noordpolderzijl

noordpolderzijl

maandag 15 juni 2026

een week lang twee zotte schapen - 1: de aftrap

Kreeg een appje van R te K naar aanleiding van mijn verhaal in het vorige blog over het oversteken van de grens met Duitsland. Hij begon met een beschrijving van woeste Germaanse stammen die hier leefden in een gebied waarbij nog lang geen sprake was van Nederland of Duitsland en moerassen, bossen en heidevelden zich uitstrekten verder dan het oog reikte. Kleine nederzettingen ontstonden op de hogere zandgronden. Mensen leefden van landbouw, veeteelt en jacht. De verbindingen liepen vooral oost-west; bewoners van wat nu de Achterhoek en het Münsterland is, hadden meer met elkaar gemeen dan met verre machthebbers. Het begon te veranderen in de middeleeuwen toen het gebied onder invloed van verschillende heren enn bisdommen kwam. Aan de oostkant speelde het machtige prinsbisdom Münster een belangrijke rol, terwijl aan de westkant de heerlijkheden van Gelre invloed uitoefenden. Grenzen waren toen geen scherpe lijnen op een kaart. Ze waren eerder overgangszones waar rechten, belastingen en macht soms door elkaar liepen. De zestiende en zeventiende eeuw waren onrustig. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog werd de regio meermaals geconfronteerd met troepenbewegingen, plunderingen en economische problemen. Groenlo was een strategische vestingstad en werd verschillende keren belegerd. Na de Vrede van Münster werden de grenzen tussen de Republiek en de gebieden van Münster duidelijker vastgelegd. Toch bleef het dagelijkse leven grensoverschrijdend. Families hadden verwanten aan beide kanten van de grens, boeren dreven handel met elkaar en markten werden bezocht ongeacht de politieke scheidslijn. Bewoners aan weerszijden van de grens spraken ongeveer hetzelfde dialect. Deze situatie bleef bestaan tot aan het begin van de twintigste eeuw, waar met name de twee wereldoorlogen de feitelijke situatie veranderde maar aan het eind van de eeuw de Europese integratie het juist weer mogelijk maakte om steeds eenvoudiger de grens over te steken.

Laat één van die Germaanse stammen, de Chamaven (je mag ook Chamavi gebruiken), nu net zo’n 2000 jaar geleden in dit gebied rondgehuppeld hebben. Iets verder (richting Overijssel) leefden de Tubanten. Kon W geruststellen: ze komt ze niet meer bij het toiletgebouw van het Zotte Schaap tegen. Overigens waren ze meestal vreedzaam. Je kunt ze het best voorstellen als groepen families of dorpen met een gedeelde taal en cultuur, onder leiding van lokale hoofdmannen, die leefden van landbouw, veeteelt, jacht en handel. Dus geen afgebakende politieke eenheid. Ze woonden in houten landhuizen, droegen wollen kleding en gebruikten speren en schilden. Het landschap bestond uit bossen, heide, rivieren en kleine akkers.

Zo zijn we met dit verhaal automatisch terecht gekomen bij minicamping ’t Zotte Schaap. Zei in het vorig blog dat we ons hemelsbreed een paar honderd meter gingen verplaatsen, maar dat is niet helemaal correct. Met de fiets is het 2,4 kilometer, dus zal het juiste getal ergens tussen de 1,5 en 2 liggen. Beschouw het als jeugdig enthousiasme van mij, De camping waar we een weekje gaan doorbrengen is ontstaan als gelegenheidscamping van de Zwarte Cross, je weet wel dat evenement waar boeren in de directe omgeving een flink graantje meepikken door hun weilanden te verhuren aan de Feestfabriek en hun erf open te stellen voor kamperende festivalgangers. Zo ook Paul en Agnetha, weliswaar geen boeren maar wel eigenaar van een leuk boerderijtje met wat “bunders grond“. Sinds een aantal jaren draaien ze in het seizoen een SVR-camping, ik geloof met maximaal 25 plaatsen. Van hieruit verrichten we vrijwilligerswerk voor de Lichtenvoordse Avondwandelvierdaagse, in de komende verhalen afgekort tot A4d. We staan op de camping om het feest nog completer te maken en de grote meevaller: we hoeven geen toeristenbelasting te betalen.

