noordpolderzijl

noordpolderzijl

vrijdag 17 april 2026

de lente lokt - 6: een nieuwe camperplaats ontdekt

En weer een melding van een sterfgeval. Dagelijkse kost, zul je zeggen. Maar hier ligt het iets anders: op het Achterhoeks Openluchtmuseum houden we een aantal keren per jaar zogenaamde Ambachtsdagen, ik heb er al vaker over geschreven. Op die dagen komen ook standhouders hun kunsten (een oude ambacht) vertonen of hun spullen (meestal regionaal getinte artikelen) verkopen. In nog geen jaar tijd hebben we drie keer een bericht van overlijden van een standhouder gekregen: het hakt erin. En de laatste kreeg ik te horen op dezelfde dag dat mij verteld werd dat er binnenkort iets aan mijn aorta en andere aderen en slachtaderen geknutseld gaat worden. Mijn buurman (die in dezelfde periode voor wat anders in het ziekenhuis ligt) noemt al die medische ingrepen capriolen om Magere Hein zo lang mogelijk om de tuin te leiden. Ongeveer hetzelfde als de griepprik en een vaccinatie tegen Covid, maar dan iets pittiger. “Niet klagen“, sprak W, “wees blij dat er inmiddels meer dan 100.000 keer één of meer van je verhaaltjes zijn gelezen“.

vrijdag 18 april: eibergen

Je kunt je ergeren aan het nieuws en dan met name aan die demente bejaarde in Amerika. Je kunt ook denken: “die gek heeft de langste tijd wel gehad“ en doorgaan met fietsen (wel even de zijwieltjes eraf halen). Voldoende meters gemaakt op het museum deze week, dus met een gerust hart een vrije vrijdag kunnen nemen. Mooi weer en W had een nieuwe camperplaats ontdekt. In de buurt, natuurlijk: de diesel staat nog ruim boven de 2 Euro per liter. Erve Berg en Dal ligt tussen Eibergen en Haaksbergen, maar nog wel aan goede kant van de provinciegrens. Of ik wel tussen de zwarte stiertjes wilde camperen, was de vraag van W. Ze doet haar huiswerk altijd goed: Aberdeen Angus runderen zijn inderdaad zwart. En die beesten die in de wei naast de camperplaats lopen zijn heel erg zwart (behalve dan twee stukjes geel: de merktekens in de oren). Campers en runderen worden wel netjes gescheiden: draadje ertussen. De camperplaats ligt aan de rand van het Assinkbos en in de directe omgeving zie je alleen maar natuur met op 3 kilometer afstand de kern van Eibergen en (de andere kant op) op 7 kilometer het hart van Haaksbergen.

 

W moest eerst nog even op visite, een nicht bezoeken die ze sinds de dood van haar moeder (zo’n vijf jaar geleden inmiddels) niet meer gezien had. Op de fiets naar Winterswijk en na de koffie met appelgebak “binnendoor“ naar Eibergen. De route liep - hoe kan het anders - via het Zwillbrocker Venn. Ik mocht inpakken en de boodschappen doen en vervolgens de bus naar de bestemming rijden. Nog even het raam opengedraaid: de rijtemperatuur liep op tot 19 graden. Prima plekje uitgezocht (het was absoluut niet druk) en even de ogen dicht. Moet je nooit doen op vrijdagmiddag kwart over twaalf. De boer meende voor het weekend nog even het gras te moeten maaien en gelijk had hij: de meeste camperbewoners waren op de fiets vertrokken.

W gunde zich weinig rust: even snel een boterhammetje naar binnen werken en toen weer op de fiets, nu met mij. Ik had een route uitgestippeld langs de randen van het Lankheet. Volgens de boekjes is landgoed het Lankheet een “verwevingsgebied“ van bos, natuur en landbouw volgepropt met oude essen, boerenerven, heide, hoogveen en historische bossen en hooilanden. Tijdens onze fietstocht (zeg maar “tochtje“) kwamen we een aantal keren een omrasterd bosperceel tegen. W heeft een paar foto’s gemaakt en die heb ik later aan ChatGPT voorgelegd om te achterhalen wat het moest voorstellen. Tante Pollewop kwam met drie dingen op de proppen: bescherming tegen vraat, bosbeheer/herplant en onderzoek. Naar alle waarschijnlijkheid gaat het hier om een stuk gekapt bos (je ziet op bijgaande foto takken, stronken en kale grond). Op een andere foto kun je wat jonge aanplant ontdekken, dus wil men het bos laten herstellen. Het hek geeft nieuwe aanplant een voorsprong. Het type hek dat gebruikt wordt (dichte horizontale latten) is vrij hoog en dicht waardoor het moeilijk is voor reeën om er doorheen te eten of overheen te springen.