noordpolderzijl

noordpolderzijl

woensdag 14 augustus 2024

een tussendoortje – 5e: ringvaart en ringdijk

“Of ik het ter plekke uit mijn duim zoog”, wilde D te W van mij weten. Hij heeft wel vaker problemen met de door mij opgediste feiten. Gaat deze keer over mijn verhaal over de wind die door de bomen waaide (zie vorige blog). Hij twijfelt aan het feit dat dat door J.P. Heije gemaakt is. Niet twijfelen en niet weifelen, gewoon even https://nl.wikipedia.org/wiki/Jan_Pieter_Heije bezoeken en je bent op de hoogte en daarna zul je zonder bedenkingen “in't groene dal, in't stille dal” meezingen, ook van zijn hand.


dinsdag 13 augustus: eerst @ abbenes en later @ kötteldiek

Het was bloedjeheet vannacht: we begonnen om 23:30 uur met 29 graden in het slaapgedeelte en toen ik vanmorgen om 07:45 tot de conclusie kwam dat ik geen dood lijk was gaf de thermometer 23 digitale graden aan en digitale graden voelen altijd warmer aan dan die van het analoge soort. W lag dan ook een beetje klef naast me, eigenlijk te vies om aan te pakken. En toch werd het heel ander weer dan gisteren, tenminste in Abbenes. Kijk maar eens naar de hoeveelheid zon in de laatste kolom.


In april 2021 is het
“Beeldkwaliteitsplan De verbindende ring, Ringvaart en Ringdijk Haarlemmermeer” vastgesteld in de gemeenteraad van de Haarlemmermeer. Een ambitieus plan dat een boost wil geven aan de Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder, een watertje dat met zijn ruim 60 kilometer lengte rondom de Haarlemmermeerpolder loopt. Had al eerder verteld dat in 1839 werd begonnen met graven door duizenden arbeidskrachten. De vaart is gegraven door het oude land, langs het toenmalige meer. In 1848 was de ringdijk voltooid en kon begonnen worden met de de droogmaking. Vandaag hebben we twee van de drie 19e-eeuwse gemalen bezocht: de Leeghwater in Buitenkaag en de Cruquius in (hoe raad je het) Cruquius. Het derde gemaal de Lynden in Lijnden lag een beetje buiten onze route. We moesten op tijd thuis zijn in verband met eters. Al deze historische gemalen hebben de status rijksmonument. Daarnaast zijn er ook moderne elektrische gemalen gebouwd, maar deze zijn – in tegenstelling tot de historische – niet opvallend. Tussen de twee door ons bewonderde historische gemalen lag 17 kilometer, één lange min of meer rechte weg met steeds links de Ringvaart die we vanaf onze camperplaats ook al zo'n vier kilometer hadden bewonderd. W vond het op een bepaald ogenblik ronduit saai, ik werd er helemaal zen van en kon genieten van onbekende borden voor de scheepvaart (keermogelijkheid), rustig kabbelend water en een wind die meestal van achteren kwam.





Bij
Cruquius kwam er een eind aan mijn feest en begon het mooie fietsen voor W weer. Binnendoor naar Hoofddorp, waar het Fort bij Hoofddorp aan het nadenken was hoe het kon komen dat je eerst een belangrijke rol in dit leven hebt gehad als onderdeel van de Stelling van Amsterdam en nu op je oude dag je dagen mag slijten als schietbaan van de plaatselijke sportschuttersvereniging. Het kan nog erger: gebruikt worden als oefenruimte van de muziekschool. En oeps: rook ik daar een pannenkoekenlucht?

Toen was de Hoofdvaart aan de beurt, een lang water (20 kilometer) tussen gemaal de Lynden in het noorden en gemaal de Leeghwater in het zuiden van de polder. Nieuw-Vennep kwam voorbij, een van de twee plaatsen die officieel gesticht werden na de drooglegging van de Haarlemmermeer. Het andere dorp was Kruisdorp, dat vanaf 1868 de naam Hoofddorp ging dragen. Ook Nieuw-Vennep had tot dat jaartal een andere naam namelijk Venneperdorp. Wat moet je met die informatie? Helemaal niks, maar ik ben het kwijt. Boodschappen doen in Roelofarendsveen en terug naar de camperplaats maakten de 51 kilometer van deze dag vol.

