.869

zaterdag 15 juni: @ uden 


Een behoorlijke bui regen vannacht. Bij het opstaan regende het nog steeds, maar na de afbakbroodjes uit de Omnia-pan konden we om half tien droog op de fiets naar de vliegbasis. Niet de kortste maar waarschijnlijk wel de mooiste route en met een groep van een man of vijftig. Nu had ik mijn Veilig Verkeer Nederland-petje niet op, dus hoefde ik me niet druk te maken om het ontbreken van veiligheidshesjes bij de begeleiding. Het blauwe NKC-hesje valt echt niet op. Bijna allemaal bejaard en met trapondersteuning, dus een tempo van-dik-hout. Parkeren van fietsen was gratis en goed geregeld. Veiligheidscontrole van mijn rugzak bij de ingang, de handgranaten in mijn jaszak kwamen eenvoudig door de controle van de beroepsbeveiligers. Gisteren 95.000, vandaag 145.000 bezoekers. Brabants Dagblad: “Het totaal van 240.000 bezoekers is wat minder dan de 250.000 waar Defensie op had gemikt. Een woordvoerder vermoedt dat potentiële bezoekers zich misschien hebben laten afschrikken door de regenval in de nacht van vrijdag op zaterdag en zaterdagochtend”.






De oorsprong van vliegbasis Volkel ligt in 1940 toen de Duitse Luftwaffe hier een Fliegerhorst bouwde. Na WO-II eerst overgenomen door de RAF, daarna gebruikt als basis van het Korps Mariniers en in 1951 aangewezen als eerste tactische vliegbasis van Nederland. Op dit ogenblik zijn er van de vele vliegbases nog maar drie MOB’s (Main Operating Bases) over, de rest werd in de loop der jaren wegbezuinigd, zoals vliegbasis Twenthe waar we de vorige week waren. 


Een dagje vliegtuigjes kijken is leuk, maar zorgt wel voor tegenstrijdige gevoelens: is het allemaal wel nodig. Is het echt zo dat, wanneer we de luchtmacht opgedoekt hebben, de “grote boze jongens” de volgende dag voor de deur staan, zoals kolonel buiten dienst ir. ing. Ben-zijn-naam-kwijt ons wilde doen geloven. De kosten voor defensie bedragen in 2019 10 miljard Euro (zie grafiek overheid), kun je aardig wat kratjes bier van kopen. 

Veel vliegtuigen en vliegtuigjes gezien dus. Zal echt niet veel namen noemen, want een naam als Yakovlev Yak-52 ben je over drie minuten vergeten. Twee uitzonderingen: we hebben een optreden gezien van de F-35 Lightning (ook bekend onder de naam Joint Strike Fighter of JSF), de opvolger van de F-16 en een demonstratie van zo’n groot werkpaard, de Boeing C-17 Globemaster III. Nog even met de neus op de feiten gedrukt: bij de ingang maakte een ons aagereikte flyer ons attent op en waarschuwde ons voor de aanwezigheid van kernwapens op de vliegbasis. Nu hebben de oud-premiers Lubbers en Van Agt dat in 2013 bevestigd, dus niks nieuws onder de zon. Ik wist echter niet dat er al afspraken gemaakt zijn om deze oude bommetjes om te ruilen voor nieuwe verbeterde kernwapens. 






’s Avonds een koud/warm buffet dat buiten begon en binnen eindigde: om half negen viel er exact één klein buitje in heel Nederland. Mag je raden waar! De regen zorgde wel weer voor een heel sfeervolle foto wat later op de avond.



zondag 16 juni: @ home 

Vannacht een behoorlijk stuk koeler dan gisternacht. Voor mij maakt dat niet zoveel uit, maar W slaapt er stukken beter op.

