noordpolderzijl

noordpolderzijl

vrijdag 10 april 2026

de lente lokt - 3: van bocholt via de kötteldiek naar doetinchem

Wat ze zich bij een schooluitvoering moest voorstellen, vroeg S te K zich af. Misschien dat bijgaande foto je een idee geeft hoe het feest er gisteravond uitzag. Foto is gemaakt door W en kreeg de titel mee “zoekplaatje“, want ergens op die foto moet onze kleindochter staan. Kleinkind 2 gaat naar de Vrije School Zutphen voor Voortgezet Onderwijs en gedijt daar heel goed. Misschien ligt het aan de pedagogische visie die aan de school ten grondslag ligt (heb even de website bezocht): “ De school werkt vanuit een antroposofisch mensbeeld, waarbij de ontwikkeling van hoofd, hart en handen centraal staat. Leerlingen worden gestimuleerd in hun cognitieve, sociale, emotionele en kunstzinnige ontwikkeling, met aandacht voor leeftijdsfasen en indiviuduele talenten. Het onderwijs is afgestemd op de levensfase van de leerling en moedigt inventiviteit, originaliteit en creativititei aan“. Nee, ik ga geen oordeel geven over deze visie, ben blij dat kleindkind 2 het helemaal naar haar zin heeft op deze school, waarbij “academische vorming met creatieve en pratische ontwikkeling, passend bij de individuele talenten van de leerlingen en hun persoonlijke groei“ worden gecombineerd. Op de vraag van mij aan W of die 500 leerlingen tegelijkertijd loepzuiver konden zingen kreeg ik een min of meer ontwijkend antwoord in de geest van “wat denk je zelf?“

Er is ook weer nieuws van onze oude huiscamping (de Fontein in Eibergen). Vandaag stond er een stuk op de site van Tubantia/Berkelland, zal een dezer dagen wel in de krant komen. Titel “Chalets weggesleept van camping de Fontein: waar moeten we nu naar toe?“ Heb het verhaal al eerder verteld, maar even in het kort: Camping De Fontein stond jarenlang bekend als een rustige natuurcamping. Veel gasten kwamen er al jaren. Ze bouwden er chalets, legden tuinen aan en brachten er hun vrije tijd door met familie. Maar dat veranderde toen de camping in 2021 werd gekocht door de Metanoia Groep. De nieuwe eigenaar wil op het terrein een luxe resort bouwen. Voor de chaletbezitters betekende dat één ding: ophoepelen. Tot zover het oude nieuws. Nu de aanvulling. Vertrekken, dat deden de meesten ook, maar een enkeling bleef zitten en een groepje blijvers spande vorige jaar een rechtzaak aan. De rechter oordeelde dat Metanoia een passende schadevergoeding moet betalen of dat de zaak in een ‘schadestaatprocedure’ moet worden uitgewerkt. Dan komt er een onafhankelijke taxateur die de waarde vaststelt. Daar moet iedereen zich bij neerleggen. Tegelijkertijd loopt er nog een hoger beroep over de opzegging van de recreatieplekken en de schadevergoeding. Maar op dat hoger beroep werd niet gewacht. Deze week verschenen medewerkers van Metanoia, een deurwaarder en twee agenten op het terrein en de plekken werden in beslag genomen, de chalets werden weggesleept en hekken en hagen werden gesloopt. Het hoger beroep staat gepland voor augustus dit jaar. Foto in deze alinea is van Bert Kamp en komt van de site van Tubantia/Berkelland af. Jammer van de eens zo mooie camping waar W en ik (en al onze kleinkinderen) heel graag kwamen.

vrijdag 10 april: @ doetinchem

W moest niet alleen naar de muziekuitvoering (gisteren), vanmorgen moest ze naar de Spaanse les en daarna een nieuw paspoort regelen. Allemaal zaken die aan de grondslag lagen van het feit dat ik vanmorgen alleen in ons busje wakker werd en W in een ander bed. Koffie zetten, inpakken en wegwezen. Op naar Lichtenvoorde: beetje boodschappen doen, knipbeurt door de buuf (coupe concentratiekamp), nattigheid lozen op de “afwerkplek“ bij het zwembad; dat soort werk. Daarna naar Doetinchem, camperplaats Varkensweide. Mooie lokatie, eigenlijk midden in het centrum. Daarmee neem je wat verkeersoverlast op de koop toe. Denk dat we drie dagkaartjes moeten betalen (3 x € 4,00) als we zondag vertrekken. Stroom gaat via AanUit.net en dat werkt altijd perfect. Voor je het gaat vragen, hier al het antwoord: we hebben morgen een feestje van de partner van een vriendin van W in het centrum van Doetinchem, waar je dus niet met de auto kunt komen en met een stompelmenneke wordt dat ingewikkeld. Idee is om morgen het stukje van de Varkensweide naar het centrum op de fiets af te leggen (nog geen kilometer). Hebben we ook geen meningsverschil over wie er de BOB moet zijn. Je moet er wel op tijd bij zijn, de cp kent maar 6 plekken en op vrijdag om half vier parkeerde de laatste witte doos in. We waren gewaarschuwd dat het in het weekend druk kon worden. Soms zijn reviews erg nuttig.


W ging uiteraard op de fiets van Lichtenvoorde naar Doetinchem en deed daarna nog even een rondje stad. Ze kon haar lol op: veel leuke winkeltjes. Mooi dat ik niet mee hoefde/mocht: ik hou niet zo van winkeltjes die W leuk vindt. Doetinchem ligt midden in de Achterhoek en fungeert als regionaal centrum voor wonen, winkelen en uitgaan; oeps: vergeet scholing - heb er zelf nog een aantal jaren op eerst de kweekschool en later de Pedagogische Academie gezeten (lang geleden toen een losse krant nog 15 guldencenten kostte, omgerekend € 0,07; Mensch ist das eine lange Zeit her!). Tussen de camperplaats en het “dorp“ ligt de rivier de Oude IJssel. Erg veel “oude sfeer“ hoef je in de stad niet te zoeken want het centrum werd zwaar beschadigd bij het Bombardement op Doetinchem aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. Wil je een pittoresk middeleeuws stadje dan moet je verder en naar Zutphen of Doesburg afreizen. Voor wederopbouwarchitectuur ben je hier wel aan het goede adres.