Om half vijf kwam kleinzoon Q (met zijn ouders), drankje doen, hapje eten en wij konden samen met Q naar de Achterhoek. Vertrokken met 26 graden, buitentemperatuur liep op tot 31 graden en toen eenmaal goed in de Achterhoek op de A18 konden de ruitenwissers het zelfs in de hoogste stand amper aan en liep de snelheid van het verkeer terug naar hooguit 70 kilometer per uur. De temperatuur was solidair, die kelderde in een paar minuten tijd naar zo'n 19 graden. Twee handen aan het stuur: het was net op we op open zee waren. En op de Kötteldiek? Daar had het (nog) niet geregend. Bijgaande foto is (door een ander) gemaakt in Zelhem op 13 augustus 2024, geeft een beetje de kracht van de wind aan.

Een paar fijne dagen gehad, eerst op de Veluwe en later in de Haarlemmermeerpolder. Mooie fietstochten gemaakt. Beide camperplaatsen best te pruimen al was het sanitair op het Groene Hart een beetje aan de magere kant (kwantitatief gezien dan). Even een weekje wat dringende BHBHH en dan de (ingekorte) najaarsreis.




maandag 12 augustus 2024

een tussendoortje – 5d: (veel) vlees roosteren

Abbenes dus, daar zitten we, ergens in de Haarlemmermeer. De gunstige ligging ten opzichte van Schiphol en de Randstad heeft een dubbele uitwerking op de Haarlemmermeer. Stedelingen op zoek naar rust en ruimte weten vanaf de jaren zeventig het gebied te vinden, maar ook internationale bedrijven vestigen zich er graag. Dat er af en toe een vliegtuig overkomt met de nodige herrie moet je dan maar voor lief nemen. De naam van het polderdorp Abbenes stamt van een gelijknamige eiland in het Haarlemmermeer. Nou ja: het was een tijdje een eiland en is in de loop der tijden zoals veel andere eilanden in het meer verdwenen. De naam van dit eiland komt van "het nes van de abt", wat zoiets betekent als de landtong van de abdij. Een van de hoogtepunten van Abbenes is de protestantse kerk.

Of ik al die vliegtuigen niet storend vind, vroeg één van mijn vaste lezeressen. Absoluut niet. Misschien komt dat ook wel omdat ik er een spelletje van maak. Met Flightradar 24 zie je precies waar ze naar toe gaan, welke maatschappij, welk soort toestel en meer van dat soort dingen. Heel leuk om te zien en het grootste voordeel: je vindt het meteen een stuk minder storend.


Nog één opmerking die behandeld moet worden tot ik over kan gaan tot de orde van de dag: het gebruik van stoommachines voor de bemaling van het Haarlemmermeer in plaats van windmolens. Het interessante aan dit feit is dat het bij de keuze voor stoombemaling niet technische, maar financiële argumenten de doorslag gaven. Stoomkracht was goedkoper dan windkracht. Toen de ringdijk eenmaal was aangelegd en gesloten begon proefstoomgemaal Leeghwater in 1845 met het uitmalen van water. Op basis van de proeven met dit gemaal werd een aantal wijzigingen doorgevoerd in het ontwerp van de aanvankelijk identieke gemalen Lynden en Cruquius. In 1848 begon de Leeghwater op volle kracht met droogmaken, gevolgd door de Lynden en de Cruquius in 1849. Drie jaar en drie maanden hadden deze drie gemalen nodig om 800 miljoen kubieke meter uit het Haarlemmermeer te pompen. En tegenwoordig is er van de originele gemalen niet veel meer over. Neem bijvoorbeeld De Cruquius, deze werd in 1932 gesloten. Een jaar later werden de ketels gesloopt. De rest van het gemaal werd van de ondergang gered door het Koninklijk Instituut van Ingenieurs (KIVI) en men maakte er een museum van. In 2009 werd het gemaal overgenomen door de Vereniging Hendrick de Keyser met dank aan de BankGiroloterij en vond er een grondige restauratie plaats. Diverse bijdrages en subsidies maken het mogelijk om het museum en de collectie in stand te houden.