Nog een afscheidsfietstochtje van zo’n 40 kilometer door het Brabantse land, voor een groot deel door De Maashorst, je weet wel dat stuk Brabant dat aangeduid wordt met “oergebied”. Ik wist overigens niet dat ze in de oertijd strak geasfalteerde fietspaden hadden. Wel lekker om te pedaleren, maar het oergevoel ontbreekt. Beetje heel erg netjes allemaal. Kon met een schreeuw W nog van een koude duik in het water weerhouden. “Het routebordje geeft toch echt die richting aan”, was haar excuus. Droog en wisselend bewolkt. 

Als klap op de vuurpijl kwamen we het bordje “stiltegebied” tegen. Echt een lachertje: gisteren scheurden hier tien F-16’s en één F-35 over het bos heen, terwijl ze hun naverbranders gebruikten. Stilte, aub! Mooi weekend; veel gezien, veel gelopen (een juichende stappenteller op zaterdag) en ca. 100 kilometer gefietst. 



Op naar de fietsvierdaagse van Winterswijk in de laatste week van juni, maar eerst de avondvierdaagse en wandelmarathon van Lichtenvoorde. 

V: 135.869; A: 135.984   

dinsdag 11 juni 2019

familieweekend losser

Broerlief had dit jaar de organisatie en koos voor een “nette” camping in Losser in het glooiende gedeelte van het Twenteland: een tweetal plekken voor de campers van de ouderen en een huisje voor het jonge spul (de jongste is inmiddels de zestig ook gepasseerd). Camping “de Veldzijde” ligt net buiten de plaats Losser. Niet al te dicht op elkaar: goed voor de stappenteller en je zit niet de hele dag op elkaars lip. Alles pico bello voor elkaar op deze plek, alleen was het voor W en mij even wennen: onze laatste campings waren van het type “natuurkampeerterrein” en die zien er nu eenmaal iets anders uit dan een “nette” camping waar je vriendelijk verzocht wordt om bij het vertrek de steentjes uit het gras te halen en het grind aan te harken en waar in de douche een speciaal bakje gemonteerd is voor je bril (voor de duidelijkheid staat er dan ook nog "bril" op dat bakje). Niks mis met “de Veldzijde”, alleen “anders”. 

We hebben ons er overigens met zijn achten uitstekend vermaakt en de woonkamer van het appartement was groot genoeg om ons allen te herbergen op momenten dat het weer niet helemaal wilde meewerken en tijdens de frisse avonduurtjes. Over het weer gesproken: bijgaande foto is van Meteosat-11 en gemaakt op 7 juni om 11:00 uur. Meteofrance vindt het waarschijnlijk best goed dat ik dit plaatje leen. Samenvatting: donderdag warm; vrijdag mooi met een stevig windje; zaterdag regen en stormachtig, maar ook droge perioden zodat we nog van alles konden ondernemen; zondag zonnig, warm en aangenaam; maandag prettig en windstil.



donderdag 6 juni: drielandenpunt 

Via het Winterswijkse buitengebied (even de fietsen ophalen in Kotten) door Duitsland naar de gemeente Losser. Deze gemeente bestaat uit de kernen Losser, Overdinkel, de Lutte, Deurningen en Glane. Volgens ons is de voornaamste bron van inkomsten het toerisme, maar dat heb ik niet geverifieerd. Na installatie fietsje gepakt en met zijn tweetjes
een verkennend rondje gereden. Centrum Losser – 13 – 18 – 70 – 69 – 05 – 52 – 15 – camping. Opvallendste punt: de Drilandsteen bij Gronau/Overdinkel. De tekening hiernaast laat de drie kanten van de steen zien (het is maar één steen).

Wanneer je Drielandenpunt hoort denk je aan Vaals, niet aan Overijssel. Er zijn er meer. In het verleden hadden we immers meer landen dan tegenwoordig. Het drielandenpunt Driland heeft overigens een veel langere geschiedenis dan dat knooppuntje in Vaals.
De grensmarkering waar we het nu over hebben gaf in 1659 de plek aan waar het bisdom Utrecht, het bisdom Mūnster en het graafschap Bentheim elkaar raakten. Het prinsbisdom Münster (ja dat van Bommen Berend) ging op in Pruisen, Bentheim werd geannexeerd door het koninkrijk Hannover en het grondgebied van het bisdom Utrecht ging uiteindelijk behoren tot het Koninkrijk der Nederlanden. Tegenwoordig geeft de steen nog steeds een drielandenpunt aan: Nederland – Nordrhein-Westfalen – Nieder-Sachsen. De steen staat aan de kant van een grote weg, vanaf de fietsroute in de verte te zien. 

