“Toch fijn dat die Fransman dat zo goed onder woorden gebracht heeft“, appte W te W mij. Moest eerst heel diep nadenken en toen viel het kwartje: het ging over wind. Maar voor de duidelijkheid, beste W te W: Sir Francis Beaufort was geen Fransman maar een Ierse marinecommandant. De schaal die door hem in 1805 (het kan ook een jaartje later geweest zijn) werd bedacht is een systeem om de windkracht aan te duiden op basis van de snelheid en de effecten die de wind heeft op de omgeving. In tegenstelling tot een exacte meting van de snelheid op één moment, kijkt de schaal naar het gemiddelde van de windsnelheid over 10 minuten. De Britse marine zag al snel voordelen van deze schaal. Zo werd het in opdracht van de Admiraliteit in 1838 ingevoerd. Sindsdien wordt de schaal van Beaufort wereldwijd in de zeevaart gebruikt.
Interessant detail: de schaal van Beaufort fungeerde oorspronkelijk als tabel voor oorlogsschepen en als meetinstrument voor het algehele gedrag van de zeilen van een schip bij verschillende windsnelheden Met een toenemende windkracht werd het zeiloppervlak kleiner. Daarom was zijn schaal vooral gebaseerd op de zichtbare effecten van de wind op scheepszeilen.
Nog meer reagluurders op mijn blog van gisteren, nu over mijn uitdrukking “ja schudden en nee knikken“. Onder meer E te Z vond dat ik dit fout had. Het is allemaal heel betrekkelijk beste E te Z: in sommige culturen, zoals in Bulgarije, Griekenland en delen van Turkije, betekent nee knikken en ja schudden vaak het tegenovergestelde van wat wij gewend zijn. Waar knikken in Nederland 'ja' betekent en schudden 'nee', is het daar vaak omgekeerd: knikken voor nee en schudden voor ja. Wat dacht je overigens van de Achterhoek en Twente: de meeste mensen zeggen “joa, joa“, terwijl ze eigenlijk “nee“ bedoelen. Het kan ook “ik heb er geen zin in“ betekenen.
maandag 27 april: @ kötteldiek
Het was vannacht nog kouder dan gisteren: toen iets na vijven het eerste licht de donkere nacht probeerde te verjagen stond de thermometer in het woongedeelte van het busje op net geen 7 graden, ruim een graad minder dan gistermorgen. Kan: we hebben de IJsheiligen nog niet gehad. De IJsheiligen zijn vier of vijf katholieke heiligen waarvan de naamdagen vallen tussen 11 en 14 (soms tot 15) mei. Het staat bekend als de laatste periode in het voorjaar met een verhoogd risico op nachtvorst. Traditioneel wordt dit gezien als het moment waarna vorstgevoelige planten veilig buiten geplant kunnen worden. Voor de katholieken die “ze niet meer op een rijtje hebben“: Marmetus, Pancratius, Servatius (die van Maastricht), Bonifatius van Tarsus en Sofia van Rome. Over het juiste aantal zijn de katholieken het niet helemaal eens, heb ik me laten vertellen. Dat vraagt om uitleg: de oorspronkelijke reeks is vier, maar omdat men merkte dat het koude weer soms net iets langer kon aanhouden heeft men in Noord- en Midden-Europa (dus ook Nederland) "Koude Sofie" aan het rijtje toegevoegd en toen hadden we plotseling vijf van die koude heiligen.
Wakker worden en dan bedenken dat het Koningsdag is. Koningsdag, moet nog steeds aan die andere datum wennen, heb driekwart van mijn leven met de 30e moeten leven. “Ik had vannacht mijn koning naast mij liggen“, zei iemand, maar dat was in mijn dromen tussen 07:30 en 08:30, toen ook de hele binnenstad van Lichtenvoorde afgesloten was door wegwerkzaamheden en ik verantwoordelijk was voor de route van alle wandelaars van de Lichtenvoordse Avondvierdaagse. Opbreken en naar huis, want de nodige verplichtingen roepen deze week: elektrocar, feestdag op het museum, kleinzoon Q te logeren en kleindochter 2 jarig. Daarna kunnen we weer met onze “koets“ op stap en dan hopelijk wat langer dan een paar dagen achter elkaar. Niet al te ver weg, want de vatenboer kan het zo maar in zijn hoofd krijgen om even aan mijn aorta en wat andere (slag)aders te gaan knutselen.
W is van de markten en laat nu schoonzus S te K op de grootste markt van de Achterhoek gaan staan: de Oranjemarkt in het centrum van Eibergen. S had een paar lapjes over (of kasten tekort) en heeft één van de twee- tot driehonderd kramen gehuurd om opruiming te houden en klein geld te maken. Achterhoek Promotie vertelt dat er “[… een breed aanbod aan kleding, brocante, speelgoed, kunst en lokale lekkernijen]“ is. Concreet: W op de fiets van Zutphen via Eibergen naar Lichtenvoorde, een sportieve ondernemeing van zo’n 50 kilometer. En ik? Ik blijf aan de kant omdat er toch iemand moet zijn om foto's te nemen. Oh nee: busje moet teruggereden worden naar de Kötteldiek.
Een leuk weekend en nu een weekje “werken“. De eerste “artistieke impressies met een hoog AI-gehalte“ vlogen me vanmorgen om negen uur al om de oren. Willem besteedde aandacht aan wat voor velen het hoogtepunt van de week moet worden: de viering van het 90-jarig bestaan van het Achterhoeks Openluchtmuseum. En dat ik rond 11 uur het bordje Kötteldiek zag met 233.304 km op de teller, een buitentemperatuur van 12 graden en eerder al een vergeten tuinstoel bij vriendin E te Z had afgegeven zal ongetwijfeld niemand interesseren, maar ik ben het kwijt.





.jpg)

.jpeg)