maandag 12 augustus: @ abbenes

Het motto van vandaag was “Als je altijd wind tegen hebt, dan ga je waarschijnlijk de verkeerde kant op”. Na een blik op de weerkaart geworpen te hebben de route toch maar omgedraaid: wind tegen aan zee is niet alles. Ja, naar zee: beetje verkoeling zoeken met 30 graden. Eerst naar Abbenes. Je kunt er toch niet geweest zijn zonder het te zien? (Johan Cruijff). Valt trouwens weinig aan te zien: een dorp dat zo'n 1.200 inwoners telt en dat geen supermarkt heeft (volgens mij), ergens tussen Nieuw-Vennep en Buitenkaag. Het enige interessante dat ik kon achterhalen is dat J.P. Heije hier in 1876 hier begraven is. De naam Heije zegt je waarschijnlijk niets maar als ik zeg “Zie de maan schijnt door de bomen” en “Daar zaten zeven kikkertjes” dan gaat je hart toch een tikje sneller kloppen? Van onze Jan Pieter, inderdaad. En hij was voor de verandering niet eens schoolmeester maar gewoon arts. Heije bracht zijn laatste levensjaren in Abbenes door en was er de plaatselijke weldoener.

Daarna door het gebied waar onze vrienden van lager allooi wonen: Bloemendaal, Vogelenzang, Aerdenhout om vervolgens in de poppenkast van Zandvoort terecht te komen. Volgens mij zullen veel chauffeurs vandaag de zee niet zien omdat ze geen parkeerplaats kunnen vinden. Lekker in de file met 30 graden buitentemperatuur. Gezellig een dagje naar zee. W begon spontaan stukken tekst uit “Deutscher mit Paschen in Holland” op te dreunen, https://www.youtube.com/watch?v=4FTaNwBnUH4.

Mooi fietspad door de duinen langs de kust. Nog even een verfrissende duik in de Noordzee gedaan (W dan, ik vond de duinovergang al enerverend genoeg). W heeft een foto geschoten van het drukke strand. Een aardige Duitser wilde wel poseren. Wat een verschil met een paar kilometer terug in Zandvoort.

Wat later kwamen we de grens over van Noord- en Zuid-Holland. De duinen en het pad werden er niet anders op. We kwamen in Hollands Duin terecht dat zich uitstrekt van Wassenaar tot de top van Zuid-Holland. Een duinenrij die door de natuur en de mens samen is gemaakt. Wind en water vormden strand en duinen, de mensen legden aardappelvelden aan, wonnen water uit de duingrond en plantten bossen. Het fijne was dat we na de zinderende zon in de beschutte bossen terecht kwamen.



Geen horeca vandaag: aan het strand te druk en later òf gesloten òf geen schaduw. Onze bus op de camperplaats stond wel in de schaduw en daar serveerde W eerst een ijskoud biertje en daarna kwam ik met kippensoep op de proppen om het zoutgehalte weer aan te vullen. Hadden we verdiend na 55,2 kilometer. Een mooie dag, met 32 graden aan zee misschien net iets te warm in de palle zon, maar in de schaduw bij ons busje best goed vol te houden. Vanavond maar een koude, edoch voedzame salade serveren en op naar morgen! Want morgen is er weer een dag. Kleinzoon Q wordt aan het eind van de dag “overgedragen” en die mag dan mee naar de Achterhoek.



zondag 11 augustus 2024

een tussendoortje 5c: eens was hier water, veel water

“Als je dan toch op de Vale Ouwe bent kun je niet om het Gelders volkslied heen”, aldus trouwe volger H te L. Tja, het is me wat met die provinciale hymne. Mocht het vroeger op de kweekschool regelmatig zingen, immers: het stond in de populaire liedbundel “Kun je nog zingen, zing dan mee!” en van Hendrik Verweij (volgens mij heette onze muziekleraar tevens leraar blokfluit zo) moesten we die bundel kunnen dromen. De meningen daarover waren verdeeld, maar dat terzijde. Pas in 1998 werd “Ons Gelderland” van de Doesburgse onderwijzer C.J.C. Geerlings officieel aangewezen als Gelders volkslied. Geerlings schreef tekst en muziek in 1941. Het volkslied van Gelderland heeft drie coupletten waarin de Veluwe, de Betuwe en de Graafschap worden bezongen. Deze keer (omdat we er een paar dagen zijn geweest) het eerste couplet over de Veluwe (foto geleend van https://fotografieploeg.nl/fotografie-kennisbank/heide-fotograferen/):