Die Oude IJssel heb ik vandaag al eerder gezien en wel in Bocholt, al heette hij toen nog de Bocholter Aa. Het stikt overigens van de watertjes in Münsterland met allemaal verschillende namen die “ergens“ samenkomen. In de buurt van Dinxperlo wordt al dat water als Aa-strang de grens overgedrukt en gaat even later vrolijk verder onder de naam Oude IJssel. Uiteindelijk komt al die nattigheid bij Doesburg in de IJssel. Er zijn dus veel bronnen aan te wijzen en één ervan is de bron van de Issel in de buurt van Raesfeld (de Isselquelle), ooit eens door ons bezocht op de fiets, daar een lekke band gekregen en ruim drie kilometer naar de dichtstbijzijnde fietsenmaker moeten lopen.

Een “overgangsdag“, niet alleen routetechnisch maar ook qua weer: een dipje tussen twee hogedrukgebieden. Met de zon pal op de bus is het binnen heel goed uit te houden, buiten behoorlijk frisjes. Het weer is dus wat “minder“ dan gisteren, morgen krijgen we wat “meer“ weer. Alsof de tegenstelling van “minder weer“ “meer weer“ zou zijn. Om vijf uur konden we in de avondstand: W in haar klein hoekje en ik in’t mijn. Tegen zessen eten voorbereiden: pastasalade met hamblokjes, altijd lekker en snel klaar en daarna een keuze uit “2 voor 12“, Flikken Maastricht, de Slimste Mens en Harry Hole. Dat laatste is een Noorse Netflixserie die rechercheur Harry Hole volgt die niet alleen een seriemoordenaar moet zoeken maar het ook moet opnemen tegen een corrupte collega. Dan is onze Harry ook nog regelmatig aan de drank. We hebben inmiddels een paar afleveringen gezien, goed binnen te houden. Je ziet: je hebt een druk leven als camperreiziger. Onderstaande foto van Harry Hole is aangeleverd door Netflix.




donderdag 9 april 2026

de lente lokt - 2: we blijven (deels) in bocholt

“Leuke AI-plaatjes“ was het algemene commentaar. Weet het: ChatGPT kan er wat van. Nog één voorbeeld. In het vorige blog schreef ik het zinnetje “Nadat ik dinsdagnacht een invasieleger van aliens had verslagen met Oekraiense drones schoot me de Wohnmobilstellplatz in Bocholt te binnen." Heb aan ChatGPT gevraagd om op basis van die zin een cartoon te maken en het resultaat zie je in deze alinea.

Mooie temperaturen gisteren (en vandaag nog beter) dus kreeg ik de onvermijdelijke vraag over de hoeveelheid kleding die de familie momenteel draagt. We zijn decent gekleed beste lezers, gewoon decent. Vroeg me af wanneer de mens voor het eerst kleding ging dragen en kwam bij mijn speurwerk een heel interessant artikel tegen waarin werd gesteld dat dat minstens 100.000 jaar geleden moet zijn. Andere bronnen hebben het over 100.000 tot 170.000 jaar geleden. Dit alles heeft te maken met het ontstaan van de kleerluis en dat beestje is een bewijs voor de ontwikkeling van onze garderobe: er is via een DNA-vergelijking van de kleerluis en de hoofdluis vastgesteld dat de kleerluis zich zo’n 107.000 jaar geleden als aparte soort heeft ontwikkeld. En die beestjes leven alleen in textiel, waarvan akte. Mensen gingen kleding dragen omdat ze naar koudere gebieden trokken.

Één van mijn vaste fotokijksters miste een plaatje van de camperplaats. Halen we nu in met drie foto’s. De bomen staan centraal in beide plaatjes omdat W en ik ons afvroegen wat de naam was van de bomen die deze camperplaats domineerden. Volgens Plantnet is het de Noorse Esdoorn (met een waarschijnlijkheid van 72 %). Als het niet klopt ligt het aan de app Plantnet. Ook een onderzoek van de schors (zie foto hieronder) leverde de Noorse Esdoorn op.


