Kreeg van verschillende kanten te horen dat ik het woord “slachtader“ gebruikt heb in plaats van “slagader“. Neem aan dat dat een wijziging is die door de automatische spellingcorrectie is aangebracht. Een T per ongeluk typen kan ik me nog voorstellen, maar een CH in plaats van een G echt niet.
Of ik tot de antivaxers hoorde, vroeg G te L zich af. Ze vond mijn verhaal over onder meer de griepprik vrij negatief. Geloof niet dat je uit mijn verhaal kunt opmaken dat ik me verzet tegen vaccinaties, vaccinatieprogramma's of wetgeving die vaccinatie verplicht stelt. Geloof zelfs dat af en toe een spuitje tegen het een en ander de veiligheid van onze samenleving verhoogt. Dus beter lezen beste G te L. Laat al die spuiten maar tot me komen, nou ja: alle? Dat hangende vel van me heeft dan misschien wel behoefte aan een beetje botox, maar we zullen dat maar even niet doen.
Erve Berg en Dal, dat ruikt naar hoogteverschillen. Die opmerking kreeg ik ook een paar keer. Lezers die de omgeving kennen weten zich geen raad met die naam, immers: het is in deze buurt een platte bedoening, al doet de naam van de gemeente (Eibergen) anders vermoeden. We hebben niks met “bergen“ te maken, tenminste niet in de vorm van hoge Alpen. Bergen komt van het Germaanse woord “berg“, dat verhoging of zandrug betekent. “Ei“ komt vrijwel zeker van het oude woord “ei” of “eie”, dat verwijst naar eikenbomen. De streek was vroeger rijk aan eikenbossen, wat logisch is op zandgrond zoals in de Achterhoek. De naam “Berg en Dal“ moet je waarschijnlijk ook op die manier bekijken. Hoogteverschillen van een paar meter konden al aangeduid worden met die termen, waarbij “berg“ een iets hoger stukje grond (een zandkop, es, oude dekzandrug) is. Een “dal“ is dan het lager gelegen gedeelte ernaast. En geef toe: Erve Berg en Dal klinkt toch veel aantrekkelijker dan “Erve Vlak Weiland”?
Of er nog wat bijzonders te melden was van mijn “derde huis“, vroeg W.H. te L zich af. Moest eerst even nadenken over die term “derde huis“ maar mijn W wist meteen raad: één is aan de Kötteldiek, twee is de camper, en drie is het Achterhoeks Openluchtmuseum. Wist niet dat mijn omgeving er zo over dacht. Maar om op de vraag een antwoord te geven: ja! Op 30 april organiseren we een ambachtendag met een speciaal thema in verband met 90-jarig bestaan van het Achterhoeks Openluchtmuseum “Van Eigen Land“. We proberen daarbij te laten zien wat er 100 jaar geleden verbouwd werd rondom het boerenerf en vooral ook hoe! Aandachtspunten zijn onder meer zelfvoorzienendheid en duurzaamheid; toen vanzelfsprekende begrippen. Het begrip “circulaire economie“ kende men in die tijd nog niet, maar werd volop beleden: proberen uitputting van grondstoffen te voorkomen en reststoffen volledig hergebruiken, waardoor afval verdwijnt. Het doel is grondstoffen zo lang mogelijk in de keten te houden door producten te delen, repareren, opknappen en recyclen, met hernieuwbare energie als basis. De (Achterhoekse) boeren waren toen al niet dom.
zaterdag 19 april: @eibergen
Ze deden het weer op de tv gisteren: een dag verpesten! Rampspoed vanuit het westen zou op zaterdag over ons heen komen: veel regen en achter de waterpartijen instortende temperaturen. W is altijd erg gevoelig voor dit soort informatie. Ik heb een iets andere visie over weer in het algemeen en slecht weer in het bijzonder. En wordt het koud dan zet je gewoon de kachel aan. Alleen: laat dat nou net een probleem kunnen zijn. Ons 12-voltsysteem ligt eruit. De lampjes doen het niet meer. Waarschijnlijk een zekering stuk. Hoeft maar een piepklein probleem te zijn als je weet waar de zekeringen zitten en je ook nog zo’n reservegevalletje bij je hebt. Je snapt het al. Nu het verhaal over de kachel nog. De Truma heeft ook 12 volt nodig, niet om te verwarmen, maar om de hete lucht door de tent te blazen. Verwarmen gebeurt door gas te verbranden, blazen doet het ding met behulp van een ventilator (of zo) die op 12 volt werkt. Van Gogh zou het zo kunnen schilderen als hij nu leefde en vanuit zijn camper de wereld in beeld zou brengen. Vind Van Gogh wel interessant, W wat minder. Die houdt niet zo van die man: schelle hoofdpijnkleuren, dat woeste, kolkende expressionisme, de wanhoop en waanzin in de ogen van die zelfportretten; je zal zo’n man maar tegenkomen in een donker straatje. Niet mijn woorden! Gewoon gejat, weet alleen niet meer van wie. “Gelukkig hebben we ook nog een elektrisch kacheltje“, sprak W en daarmee was meteen de ergste kou uit de lucht. Daarbij komt dat we niet aan deze plek (of welke plek dan ook) gebonden zijn. Met een camper “boek“ je over het algemeen niet en zeker niet in deze tijd van het jaar. Het mooie van een camper is toch dat er een motor inzit en wielen onder zitten. Staat de buurman je niet aan, zit het even tegen: starten die hap en wegwezen, op weg naar de volgende plek of gewoon terug naar je stenen huis.