Waar der beuken breede kronen, Ons heur koele schaduw biên;
Waar we groene dennebosschen, Paarse heidevelden zien;
Waar de blonde roggeakker en het beekje ons oog bekoort,
Daar is onze Vale ouwe, Kost’lijk deel van Gelre’s oord.
Daar is onze Vale ouwe, Kost’lijk deel van Gelre’s oord.

zondag 11 augustus: @ abbenes

Wat doet eens mens in Abbenes? Wist tot vandaag niet eens waar het lag. Ook nieuwsgierig? Ergens tussen Nieuw-Vennep en Buitenkaag, aan de Hoofdvaart in de Haarlemmermeer. Zeg maar in de kerosinestrepen van Schiphol. Tegenwoordig land, lange tijd alleen maar water. Kijk maar naar het schilderij van Jan van Goyen die het Haarlemmermeer laat zien zoals het er in 1656 uitzag. Het meer had de bijnaam “de waterwolf”, omdat het steeds nieuwe plassen veroverde: tijdens stormen en overstromingen verzwolg het grote stukken land, waarbij complete dorpjes van de landkaart werden geveegd. In 1840 had het Haarlemmermeer een oppervlakte van 18.000 hectare bereikt. Het idee om die grote waterpartij droog te leggen was er al begin 17e eeuw, maar pas in 1837 besloot koning Willem I dat het zover was. Er moest nog even een rampje overheen (in 1839 hadden zowel Amsterdam als Leiden weer eens te kampen met behoorlijke overlast) maar in 1840 ging de eerste schop eindelijk de grond in en acht jaar later was het meer volledig afgesloten door een ringdijk van een kleine 60 kilometer lengte en 0,70 tot 1,70 m hoogte. Toen kon het pompen beginnen en wel op stoomkracht. Bijzonder, want tot dat moment werd voor het droogmalen windmolens gebruikt.

Uiteindelijk viel het meer op 1 juli 1852 droog en kon het nieuwe land ontgonnen worden. De gehele nieuwe polder werd ingericht voor moderne grootschalige landbouw. De kavels hadden allemaal een lengte van 1000 meter en 200 meter breed, per kavel van 20 hectaren werd de polder verkocht. Zo'n honderd jaar na de drooglegging maakte de Haarlemmermeer stormachtige ontwikkelingen door van een heel ander kaliber. Industrieterreinen namen de plek van landbouwgronden in, de infrastructuur werd duidelijk verbeterd en vooral de enorme groei van Schiphol had veel impact op de Haarlemmermeer. Tegenwoordig is ruim 15 procent van het oppervlak van de gemeente in handen van de luchthaven en is Schiphol (met alle aanverwante bedrijven) de grootste werkgever in de regio. Over Schiphol een volgende keer ongetwijfeld meer.

En nu zitten we er, in Abbenes, zeg maar zo'n 6 meter onder zeeniveau op de bodem van een oud meer en zijn we te gast bij de familie Roubos op een akkerbouwbedrijf dat al 160 jaar bestaat met als topproducten aardappelen voor de friet en uien voor de visboer. Voor die uien op de haring terechtkomen worden ze in een “schillerij” in ringen of blokjes gesneden. En om het productieverhaal af te maken wordt er ook nog tarwe voor een veevoerfabriek en bieten van een suikerfabriek verbouwd. Een camperplaats zorgt tenslotte voor aanvullende inkomsten.

We kwamen er niet zomaar. Google Maps gaf ons een aantal alternatieven waarvan we de kortste (niet de snelste) hebben gekozen. De optie “snelwegen vermijden” maar heel snel weer uitgevinkt: het weer was vandaag te mooi om lang in de camper te rijden, ook al is die voorzien van airco. Blijkbaar toch wat fout gedaan, we hebben de route over de A28 en later de A10 voorgeschoteld gekregen. Ondanks dat konden we tegen half twaalf de camperplaats opdraaien en plexat.