donderdag 9 april: @ bocholt

Nog een dagje Bocholt in de deelstaat Noordrijn-Westfalen. Voor mijn niet-Achterhoekse lezers: vlak bij de Nederlandse grens tegenover plaatsen als Winterswijk en Aalten. De geschiedenis van Bocholt is sterk verweven met die van de Nederlandse Achterhoek. Door de directe grensligging is er eeuwenlang sprake geweest van één samenhangende regio. Ten tijde van Karel de Grote (rond 800) was het één pot nat en hoorde het hele gebied tot het Frankische Rijk. De vraag is overigens of er toen al wel sprake was van een Bocholt. Het zal er om spannen. De oorsprong van de plaats gaat terug tot de middeleeuwen en het kreeg al in de 13e eeuw stadsrechten, wat wijst op haar vroege betekenis als handelsplaats. Maken we een sprongetje naar een andere grote Karel, namelijk Karel V: rond 1500 was die Karel wel de baas over beide kanten van de huidige staatsgrens maar hoorde de Achterhoek tot Gelre en Bocholt tot Münster. De definitieve grens is niet op één specifiek moment bepaald, maar kwam tot stand door een proces van verdragen en correcties, met als belangrijkste basis de Vrede van Münster (1648) In die tijd werden ook de “beroemde“ grensstenen geplaatst. De foto in deze alinea is gemaakt door M.F. Naaldenberg (https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=3260382). Staatsrechtelijke grenzen waren er dan wel, maar fysieke? Bocholt en de Achterhoek hadden dezelfde handelsnetwerken en veel culturele overeenkomsten. Zelfs de taal die in Bocholt en Winterswijk gesproken werd was dezelfde: van “Duits” of “Nederlands” zoals we dat nu kennen was nog geen sprake, in de regio werden varianten van het Nedersaksisch gesproken. Nedersaksisch was een verzamelnaam voor dialecten die gesproken werden in een groot gebied van oostelijk Nederland waaronder de Achterhoek, Twente en Münsterland. De dialecten aan beide kanten van de huidige grens liepen vloeiend in elkaar over. Er was geen duidelijke taalgrens zoals nu. En ja: er was een officiële taal: het Middelnederduits. Dat was de taal voor de handel en het bestuur. Het Standaardnederlands en het Hoogduits ontwikkelden zich pas later (vanaf ca. 16e–17e eeuw). De Tachtigjarige Oorlog en latere politieke ontwikkelingen zorgden voor een duidelijke grens waarbij Bocholt uiteindelijk Duits (Pruisisch) en de Achterhoek Nederlands werd. Op dit ogenblik is de grens weer aan het verdwijnen. Sinds de EU en open grenzen is de verbinding opnieuw sterker geworden: veel Nederlanders winkelen in Bocholt, Duitsers werken of recreëren in de Achterhoek en we kennen veel gezamenlijke (grensoverschrijdende) projecten op het gebied van economie, natuur en toerisme.

Een rustige nacht, weinig kabaal. Vanmorgen om acht uur was het afgekoeld naar 11 graden in ons busje en dat kwam overeen met de verwachting van Buienradar (zie bijgaande afbeelding). Wel wat minder zonnig dan gisteren, maar je kunt niet alles hebben in dit leven. We maakten er een slowstart van: W achter haar telefoon onder de dekens en ik op mijn zetel met de laptop voor mijn neus. Hadden we iets gemeenschappelijks? Jazeker: beiden hadden we in de dagelijkse spellingstest het woord triatlon fout. Allebei waren we overtuigd van het feit dat er een H in het woord voorkwam. Heb je met mensen die al veel spellingswijzigingen hebben meegemaakt. W wees me evenwel fijntjes op het feit dat de H in triatlon al verdwenen is met de spellingswijziging van 1947 en toen waren we zelfs nog geen embryo. Ze gaf me wel een verwijzing naar een artikel in Onze Taal, waaruit blijkt dat we beiden toch niet zo dom zijn: De officiële spelling is triatlon, zonder h. Vergelijkbare woorden zijn biatlon, triatleet, atleet en atletiek. Etymologisch gezien ligt de spelling met th meer voor de hand. Het woorddeel -atlon gaat namelijk terug op het Griekse woord athlon (‘wedstrijd’), dat in die taal met de letter thèta wordt geschreven. En de thèta, die een andere klank weergeeft dan de t, wordt in het Latijnse alfabet traditioneel weergegeven als th; vergelijk thema en theater. Bij de spellingherziening van 1947 is echter besloten de combinatie th in leenwoorden niette handhaven als ze aan het eind van een woord staat (labyrint, chrysant), als ze gevolgd wordt door een medeklinker (antraciet, etnoloog, atleet), of als er een f of ch aan voorafgaat (difterie, allochtoon). Het woord triatlon staat overigens pas sinds 1995 in het Groene Boekje.“

De vonkenverdeler (de paal met stroomvoorziening) had in de loop van de nacht alle muntjes verbruikt. Toen we gisteren de stroomkabel aansloten hadden we nog een Guthaben (wat een mooi Duits woord) van € 0,44 op de paal staan, restantje van een vorige camperaar en we hebben dat toen aangevuld met een muntje van twee. Totaal genoeg voor 3 kWh en dat is ongeveer ons normale stroomverbruik per dag (koelkast, fietsaccu’s laden, verlichting en opladen van laptop en telefoons).

In de loop van de middag moest W terug naar het stenen huis. Kleinkind 2 gaf ’s avonds een muziekvoorstelling met haar school in Zutphen. Slechts een beperkt aantal kaartjes verkrijgbaar dus opa mocht niet mee: hij kon “in den vreemde“ in zijn busje achterblijven terwijl oma de fiets pakte en de tocht van gisteren in omgekeerde richting (en via wat andere paden) mocht volbrengen. Vrijdag zien we elkaar weer voor een nieuw avontuur. Moest eerst nog wel even naar een Fahrradmechaniker voor “ein bisschen Luft“. Eerst een hele discussie over de vertaling van “een fietsband oppompen“. W begon nog even met het woord “blasen“, maar volgens mij ben je dan in Duitsland niet met fietszaken bezig. Bleek uiteindelijk heel simpel te zijn, iets met Reifen aufpumpen met een Fahrradpumpe. Daarna nog even naar de stad (W dan welteverstaan). Hoewel Bocholt geen grote toeristische trekpleister is, heeft het wel een aantal interessante plekken zoals de St.-Georg-Kirche en het marktplein (Marktplatz). Kan natuurlijk zijn dat W meer geïnteresseerd was in de verschillende Geschäftsläden van de Innenstadt. Ik mocht intussen nadenken of het ietsje naar achter schuiven van de pensioenleeftijd eigenlijk niet volkomen logisch is. Immers: toen onze AOW in 1957 werd ingevoerd hadden we nog een levensverwachting van vijf jaar na de pensioendatum; dat is nu dus vier keer zo lang. Aan de andere kant zijn afspraken afspraken. Wordt tijd dat we weer eens wat met broer en zussen doen: dit onderwerp vraagt om veel discussie met nog meer bier en vol liefde gebakken eieren met spek. Kon W en haar fiets prima volgen via Google Maps en om een uur of drie de achtervolging afsluiten met een appje “welkom thuis“.