maandag 15 juni: @ vragender

Ja, de camping ligt officieel in Vragender. Als je tussen de bomen doorkijkt zie je in de verte boven op de bult molen De Vier Winden staan, al sinds de negentiende eeuw hét herkenningspunt van het dorp en de trots van Vragender. Generaties molenaars maalden hier graan voor boeren uit de omgeving. De naam verwijst naar de vrije windvang: vanuit alle richtingen kon de wind de wieken bereiken. Tegenwoordig wordt de molen nog regelmatig door vrijwilligers in bedrijf gehouden. De familie Gunnewick begon rond 1860 met maalactiviteiten in Vragender. Maar wil je naar de molen dan moet je de bult op. De Achterhoek ligt verrassend hoog naar Nederlandse maatstaven en Vragender doet daar nog een schepje bovenop: het ligt gemiddeld rond de 30 à 32 meter boven NAP, een meter of vijf hoger dan Lichtenvoorde. Het grote nadeel: water loopt naar beneden en het heeft jaren geduurd voordat er geen sprake meer was van wateroverlast in Lichtenvoorde onder aan de bult. 

Bijgaande foto van Omroep Gelderland laat de overstromingen van 2017 zien. En ook toen lag het dorp Vragender er maar te liggen op het Oost-Nederlandse dekzandplateau met als ondergrond keileem, een landschap dat zijn vorm kreeg door ijstijden van duizenden jaren geleden. Archeologische vondsten wijzen erop dat hier al in de ijzertijd mensen leefden. Lang voordat er een dorp was trokken boeren en herders over de hoger gelegen gronden rond de huidige "bult" van Vragender.

Vanmiddag dus verkast en we staan voor de derde keer op Het Zotte Schaap. Heb overigens zelden een camping gezien met zo’n passende naam: een vrolijke chaos van kippen die denken dat ze verkeersregelaar zijn en (neppe) schapen die je aankijken alsof jij op hún plek staat. Vanavond de instructievergadering voor veertig vrijwilligers in de Koppelpaarden. Veertig! Het klinkt bijna professioneel, maar geloof me: het is vooral een bijeenkomst waar iedereen elkaar eerst tien minuten vraagt hoe het met de heupen, knieën en kleinkinderen gaat en daarna pas toekomt aan de vraag wie er dit jaar de stempels mag uitdelen. Het zijn allemaal enthousiastelingen die van plan zijn om er voor de wandelaars en (vergeet dat vooral niet) ook voor zichzelf een leuk feestje van te maken. 

Als je precies wilt weten hoe het in zijn werk gaat moet je het artikel lezen dat in 2025 in de plaatselijke media is verschenen en terug te lezen is op
https://www.achterlicht.nl/daphne-lionne. Het is een interview met twee belangrijke vrijwilligers van de club, Daphne en Lionne en het enthousiasme straalt eraf. Kort samengevat: een vrijwilliger bij de A4d doet heel uiteenlopend werk; het is echt een goed geoliede machine waarin ieder radertje telt. Er zijn een aantal personen die wat speciale taken hebben: drie bestuursleden (voorzitter, penningmeester en secretaris) worden bijgestaan door een aantal zogenaamde taakhouders die elk een min of meer afgebakende taak in de organisatie hebben: uitzetten en controleren van routes, materiaalbeheer, planning, onderhoud contacten, sponsering en natuurlijk de pr. De andere vrijwilligers zijn vaak multifunctioneel inzetbaar: verkeersregelaars zorgen dat wandelaars veilig kunnen oversteken en dat verkeer wordt omgeleid waar nodig, routecontrole/bezemwagen met name tijdens de wandelmarathon (vrijwilligers op fiets, scooter of motor die de route nalopen, helpen bij problemen en controleren of iedereen binnen is); startbureau en administratie (inschrijven van deelnemers, uitdelen van startkaarten, verwerken van medailles en stickers (vaak ook door jonge helpers); posten langs de route (stempelen bij controleposten, uitdelen van water, koekjes of fruit, helpen bij kleine EHBO‑situaties); op- en afbouw. Foto’s die vandaag in dit blog staan van de A4d komen uit het genoemde artikel en zijn gemaakt door Rick Mellink. 

Vanavond dus kregen alle vrijwilligers hun takenlijst uitgereikt en kon er kennisgemaakt worden met nieuwe gezichten. Je hebt namelijk twee soorten vrijwilligers: allereerst zijn er de doorgewinterde veteranen waarvan sommigen al dertig jaar meedraaien en precies weten waar elke verkeersregelaar, jurylid, stempelpost en zefs de verdwaalde wandelaar hoort te staan. En dan heb je de nieuwelingen, die nog denken dat het “wel meevalt” om vier dagen (en met een beetje geluk ook de zondag nog) op rij klaar te staan. Die herken je aan hun optimisme en aan het feit dat ze denken nog droge sokken te hebben na afloop van het evenement. Maar ik loop vooruit, voorlopig is de kop van de week eraf, het feest kan beginnen.