Een uur later zaten we op de fiets voor een verkennend rondje onder meer langs de Kagerplassen. We kwamen plaatsen als Sassenheim, Kaag, Warmond, Oude Ade en Roelofsarendsveen tegen. Wel eens van gehoord, maar volgens ons nog nooit geweest. Neem een zonnige zondagmiddag in de zomervakantie aan het water en Elburg is er niks bij. Mooie route, dat weer wel. Drie pontjes tijdens onze tocht van ruim 40 kilometer, totaal € 8,40 aan het overzetten uitgegeven. De eerste pont had een hypersysteem voor het aan- en afmeren. Als je geduld hebt moet je de video over de windfighter maar eens bekijken. Een gewaarschuwd mens telt voor twee: de video duurt ongeveer negen kwartier. De moed nog niet opgegeven? https://www.youtube.com/watch?v=mB_VTZytWyA&t=28s  



Nog even boodschappen gedaan bij de Vomar in Roelofsarendveen en tegen half vijf konden we de vliegtuigen boven ons nu de andere kant op zien gaan. Rond de middag kwamen ze stijgend over ons heen met veel kabaal, in de namiddag gingen ze met veel minder kabaal dalend richting het noorden. De website flightradar24.com liet ons weer mooi zien welk vliegtuig waar de landing inzette.


V: 210.410; A: 210.520. Rijtemperatuur 24 – 25 graden. Tijdens het fietsen kwamen we in de loop van de middag een thermometer tegen die 29 graden aangaf, maar dat lijkt me 2 tot 3 graden overdreven. De wind uit een noordoostelijke hoek was met kracht 2 goed te doen. Zon op/onder: 06:19/21:13 (gegevens Abbenes). Een erg mooie dag (ondanks het vele volk op de weg en op het water). En morgen? Morgen is er weer een dag. Het wordt nog een paar graden warmer. Denk dat we veel vlees gaan roosteren op het strand. Je hoort van ons.



zaterdag 10 augustus 2024

een tussendoortje 5b: een rondje rond het veluwemeer

Trouwe lezeres H te W uit het verre noorden van het land was gecharmeerd van de varkensfoto's in het vorige blog. Of ik daarover wat meer kon vertellen? Natuurlijk trouwe lezeres H te W. Het gaat om een biologische varkensboerderij in de buurt van Mariënvelde. Het bedrijf is van de families Rouwhorst en Hahné: pa, ma, dochter en schoonzoon (de laatste brengt de naam Hahné in). Beetje zoeken levert de volgende aantallen op: 270 zeugen en 500 vleesvarkens. Naast de biologische varkens heeft de maatschap ook 28 hectare biologische akkerbouw, waarbij het graan en stro als voer en strooisel voor de dieren wordt gebruikt. Als de boeren voor elke foto die van de varkens gemaakt wordt één euro vragen, worden ze binnen de kortste tijd schatrijk. Even terzijde voor mijn mailbox weer vol loopt met vragen in de trant van “ben je gecharmeerd VAN of DOOR iets?”: gecharmeerd VAN is standaardtaal in ons gehele Nederlandse taalgebied. De Belgen zijn gecharmeerd DOOR iets. Bron: https://taaladvies.net/gecharmeerd-door-of-van/.

zaterdag 10 augustus: @ nunspeet

Het Veluwemeer is een van de randmeren rond Flevoland. Zaten we in de voorgaande blogs aan het IJmeer en Gooimeer (op bijgaande kaart de nummers 1 en 2), deze keer aan het Veluwemeer (met cijfer 7 aangegeven). Na de drooglegging van de Wieringermeer en de Noordoostpolder (beide polders sluiten direct aan op het oude land) kwam men tot de ontdekking dat de waterhuishouding niet erg lekker liep: het “oude land” ligt hoger dan het “nieuwe land”. Voortschrijdend inzicht leverde op dat je door de aanleg van een randmeer van voldoende breedte de twee waterhuishoudens van elkaar kunt scheiden zodat je verdroging (in het oude land) en wateroverlast (nieuwe land) kunt voorkomen. Toen er goede ervaring was opgedaan met de randmeren bij Oostelijk en Zuidelijk Flevoland werd onderzocht of het wenselijk was achteraf ook bij de Noordoostpolder een strook water aan te leggen tussen de polder en het oude land van Friesland en Overijssel. Conclusie: wenselijk misschien wel, maar betaalbaar niet. Uiteindelijk heeft men in 2004 besloten ervan af te zien.