De middag vloog eigenlijk om. Komt natuurlijk ook omdat ik maar zo een kleine anderhalf uur kwijt was. Werd wakker gemaakt door “appgeluiden“: er moest weer het nodige georganiseerd worden voor het museum. Daarna al snel “koken“, nou ja een bakje rijsteprut (uit de diepvries thuis) warm maken en twee eieren bakken en voor je het weet zit je in de avondstand. Eigenlijk vliegt zo’n dag voorbij en zit je weer te kijken naar De Slimste Mens.

woensdag 8 april 2026

de lente lokt - 1: even de grens over

Heb nogal wat commentaar gekregen over het woord “schroomvallig“ dat ik in het vorige blog gebruikte. Kreeg zelfs nog een plaatje met dat mooie woord als onderwerp toegestuurd. Ongetwijfeld heeft een of ander AI-programma ernstig bijgedragen aan het eindresultaat.

 

In datzelfde blog maakte ik een uitstapje naar Monopoly en dat heb ik geweten. “Hoe ik als salonsocialist me kon verlagen tot het behandelen van het meest kapitalistische spel ter wereld“ was de algemene strekking van alle reacties. En dat terwijl ik me van geen kwaad bewust was. Had met Pasen een scharreldag en heb me maar eens verdiept in de geschiedenis en de achtergrond van het spel. En wat blijkt? De bedenkster van het oorspronkelijke spel was juist een anti-monopolist. Elizabeth Magie bedacht in 1903 een spel dat als educatief hulpmiddel zou dienen. Het spel dat we nu kennen vindt zijn oorsprong in een door de Amerikaan Charles Darrow zelfgemaakte versie van het spel. Hij werkte het verder uit en verkocht het in 1935 aan het bedrijf Parker Brothers. Vanaf dat moment werd het spel massaal geproduceerd en verspreidde het zich over de hele wereld. In Nederland verscheen Monopoly in de eerste jaren van de Tweede Wereldoorlog, deze versie werd uitgegeven door Jumbo Games. In plaats van Amerikaanse straten kreeg de eerste Nederlandse versie straten uit Amsterdam. Het leuke van dit Monopolyverhaal is dat het spel ooit bedoeld was om te laten zien hoe slecht monopolies zijn, maar uiteindelijk juist een spel werd waarin iedereen probeert de grootste huisjesmelker te worden. Waar een scharreldag al niet toe kan leiden.

woensdag 8 april: @ bocholt

Prima weersvooruitzichten voor de komende dagen dus tijd om Puzzel en onszelf even goed uit te laten. Wel even dubben hoe en wat: we moesten rekening houden met een aantal factoren. Allereerst moest het een plek worden waar W in haar eentje wat kon ondernemen, immers: opa is op dit ogenblik niet zo mobiel. Daarnaast nodigen de exorbitant hoge dieselprijzen niet uit om veel kilometers te maken. Nadat ik dinsdagnacht een invasieleger van aliens had verslagen met Oekraiense drones schoot me de Wohnmobilstellplatz in Bocholt te binnen. Vroeger kwamen we er vaak, de laatste jaren helemaal niet meer, eigenlijk zonder aanwijsbare redenen. Officiële naam: WomoPark Bocholt am Aasee. Eigenlijk net over de grens, direct aan de Aasee (recreatiegebied met water, wandelroutes en fietspaden) en W kan van huis naar de camperplaats fietsen (eerste activiteit), een rondje meer doen (tweede activiteit) en tenslotte nog een beetje shoppen want het centrum ligt op 10 minuten lopen van de camperplaats. En wat heb je dan? Stroomaansluiting, 80 cent per kWh (beetje prijzig) via muntautomaten; drinkwater; loospunten (grijs water + chemisch toilet); douches en toiletten (tegen betaling); WiFi (ook betaald). Voor € 12,00 per nacht (exclusief de extra’s) sta je op een verharde ondergrond op één van de ca. 50 plaatsen. Voor één of twee nachten best een goede plek, al ligt het wel aan een drukke weg in een grote stad (dus kabaal verzekerd).


Had altijd gedacht dat de Aasee in Bocholt een natuurlijk meertje was, maar niets is minder waar. Het is een kunstmatig meer uit de jaren zeventig van de vorige eeuw. Voor die tijd bestond het gebied vooral uit weilanden, landbouwgrond en natte graslanden langs de Bocholter Aa; kortom een typisch laaggelegen riviergebied. Het was echter ook een probleemgebied, want de rivier trad regelmatig buiten haar oevers, waarbij vooral bij langdurige regen overstromingen met de regelmaat van de klok voorkwamen en de inwoners van Bocholt natte voeten kregen. Een ander gevolg was dat de landbouwgrond daardoor vaak onbruikbaar werd. De plek was eigenlijk ideaal voor een waterproject: wat je met een stuwdam al niet allemaal bereiken kunt. In korte tijd veranderde het landschap van boerengebied naar een compleet nieuw watersysteem. Wat later is het uitgegroeid tot een populair recreatiegebied net over de Nederlandse grens.



Een mooie dag. Erg zonnig en het kwik liep op tot zo’n 19 graden. Eigenlijk een perfecte temperatuur: niet te warm en niet te koud. Weinig wind (oost 1 tot 2). Zon op/onder: 6:53/20:18 (gegevens Bocholt). Straks in de avondstand en niet te laat naar bed: een paar vermoeiende dagen achter de kiezen. Even afsluiten met een passend tegeltje (over monopoly) voor mijn vaste tegeltjeskijkster.