Zus en zwager waren inmiddels met hun Dickenmarianneke op de camping gearriveerd en met wat-ieder-nog-in-huis-heeft-en-nog-net-niet-over-de-datum-is werd een heerlijke driegangenmaaltijd gefabriekt. Om onder de wandeling uit te komen bood ik spontaan aan om de afwas te doen, de rest heeft een leuk kuiertje gemaakt naar het centrum van Losser. 


V: 135.606; A: 135.671 
Het weer: prettig buitenzitweer. 

vrijdag 7 juni: de familie compleet 

Een fietstochtje met zijn vieren naar het Lutterzand. Volgens Wikipedia ‘een aardkundig monument tussen De Lutte en Denekamp’ en als je de plaatselijke VVV moet geloven ‘een absolute topper wat betreft de combinatie van natuur, ontspannen en genieten’. Kortom een gewild toeristengebied met zandverstuivingen, afkalvingen van de hoge Dinkeloevers, heidevelden, jeneverbessen, oeverzwaluwen, ijsvogels en reeën. En tussen al dat geweld ploeterden vier andere voorbeelden van “natuurschoon” door het glooiende landschap. 


Het Lutterzand was oorspronkelijk markegrond. Dat betekent dat het gemeenschappelijk eigendom is van de boeren in de omgeving. Het gebied werd eeuwenlang gebruikt om te voorzien in de behoefte aan brand- en timmerhout. Het vee kon er grazen. Plaggen werden gestoken om de landbouwgronden te verbeteren. Het gebied werd door dit intensieve gebruik wel uitgeput en langzaam maar zeker (17e en 18e eeuw) veranderde het in een grote zandvlakte. Bij oostenwind raakte grote delen aangrenzende landbouwgrond onder het zand bedolven. De oogst had daar sterk onder te leiden. Toen het de spuigaten uitliep besloot Marke de Lutte het Lutterzand te herbebossen. Uiteindelijk werd in 1819 de meeste markegronden verdeeld en werd de Marke zelf opgeheven. Voor een paar percelen bestond geen belangstelling en toen de belastingdienst tot de ontdekking kwam dat ze centen misliep omdat de grond van niemand meer was, verkochten ze het voor een habbekrats aan een paar boeren; dus eigenlijk grond verkopen dat van niemand is. Aanwezigheid van toeristen betekent in Nederland: voldoende plek om koffie te scoren. De bediening was dan wel niet vlot, maar geen probleem: de vier gepensioneerden hadden geen haast en hadden daarna nog alle tijd om de camping op te zoeken vóór de rest van het gezelschap arriveerde. 


Knooppunten-Berry had op zijn nieuwe speeltje voor de gehele familie (min één) een route uitgestippeld langs de grens met Duitsland. Overdinkel lag ook op de route. Dit plaatsje is het meest oostelijk gelegen dorp van Nederland en is rondom ingesloten door meanderende riviertjes: de Dinkel in het zuidwesten en de Ruhenbergerbeek in het noorden. Overdinkel heeft zijn bestaan te danken aan de textielfabrieken van Gronau. Eind 19e eeuw trokken deze fabrieken als magneten werkzoekenden aan. Deze arme drommels vestigden zich langs de weg van Losser naar Gronau, een weg die niet meer was dan een karrespoor. Omdat alle huizen en krotten langs het pad moesten komen is Overdinkel een dorp met lintbebouwing geworden. Als organisator van het weekend mocht broer T voor de avondhap zorgen. Hij toverde een goed te pruimen maaltijd op tafel. 

pinksterzaterdag 

De fietstocht van deze dag stond in het teken van windkracht 5 tot 6, zandstormen, een introductie tot geocaching en kennismaken met “kunst”. Zie de foto’s. 