Het Veluwemeer dus, een langwerpig watertje dat de Veluwe scheidt van Flevoland en het ligt tussen het Wolderwijd (bij Harderwijk) en het Drontermeer (bij de brug van Elburg) in. Op de kaart in de vorige paragraaf de nummers 6 tot en met 8. Behalve het zorgen voor de waterhuishouding is het Veluwemeer erg belangrijk voor het toerisme, vooral water- en strandrecreatie. Er bevinden zich een groot aantal campings en jachthavens aan en in de buurt van het meer.

Om aan de andere kant van het Veluwemeer te komen gebruikten we het gelijknamige aquaduct bij Harderwijk. Mooi staaltje infrastructuur dat geopend werd in 2003: “De N302 of Knardijk bestaat uit twee keer twee rijstroken, daarnaast is er een dubbel fietspad in een aparte koker. Dagelijks passeren er ruim 30.000 voertuigen en tijdens de spits geldt een geslotenverklaring voor langzaam verkeer” leert Wikipedia ons. Op de plek waar nu het aquaduct ligt lag vroeger een sluizencomplex, de Hardersluis. Toen de sluis in 1954 in gebruik werd genomen was er sprake van “state of art”, maar aan het eind van de twintigste eeuw was het regelmatig een verkeersinfarct: de sluis raakte overbelast. De foto die ik in deze alinea gebruikt heb is van ene “alu909”, met mijn hartelijke dank. Als je het aquaduct “neemt” als fietser of automobilist is het totaal niet spectaculair: gewoon een tunneltje.

Aan de andere kant van het water kwamen we zowaar weer de Knardijk tegen. Vanuit Almere waren we die al fietsend een paar weken geleden ook al tegengekomen (zie eventueel de beschrijving van 28 juli). De Knardijk (met een lengte van 18 kilometer) dankt zijn naam aan de vroegere ondiepte met de mooie naam de Knar in de Zuiderzee. En toen fietsten we zowaar door Oostelijk Flevoland. De polder is aangelegd tussen 1950 en 1957 en heeft een grootte van 540 km2 met als grote plaatsen Lelystad, Biddinghuizen, Dronten en Swifterbant. Direct in het nieuwe land bij Harderhaven een sluis waartegen je “u” moet zeggen, eentje met een verval van 5,2 meter: de Blauwe Dromer. Overigens is de naam van de sluis te danken aan een kunstwerk. Kwam er later pas achter dat dat kunstwerk bij gemaal Lovink er was. En dan ga je googlen en kom je het volgende tegen: “De functionele omgeving van het gemaal staat in scherp contrast met de nutteloze dromer die lui achterover in het water ligt. De naam verwijst naar de drie soorten dijknamen. De waker is de buitendijk die het water tegenhoudt. De slaper is de binnendijk en de dromer is de dijk die landinwaarts ligt.”



Flevoland: de eerste keer dat ik er kwam was tijdens een bezoek aan de Flevohof, zeg maar de voorloper van het huidige Walibi. Heel apart park: een agrarisch themapark met “educatieve attracties rondom het thema landbouw en veeteelt”. Geopend in 1971 en failliet twintig jaar later. Het weinige wat ik me ervan herinner is de immens grote afstanden die je (te voet) moest afleggen, maar ik weet niet of dat wel strookt met de oppervlakte van het park: 150 hectare.
Bezoekers kregen er van alles te zien en te horen over de landbouw en veeteelt. Van kaasmaken tot hoe een aardappel groeit. Een tijd lang was de Flevohof een van de grootste toeristische trekpleisters van ons land. Maar de jeugd van toen wilde na twintig jaar wel iets anders dan informatie over aardappelen en als je attractieaanbod niet modern genoeg is blijven bezoekers weg. De Flevohof werd overgenomen door de Walibi Group, die in 1994 Walibi Flevo opende.