 

 

zaterdag 4 april 2026

voorzichtige schreden - 6: haarle in de herkansing

Afgelopen weken/maanden weer een paar leuke woorden tegengekomen die ik je niet wil onthouden. Het mooiste kwam van Paulien Cornelissen, dat eenvrouwsjurilid bij de Slimste Mens. Zij kwam onlangs aanzetten met het woord “schroomvallig“. Kende het nog niet. Volgens Onze Taal betekent het bedeesd, verlegen, schuchter of aarzelend. Het beschrijft een terughoudende houding die voortkomt uit eerbied, fijngevoeligheid, schaamte of angst. Het is synoniem aan termen als timide, beschroomd en schroomachtig. Voorbeeld: een schroomvallig persoon durft niet goed, twijfelt of houdt zich op de achtergrond. Het tegenovergestelde van schroomvalligheid is dan brutaal, onbeschroomd, mondig zijn.

 

Een ander mij onbekend woord, “scharrig", kwam ik tegen in een column in een DPG-krant. Scharrig betekent armoedig, karig, groezelig of slecht uitziend. Volgens het WikiWoordenboek is het van oorsprong een marinier- en soldatenkreet, later ook gebruikt in yuppietaal. Het woord wordt gebruikt om iets aan te duiden dat onverzorgd of van slechte kwaliteit is, zoals in "een scharrig buurtje". Het is afgeleid van het verouderde werkwoord scharren, wat krabben, wroeten of bijeenschrapen betekende.

Vooruit, nog eentje dan. W heeft één keer per jaar een opruimneiging, meestal in het voorjaar. De kringloop wordt dan heel blij met haar. Deze keer werd ik heel vrolijk want er werd een doos met hele oude foto’s naar beneden gesjouwd. “Uitzoeken en wat je bewaren wilt moet in die doos“. Probleem: doos van oorsprong was zo’n Action verhuisdoos, doos van bestemming een schoenendoos, grootte kindermaatje. Oude foto’s, dus de lijfjes waren wat fragieler en je hebt dan meer foto’s nodig om aan hetzelfde eindgewicht te komen (of draai ik nu weer ernstig door?) Laat nu ergens tussen die foto’s een verdwaald Monopolykaartje zitten van het type “algemeen fonds“ met de tekst “U ontvangt rente van 7 % preferente aandelen, f 25“. Ben inmiddels 75 en heb eigenlijk nooit precies geweten wat preferente aandelen zijn. Kon nog wel bevatten dat je met die aandelen een soort voorkeursbehandeling kreeg. Tegenwoordig is het niet moeilijk, je gooit er een chatbot tegenaan en je krijgt onmiddellijk antwoord: Preferente aandelen (ook wel 'prefs') zijn een speciaal soort aandelen die de houder voorrang geven op bepaalde financiële rechten ten opzichte van gewone aandeelhouders. Ze worden vaak gezien als een hybride tussen een aandeel en een obligatie. Houders van preferente aandelen ontvangen hun dividenduitkering meestal vóór de gewone aandeelhouders. Daarnaast kennen preferente aandelen (in tegenstelling tot gewone aandelen, waarbij het dividend sterk kan fluctueren) vaak een vooraf vastgesteld, vast dividendpercentage en hebben voorrang bij liquidatie (als een bedrijf failliet gaat of stopt, krijgen preferente aandeelhouders hun inleg eerder terug uit de resterende bezittingen dan gewone aandeelhouders). Het nadeel van deze aandelen is het beperkte stemrecht: vaak minder of zelfs helemaal geen stemrecht in de algemene vergadering van aandeelhouders.“

woensdag 1 april: @ haarle

Duur parkeren zo daar aan de Kötteldiek. Busje staat niks te doen en vreet intussen elke maand 200 Euri aan houderschapsbelasting op. Af en toe wordt Puzzel uitgelaten, bijvoorbeeld afgelopen maandag toen we even gas moesten aanschaffen, inclusief een nieuwe bus. Over bedragen ga ik het verder niet hebben. Wel even lekker koffie gedronken op de parkeerplaats (en gratis camperplaats) bij manege Het Diekshuus.

Maar wilde meer en kreeg van W carte blanche om voor een paar nachtjes de grote wereld in te trekken. Een paar weken geleden kwam ik op een nog gesloten camperplaats terecht: ’t Haarlerveld in (hoe kan het anders) Haarle aan de voet van de Sallandse heuvelrug. Haarle is een klein esdorp in de gemeente Hellendoorn, gelegen ten zuiden van Nijverdal. Een eindje verder ligt de Sallandse Heuvelrug, een opvallend natuurgebied met glooiende heuvels, bossen en heidevelden. De omgeving van Haarle is echter totaal anders: vooral velden, landbouwgronden op de hogere zandgronden met hier en daar een plukje bos, toefje heide en om het af te toppen een enkel beekdalletje. Beetje vlak ook, die omgeving van Haarle, tenminste wanneer je niet naar de Sallandse Heuvelrug gaat. Lijkt veel op het landschap bij ons in de Achterhoek: oorspronkelijk nat en moerassig, met stukken veen en slecht begaanbare grond. Het landschap was dus veel ruiger en minder ingericht dan tegenwoordig. Haarle bestond destijds uit een kleine verzameling boerderijen op hogere zandkoppen. Deze ligging was bewust gekozen: het bood bescherming tegen overstromingen en de grond was beter geschikt voor akkerbouw. De boeren werkten samen in een zogenoemde marke, waarbij ze gezamenlijke gronden gebruikten. De heide speelde daarbij een belangrijke rol. Schapen graasden er en hun mest werd gebruikt om de akkers vruchtbaar te houden. Dit systeem bepaalde eeuwenlang het uiterlijk van het landschap.