De middag werd door een ieder op eigen wijze ingevuld: een spelletje, nog een fietstochtje voor wat mooie foto’s, een boekje of een dutje. Hongerige magen moesten worden gevoed.
Laat in Losser een Mexicaan zijn neergestreken. Of het een echte Midden-Amerikaan is weten we niet, de bediening zag er in ieder geval Nederlands, mooi en jong uit. En dat alles draagt de naam El Charro. Nu ken ik El Charro alleen als titel van een film ergens uit de vorige eeuw: 1969 was het geloof ik dat Elvis Presley als cowboy optrad (en één van de weinige keren in een film niet zong). Charro zal wel Mexicaanse cowboy te paard betekenen (of zo; tenminste wanneer je de diverse logo’s van eethuizen met die naam bekijkt). Op zijn Amerikaans gegeten: veel vlees en bonen. Goed binnen te houden. Wandelen: kleine twee kilometer heen en dezelfde afstand ook weer terug.

pinksterzondag 

De wind is gaan liggen, het is zelfs kortebroekenweer geworden. Op de fiets naar Enschede waar in het Volkspark een kunstmanifestatie werd gehouden. De route naar Enschede verliep voor een deel langs de kunstroute. Door het Twentse land is (voor de duur van de pinksterdagen) een tocht uitgezet die loopt langs werken die door kunstenaars worden geëxposeerd. Was op zaterdag niemand te bekennen, vandaag was het poepje-druk en werd het vaak filerijden. 

Restaurant de Orchidee in Losser is in het weekend geopend om te wokken: zo’n all-in formule. De vier bejaarden in het gezelschap (65+) betaalden twee Euro minder dan het jonge spul. We kwamen er per ongeluk terecht en het was prettig toeven. 



pinkstermaandag 



De bewoners van het vakantiehuisje, het jonge spul dus, moest al op tijd hun tijdelijke onderkomen verlaten. Het ontbijt werd daarom in het zonnetje op het terras voor het Dickenmarianneke naar binnen gewerkt. De kippen (voor het ene echtpaar) en de pijlgifkikkers (voor het andere) riepen, dus bleven de oudste vier weer over. W had voor programma gezorgd: een bezoek aan de lentefair op Landgoed Kaamps in Deurningen. 

Tijdens onze fietstocht naar dit het-viel-een-beetje-tegen-evenement kwamen we verrassend langs Twente Airport (zonder H), de nieuwe naam voor vliegbasis Twenthe (met H). Rond 1930 aangelegd, na de oorlog de basis voor onder meer Starfighters en later F16’s. Ze knalden in mijn jeugd en jonge jaren regelmatig bij ons in de buurt door de geluidsbarrière.


In 2004 werden de vliegtuigen verkocht of verplaatst. Ook de burgerluchtvaart (chartervluchten en zo) was een stille dood gestorven. Het vliegveld heeft er een aantal jaren min of meer ongebruikt bijgelegen. Er ontstond juridisch getouwtrek over het al dan niet behouden van de militaire status. Niemand durfde het aan om te beginnen aan een doorstart als burgervliegveld. Uiteindelijk werden er nieuwe plannen gemaakt en die resulteerden erin dat Twente op 30 maart 2017 werd heropend voor het uitvoeren van zakenvluchten. In het weekend is het vliegveld geopend voor sportvliegers en voor de zweefvliegclub. Heel af en toe landt er nog een groot vliegtuig op Twente Airport. Dit vliegtuig maakt dan meteen zijn laatste reis, want de eindbestemming is AELS (Aircraft End of Life Solutions), een bedrijf dat vliegtuigen die uit de vaart zijn genomen sloopt. Schitterende natuur rondom het vliegveld. Tegen vijven bleef ik alleen achter op de camping. W had voor dinsdag het balboekje vol staan en ook D&M hadden dringende bezigheden. Gewoon lekker ontgroepen, wel binnen in de camper want er kwam een leuk buitje over. 