Lange tijd fietsten we door het Harderbos, we mochten lusjes rijden zodat we zo'n beetje alle bomen, moerassen, graslanden en plassen hebben gezien. Heb het idee dat we het kanaal dat door het bos loopt (de Hoge Dwarsvaart) ook minstens tien keer zijn overgestoken. Volgens W kan ik niet tellen. De eerste populieren van het bos werden in 1968 geplant. Op de voedselrijke, zeeklei van Flevoland wilden die krengen wel groeien.
Dode bomen liet men liggen en deze vormden daardoor een voedselbron en woonplek voor planten, paddenstoelen en insecten. Gewoon een beetje laten verwilderen dus. Schijnt verantwoord en modern bosbeheer te zijn.

Na de brug van Elburg reden we de “pittoreske hanzehaven Elburg” in, “prachtig gelegen aan de randzeeën”. De tekst is van de plaatselijke VVV en die jongens moeten natuurlijk hun stadje promoten. Neem van mij aan dat het een ramp was: je kon over de koppen lopen. Wel scoorden we een paar bakjes kibbeling, we waren aan wat eetbaars toe. Bij de strandpaviljoens aan het Veluwemeer aan de Flevokant mocht je eerst een tijdje wachten voor er een plekje voor je vrijkwam en we waren niet in wachtstemming. Gezien het ontbreken van mensen op de foto is bijgaande  poort van Elburg (de Vischpoort) dan ook niet door ons gefotografeerd maar door Mario Hass (zeer waarschijnlijk 's morgens om zeven uur of zo; oeps: kan niet klokkijken!).


Het was nog te vroeg om naar de camper te gaan, dus besloten om een extra lusje aan onze tocht te knopen. Nu ja lusje? Het werd meer een heen-en-weertje. Eerst misten we een fietsknooppunt, vervolgens één of meer bordjes en kwamen uiteindelijk in een mountainbikebos terecht (het rondje rechts op het kaartje). Toen het zand te mul werd om te fietsen en we onze velootjes een paar honderd meter hadden vooruitgeschoven zei W: “we zijn de weg kwijt”, waarop ik antwoordde “nee, we hebben een andere routevariant genomen”. Iets met perceptie en zo. In ieder geval: na 71,7 kilometer kwamen we weer op camperplaats de Zwaan aan. Bijna vijf uur, dus tijd voor de middagstand. Een mooie dag. En morgen? Morgen is er weer een dag. Volgens het bevoegd gezag gaan we verhuizen. Je hoort van ons.

vrijdag 9 augustus 2024

een tussendoortje 5a: opnieuw naar nunspeet

Lezer H te L vond mijn verslag van de voorstelling over de ouderenzorg best interessant en vroeg zich af of ik mijn ideeën naar aanleiding van het theatergebeuren heb bijgesteld. Eigenlijk niet lezer H te L. Het ouderenbeleid van de laatste kabinetten is erop gericht om zo lang mogelijk thuis te wonen, en als het écht niet meer kan, is er plek in het verpleeghuis. Maar dat systeem piept en kraakt. Als elektrocarvrijwilliger maak ik het van dichtbij mee: veel mensen wonen gedwongen langer thuis, maar tussen thuis wonen en het verpleeghuis zit tegenwoordig niets meer. Ja, weet het: het toverwoord is thuishulp. Kom een hoop ellende tegen: een steeds groter wordende groep ouderen wordt eenzaam en is minder actief. Thuis wonen is in principe goed, maar het is behoorlijk doorgeslagen. Ben benieuwd hoe het met ons zal gaan: de zorgvraag neemt toe en het aantal zorgmedewerkers neemt af. Vermoed dat we binnen een paar jaar een gigantisch probleem hebben om de ouderenzorg te kunnen organiseren.