In de 19e eeuw veranderde er veel. De markegronden werden verdeeld en ontgonnen, waardoor nieuwe landbouwgrond ontstond. Heidevelden maakten plaats voor akkers en weilanden, en er werden bossen aangeplant, deels voor houtproductie. Tegelijkertijd ontstond Nijverdal als industriële kern, onder andere door de opkomst van de textielindustrie en de aanleg van infrastructuur zoals wegen en later spoorlijnen. Hierdoor groeide het dorp snel en veranderde het omliggende landschap verder.

En midden in die velden ligt ’t Haarlerveld, een camperplaats waar altijd ruimte is (van de 25 plekken waren er in de nacht van woensdag op donderdag 3 bezet). Alleen mocht ik aan een prijsverhoging geloven. Was het vorig jaar nog een tientje voor één persoon, dit jaar had ik twaalf (digitale) flappen nodig. Nog prettig weer op woensdag, wel een beetje frisjes, maar aan de goede kant van de bus in het palle zonnetje was het goed vol te houden.

Toen het tegen half vijf wat minder werd kon ik binnen genieten van een paar afleveringen van The Last Kingdom, een Netflixserie die zich afspeelt rond 900. Een serie van vijf seizoenen waarin begonnen wordt met Alfred de Grote, koning van Wessex, een van de Angelsaksische koninkrijken in wat nu Engeland is. Hij staat bekend als een van de belangrijkste vroege Engelse heersers, vooral vanwege zijn rol in de verdediging tegen de Vikingen en zijn bijdragen aan onderwijs en bestuur.

De zoon van Alfred de Grote was Edward de Oudere (ca. 874–924). Hij volgde zijn vader op als koning van Wessex in 899 en speelde een belangrijke rol in de verdere opbouw van wat later Engeland zou worden. Net als zijn vader kreeg Edward te maken met de Vikingen. Hij zette de strijd voort tegen de gebieden die nog onder Deense controle stonden (de Danelaw). Samen met zijn zus, Æthelflæd, die over Mercia regeerde, wist hij grote delen van Engeland terug te veroveren. Hun samenwerking was bijzonder: Æthelflæd leidde zelf legers en bestuurde haar gebied actief, iets wat in die tijd zeldzaam was voor een vrouw. De laaste koning van Wessex die optreedt is Athelstan (ca. 894–939). Hij was de zoon van Edward de Oudere en de kleinzoon van Alfred de Grote. Hij wordt vaak beschouwd als de eerste echte koning van een verenigd Engeland. En dan komt het: de persoon die alles aan elkaar knoopt is Uhtred van Bebbanburg en die leefde niet in de tijd waarin dit verhaal zich afspeelt, maar zo’n 100 jaar later. Waarheid en fictie, gewoon een leuk verhaal. Kijken als je van veel bloed en afgehakte hoofden houdt.

donderdag 2 april: @ home

Koud in de bus afgelopen nacht. Tegen drieën de gaskachel maar voorzichtig aangezet: de snottebellen dreigden aan de lakens vast te vriezen. Wel fijn wakker worden als het in het busje zo’n 18 graden is, maar een blik naar buiten (mistig) en een tocht naar het sanitair (niet verwarmd), een telefoontje van het museum (we hebben je nodig) en een blik op de dagindeling (stilzitten in de bus) gaven de doorslag: terug naar de Achterhoek. We proberen het volgende week nog wel eens een keertje. Oeps: tegeltje klopt niet, het is al april.

zondag 22 maart 2026

voorzichtige schreden - 5: opnieuw bootjes kijken

Vraag van W te Z naar aanleiding van mijn filmbespreking in het vorige blog: “Is een longbow hetzelfde als een kruisboog?“ Nee, beste W te Z, wis en waarachtig niet. Bijgaande afbeelding laat het onderscheid misschien het duidelijkst zien. Het verschil tussen een longbow en een kruisboog (crossbow) zit vooral in bouw, gebruik en kracht. Een longbow is een lange, rechte boog (vaak ongeveer zo lang als de schutter zelf). Je spant hem met je armen (je trekt de pees met je hand naar achteren) en schiet pijlen. Tot je schiet houd je de spanning zelf vast. Een kruisboog: lijkt meer op een klein geweer met een horizontale boog erop. Hij heeft een trekkermechanisme dat de pees vasthoudt. Het voordeel van de logbow is dat je er snel veel pijlen mee kunt schieten, terwijl de kruisboog makkelijker voor beginners is, maar het duurt een stuk langer voor hij opnieuw geladen is. De longbouw is ouder dan de kruisboog: de eerste bestond al in 1200 voor onze jaartelling, terwijl de kruisboog pas in 600 vC in China werd ontwikkeld. Beide type bogen werden veel gebruikt in de middeleeuwen waarbij de longbow in Engeland de voorkeur had. Uiteindelijk verdwenen beide wapens uit legers toen vuurwapens steeds beter werden. We schijven dan ongeveer 1500-1600.

Of we niet genoeg krijgen van bootjes kijken, was een vraag van E te Z. Dit naar aanleiding van ons ritje naar Toldijk en Spijk. Nee hoor, beste E te Z, al moet ik wel vertellen dat W en ik het fenomeen “bootjes kijken“ benaderen vanuit een andere invalshoek. W kijkt heel graag bootjes met de ogen dicht, terwijl ik graag een tablet op mijn schoot heb liggen met daarop een programma als Marinetraffic of Vesselfinder actief. Heb een voorkeur voor de laatste omdat het net wat meer details laat zien. Als je naar bijgaande afbeelding kijkt zie je eigenlijk al wat het programma doet: je kunt schepen live volgen op een kaart. Daarnaast kun je informatie opvragen over bijvoorbeeld de naam van het schip, wat voor soort schip het is (containerschip, tanker, cruise), snelheid, bestemming en aankomsttijd. Heb al eens vaker uitgelegd hoe het werkt, maar herhaling kan geen kwaad: schepen sturen automatisch signalen via Automatic Identification System; die signalen worden door satellieten en kuststations opgevangen, en VesselFinder zet die informatie op een kaart. Wat me de laatste keer opviel was het grote verschil in snelheid van de schepen die stroomopwaarts gingen in verhouding tot de boten stroomafwaarts. Was toch sprake van een grote stroomsnelheid.