Het was weer een gezellig weekend en (zoals mijn moeder dan noemt) good van ett’n en drink’n.      







dinsdag 1! juni: @ zwillbrock

De bus en de bestuurder een grote schoonmaakbeurt en tegen elf uur op naar Zwillbrock om overnachting nummer 90 in het spreadsheet te kunnen bijschrijven. Rustig de tijd om dit blog bij te werken en om bij te komen van alle belevenissen. De nacht doorgebracht in alle stilte (de kerkklok zwijgt tussen tien en zeven) met nog vijf andere huizen-op-wieltjes (waaronder een identieke Roadcruiser, maar met een Duits nummerbord).

woensdag 12 juni: @ home

V: 135.671 (dinsdag Losser); A: 135.755

zondag 2 juni 2019

oppassen in kotten – 3

27 mei tot 4 juni: @kotten 


En al weer een weekje verder. Eén nacht in ons stenen huis geslapen, een zeer ernstige bui regen afgewacht en toen maar snel weer vertrokken naar het Winterswijkse buitengebied. Om een of andere reden slapen we in ons busje beter dan in dat andere "thuis". En wat is er mooier dan ’s morgens de ogen open te doen, naar buiten te gaan en vervolgens aangekeken te worden door een vogeltje dat net als een kolibrie even in de lucht blijft hangen. 


Contact opgenomen met schoonzus die nog ergens in de Pyreneeën campert en een bezoek gebracht aan www.vogelbescherming.nl. Het blijkt te gaan om een gekraagde roodstaart. De foto (wmnatuurfotografie) die ik ontdekte was zo typerend dat ik hem maar even “geleend” heb. Geef toe dat het fladderen wat wegheeft van een kolibrie. Beestje komt voor op “kleinschalig boerenland met oude, lommerrijke erven” en laten we dat hier in Kotten nu net voorhanden hebben. “Nestelt in grote holen, nissen en nestkasten”. Dat het vogeltje ook eitjes legt in een insectenhotel wordt nergens beschreven. 


Op Hemelvaartsdag oude oma met het autootje rondgetoerd door de Achterhoek. Ze genoot van de lichtgroene weilanden, de donkergroene bossen en de typische kronkelwegen in ons coulisselandschap. Oeps: daar hebben we de regiovlag weer. Einddoel Doesburg, daar waar de Oude IJssel haar water loost in de IJssel. Beetje raar weer: jasje aan – jasje uit. En toen oma aan het eind van de middag haar pannenkoeken naar binnen had gewerkt zei ze “Schrijf maar in je blog dat ik een fantastische dag heb gehad”. Zij is één van mijn vaste lezers. Bij dezen dus. 


Het weer? Wisselend: van ’s avonds nog even de kachel aan (dinsdag de 28e) tot buiten ontbijten (wel eerst even de vogelpoep van de tafel verwijderen). En natuurlijk mag ook deze keer een foto van Meteofrance niet ontbreken. Foto gemaakt op vrijdag 01.06 om 11:00 uur. 




Vrijdag even wat vrijwilligerswerk. Het blijft gezellig om een beetje te kletsen met de passagiers. Tijdens een ritje in het buitengebied een hele verhandeling gekregen over het verschil tussen het hedendaagse hooien en de werkwijze van pakweg 60 jaar geleden. In die tijd waren er veel handen nodig om het hooi binnen te krijgen. Ik hoorde weer veel “oude” woorden als hooimijt, trommelschudder en hooikanon. Drie mannen van achter in de tachtig moesten naar een receptie gebracht worden (en een paar uur later weer opgehaald worden). Het waren net jonge jongens en “niet doorvertellen maar ik heb drie borreltjes gehad”. Leuk “werk”. 