Puzzel mocht ook nog even een paar dagen naar de schoonheidsspecialiste. Unigarant betaalt. Kwestie van nog steeds goed verzekerd zijn (misschien wel een beetje te). Wij konden ons die periode vermaken met de Lichtenvoordse Fietsvierdaagse georganiseerd door de KBO, waarvan de K een tiental jaar geleden is omgedoopt van “katholiek” naar “krachtig”. Neem van mij aan dat het een zadel niet veel uitmaakt of het een protestant, katholiek of atheïstisch kontje moet dragen. Gek maar ik krijg bij dit soort dingen elke dag weer een zondaggevoel, ook al wordt er gefietst van dinsdag tot en met vrijdag. 4 x 60 is 240. Klopt bijna: op woensdag hebben we tien kilometer gesmokkeld. Toen we van de pauzeplek wegreden begon de hemel te lekken en hebben we gekozen voor een “afsnijdertje”. Het lek werd overigens erg snel gevonden en gerepareerd, dus echt nat zijn we niet geworden. 

Vergelijkend warenonderzoek: 1 x koffie, 1 x cappuccino en 2 x appeltaart zonder slagroom. Waarderen op kwaliteit van de koffie en de appeltaart, bediening, ambiance en prijs. Begon bij het Schaflokaal bij de Dru in Ulft. We schrokken een beetje van de prijs (€ 16,00), maar kwamen later in de week tot de ontdekking dat het een vrij normaal bedrag was om af te rekenen. Koffie en taart goed, leuke setting maar wat belabberde bediening. Woensdag bij Kaasboerderij Harminahoeve, een eind achter Winterswijk. Wel de goedkoopste (€ 13,65), maar ook de minste: W vond de cappuccino niet te pruimen (koffie met een wolkje melk) en de bediening was niks: we moesten 20 minuten om de rekening bedelen. En het stonk, maar daarvoor ben je ook op de boer. Taverne Edelweiss in het Doetinchemse op donderdag daarentegen was top. De appeltaart werd Apfelstrudel (ohne Sahne bitte) maar was prima binnen te houden. De serveersters waren mooi verkleed, eentje had een echt Dirndjurkje aan en dat stond mooi boven haar stevige pootjes. Dat alles voor € 15,50, waarbij ook de koffie goed te pruimen was en ik bij het overhandigen van de rekening een mooi inkijkje kreeg. Een Dirndl accentueert nu eenmaal de vrouwelijke rondingen en ja: ik hou van rond. Op de laatste dag deden we een koffietent in het centrum van Borculo aan (Brasserie de Bakkeri'j). Niets bijzonders, maar goed binnen te houden voor € 14,55. De erepenning gaat dus naar Doetinchem.





vrijdag 9 augustus: @ nunspeet

“We moeten de route rond de randmeren nog doen”, sprak W aan het begin van de week. De laatste keer dat we op de Veluwe waren is dat er bij ingeschoten. Nou ja: meteorologische omstandigheden noopten ons de routes te verleggen. Q moet begin volgende week uit het westen opgehaald worden om een paar dagen een intense oma-kleinkindervaring te hebben (en opa mag koken en vooral verliezen met spelletjes) dus is Nunspeet op vrijdag een goed begin. Jazeker: camperplaats de Zwaan, want altijd wel een plekje te vinden. 's Ochtends nog even de Lichtenvoordse Fietsvierdaagse, daarna Puzzel bij de schoonheidsspecialiste ophalen, inladen bij de Aldi en ook nog even een gerepareerd gehoorapparaat ophalen in Winterswijk. Hoe druk kan een mens zijn? Wel vrijdag, maar geen museumdag: een mens kan maar op één plaats tegelijkertijd zijn.

De route ging vandaag niet via Arnhem, te veel file. Ouderwets “binnendoor” via Vorden, Zutphen en Apeldoorn. Daarna stukje A50 en het laatste stuk over onder meer de N309 en N795 naar Nunspeet. Niks bijzonders te melden. V: 210.315; A: 210.410; rijtemperatuur 24/25 graden, in de bossen dalend naar 23. Het fietsen was de afgelopen vier dagen mooi (al kwam volgens W vandaag het water met Olympische zwembaden tegelijk naar beneden; ik voelde af en toe een drupje), morgen wordt de fietstocht ongetwijfeld weer mooi. Zolang we nog niet bij de overlijdensberichten in de Gelderlander staan blijven we doorgaan.