Inmiddels een afspraak gemaakt met de camperdokter. Jongens moeten goud verdienen: net als bij een echte ziekenhuisspecialist geldt hier ook een wachttijd van bijna twee maand; laten we dan net - ijs en weder diendende - een reisje gepland hebben, dus we konden niet eerder terecht dan begin juni. Och, we kunnen er mee leven. Nee, vraag me niet af waar het heen gaat en als we het al weten dan is het nog zo dat onze route beslist niet in beton gegoten wordt. Alles met potlood invullen, kunnen we daarna lekker gummen. Ongetwijfeld hoort daar wel dat land bij met die dorpjes die gekendmerkt worden door “Tous commerces“ en dan een pijltje dat aangeeft welke kant je op moet, je weet wel zo’n hoopgevend bord op een parkeerplaats dat uiteindelijk verwijst naar zegge en schrijve (schrijven schijnt ook te mogen) één winkeltje, namelijk de boulanger. Moet je wel snel zijn want ook dat verplichte bakkertje is ook druk bezig te verdwijnen.

zondag 22 maart: @ spijk

Het duurde weer even voor ons pak-vla-op-vier-wielen weer een dagje mocht doorbrengen op een andere plek dan aan de Köttediek. Het laatste ritje was naar Steenderen, met een verlenging naar Tolkamer en Spijk (7 tot 9 maart). Een nachtje zat er deze keer niet in: W wilde wel, maar ik hield de boot af. Het is in de middag wel heel erg lekker, maar de avonden, nachten en ochtenden moet je behoorlijk wat stoken om een aangename temperatuur te krijgen. Nou was dat in het verleden geen echte reden om het “thuis“ te verplaatsen, dit jaar wel: behalve rijden en stilzitten wil mijn lijf even niks, zelfs fietsen is er niet echt meer bij. Voor vandaag (mooie zonnige dag) hebben we een tussenvorm gekozen: picknicken aan de Rijn en daarna fietst W zo’n kleine 50 kilometer terug naar het stenen “thuis“. Wordt opa even uitgelaten? De bus heeft inmiddels weer volle accu’s. Rijtemperatuur 14 tot 16 graden.

Kreeg vandaag een foto van zuslief die met man en hun Dick@Marianneke op weg is naar “ergens waar het mooi is“. Ze zullen wel niet de goedkoopste pomp in Duitsland hebben gevonden, maar het wordt wel ernstig. Vanmorgen zei W nog tegen mij: “Parkeren langs de sloot kost € 50 per week.“ Gelijk heeft ze wel een beetje. Maar ja: rijden kost ook (veel) geld.

maandag 9 maart 2026

voorzichtige schreden - 4: nog meer hoog water?

Kreeg van drie verschillende kanten vragen over de Aviko. Een enkeling verwarde de Aviko met CêlaVíta en twee anderen vroegen zich af wat de consequenties waren van het faillissement van CêlaVíta voor Aviko. Ben geen waarzegger dames en heren, kan me slechts beperken tot de feiten en ga me niet wagen aan speculaties. Vragenstellers doelen op het faillissement van CêlaVíta, een Nederlandse aardappelverwerker uit Wezep waaruit de stekker werd getrokken in augustus 2025 na financiële problemen en jarenlange verliezen. Uiteindelijk bleek een doorstart niet mogelijk en zijn machines en andere bedrijfsmiddelen geveild. Weet niet wat de gevolgen voor de Aviko zijn geweest, kan alleen maar positief zijn voor hen: een groot aantal boeren bleven met onbenullig grote partijen fabrieksaardappelen zitten: honderdduizenden kilo’s aardappelen zonder koper. In één geval ging het om een boer die voor 1,5 miljoen kilo geen afnemer meer had. Daar kwam bij dat er in 2025 een uitzonderlijk grote oogst was. Weet alleen niet in hoeverre de Aviko prijsafspraken heeft gemaakt met de leveranciers. Weet wel dat ik vorige week maar 12 cent betaalde bij de Lidl voor een kilo aardappelen. Reden: er was een overschot van ongeveer 100 miljoen kilo aardappelen, waardoor de groothandelsprijs daardoor instortte, van ongeveer €30 per 100 kg naar rond €4 (-87%).

Toen W gisteren vanuit de camperplaats vriendin E (bekend als E te Z) ging opzoeken kon ik in een kiepstoel mijmeren over de toestand in de wereld. Heb een paar blogs eerder al aangegeven dat ik baal van het huidige wereldbeeld. Mijn morele afkeer richt zich niet alleen op leiders van wereldmachten, maar ook op de systemen die hun handelen mogelijk maken. De logica van kapitalisme en geopolitiek dicteert geweld als instrument, economische groei boven menselijke waardigheid en prestige boven solidariteit. Zelfs wanneer landen spreken over vrede en stabiliteit, wordt oorlog altijd binnen handbereik gehouden. En: is het einde in zicht? Leiders als Vladimir Putin en Donald Trump blijven zo lang aan de macht als hun politieke steun, institutionele regels en persoonlijke populariteit dat toelaten. Hoe lang dat precies is, is moeilijk te voorspellen, maar er gloort hoop: DT is nog een kleine drie jaar “houdbaar“, tenzij hij net als vriend VP een achterdeurconstructie vindt. Maar zelfs dan moet hij nog herkozen worden tijdens de verkiezingen. Ter verduidelijking: in de VS kan een president maximaal twee termijnen dienen volgens het Twenty-second Amendment to the United States Constitution. In Rusland werden de regels aangepast tijdens de 2020 Russian constitutional referendum, waardoor Vladimir Putin mogelijk tot 2036 president kan blijven. Dan hebben we nog de mogelijkheid van impeachement (de president wordt afgezet, in de VS door de Senaat). Bij VP hebben we nog de mogelijkheid dat hij in ongenade valt binnen het systeem. Je mag dat elite-breuk noemen. In dat geval trekken machtige elites of veiligheidsdiensten hun steun in vanwege interne rivaliteit, economische crisis of militair falen. En tenslotte kunnen leiders vertrekken door gezondheid, leeftijd of persoonlijke keuze. Maar dat is allemaal toekomstmuziek. Tot die tijd moet ik leven in een wereld die niet echt de mijne te noemen is. Een wereld waarin geweld wordt verheerlijkt, militarisering wordt gepresenteerd als volwassenheid, en politici elkaar overtreffen in spierballentaal en nationalistische retoriek. Waar rechten van gewone mensen ondergeschikt zijn aan prestige, winst en geopolitiek, en waar zelfs “progressieve” leiders, zoals het kabinet‑Jetten, uiteindelijk buigen voor dezelfde logica van macht en kapitaal. Maar laat ik maar ophouden met deze litanie. Kijken naar wat positieve dingen in dit leven: heb begint met C en eindigt met amper. 