Zaterdag (1 juni) stond in het teken van het geocachen. Dank zij de ontwikkeling van het Global Positioning System kunnen we nu op een moderne manier schatzoeken. De eerste GPS-satelliet ging in 1974 de lucht in, twintig jaar later zag het netwerk van GPS-satellieten er uit zoals we het vandaag kennen. In het begin verstoorde het Amerikaanse Ministerie van Defensie het signaal voor de burgers (met een mooi woord noemde men dat Selective Availability) zodat die burgers het mochten doen met een ongeveer-signaal. Onder het regime van Clinton werd dat in 2000 met één druk op de knop gewijzigd en werd de nauwkeurigheid met een factor 10 verbeterd. Al heel snel kwam men tot de ontdekking dat de navigatiesatellieten ook voor leuke dingen gebruikt konden worden. In 2000 werd de eerste cache verstopt en werden de coördinaten via internet bekend gemaakt. Wij maakten vandaag ons rondje Borkense Baan af. In totaal zijn er tien caches verstopt, twee hebben we er niet kunnen vinden. De mooiste verstopplek was bij Block Holland aan de Meester Meinenweg. Block Holland was het hoogste punt van de Borkense Baan. Vroeger moesten de stoomtreinen zwoegen en bonken om over dit “hoogtepunt” te komen met hun volle wagons. Dit gezwoeg kon men tot in de wijde omgeving horen. De cache was leuk verstopt (zie foto). Geen fietsknooppuntenroute dus vandaag: het kompas van de smartphone gaf de richting aan.  




Zondag tenslotte stond in het teken van de Hüttentour. Duitsland heeft langs haar fietspaden behoorlijk wat schuil/picknickhutten staan. De Hüttentour is een fietstocht langs 13 van die hutten en is het hele jaar eenvoudig af te leggen door de groen-op-witte bordjes te volgen. Eén keer per jaar maakt het Fremdenverkehrsamt Südlohn-Oeding er een waar feest van: "in 10 Hütten bieten Wirte Spezialitäten, Erfrischungen sowie Kaffee und Kuchen!" 


W had deze tour al een paar jaar op haar wensenlijstje staan en je weet dat ik alles over heb voor een Bratwurst mit Brot und Senf. Dat bleek trouwens de voornaamste specialiteit van de standhouders te zijn. De Duitsers daarentegen sleepten zich van Hütte naar Hütte om zich daar vooral te storten op de Erfrischungen (vooral bier). We hebben niet de hele tour gefietst, er moesten aan aantal hongerige nazaten gevoed worden. "Graag niet te laat eten pap, de kinderen konden de laatste dagen het bed niet vinden en morgen moeten ze weer naar school". Je hebt maar te luisteren als voedselverstrekker.

Maandag nog maar een keertje schatzoeken. W had een leuk rondje ontdekt in het Duitse land ten zuiden van Aalten. We hebben de helft gedaan, de andere helft bewaren we voor een ander oppasmoment. De caches bestonden voor een groot deel uit de bekende buisjes met logboek. Eentje stak er met kop en schouders bovenuit met de mooie naam "Natur pur 2". Vanaf de Nederlandse kant van de grens gezocht, beetje dom: later bleek het vanaf de Duitse kant een eitje te zijn.




Nog even de laatste oogst binnengehaald. Zo van het land zijn ze het lekkerst.


Dinsdag riepen de vele plichten weer. W even poetsen, ik een gasfles scoren in Emmerich (de Obi in Borken had geen voorraad). Normaal wordt een fles bij ons in de buurt bijgevuld. Een van de twee had echter het jaartal 2019 als opdruk, dus vullen zou binnenkort problemen opleveren. Omwisselen in Duitsland is gratis, je hoeft alleen de inhoud te betalen. Er staat nu in de gaskast weer twee flessen die tot 2025 mee kunnen. Zeg je Emmerich, dan zeg je ook Tolkamer. Daar nog even een uurtje bootjes gekeken en toen was de laatste Kottense oppasperiode ook voorbij. Op naar het pinksterweekend met de familie. Het was weer een mooi weekje.