Toen W wakker was, was voorzien van koffie, digitaal contact gelegd had met de buitenwereld en haar speltbroodje (afgebakken in mijn nieuwe Omnia-oven) achter de kiezen had, was het al over 11:00 uur en hadden we in tien seconden de beslissing genomen om ondanks de verlichtings- en verwarmingsproblemen nog maar een dagje te blijven en niet de pijp aan Maarten te geven. Had een leuke route uitgestippeld via Komoot en daar zijn we met frisse moed aan begonnen. Ging precies een half uur goed, toen hield mijn Samsung ermee op: no power. Heb altijd een kabeltje en een powerbank bij me. Juist ja: altijd, alleen vandaag niet. Dus de rest van de tocht maar “op gevoel“ en met behulp van de knooppuntenkaarten afgelegd. Ook mooi en de winkelstraat in Haaksbergen vonden we ook zonder Komoot.
Soms heb je interessante ontmoetingen. We kwamen Boer Peter tegen die samen met hond Bootje en vrouwlief Theresa vanaf zijn boerderij in Heusden Asten naar Bentheim loopt. Oeps: ik vergeet het karretje. De tocht is niet alleen “voor de leuk“. Het is een sponsorloop. Boer Peter hoopt zo geld in te zamelen om het zijn Bonte Bentheimer landvarkens nog gezelliger te maken: meer wroeten in de modder. Dat betekent dat er aan stallen en weides van de natuurvriendelijke boerderij Sengershoek gesleuteld moet worden en dat kost geld; iets wat er niet is. De tocht van boerderij naar de geboorteplek van het varkensras moet het nodige opleveren. Meer informatie? https://www.sengersbroek.nl/boerpeterloopt/ Bijgaande foto’s zijn afkomstig van deze site (in tegenstelling tot nevenstaande foto hebben we Boer Peter vandaag zonder regenjas ontmoet). Wil je sponsoren? Ook dat kan via de site.
Ja, ik heb wat met dat varkensoort. Op het Achterhoeks Openluchtmuseum hebben we ook een Bonte Bentheimer wroeten met de naam Hammie. Kwam er onlangs achter dat deze beesten ook worden ingezet ten behoeve van natuurbehoud. In Hillegom had men in 2024 last van de Japanse Duizendknoop. Die plant kan behoorlijk tekeergaan en alles overwoekeren. Er werden drie varkentjes gerecruteerd om te helpen dit probleem op te lossen, zoals elders in Nederland ook al gebeurde (Renkum bijvoorbeeld). Deze varkentjes vinden vooral de wortels van de betreffende plant smakelijk. Daarnaast wroeten ze de bodem om. De plant wordt hierdoor verzwakt en teruggedrongen, echter niet uitgeroeid. Het probleem wordt wel meer beheersbaar door de inzet van de varkens en het grote voordeel: het is een volstrekt natuurlijke beheersmethode waar geen druppel of korrel gif aan te pas komt.
Wanneer je fietst in deze omgeving kun je niet om de Buurserbeek heen. Relatief klein maar historisch én ecologisch een belangrijke beek die een grote rol speelt rond Haaksbergen. Ben me er van bewust dat ik het al vaker over dit watertje heb gehad, dus vergeef me wanneer ik in herhaling val. De beek ontspringt net over de grens bij het Duitse Ahaus, stroomt dan via Buurse en Haaksbergen door Twente, gaat vervolgens verder als de Schipbeek en mondt uiteindelijk uit in de IJssel. Het is dus onderdeel van een groter watersysteem, ondanks dat het lokaal als “beek” voelt. De Buurserbeek was letterlijk de levensader van Haaksbergen. Al vóór onze jaartelling woonden mensen langs de beek en eeuwenlang is dat beekje in Twente een belangrijke handelsroute geweest. Om dat in stand te houden werd er regelmatig behoorlijk aan de waterweg geknutseld: de loop werd verlegd en aangepast aan de scheepvaart. In tijden van droogte werkte men met tijdelijke dammetjes om voldoende waterdiepte te houden op een klein stukje beek.
En als je het hebt over de Buurserbeek dan moet je ook de bekendste watermolen bij Haaksbergen, de Oostendorper Watermolen, noemen. We zijn er al eerder geweest en ongetwijfeld heb ik al een paar keer het nodige verteld. Het is een van de mooiste en best bewaarde watermolens van Twente, met een lange en interessante geschiedenis die teruggaat tot 1334. Moest van W de lengte van dit blog beperken, dus volsta met een aantal foto’s.
Eindpunt en keerpunt van onze fietstocht was het centrum van Haaksbergen waar W bij het Kruidvat een tubetje met een of ander onontbeerlijk product scoorde, ik een lamp (220 volt) kocht bij de Action (hebben we vanavond licht in de duisternis) en W de plundra van Haaksbergen afsloot bij AH om door de aanschaf van kipsaté in pindasaus er voor te zorgen dat de bami vanavond een iets ander smaakje krijgt dan gisteren (toen met een gebakken ei). Net toen we om 15:00 uur in ons busje aan de koffie waren werd de door de weerprofeten beloofde rampspoed in de vorm van een verfrissend buitje over Mallem en Loo uitgestort. Volgens mijn weersapp staat ons campertje deze dagen in dat gebied. Voldoende tintelende en brandende bovenbenen gehad voor vandaag: door slechte doorbloeding krijgen weefsels en spieren te weinig zuurstof en dat levert een behoorlijke verzuring op. Hopenlijk ben ik daar over een paar maand van af. Niet leuk voor W om elke paar kilometer even te moeten stoppen.


.jpeg)







.jpeg)
.jpeg)
.jpeg)