Tot zover de toestand in de wereld, al zal mr. G.B.J. Hilterman een iets andere kijk op de wereld hebben gehad als hij het verhaal nu nog moest vertellen. Dat zal evenwel niet gaan want deze rechts-liberale journalist ging hemelen in 2000. De goede man was toen 86. Niet te verwarren met de schrijver van het boek “de toestand in de wereld“, mr. G.B.H. Hiltermann, dat is een pseudoniem van Arthur van Amerongen die je weer niet verwarren moet met Martin van Amerongen. Kun je het nog volgen?

maandag 9 maart: via tolkamer naar de kötteldiek

Een lange zit gisteravond: samen naar de film The King gekeken. Bijna 2,5 uur spektakel en ik was bang dat W halverwege af zou haken en een boek zou pakken. Maar nee. De film The King is een historische dramafilm uit 2019 die op Netflix staat. Hij gaat over Henry V of England (Hendrik V), de Engelse koning uit het begin van de 15e eeuw. Zit veel fantasie in de film verwerkt, dus niet denken dat het werk historisch verantwoord is. Hoogtepunt van de film is de grote veldslag bij Agincourt tijdens de invasie van Frankrijk in 1415 (modder, zware harnassen, chaos en natuurlijk de beruchte Engelse longbows), een van de vele veldslagen tijdens de 100-jarige oorlog. Vond zelf ook de grimmige, realistische middeleeuwse sfeer erg goed.

Opbreekdag, we moeten om 11:00 uur de camperplaats verlaten hebben. Jammer, maar er is wel een mouw aan te passen. Naar de Europakade in Tolkamer en we maken er een bicycle-drive van: W op de bicycle en ik achter het stuur van Puzzeltje. Iets van halverwege de 30 kilometer, dus ik met een half uurtje en W een uur later. Leuk tochtje via Doesburg, Zevenaar en Babberich. W ongeveer dezelfde route. Deel van de route (van Zevenaar naar Babberich) rijd ik achter een bus van Breng met lijnnummer 60. Krijg dan altijd de kriebels: hiervan wil ik meer weten. En ja: ik weet dat sommigen (met W voorop) mij knots verklaren. Zal je echt de geschiedenis van buslijntje 60 besparen, maar wil nog wel kwijt dat deze lijn ontstond in 2002 toen het streekvervoer in de regio opnieuw werd gereorganiseerd en buslijn 60 het resultaat werd van meerdere oudere streeklijnen die in de loop van tientallen jaren waren samengevoegd en hernummerd. In dat jaar werd de lijn één doorgaande verbinding (Arnhem Centraal – Westervoort – Duiven – Zevenaar – Babberich – Lobith – Tolkamer). Dit maakte overstappen minder nodig. In 2009 werd het OV in de regio opnieuw aanbesteed. De concessie kwam bij Hermes, dat het merk Breng introduceerde. De rest van het verhaal zal ik je besparen, dus spannende vertellingen over de geschiedenis van het streekbusvervoer langs de Rijn en de opkomst en ondergang van de stoomtram Doetinchem - Arnhem blijven in mijn archief, samen met onder andere de klokkentorens van Amsterdam en een groot aantal citaten en woorden die ik zo links en rechts verzameld heb voor later gebruik. Eentje dan om duidelijk te maken wat ik bedoel: “Die school was bijna middeleeuws,” zegt Midas Dekkers. “De broeders hielden voor ons geheim dat er vrouwen bestonden. Terwijl ze zelf druk aan het homofileren waren.” Kijk: in komkommertijd kan ik van zo’n fragment een compleet verhaal maken.

Toen W arriveerde en tot de conclusie kwam dat het wel meeviel met de hoogte van het water, zijn we vertrokken naar een nog rustiger plekje, de nieuwe overnachtingshaven bij Spijk. Dat is eigenlijk een vrij groot en modern project aan de Rijn, vlak bij Spijk en dicht bij Tolkamer en voor de scheepvaart geopend begin 2024 (februari als ik me niet vergis en het lintjesknippen was een maand later). Het doel is dat binnenvaartschippers veilig kunnen overnachten en rusten tijdens hun Rijnreis. Er is een leuk parkeerterrein bij aangelegd met 10 camperplaatsen. Behalve een kleine vuilnisbak heb je niks, alleen een fantastisch uitzicht. Er zijn slechtere lunchplekken en W was er dan ook met moeite weg te krijgen. Het was dan ook strakblauw en de temperatuur raakte de 18 graden aan.




Tegen vieren waren we thuis en konden de normale “levensdraad“ oppakken. Mooi geweest.